officieel orgaan van de maatschappij tot bevordering van landbouw, tuinbouw en veeteelt in zeeland en noord-brabant PACHTREGELING VERDER AANPAKKEN ACHTERSTELLING ZELFSTANDIGEN OPHEFFEN K- n. l. c. zlm VRIJDAG 23 APRIL 1971 59e Jaargang - No. 3077 land en tuinbouwblad In dit nummer o.m.: Officiële erkening van onrecht Pagina 3 Brussel en de wijkers Pagina 4 Uit de praktijk Pagina 5 Hogere interventieprij zen voor fruit? Pagina 7 Het gebruik van ge koeld aardbeienplantmate- riaal Pagina 7 -Sfr Ik Ik Samen Pagina 9 Mechanisatienieuws Pagina 10-11 Hobaho - 50 jaar! Pagina 12 Agrarisch scholencom plex te Dordrecht Pagina 13 Voorkomen van pesti ciden in melk en zuivel Pagina 15 Binnenkort viert de N.V. Hollands Bloembollenhuis te Lisse, beter bekend als „HoBaHo" het 50-jarig bestaan. Het bloembollenvak en de bloembollenhandel is een wereldje apart waarover verhoudingsgewijs weinig geschreven wordt en dan vaak nog in negatieve zin. Ook in deze bedrijfstak zijn er nieuwe ontwikkelingen en aktiviteiten die voor de toekomst perspectieven bieden. Meer hierover op pag. 12. BEDRIJFSVERGROTING BEVORDEREN Het Landbouwschap heeft in zijn laatste bestuurs vergadering een advies aan de Minister van Land bouw goedgekeurd betreffende verhoging van de pachtnormen. Het heeft de Minister tevens geadvi seerd enkele voorstellen van de Werkgroep Pacht van het Landbouwschap die niet op wijziging van de Pachtwet behoeven te wachten tegelijk met de aan passing van de normen in te voeren. Het persbericht van het Landbouwschap geeft hierover de juiste bij zonderheden. Het leek mij goed er de aandacht eens op te ves tigen, dat ook het instituut pacht zoals wij dat nu kennen niet altijd meewerkt aan de zo noodzakelijke bedrijfsvergroting in de landbouw. Natuurlijk de pacht wordt zeer gewaardeerd omdat het een methode is om de grond voor weinig geld aan de gebruiker ter beschikking te stellen. Maar dat is nu juist ook de oorzaak dat veel pachters gunstiger bedrijfsuitkomsten hebben dan diegenen die hun grond in eigendom hebben moeten verwerven. Daar door zijn de pachters in een voordelige positie. Zij zullen niet gauw afstand doen van hun pachtrechten. Eerder zullen zij proberen door bijpachten of bijko pen van land tot bedrijfsvergroting te komen. Ver pacht land is dus praktisch niet beschikbaar voor bedrijfsvergroting. OOK VERPACHTE GROND MOBILISEREN Dat is een situatie die onder de huidige omstandig heden wel eens zou moeten veranderen. Natuurlijk weet ik wel dat juist de verpachter zal stellen dat on der de huidige omstandigheden hij graag van de ver plichting om die grond voor zo'n lage rente beschik baar te moeten stellen af wil. Dooreengenomen wordt dat dan door de pachters of eigenlijk door de hele boerenstand niet erg gewaardeerd. En toch in het een Ir. C. S. KNOTTNERUS logisch gevolg van de huidige situatie en naar mijn mening beslist ook niet te veroordelen. Ook een verpachter moet vrij zijn om te kiezen op welke wijze hij zijn vermogen wil beleggen. Als hij vindt dat landbouwgrond veel te weinig revenuen op levert in verhouding tot andere beleggingsmogelijk heden dan geloof ik niet dat wij deze mensen een strobreed in de weg moeten leggen of zelfs lelijk moeten aankijken. Het is een gevolg van de over heidsbemoeienissen met de pacht. Voor de zittende pachter kan het natuurlijk bijzonder onaangenaam, zijn. Maar voor de algemene positie van land- en tuinbouw en voor de zo noodzakelijke struktuurher- vormingen kon het zelfs wel eens van belang zijn dat meerdere verpachters hun grond verkopen. De mo gelijkheid van bedrijfsvergroting wordt er n.l. groter door. Hier zou ook de overheid een bijzonder gunsti ge invloed kunnen uitoefenen als zij de grondfinan- ciering, zoals door de „Commissie-Wellen" voorbe reid, spoedig in werking zou doen treden. MEER DOEN DAN NORMEN AANPASSEN Wij zijn bij discussies over deze zaken nogal eens gauw geneigd de partij van de zwakste te kiezen. Wij vinden dan dat dat natuurlijk de pachter is. Die wordt als een collega beschouwd en dat is ook al een reden om zijn standpunt als het meest juiste te aan vaarden. Maar wij gaan uit van de wenselijkheid van een bedrijfsgrootteverdubbeling in de komende jaren. Dat betekent dat er maar de helft van de plaatsen overblijven. En dat zal dan toch wel betekenen dat ook pachters zullen moeten afvloeien. Dat kan door verkoop door de verpachter in de hand worden ge werkt. Hier is dan sprake van een middel om de mo biliteit van de grond te vergroten en dat moet niet enkel negatief worden beoordeeld. Hoewel ik mij bewust ben dat geen van de partijen mij over deze overpeinzingen lof zal toezwaaien meen ik toch dat het nodig is hier eens de aandacht op te vestigen. Wij komen er niet onder uit om meer aan het pachtvraagstuk te doen dan alleen maar een normverhoging in verband met gestegen eigenaars- lasten. COMMISSIE-VAN SOEST WIL DAAD VAN RECHTVAARDIGHEID ELDERS in dit blad treft u de samenvatting aan van het zojuist gepubliceerde rapport „Zelfstandige, loonwerker en fiscus" van de adviescommissie voor de bestudering van de belastingheffing van zelfstan digen in vergelijking met die van loontrekkende. Deze commissie is onder de naam commissie-Van Soest in tussen al een begrip geworden in onze land- en tuin bouwwereld. Er was ook een flink stuk hoop in gelegd: hoop op een eindelijk een billijker en beter passend belasting regime voor de zelfstandige ondernemer. De positie van de zelfstandige boer en tuinder, die de inflatie nauwe lijks kan doorberekenen en die steeds hogere bedragen in zijn bedrijf moet steken om mee te kunnen, stond centraal in het Meerjarenprogramma voor land. en tuinbouw. Op de betekenis van het rapport-Van Soest werd al met nadruk geduid toen het Landbouwschap zich tot het kabinet wendde. Op een snel verschijnen werd aangedrongen. Toen onlangs de E.E.G.-landbouwprijzen hier en daar iets werden ontdooid, werd duide lijk dat naast het prijsbeleid op korte termijn andere maatregelen nodig zijn om een inkomensverbetering in land- en tuinbouw te verwezenlijken. En toen werl ook weer aan het rapport-Van Soest gedacht. In deze sfeer van tegelijk onbehagen en verwachting bij de zelfstandigen zou haast vergeten worden wat precies de opdracht was van de commissie-Van Soest. Die opdracht was eigenlijk alleen het bekijken of de belastingheffing van zelfstandigen en loontrekkenden verschilen vertoont, die leiden tot ongelijkheid van be lastingdruk en zo ja, voorstellen tot wijziging te doen. (Zie verder pagina 4)

Krantenbank Zeeland

Zeeuwsch landbouwblad ... ZLM land- en tuinbouwblad | 1971 | | pagina 1