Nederlandse delegatie werd gemolesteerd Reeds 700 doden te BOGOTA fii-UScI* F ranke ring tyj Abonnement: Terneuaen. DONDERDAG 15 APRIL 1948. Communiqué Nederlands-Indische regering De Sovjets en de geld sanering in Duitsland op SngclanJ Gebrek aan samenwerking Von Starhemberg krijgt zijn bezittingen terug DE TOESTAND IN COLUMBIA De Zweedse politiek Eurcpese en Republikeinse persstemmen over het gebeurde te Djokja De rtationale reserve WEERSVERWACHTING medegedeeld door het K.N.M.I. te De Bilt, geldig tot Donder dagavond. Rustig weer. Voor het Noordelijk gedeelte van het land: zwaar bewolkt met opklaringen, doch overwe gend droog weer met matige wind tussen N. en W. Voor het tiverige gedeelte van het land: droog weer met weinig wind. Minder bewolking dan Woens dag en iets zachter. DE VRIJE ZEEUW 4de Jaargang No. 782- 10 Verschijnt dagelijks Drukkerij N.V. Firma P. J. van de Sande Temeuzen Abonnementsprijs 3.25 per kwartaal. Advertentieprijs: per mm 10 ct.; minimum per advertentie 1,50. Inzending? advertenties tot des namiddags 4 uur Rubriek kl. advertentie*: 5 regels 60 ct.; ieder* regel meer 12 cent. Ver melding: Briwen onder nr. Bureau van dit Blad 10 cent meer. Betreffende de gebeurtenissen bij de aankomst van de delegaties in Djogja heeft de Nederlands-Indische Rege ring gisteren het volgende communiqué uitgegeven. „Naar aanleiding van de berichten omtrent de vijandige en beledigende betoningen en handtastelijkheden te Djogja bij aankomst van de Nederlandse .delegatie, welke berich ten eerst Woensdagmorgen binnenkwamen, is de Regering met de Nederlandse delegatie in .contact getreden over hieraan te verbinden consequenties. De Republikeinse autoriteiten waren blijkbaar niet in staat deze gebeurtenis sen te voorkomen of tegen te gaan. De Regering wenst de Nederlandse delegatie niet aan dergelijke beledigingen en bedreigingen blootgesteld te zien en kan moeilijk aannemen, dafr.de daardoor geschapen atmosfeer voor verdere besprekingen te Djogja geschikt is. Zodra bericht van de leiding der delegatie is ontvangen, zullen definitieve besluiten bekend worden gemaakt. De Regering verklaart uitdrukkelijk, dat zij de Republikeinse autoriteiten voor de veiligheid van de Nederlandse delega tie en van de door deze delegatie medegebrachte goederen en uitrustingen aansprakelijk stelt". DE AANKOMST VAN DE DELEO ATIETREIN. Aneta's speciale correspondent aie met de delegatietrein de reis naar Djogja meemaakte, heeft Dinsdagmiddag uit Kalioerang geseind, dat in Nederlandse dele- gatiekringen de mogelijkheid niet uitgesloten geacht wordt, dat de delegatie zal besluiten naar Bata via terug te keren in verhand met incidenten, die zich te Diogja voordeden na de aankomst van de delegatietrein. De correspondent seint, dat bij .de aankomst van de trein te Djogja, Maandagavond om 20 uur, het station overstroomd werd door een menigte", die naar de rei zigers opdrong en beledigingen schreeuwde en spuwde naar Ab- doelkadir en Hoessein Djajadinin- grat. Abdoelkadir's secretaris, Gandi, incasseerde de voor zijn chef bertemde stokslagen. Het volk kon door de geringe politiemacht niet worden bedwon gen en deze deed hiertoe ook geen pogingen. De treinreizigers wer den gedwongen spitsroeden te lo pen door de schreeuwende, slaan de en spuwende menigte, op hun weg naar de auto's. Vrijwel alle reizigers van de Nederlandse de legatie en de pers zijn hierbij iets van hun bezittingen kwijtgeraakt. Sommigen raakten vulpennen, portefeuilles met inhoud, geld en papieren kwijt. De camera's van de fotograaf van de R. V. D. en de correspondent van Aneta wer den door de menigte gestolen. Bil de Republikeinse delegatie zal in overleg met de leiding van de Nederlandse delegatie zeer ern stig worden geprotesteerd en Ne derlandse kringen achten de mo gelijkheid van een terugkeer der Nederlandse delegatie naar Bata via niet uitgesloten, indien van Republikeinse zijde geen of onvol doende excuses worden aange boden. Tijdens de reis deed er zich nog eem incident voor, aldus- meldt Aneta's correspondent. Bij hei Het voorlichtingsbureau van het Sovjet-Russisch militair be stuur te Berlijn heeft in een offi ciële verklaring, gepubliceerd in de Taegliche Rund^phau, gézegd, dat een aantal onder toezicht van de Westelijke mogendheden staande Duitse kranten berichten hebben afgedrukt volgens welke op 10 April geen vergadering de bestuursraad belegd zou zijn ..om dat noch de Sovjet-Unie noch de Westerse Geallieerden besprekin gen wensten te voeren over een geldsanering in samenwerking tussen de vier mogendheden". De Sovjet-Russische verklarin0' noemt deze berichten provocatie ve leugens met de bedoeling een aparte geldsanering in West- Duitsland voor te bereiden. De verklaring gaat verder: ,,In werkelijkheid heeft- de bestuurs raad op li Februari een Sovjet- Russisch voorstel aanvaard, be spreking te voeren over een geld sanering in samenwerking tussen de vier mogendheden. Op dezelfde bijeenkomst echter weigerden de Amerikaanse Brit se en Franse vertegenwoordigers een iSovjet-Russisch voorstel te aanvaarden, volgens hetwelk zou moeten worden vastgelegd, dat een geldsanering in principe ge heel Duitsland - betrof. Ook stemden -zij er niet in toe een aparte sanering in een of enkele zónes uit te schakelen." overschrijden van de demarcatie lijn bij Karanganjar werd het persrijtuig geheel doorzocht, waarbij Republikeins geld boven de 500 rupiash in beslag werd ge nomen, terwijl' er adressen werden genoteerd van brieven, die de persvertegenwoordigers voor per sonen in Republikeins gebied bij zich hadden. De speciale correspondent van Aneta te Djogja seinde Dinsdag avond, dat de voorzitter der Re publikeinse delegatie, Moh. Roem, de Sultan van Djogja, alsmede de militaire gouverneur van Djogia naar Kalioerang zijn gekomen om aan Abdoel Kadir hun veront schuldigingen aan te bieden voor de gebeurtenissen met de delega tietrein. Na een onderhoud gaf Moh. Roem de volgende verkla ring uit: „Ondauks maatregelen en voor bereidingen, die getroffen waren door het coihité van ontvangst teneinde een goede ontvangst voor de leden van de commissie voor goede diensten en de beide delegaties te verzekeren, heeft het geheel buiten de verwachting om kunnen plaats hebben, dat enkele personen uit d'e mensen menigte, die zich naar het station Djogja had begeven om getuige te zijn van de aankomst der dele gaties, zich onbehoorlijk gedroe gen jegens de delegatieleden en andiere gasten. Deze gebeurtenis sen worden ten zeerste betreurd en door die regering zijn stappen genomen, teneinde te bewerken, dat dergelijke incidenten zioh niet meer zullen herhalen. Deze vér- klaring is gegeven aan de Neder landse delegatie en aan de com missie voor goede diensten on heden, 13 April". De verklaring was ondertekend door Moh. Roem. Aneta's correspondent meldt verder, dat Kalioerang thans wacht op de komst van Van Vre- deriburch, terwijl reeds een onder deel van die sub-commissie betref fende de teruggave van particu lier eigendommen heeft verga derd. Op dit ogenblik staat het nog niet vast, waar de voornaam- sté Vergaderplaats zal worden ingericht. In verhand hiermede zijn b.v. de kisten met materiaal van de Nederlandse delegatie nog niet uitgepakt. Aneta's corres pondent meldt voorts, dat zijn camera, die Maandagavond in het gedrang was zoekgeraakt, inmid dels is teruggevonden. Over het gebeurde bij aankomst van de delegatietrein te Djogja verneemt Aneta neg het volgende. Aan hat station stonden duizenden toe schouwers in dichte rij „Merdeka Merdeka" scheeuwend, toen de trein binnenstoomde. De delega tie en de commissie voor goede diensten werden twintig minuten op het perron tentoongesteld voor een dichte tribune van schreeuwers met gebalde vuisten. Daarna moest men spitsroede lopen temidden van het ge schreeuw en de gebalde vuisten langs een pad, dat slechts een meter breed was en door de me nigte heen naar de stationshal voerde, waar een auto gereed stond vor Moh. Roem, die geen acht sloeg op zijn gasten en als eerste verdween. De menigte had intussen de stationshal kunnen binnendrin gen, doordat de afzetting totaal onvoldoende was. De gasten kwamen hierdoor in het nauw. De andere auto's konden de hal niet meer binnenrijden en een nieuwe spitsroedeloop langs de steeds fanatieker gillende mensen was nodig. Mevrouw Van Vre- denburch werd met veel moeite door de adjudant van Soekarno langs een nauw pad veilig in een auto gebracht. Anderen gingen worstelend en zich met koffers tegen de steeds feller wordtende menigte beschermend voort, waarij de menigte aan de armen en kléren van de gasten trokken. Abdoel Kadir werd beledigd en Prof. Heoessein Djajadiningrat kwam in het nauw. Van de vertegenwoordiger van het gouvernements-filmbedrijf eri een persfotograaf werden porte feuilles gestolen. Er heerste grote verwarring, waaruit men zich tenslotte losworstelde om met auto's naar Kalioerang te rijden, waar rust welwillendheid en be leefde bedienden waren en een goed maal werd voorgezet. Aneta's correspondent vernam nog, dat de menigte zich reeds om 4 uur 's middags ter plaatse verzamelde en dat de auto's om 6 uur niet meer konden draaien. Een Nederlandse verbindingsman had toen politie-autoriteiten ge waarschuwd, die echter weiger den maatregelen te nemen. In Republikeinse kringen te Batavia kon men gisterenmorgen over de gebeurtenissen in de Re publikeinse hoofdstad geen nadere inlichtingen verstrekken. He.t te Batavia verschijnende „Dagblad" schrijft over de ge beurtenissen te Djogja: „Het is een schandaal, dat zijn weerga niet heeft sedert de Japanse veld heren Terauchi en Yamamoto aan Soekarno verzochten de Indo nesische Republiek uit te roe pen". Het blad is van mening, dat het eigenlijke volk hiermee niets te maken heeft, het zijn de leiders, die verantwoordelijk ziin. aldus het Dagblad". Rapport Commisie voor Palestina. De commissie der V. N. voor Palestina oefent in haar rapport aan de algemene vergadering cri- tiek op Engeland wegens zijn „ge brek aan samenwerking" en ver klaart, dat tenzij onmiddellijk krachtige maatregelen genomen worden, Palestina in een ehaos gestort zal worden. De commissie verwijt de Britse autoriteiten vooral, dat zij: 1. de commissie geweigerd Telepres? meldt uit Wenen, dat Ernst von Starhemberg:, voorma lig leider en organisator van de Oostenrijkse Heimwehr, zijn ei gendommen terug heeft ontvan gen, waaronder acht en twintig kastelen en achttienduizend vijf honderd hectaren land, die ge taxeerd worden op een waarde van tien millioen vooroorlogse schillings. Von Starhemberg ontvangt zijn eigendom terug op grond van de Oostenrijkse wet, volgens welke „politieke schuldigverklaring" geen invloed kan- hebben op de restitutie. Oostenrijkse autori teiten hebben verklaard, dat zij Von Starhemberg's aanvraag niet anders hebben kunnen behandelen dan bij vooibocld aanvragen van" slachtoffers van het fascisme. Naar schatting is te Bogota het aantal doden tengevolge van de revolutie tot 700 gestegen. Het herstel van de schade aan gebou wen zal tien jaar vorderen. Reuteris correspondent meldt, dat men de toestand in de stad thans geheel meester is. Slechts sporadisch wordt nog geschoten. Men heeft een begin gemaakt met de opruimingswerkzaamheden. De regering heeft de delegaties van de Pan-Amerikaanse confe rentie verzekerd, dat tegen het einde van de week de orde en rust volkomen zullen zijn terugge keerd. Alle delegaties hebben de beschikking over een militaire lijf wacht. De correspondent meldt nog, dat het leven van Minister Mars hall Vrijdag in gevaar was, toen de radio van de opstandelingen hem .beschuldigde van medeplich tigheid aan de moord op Gaitan, de leider der liberalen. De rege ring heeft het verblijf van Mars hall onmiddellijk laten bewaken. Marshall heeft te kennen gege ven, dat hij de gebeurtenissen in Columbia in verband brengt met de wereldcrisis en met de verkie zingen in Italië. Tage Erlander, de Zweedse Pre mier, heeft de Zweedse politiek in een rede te Gothenburg in vier punten samengesteld: 1. Strijd tegen de vijanden der democratie in het eigen land: 2. verdediging van de nationale onafhankelijk heid; 3. geen verbonden of onder nemingen, waardoor Zweden een „pion in een spel der grote mo gendheden" zou worden en 4. vol ledige samenwerking bij het Euro pese economische herstel. Hij voegde hieraan toe; .„Wij moeten onze defensie zo krachtig maken, dat zij de grote mogendheden er van zal afschrikken een deel van ons grondgebied in een oorlogs toneel te veranderen". hebben eerder dan 1 Mei naar Pa lestina te gaan; 2. geweigerd hebben een ge leidelijke overdracht' van het ge- zag toe te staan; 3. het de commissie onmoge lijk gemaakt hebben de Arabische en Joodse milities van te voren te organiserén; 4. financiële en economische maatregelen genomen hebben zon der overleg "met de commissie. Het Arabische verzet en de af wezigheid van een internationale legermacht ter ondersteuning van de commissie zijn eveneens facto ren, die de uitvoering van het de lingsbesluit onmogelijk gemaakt hebben, zo luidt het rapport. Het rapport schetst de toestand als volgt: „De georganiseerde pogingen van Arabische elementen om de verdeling te verhinderen en de vastbesloten pogingen der Joden om de oprichting van een Joodse staat te verzekeren, alsmede het feit, dat het de mandaatmogend- heid, die bezig is met de liquidatie yan zijn bestuur en de ontruiming van Palestina, onmogelijk is ge bleken het conflict volledig te be heersen, hebben tot een feitelijke burgeroorlog in Palestina geleid, tot een voortdurende verslechte ring van de veiligheid enJiet be- stuyr en tot een dreigende alge mene chaos, hongersnood, strijd en bloedvergieten van ongekende afmetingen." De commissie, zo gaat het rap port verder, is tot de conclusie ge komen, dat dé algemene politiek van de mandaatmogendheid was geen maatregelen te nemen, die de schijn zouden kunpen wekken, dat zij bij de uitvoering van het delingsbesluit betrokken wenste te worden. Wat het administratieve aspect betreft is de commissie tot de con clusie gekomen, dat de Joodse regeringsambtenaren in Palestina wel met haar wilde samenwerken, doch dat „de Arabieren nayr alle waarschijnlijkheid niet bereid zijn met de commissie samen te wer ken". Tot dusverre hebben 560 Jóden. 3 Engelsen en 4 anderen zich bereid verklaard na de be ëindiging van het mandaat in openbare dienst te blijven. Arabie ren toonden zich hiertoe niet be reid. Verder zegt het rapport, dat de Palestijnse regering de commissie gewaarschuwd heeft, dat Britse ambtenaren vóór *le beëindiging van het mandaat Palestina zouden kunnen verlaten, tenzij hun aan wezigheid in Palestina vereist is om de commissie van advies te dienen. De Palestijnse regering heeft dé commissie verzocht te willen mededelen, welke' departe menten de commissie onmiddellijk in werkfing wil stellen, opdat amb tenaren van die departementen na afloop van het mandaat zich eventueel ter, beschikking zouden kunnen stellen. In verband met het gebeurde aan het station te Djokjakarta seint Aneta de volgende persstem men: „De Locomotief" te Semarang zegt, dat opnieuw is gebleken, welke uitwerking de jarenlange haat-propaganda op de bevolking heeft. „Indien" zegt dit blad „thans de onderhandelingen te Kalioerang zouden worden voort gezet, zou dit betekenen, dat de waardigheid van het Koninkrijk der Nederlanden te grabbel werd gegooid". Na de gebeurtenissen te Djokja kan slechts een antwoord worden gegeven: „Terug naar Ba tavia". Het te Batavia verschijnende Republikeinse blad „Soember" schrijft: „Wij zijn ervan overtuigd dat, indien de Nederlandse dele gatie geheel uit Nederlanders be stond, zulks niet zou zijn gebeurd. Het is gebleken, dat het volk- nog niet kan accepteren of kan -zien, dat de eigen broeders openlijk aan Nederlandse zijde staan". „Soem ber" hoopt, dat de reeds opgedane ervaring der leden van de Neder landse delegatie zal Worden ge bruikt, „om de band tussen beide delegaties" te versterken, in het belang van een oplossing te Kali oerang". Het Bataviase blad der federa listen, „Faajar" schrijft: „Dit is een vorm van Merdeka. welke wij beslist verwerpen". Indien de Re publikeinse regering op de hoogte was, dat dit zou gebeuren en dus in staat was, het te verhinderen, is het beter, de onderhandelingen direct te staken. Wist de Repu blikeinse t-egering echter nergens van, dan betekent dit dat, wan neer de onderhandelingen met de Republiek ten einde zouden zijn, er nogmaals onderhandelingen zouden moeten plaats vinden met 'n bepaalde groep. Er moeten, al dus „Fadjar", maatregelen wor den genomen en indien deze maat regelen bestaan in een zuiverings actie te Djokja, dan zal dit de positie der Republiek juist verbe teren. Het fe Djokja verschijnende Re publikeinse blad „Kedaulatan Rakjat" .schrijft, volgens Antara. dat het Indonesische volk, dat se dert lang beproevingen van de vij and heeft meegemaakt en dage lijks van de vijand beledigingen heeft ondervonden, niet meer meester over zichzelf was, toen het voor de vijand kwam te staan, waarvan sommigen van hun eigen bloed waren. Het blad meent, dat het gebeurde niet valt te ex cuseren, omdat het Indonesische volk de situatie moet begrijpen en het de plicht der Republiek is, een vijand eerlijk te ontvangen als hij komt om te onderhandelen en een oplossing te vinden. Zoals be-Lead heeft de regering onlangs haar voornemen kenbaar gemaakt, over te gaan tot de "op richting van een z.g. „nationale reser\% in legerverband. Binnen enkele dagen zal de aanmelding voor toetreding tot de nationale reserve worden opengesteld. Hier omtrent zullen binnenkort n8g nadere gegevens 'worden ver strekt zo bericht de legervoor- lichtingsdienst. Doelstelling der nationale re serve is de handhaving van de orde in het binnenland; het veilig stellen van bedrijven en organen, die van vitaal belang zijn; het voorkomen van sabotagedaden en bet optreden tegen ongeregeld heden. Kortom: de nationale reserve zal tezamen met de ver sterkte politiemacht een ordelijke gang van zaken in het binnenland moeten waarborgen. Om aeze taak te kunnen vervullen zal zij gelijkwaardig moeten zijn aan welk ander onderdeel van het leger ook. In verband hiermede heeft men de aanmelding in de eerste plaats opengesteld voor diegenen, die reeds een militaire opleiding genoten. Deze oud militairen zulleji door regelmatige oefening in hun vrije tijd en in later stadium door oefeningen van een of meer dagen in groter verband tot volwaardige militaire eenheden worden gevormd. De maximum oefentijd zal 300 uur per jaar bedragen.

Krantenbank Zeeland

de Vrije Zeeuw | 1948 | | pagina 1