ALGEMEEN NIEUWS- EN ADVERTENTIEBLAD VOOR ZEEUWSCH-VLAANDEREN PRESTO DE BOEREN-BARON No. 9732 EERSTE BLAD WOENSDAG 9 MAART 1938 78e Jaargang 100.000 stuks OUDE KEIEN, BinnenSand Feuilleton S&c&ts 5 cis.neSi ruzJL VOOR WAS EN VAAT Buitenland VERKOOP OUDE KEIEN. HET LAAGST IN PRIJS EN BOVENAAN IN KWALITEIT! i I'maiMMaiMnrrinmi'TTT- irr gtatlAfc WWIIRHIIW aaBtammar: ivn NEUZENSCHE COURANT ABONNEMENTSPRIJSBinnen Ter Neuzen 1,25 per 3 maanden Buiten Ter Neuzen ir. per post 1,55 per 3 maanden Bij vooruitbetaling fr. per post 5,60 per jaar Voor Belgle en Amerika f 2,overige landen f 2,35 per 3 maanden fr. per post a oonr e: enten voor bet buitenland alleen bij vooruitbetaling. Uitgeefster: Firma P. J. VAN DE SANDE GIRO 38150 TELEFOON No. 25. ADVERTENTIeNVan 1 tot 4 regels 0,80 Voor elken regel meer 0,20. KLEINE ADVERTENTIeN: per 5 regels 50 cent bij vooruitbetaling. Grootere letters en clichd's worden naar plaatsruimte berekend. Handelsadvertentien bij regelabonnement tegen verminderd tarief, hetwelk op aanvraag verkrijgbaar is. Intending van advertentien liefst een dag voor de uitgave. DIT BLAD VERSCHIJNT IEDEREN MAANDAG-, WOENSDAG- EN VRIJDAGAVOND. TOELATING LEERLINGEN OPENBARE SCHOOL VOOR FITGEllKEID LAGER ONDERWLIS. Aanvragen an iboelating tot de openibare school voor uitgebredid liager onderwijs kunmen word gediaan bij het hoofd dier school en ter gemeente-secretarie voor 2 April a.s. Onderwijs wordt gegeven in alle vsJkken, welke opleiden tot het M.U.L.O.diploma. Ter Neuzen, 9 Maart 1938. Burgemeester en Wetbouders van, Ter Neuzen, P. TELLBGEN, Voorziitter. iB. I. ZONNEVULLE, Secretaris. TOELATING LEERLINGEN OPENBARE LAGERE SCHOLEN. Aanvragen om toelating tot de openibare 1 age re schoden A, C en D k/unmen worden ge- daan voor 2 April a.s. bij de hoofden dier edholen en ter geoneen te-secretarie Alleen kunnen worden toegelaten die kin- deren, die voor 1 April 1932 geboren zijn. Ter Neuzen, 9 Miaart 1938. Burgemeester en Wetbouders van Ter Neuzen, P. TELiLBGEN, Voorziitter. B. I. ZONNEVTJLDE, Secretaris. Burgemeester en Wetbouders van TER NEUZEN wenseben een partij van momenteed ldggemide in sitraten te Ter Neuzen, bij insdhrijiving te verkoopen. lAanbiedinigen in te zenden v66r 22 Maart 1988. Inbchtingen verstrekt de Ddrecteur van Gemeentewerlkien Ter Neuzen, 9 Maart 1938. Burgemeester en Wetbouders voomoemd, P. TEU-iEGiEN, Burgemeester. B. I. ZONNEVIJLiLE, Secretaris. DE KONINGIN BEZOEKT DE NIEUWE KERK TE DELFT. De Koningin heeft Dinsdagochtend de NJeuwe Kerk te Delft bezocht om zich op de hoogte te stellen van de restauratiewerkzaam- heden, welke voor zoover het inwendige ge- deelte van het gebouw betreft, sinds een half jaar voltooid zijn. De Koningin kwam precies half twaalf in een open auto voor het gebouw aan. Naast Hare Majesteit was jonkvrouwe D. H. van Tets, eerste hofdame, gezeten. In een twee- den auto volgden C. G. Sixma baron van Heemstra, particulier secretaris van de Ko ningin en Hr. Ms. adjudant, kapitein W. Roms- winckel. Een auto van de rijksrecherche sloot den korten stoet, welke van de grens der ge- meente tot't kerkgebouw door een motor met zijspan van de Delftsche politie werd vooraf- gegaan. Voor den ingang van de kerk waren ter begroeting van de Koningin aanwezig burge meester mr. G. van Baren, de president-kerk- voogd prof. dr. H. B. Dorgelo, de secretaris van het college van kerkvoogden, de heer D. Waverijn, de leider der restauratie-werkzaam- heden, de architect H. van der Kloot Meyburg en de dames Van Barenvan der Voorn Grootenboer en Dorgelo-Plomp, onderschei- denlflk voorzitster en secretaresse van het voormalige Delftsche damescomite, hetwelk een actie tot het brjeenbrengen van gelden voor de restauratie der kerkglazen heeft ge voerd. Het bezoek van de Koningin duurde 35 mi- nuten. Hare Majesteit toonde haar groote bewondering voor het volbrachte werk. Bij het verlaten van de kerk improviseerde de organist, de heer J. H. Storm, op het orgel. Bij het wegrijden juichte een vrij talrijke menigte Hare Majesteit hartelijk toe. PRINS BERNHARD NAAR ENGELAND. Prins Bernhard is Dinsdagavond in gezel- schap van Prins Aschwin met de nachtboot naar Engeland overgeStoken voor een parti culier bezoek van enkele dagen. DE OPHEFFING VAN HET MINISTERIE VAN LANDBOUW EN VISSCHERIJ. Aan het verslag der Tweede Kamer over de wetsontwerpen houdende wettelijke voor- ziening naar aanleiding van het Koninklijk besluit van 9 Juli 1937 tot opheffing van het ministerie van Landbouw en Visscherij en tot wijziging van den naam van het ministerie van Handel, Nijverheid en Scheepvaart wordt het volgende ontleend. Verscheidene leden zouden het juister geacht hebben, indien deze wetsontwerpen, welke strekken tot regeling van de gevolgen van een besluit, dat reeds op 15 Juli 1937 in wer- king is getreden, geruimen tijd eerder waren ingediend en wel op een zoodanig tijdstip, dat de Kamer ze in behandeling had kunnen nemen vo<5r dat zij tot vaststelling van de rijksbegrooting voor 1938 moest overgaan. Thans is in feite reeds bij de vaststelling van die begrooting over de wijziging van de depar- tementale indeeling beslist. Sommige leden zouden intusschen ook nu uitdrukking willen geven aan hun ongerust- heid, dat het onderbrengen van de belangen van landbouw en visscherij bij het ministerie van Economische Zaken, hetwelk toch reeds met zoovele crisiszaken belast is. niet voor de belangen bevorderlijk blijken. Ook de overbrenging van de afdeeling volks- huisvesting van het ministerie van Sociale naar dat van Binnenlandsche Zaken achtten verscheidene leden nog steeds niet zonder bedenking. Zij waren van oordeel, dat bij de volkshuisvesting vooral sociale belangen in het spel zijn, die beter kunnen worden toever- trouwd aan een departement, dat geheel op de behartiging van zoodanige belangen is ingesteld. Andere leden deelden noch het eene, noch het andere bezwaar. Overigens meenden zij, dat het weinig zin heeft, het probleem der departementale indeeling thans opnieuw aan de orde te stellen. NN& PR0.20-0203 A Ingez. Med. R.K. STAATSPARTIJ. Dezer dagen heeft het dagelijksche bestuur van de R.K. Staatspartij voor de eerste maal vergaderd onder leiding van den nieuwen voor- zitter der partij, Mr. T. J. Verschuur. Bij die gelegenheid heeft het dagelijksch be stuur uit zijn midden een onder-voorzitter en een penningmeester van de partij gekozen. Tot onder-voorzitter is aangewezen Mr. Dr. P. J. Witteman te Overveen, de functie van penningmeester bleef toevertrouwd aan Mr. E. H. J. baron van Voorst tot Voorst te Beek bij Nijmegen. De samenstelling van het dagelijksche be stuur in zijn geheel luidt thans als volgt: Mr. T. J. Verschuur, voorzitter, Mr. Dr. P. J. Witteman, onder-voorzitter, Mr. E. H. J. baron van Voorst tot Voorst, penningmeester; A. C. de Bruyn en Mr. J. J. A. H. Houben, leden; Mr. F. Teulings en Mr. H. Kolfschoten, secretarissen. AANWIJZING VAN ARREIDERS VOOR DUITSCHLAND. Het Tweede Kamerlid Drees heeft aan den Minister van Sociale Zaken de volgende vra- gen gesteld: 1. Is de Minister voornemens, ten aanzien van de aanwijzing van Nederlandsche arbei- ders voor werk in Duitschland te blijven han- delen in overeenstemming met hetgeen hij in de vergadering der Tweede Kamer van 1 Dec. j.l. verklaard heeft: ,,Ik moge den geachten afgevaardigde zeg- gen, dat mijn opvatting deze is: wanneer er prineipieele bezwaren zijn, die behooren te worden geeerbiedigd dan kan men natuurlijk de menschen niet dwingen naar welk buiten land ook te gaan. Wanneer men ten aanzien van een bepaald land prineipieele bezwaren heeft om daar te gaan werken niet, wan neer men het doet voorkomen, dat men ze heeft dan moeten deze natuurlijk ook wor den geeerbiedigd?" 2. Zoo ja, ware het dan niet wenschelijk geweest, in de dezer dagen aan de gemeente- besturen gezonden circulaire waarin wordt medegedeeld, dat bij weigering tot bet aan- vaarden van aangeboden arbeid in Duitsch land de betrokken arbeiders, die steun ontvan- gen of bij een werkverschaffing geplaatst zijn, voor dergelijke overheidszorg voorloopig niet meer in aanmerking 'ienen te komen, terwijl ingeval hun uitkeering uit een werkloozenkas wordt verstrekt, daartegen bezwaar behoort te worden gemaakt, een en ander tenzij door den Minister anders wordt beslist van dit standpunt te doen blijken, en is de Minister bereid, aan de gemeentebesturen in vervolg op de bedoelde circulaire een mededeeling in dezen geest te doen? DEKKING VAN DE DEFENSIE-UITGAVEN. Ingediend is een wetsontwerp, houdende tijdelijke voorziening tot versterking van de opbrengst van de inkomstenbelasting en van de dividend- en tantiemebelasting tot gedeel- telijke dekking van uitgaven voor de defensie. Aan de toelichting is het volgende ontleend: Zooals reeds is medegedeeld, waren bij de regeering verschillende ,maatregelen in over- weging tot dekking van uitgaven voor de de fensie, o.a. verhooging van de opcenten op de hoofdsom der inkomstenbelasting. De heffing van opcenten op deze belasting, voor zoover zij aan de gewone middelen ten goede komen, is geregeld bij de wet van 8 December 1933, hou dende tijdelijke voorziening tot versterking van de middelen tot dekking van de uitgaven des rijks. De Minister heeft gemeend de bedoelde verhooging van de opcenten op de inkomsten belasting tot stand te kunnen brengen door een wijziging en aanvulling van genoemde wet. Het voorstel bepaalt er zich toe de opcenten met 10 te verhoogen. Aangezien de wet van 8 December 1933 voor 1 Mei 1939 zal moeten worden herzien, is het voorstel beperkt tot het belastingjaar 1938/1939. Naast de opcenten, genoemd in de wet van 8 December 1933, worden op de hoofdsom der inkomstenbelasting nog 10 opcenten geheven ten behoeve van het werkloosheidssubsidie- fonds ingevolge de wet van 4 Maart 1935. Wordt het onderhavige voorstel tot wet ver- heven, dan zullen ten behoeve van het rijk op de hoofdsom der inkomstenbelasting 10 70 80 opcenten worden geheven, benevens de progressieve opcenten, stijgende van 0.3 bij een belastbare som van f 71.000 tot 18 bij een belastbare som van 130.000. De opbrengst van de voorgestelde verhoo ging van de opcenten kan worden gesteld op 4:700.000. Voorts wordt voorgesteld, een maatregel te treffen tot versterking van de opbrengst der dividend- en tantiemebelasting. Onlangs is meddfeedeeld, dat de regeering een verhooging van de hoofdsom der dividend- en tantiemebelasting overwoog, gepaard gaande met een zoodanige verlaging van het aantal opcenten, dat het aan opcenten te heffen bedrag gelijk zou blijven. Deze over- weging heeft echter tot de slotsom geleid, dat het om practische redenen de voorkeur ver- dient ook voor de dividend- en tantiemebelas ting evenals dat voor de inkomstenbelas ting geschiedt de hoofdsom op het bestaan- de cijfer te handhaven en het aantal opcenten te verhoogen. Deze opcenten bedragen thans: 33 ingevolge art. 5 van de wet van 8 December 1933, 20 ingevolge art. 4 van de wet van 20 Decehibeir 1935 en 48 ingevolge de wet van 26 Juli 1918, of in totaal 101. Met de hoofd som ad 5 pet. bedraagt het tarief der dividend- en tantidmebelasting thans 10.05 pet., door de voorgestelde verhooging van bovenbedoelde 33 opcenten met 40 zal het tarief der belasting worden gebracht op 12.05 pet. Om dezelfde reden-als hiervoor ten aanzien van de verhooging van de opcenten op de in komstenbelasting is aangegeven, wordt ook ten aanzien van deze verhooging van de op centen op de dividend- en tantiemebelasting de regeling voorshands beperkt tot het tijdvak van 1 Mei 1938 tot 1 Mei 1939. De opbrengst van de verhooging van de op centen op de dividend- en tantiemebelasting kan worden geraamd op 5.500.000. 25) Vervolg. „Ik was veel ouder dan je moeder," zed hij. ,,®n zij stierf te gauw." ,,En," vroeg Rita ondoordacht, ,,mijn arme moeder had gean cent, wel?" .jDacht je, dat dat cenig verechil maakte?" vroeg haar vader, haar onderizoekend aan- ziende. ,,Och", zei Rita, „wel ietis, Ik geloof, dat een cmeisje met geld van meer gewieht is en eij moet het kunnen uitgeven, zooals zij zelf wiJ." .Atdsschien geef,t Roger niet veel om geld?" vroeg mijmheer de la Riva. Maar hij geeft veel om mij", verklaarde Rita. ,,Kijik niet zoo somber. Paps. Als we nu eerst naar Beokford gaian, konden we mis- achien Roger meeneanen naar de merenL" Zooals gewoonlijk kreeg Rata haar zin. De beidienden gingen p>er spoor naar Winder mere en Rita en haar vader met de auto naar Beokford. Het meisje had een kleur van op- wlnding en ondaniks het zwijigen van haar vader, praatte zij onophoudelijk door. Ine;ns keek zij op haar armlbandhorloge. .jHalf twaalf. We zijn prachtig op tijd. Dan komen we tegen twaalf uur aan. d'an eet hij met zijn volk" Maar plotselinig, missichien door haar zenuw- achtigheid of door gebrek aan routine, wilde de wagen niet vehder en noch mljniheer de la Rwa, noch Rita begreep, wat er aan man- keerde. ,,Maar dit is de oprijlaan", zei mijnheer de la Riva, die een kaart zat te bestudeeren. „We zijn er vlaik bij." ,,Hoe jammer," klaagde Rita, ,,ik had hem willen verrassen. Dan moeten wij maar loo- pen. Draagt u mijn tasch, Paps. Ik wou, dat we een chauffeur haddon meegebracht." jHindert niet", zei haar vader. ,,Bc denk, dat de verrassing toch gnoot genoeg zal zijn." Toen zij aan den hoek van het erf kwamen gloeide haar geziehtje. ,,Kijk vader, daar staat Sir Roger, boven op die hoodschelf." De jonge meester was druk aan het werk en mijnheir de la Riva zag, hoe flink en ener- giek al zijn berwegingen waren en begreep, waarom zijn meisje zoo ineens verliefd ge- worden was. „Zdet hij er niet prachtig uit, Paps?" ,,Ja, dat doet hij, het moet een heerlijk teven zijn", en hij zuchitte. ,,U sdhijnt wel jaloersch", lachte Rita. „Misschiien wel", gaf hij toe. ,,Ik ben niet de eeniige ziekelijke man, die de gezonden be- nijdt. En iik geloof, dat het leven van een boer heerlijk ruim en frisdh is en vrij van zorgen." Roger had hen gezien en Met zich vlug naar (beneden glijden. De oude man zag, hoe zijn gezicht bloosde bij het zien van Rita, en hoe er een licht stroalde in zijn blauwe oogen. Had Rita niet al haar aandacht aan Roger besteed, dan zou zij bemerikt hebben, hoe lang haar vader het oude, groenbemioste huis bezag en welk een vreemde blik er in zijn oogen kwaim. Terwijl hij er naar keek, ver- re; s voor zijn geestesoog een grooter en rui- mer huis, zonder dat dit evemwel afbreuk deed aan de kar&kteristiek van het oude. Terwijl hij nog stond te peiruzen, kwam Rita naar hem toe gehuppeld. ,,Sir Roger zou graaig hebben. dat wij van- nacht hier bleven, Paps. Hij zal naar het wa- gentje laten k ijk en door een man uit Pres ton." „Maar onze bagage is doorgestuurd wierp mijnheer de la Riva tegen. lOnmiddellijk versloeg Rita hem. ,,Er zit in ons handkotffertje het noodige voor den nacht, ik dacht wel, dat we malheur zouden krijgen.. Ik btn blijdat het zoo vlak ibrj het huis is gebeurd en ik vind het grap- pig, op een echte boerderij te slapen en te zien hoe alles gaat." Toen zij met Rogers hulp den ouden heer had over reed, gingen zij naar binnen am te lunchen. ,,Ik ben bang, dat nicht Jane in de keuken gedekt heeft, daar eten we gewoonlijk. Als u mij even wilt verontschuldiigen, dan zal ik het laten veranderen." „0, neen!" riep Rita uit. Laten we in de keuken eten. Laat alles precies zoo gaan als aitrjd. U vindt de keuken toch niet erg, Paps?" „iHeelemaal niet", mompelde hij verstrooid. De werklui zaten al aan hun tafel en Molly zette juist een enorme schaal zuurkool voor hen neer. Juffrouw Beck dribbelde met een angstig gezicht om de tafe'l bij het raam, om- dat zij niet wist, wat Roger wou. ,,Het is zoo goed, nioht Jane!" riep hij vroo- lijk. „On;ze gasten hebben er niets op tegen, hier te eten." Nicht Jane kwam naar hen toe, maar mijn heer de la Riva stond op den drampel met een vreemde uitdrukking op het gelaat. ,,Paps is stom verbaasd!" riep Rita uit. „Is het de eerste keer, dat U in een boerenkeu- ken komt, Paps?" ,,Niet precies de eerste keer", antwoordde hij, als ontwaakte hij uit een droom en hij gaf juffrouw Beck beleetfd een hand. ,,Ik wou, dat ik het geweten had", zei deze met een venwijtenden blik op Roger, alsof het ENGELAND OFFERT VOOR ZIJN WAPENING. Voriige week heeft, schrijft de N. R. Crt., de Engelsche regeering een witlboek betref- fende de defensie gepubliceerd en Maandag heeft het Dagerhuis aen wetsvoorstel behajn- deld om de uitgaven voor het komende jaar overeenkomst'ig den inhoud van dit boek te willen goedkeuren. Hetgeen dan ook inderdaad gebeurd is. Het witboek legt getuigenis af van de ge- weldiige opofferingen, die het Engelsche volk zidh vo'or zijn defensie get roost. Na de jaren, waarin in Engeland, gelijk in zoovele landen, voor de defensie geen geld besdhikfbaar was, waardoor de nonmale vervanging als gevolg van veroudering geen voortgang kon vinden, is men tt Londen vasttaesloten dit nadeel in enkele jaren te herstellen. Maar dit is niet alleen het doelwit van de Engelsche weer- macht. Zij verliest niet uit het oog, dat in deze periode van een in vele landen tot het uiter- ste opgevoerd wapeningstempo, defensieplan- nen snel venouderen. Zij beseft, dat niet kan worden volstaan mi:t datgene, wat voor en kele jaren voldoende was, dat zelfs meer noo- idig is dan een jaar geleden afdoende scheen. In Februani 1937 heeft de Engelsche regee ring een witboek gepubliceerd, waarin het totale bedrag, dat in de jarun 19371941 noodig werd geacht voor de heribewapening, globaal werd geschat op 1500 millioen pond sterling. Ditmaal, ongeveer een jaar later dus, moest Chamlberlain reeds verlklaren, dat dit bedrag, hetwelk kortgeleden nog als voldoen de werd beschouwd, thans voor de Engelsche doelainden ontoereikend is. Hij bereidde het Lagerhuis er op voor, dat het nu noodig ge- achte badrag de 1500 millioen pond aanzien- lijk te boven zal gaan. zijn sohuld was. ,,Dan zou ik voor iets beters dan zuurkool geizorgd hebben. En ik weet niet of u nu die zuurkool wel goed genoeg vindt. Molly, zet de stoelen op hun plaats. Wilt u niet gaan zitten, juffrouw de la Riva? Roger is zich gaan wasschen. Neen, er zit geen peper in de zuurkool, dat mag hier in huis niet. Ik voor mij vind het wel lekker, maar Roger niet. Een Beck eet geen peper, zegt hij altijd." ,,'Zoo denken er meer over. Paps en ik eten het ook niet!" riep Rita uit. ,,Nou, dat is raar", zei juffrouw Beck ern- stig. ,,Ilk vind dat erg raar. Zet nog twee cou- verts hij, Molly, sta niet te suffen." Roger kwam terug en ging naast Rita zit ten, alsof het vanizelf sprak. De twee praatten gezellig samen, terwijl juffrouw Beck te veel door haar plichten als gastvrouw in beslag wend genomen om veel deel te nemen aan de convensatie en mijnheer de la Riva zat stil te kijken naar het blozende geziehtje van zijn dochter, hun femren gastheer en de ruime, vnoolijke kamer, waar ook Molly en de knechts zaten. Onhoonbaar zei hij telkens bij zichzelf ,,Vreemd, vreemd." iNa het middagmaal trokken de knechts de auto op een veilige plaats en moest er ge- wacht worden op een monteur uit Preston. De twee jongelui liepen rond, terwijl Roger de velden aanwees, die vroeger van de Becks waren geweest. ,,Ik zal proibeeren ze terug te krijgen", zei hij. Rita trok een schalksoh gezicht. „Misschien zul je daar wel spoddig toe in staat zijn." Maar Roger taevroor dadelijk. ,,Ik heb wat geld opizij gelegd van de erfe- nis van mijn tante. Ik zal zien, hoe ver ik daar mee kom." Mijnheer de la "Riva, die achter hen aanliep, (Hoe groot moeten de vaderlamdsliefde en hiet besef voor de realiteit van een volk zijn, dat zonder morren in enkele jaren 15 milliard gulden neertelt voor zijn verdediging. Wij sohrijven ..izonder morren", want de overi gens weinig zeggende cnitdek in het Lager huis was minder gericht tegen de grootte van diit bedrag dan wel tegen het felt, dat een deel van het Engelsche volk h;t tempo te lan'gizaam- vindt en meer speciaal ook de udt- breiding van de luchtvaart onvoldoende acht. Zelfs de critiek van de anbedderspartij was minder gericht tegen de wapening als zooda nig dan tegen het feit, dat zij meer de Volken- bondspolitielk in het kader der defensie be trokken wil zien. Juist in zulke dagen toont de Engelschman de superioriteit van zijn karakter. Dan weet hij den ernst van de situatie naar waarde te schatten, dan beseft hij, dat men zich uitga ven moet getroosten am grootere waarden to behouden. En hij stemt dan toe in die uitga ven zonder daarop te bekniibbelen, in het voile besef, dat in zulke dagen een lands regeering de voile vrijheid van handeden moet hebben. opdat datgene bereikt kan worden, wat zij en haar deskunddgen noodlzakeliijk achten. Ebigeland is een wereldstaat, die zijn bezit- tinigen en belangen in alle werelddeelen heeft. Men beseft in Engeland, dat het grootste ge- vaar niet li'gt in Europa, maar juist in de andere werelddeelen, waar Engelsche belan gen en beelttingen het slachtoffer kunnen worden van aanvallen van hen, wier belangen- sfeer niet zoo veelizijddg is. Vandaar dat Engeland een overheerschend belang toekent aan de beschermiing -van het imperdum in het algelmeen ien van zijn verbin- dinigswegen in het bijzonder. Dat beteekent, dat de zwaarste taak zal toevallen aan de vloot. Op 1 Januari van dit jaar had Enge land 574.000 ton aan oorlogsschepen in aan- ibouw tegen 139.345 ton drie jaar geleden. Vtoor het loopende jaar is voorzien in het op stapel zetten van niet minder dan 60 schepen, waaronlder 2 ldnieschepen, een vliegtuigmoe- dersdhip, 4 groote en 3 kleine kruisers. De globale kosten worden geraamd op meer dan 120 millioen pond. Eerst later, wanneer de beslissiimg over de types is gevallen zulks in verband met de bouwpiannen der Japansche marine zal een meer definitieve raming worden gegeven. Doamaast wordt al het ma- teriaal gemoderniseerd en nog is de Engelsche marine van nrn rinig, dat verreweg het groot ste gedeelte van den nieuwen aanibouw eerder voor vervanginig van oudere schepen dan voor uitbreiddng zal dienen. Men zou met deze opsomming kunnen door- gaan. Maar liever dan ons te verdiepen in deze detaildeering staan wij stil hij enkele alge- meene lijnen. welke Chamberlain hireft uitge- st'ippeld. Ondaniks het verschil van meening tusschen hem en Eden met betrekking tot de buiten- landsche politlek, ondanks zijn streven met Ttalie en Duitschland tot overeenstemming te geraken, getuigt Ghamiberlain's toelichting van de defensievoorstellen van >€ein groote vastberadenhedd. De man, die eenerzijds an- deren welwiilend tegemoet treedt, is ander- zijds vastbesloten de positie van zijn land on- gerept te handhaven en is zeker niet van plan zich aan de algemeene verantwoord el jjkheid voor den gang, van zaken in de wereld te ont- trekken. Noemde Chamberlain de samenwer- king bij de verdediiging van het gronidgebded der bonjdgenooten niet mede onder de grond- slagen van de Engelsche defensiepolitiek Legdic hij er niet den nadruk op, dat het ver- lanlgen naar den vrede niet beteekent, dat En geland nu een vrede zal koopen ten koste van een lateren vrede. En evenzoo beteekenen Chamiberlain's woorden, dat hij zich ndet wil beimoeien met de aangelegenheden van andere ivolken, doch dat Engeland zoo noodig zijn stem zal verfheffen ten gunste van vreedzaane ondenhandelingen tegenover geweld of bedrei- ging, een duidelijke weerlegging van de stel- linig van hen, dlie beweren, dat Enigelanid zich nu in Midden-Europa zal desinteresseeien. I em and, die zoo spreekit is geen zwakkeling, is geen weifelaar. Zoo kunnen slechts zij spre- bemerkte onmiddiellijk den veranderden toon. jHij is een kerel die niet van zijn vrouw wil afhangen", daoht hij hij zichzelf met een men- geling van vrees en voldoening. ,,Wel, wel, we zullen zien, Rita is nogal veranderlijk." En hij wist werkelijk zelf niet of hij wenschte, dat de zaak voortgang zou heb ben, of niet. Aan den eenen kant leek het £en dwaze ondememing, aan den anderen... ..Noodlot", zei hij tot zichzelf. Toen zij eindelijk binnen kwamen, wachtte nicht Jane hen op met een gezicht, glimimend van voldoening. „Ik heb de kami:rs ldaar", kondigde zij aan. „Wilt u eens boven komen en zien of alles naar uw zin is? Ik heb de kamer van je Oma voor den mijnheer klaar gemaakt, Roger, en het kleine kamertje dat er op uitkomt voor de jongedatmu." ,.Ik heb li'ever, dat juffrouw de la Riva de kamer van grootmoeder heeft", zei Roger snel. „Maar, Roger, vind je het ndet netter, dat de beste ka-mer voor den ouden heer is?" ,,Neen", zed Roger, ,,jiuffrouw de la Riva kirjj.gt de kamer van grootmoeder. Ik zal haar koffertje er heen brengen." Met een koffertje in iedere hand ging hij hun vcor, Rita en haar vader volgden. De kamer van Lady Beck was een heerlijke oude kamer, met beschoten muren en een bed met een hemel, waarom vlekkeloos-witte gordijnen hingen. Er was een antieke Chippendale toilettafel en een paar rieten stoelen uit dezelfde periode. De eiken vloer was geschrofod tot hij brjna even wit was als de muren en m stukje ver- schoten karpet met bonte rozen lag in het midden. (Wtordt vervolgd.)

Krantenbank Zeeland

Ter Neuzensche Courant / Neuzensche Courant / (Algemeen) nieuws en advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen | 1938 | | pagina 1