ALGEMEEN NIEUWS- EN ADVERTENTIEBLAD VOOR ZEEUWSCH-VLAANDEREN No. 9675 WOENSDAG 27 OCTOBER 1937 77e Jaargang BERICHT. Binnenland Buitenland HET DEPARTEMENT VAN ALGEMEENE ZAKEN. fg- .\MTUKnc^j^maa^.-*siaBsaji!mM. m^g^jw^aai^gtmaawBwiBM rinrTH'fflii NEUZENSCHE COURANT ABONNEMENTSPRIJS: Binnen Ter Neuzen 1,25 per 3 maanden Buiten Ter Neuzen fr. per post 1,55 per 3 maanden Bij vooruitbetaling fr. per post 5,60 per jaar V'oor Belgie en Amerika 2,—, overige landen 2,35 per 3 maanden fr. per post aiornem enter voor het buitenland alleen bij vooruitbetaling. Uitgeefster: Firma P. J. VAN DE SANDE GIRO 38150 TELEFOON No. 25. ADVERTENTIeN: Van 1 tot 4 regels 0,80 Voor eiken regel meer 0,20. KEEINE ADVERTENTIeN: per 5 regels 50 cent bij vooruitbetaling. Grootere letters en clicbd's worden naar plaatsruimte berekend. Handelsadvertentien bij ragelabonnement tegen verminderd tarief, hetwelk op aanvraag verkrijgbaar is. Inzending van advertentien liefst dag voor de uttgave. DIT READ VERSCHIJNT IEDEREN MAANDAG- WOENSDAG- EN VRIJDAGAVOND. Aan ben, die gebruik wenscben te maken van onze rubriek ..Agenda" wordt medege- deeld, dat biervoor alleen in aanmerking komen aankondigingen waarvan t. z. t. IN ONZE GEWONE ADVERTENTIEKOLOM- MEN (dus niet in de rubriek „Kleine Adver tentien) een advertentie wordt geplaatst. DE ADMINISTRATTE HINDER WET. Burgemeester en Wetbouders van TER NEUZEIN, maken bekend, dat het verzoek van L. QFPENEER, molenaar, wonende te Ter Neuzen, om in het perceel kadastraal bekend gemeente Ter Neuzen, Sectie L no. 1442,. gelegen aan de Donze-Visserstraat no. 33 (hoek 2e Verbindingsstraat), zijn graanmalerij te mogen uitbreiden door ben is ingewilligd. Ter Neuzen, den 26 October 1037. Burgemeester en Wethouders voornoemd, P. TELLEGEN, Burgemeester. B. I. ZONNEVIJLLE, Secretaris. DE RIJKSBEGROOTING VOOR 1938. Aan het voorloopige verslag der Tweede Kamer over hoofdstuk I van de Rijksbegroo- ting 1938 is het volgende ontleend: Eenige leden wenschten bij de bespreking van de Kabinetsformatie kortelijk bun denk- beelden op staatkunaig gebied uiteen te zetten. Onrniskenbaar is het aldus deze leden dat het individu zekere rechten heeft. Voor- zoover die rechten zijn betrekkingen tot God betreffen, moeten zij volkomen worden geeer- biedigd. Voorzoover zij zijn openbaar leven als lid van de volksgemeenschap betreffen, zijn zij echter beperkt door het belang van die gemeenschap. Het persoonlijke belang moet voor het algerheene belang wijken. Het volk is een begrip van hoogere orde dan het indi vidu. Het volk is niet iets toevalligs, maar een scbepping van God, een organisme, dat volgens de natuurlijke wetten moet leven, wil het niet te gronde gaan. Naast individu en gezin behooren de corporaties organen te zijn van de arbeidsgemeenschap, die het volk is. Het is een dwaling te meenen dat men het ,,demo-liberalisme" kan verbeteren door 't met Christendom te doordringen. De ervaring in tal van democratische landen heeft dat be- wezen. Slechts uitroeiing kan baten. Daarom strijden zij, die den corporatieven staat voor- staan, tegen het parlement en de politieke partijen. Daarom kan ook in zulk een staat geen persvrijheid worden toegelaten. Het be grip ordening neemt in de corporatieve staats- gedachte een eerste plaats in. Maar met die gedachte is volkomen in strijd een ordening, geljjk die hier te lande door velen wordt voor- gestaan, een onorganische, tegennatuurlijke ordening, die voert naar staatssocialisme en staatsabsolutisme. De financieele toe,stand. Bij him beschouwingen over den financieelen toestand van het rijk stelden verscheidene leden voorop, dat, ondanks den reeds merk- baren invloed van de mede als gevolg van de gewijzigde monetaire politiek tot stand ge- komen verbetering van het oeconomische leven, die toestand nog verre van gunstig is. Toch meenden deze leden in dit opzicht iets minder pessimistisch gestemd te moeten zijn dan de steller van de millioenennota. De belangrijkste post onder de z.g. zwakke plekken is die van 31 millioen wegens het stopzetten van stortingen in de sociale ver- zekeringsfondsen. Is vroegen de bier be- doelde leden de hervatting van deze stor tingen wel zoo onvermijdelijk als de millioenen nota aanneemt? Kan niet de overgang van bet fondsenstelsel naar bet omslagstelsel of naar een gemengd systeem de volledige her vatting van deze stortingen mogelijk maken? In de tweede plaats mag meenden deze leden de vraag worden gesteld, of de op- brengst van de middelen voor 1938 niet te laag is geraamd. Allereerst ware naar bun meening te over- wegen of niet nog nieuwe middelen kunnen worden verkregen. De regeering zelf maakt in dit verband gewag van het denkbeeld om een bijzondere belasting voor defensiedoelein- den op te leggen. Gaarne zou men omtrent dit denkbeeld nadere bijzonderheden vernemen. Meer nut verwachtten de hierbedoelde leden van de invoering van een belasting op de win- sten van naamlooze vennootschappen, ter ver- vanging van de dividend- en tantiSmebeiasting. In de tweede plaats dachten deze leden aan een verdere conversie van de staatsschuld. Zij acbtten bet, ruw geschat; mogelijk, dat hierdoor een verlichting van den rentelast tot een bedrag van ongeveer 15 millioen gulden zou worden bereikt. Verscheidene leden meenden tegen deze be schouwingen aanstonds een waarscbuwend woord te moeten doen hooren. Een reserve- kracht in de begrooting is van het grootste belang voor het geval zich opnieuw financieele moeilijkheden zouden mogen voordoen. Ook meenden dezelfde leden er op te moeten wijzen, dat bet heffen van een belasting, waar- door ook de niet uitgekeerde winst van ven nootschappen zou worden getroffen, een ge vaarlrjk experiment zou zijn. De depressie van de afgeloopen jaren heeft wel niets duideljjker geleerd, dan dat reserveeringen voor de onder- nemingen hoog noodig zijn en een groot be lang vormen. Verscheidene andere leden die met nadruk wenschten voorop te .stellen dat ook zij vast wilden houden aan een gezonde en voorzich tige financieele politiek, waren na een uit- voerige analyse van de begrooting toch ook tot een minder sombere concluSie gekomen dan die, welke in de millioenennota wordt ge- trokken. De hierbedoelde leden kwamen tot de con- clHsie, dat het niet onverantwoord is, bij de regeering aan te dringen op bet overwegen van eenige voorzieningen op oeconomisch en sociaal gebied, die in zeer sterke mate bij par lement en volk leven en die niet vermeden zullen kunnen worden. Vele andere leden konden allerminst het op- timisme met betrekking tot den financieelen toestand deelen. Alles bijeengenomen, blijkt naar de meening van de hier aan bet woord zijnde leden duide- lijk, dat de begrootingspositie ondanks de in- getreden verbetering nog het tegendeel van gunstig is. Op grond daarvan meenden deze leden met het financieele beleid, zooals dat in de millioenennota is uiteengezet, hun voile in- stemming te kunnen betuigen. Met betrekking tot de mededeeling van de regeering, dat maatregelen zullen worden be- raamd, strekkende tot gedeeltelijke dekking van de defensie-uitgaven uit nieuwe middelen, werd opgemerkt, dat bet totaal van den belas- tingdruk in ons land van dien aard is, dat ver- laging van dien druk in hooge mate wensche- lijk en verdere opvoering daarvan zeer beden- kelijk moet worden geacht. Dit verandert niet, indien die opvoering onder bet etiket van be- stemmingsheffing plaats vindt. Eenige leden noemden de begrooting voor 1938 een typisch inflatieproduct. Zij profiteert van de na de depreciatie van den gulden sterk gestegen ontvangsten, terwijl tevergeefs ge- tracht is een verdere stijging van de uitgaven te vermijden. Verscheidene leden achtten bet noodzakelijk de bijzondere aandacbt van de regeering te vragen voor de positie van het personeel in 's rijks dienst. Ten slotte stelden enkele leden nog de vraag, of de vervroegde pensionneering, welke tbans voor onderwijzers geldt, ook niet voor de andere ambtenaren zou kunnen worden inge- voerd. Gaarne zou men vernemen, welk be drag hiermede gemoeid zou zijn. Andere onderwerpen. Met bijzondere instemming had een groot aantal leden uit de Troonrede kennis genomen van het standpur.t der regeering op bet s±uk van den Zondag, al badden verscheidenen hun- ner de formuleering liever wat minder nega- tief gezien. Vele andere leden konden de formuleering van dit programmapunt in de Troonrede aller minst bewonderen. Het spreekt naar hun mee ning van zelf, dat de overheid ontheiliging van den Zondag piet zal aanmoedigen. Bovendien mag de vraag worden gesteld, wat onder ont heiliging'' moet worden verstaan. Een aantal leden wenschten bij deze alge- meene beschouwingen een enkel woord te wij- den aan het spellingvraagstuk. Naar de meening van deze leden wordt het optreden van de regeering op dit punt in zoo- danige mate gekenmerkt door onvastheid en onbeslistheid, dat het slechts bij weinigen in- stemming zal kunnen vinden. Verscheidene leden gaven uiting aan hun instemming met de instelling van een departe- ment van algemeene zaken, welke instemming echter door andere leden niet werd gedeeld. Verscheidene leden getuigden van hun ver- wondering en teleurstelling over het feit, dat de z.g.n. defensieverboden betreffende S.D.A.P. en N.V.V. nog steeds niet zijn opgeheven. Van andere zijde werd eveneens opheffing verzocht van het voor alle ambtenaren gelden- de verbod tot het lid zijn van of verleenen van steun aan de NjS.B. Het had de aandacht van eenige leden ge- trokken, dat vo6r de verscbijning van de mil lioenennota in enkele bladen berichten hebben gestaan omtrent hetgeen met betrekking tot den inhoud dier nota in de vergadering van den raad van Ministers zou zijn besloten. Men achtte dergelijke indiscreties toch wel zeer on- gewenscht en zou gaarne van de regeering vernemen, of zij ook kan nagaan, door wis deze zijn veroorzaakt. HET KWARTJE VAN MINISTER ROMME. We krijgen nog steeds, aldus het Vaderland, allerlei vragen om inlichting inzalke het veel besproken kwartje. Dit ligt, gelooven wij, meer aan het tikje galgenhumor, dat, volgens velen, bet voorstel aanikleeft, dan wel aan de ingewikkeldbeid van bet voorstel zelf. De zaaik .zit zoo. De regeering is overtuigd', dat de uitkeering van 5,30 per jaar aan de genieters van B- steun voor schoeisel, kleeding en dekking veel te gering is. Zij wil ziclh daarom een belang- rijk offer getroosten voor een grootere uitikee- ring, maar enlkel in natura, d.w.z. in schoeisel, kleeding en dekking, mits de steimtrekker meewerkt doorsparen. Elk kwartje door den steuntrekker ingeleigd wordt namelijk twee kwartjes voor gezinnen met minder kin- deren dan vijf of 0,65 voor gezinnen met vijf of meer kinderen. Gelulkkig is, dat ook instel- lingen bet kwartje kunnen betalem ten bate van den steuntrelkikende. De extra steunregeling gaat echter pas 1 Januari in. Voor den tusschentijd doet de Re geering een beroep op het volk, om haar door collecten te steun en. Het verzoek is gericht aan B. en W. der gemeenten. Elke gemeente, welke een collecte boudt, krijgt 1/10 van eigen opibrengst terug. De rest wordt pondipondsgewijze verdeeld over de ge meenten, zond'er onderscbeid of ze een collecte hidden dian wel niet. (Houdt de Regeering haar spaarsysteem een jaar vol, dan zou het kwartje van den werke- looEe met een gezin van vijf of minder kinde ren en dat van den werkelooze met een gezin van vijf om meer kinderen aangroeien tot 26 of j 33,50. Het scbijnt in de bedoeling te liig- gen, om de drifi maanden den spaarder in de gelegenheid te stellen, bet gespaarde in schoei sel, kleeren of dekking om te zetten. IR. MUSSERT HEEFT EEN GEPANTSERDE AUTO. De weerkorpsen niet ontbonden? Aan het voorloopig verslag der Tweede Kamer nopens de begrooting van justitie, is het volgende ontleend: Gevraagd werd, wanneer de wet op de weerkorpsen in werking zal treden. Sommige leden meenden, dat de N. S. B., ondanks de openlijk aangekondigde ontbinding van haar z.g. weerafdeelingen, nog steeds formaties in stand boudt, welke na het in werking treden van de genoemde wet onder de daarin opge- nomen verbodsbepalingen, zouden vallen. Van andere zijde werd deze bewering ten stelligste weersproken. Volgens mededeelingen in de pers zou de Minister van Financien in verband met het feit, dat ir. Mussert een gepantserde auto gebruikt, aan de douane-ambtenaren een op- dracbt gegeven hebben, welke op bet aan hem verleenen van een speciale faciliteit neer- komt. Verscheidene leden betwijfelden ernstig of zulk een opdracht wel gegeven had dienen te worden. Moet daaruit worden afgeleid, dat de regeering het noodig acht, dat iemand in Nederland ter bescherming van zijn leven van een gepantserde auto gebruik maakt? Zoo ja, dan wilden deze leden als bun mee ning te kennen geven, dat de openbare veilig- heid bier te lande dusdanig verzekerd is, dat dergelijke maatregelen niet noodig zijn. Zij vertrouwden, dat de Minister van Justitie, wien de zorg voor de openbare veiligheid is toevertrouwd, deze meening zal deelen en met zijn ambtgenoot van Financien in overleg zal willen treden, teneinde de genoemde faci liteit te doen intrekken. Het relletje op het Blauwe Zand,. Verscheidene leden badden zich verwonderd over de wijze, waarop de vervolging van feiten van strafbare feiten, begaan bij gelegenheid van nationaal-socialistische propaganda is aangepakt. In het bijzonder uitten zij critiek op het optreden van de justitie in de zaak van het bekende incident op het Blauwe Zand. De personen, die eerst resp. met een zweep geslagen en 'n revolver afgevuurd hebben zijn niet in preventieve hechtenis gesteld, degene, die daarna met een steen heeft geworpen, wel, en zelfs gedurende meer dan drie maanden, Instede dat de eerst "oedoelde personen bet eerst berecht zijn, waardoor een volledig licht zou zijn gevallen op hetgeen aan bet werpen van den steen is voorafgegaan, is eerst de man, die het in tijdsorde later begane feit beeft gepleegd, voor den rechter gebracht. De hier aan het woord zijnde leden waren van oordeel, dat een en ander niet bevorderlijk is Voor bet vertrouwbn in de objectiviteit van den vervolgenden ambtenaar. JUSTITIE, POLITIE EN PERS. In de Zaterdag te Rotterdam gehouden ver gadering van den Nederlandschen Joumalisten Kring beeft de beer A. J. Lievegoed, chef van den regeeringspersdienst, medegedeeld, dat een circulaire of aanschrijving inzake een verbod tot het verstrekken van mededeelingen aan derden uit stukken van strafrechtelijk onder- zoek, van den tegenwoordigen Minister van Justitie niet is uitgegaan. Een dergelijke cir culaire dateert niet van enkele weken, doch van vele maanden geleden. De heer Lievegoed deelde mede, gemachtigd te zijn te verklaren, dat de tegenwoordige Minister van Justitie, mr. C. M. J. F. Goseling zijnerzijds geen beperking wenscht te brengen in de wijze, waarop de pers tot dusver door de politie wordt ingelicht, dat de Minister niet gevoelt voor een centrale regeling van deze aangelegenheid en dat de Minister een soepele regeling terzake door de betrokken plaatse- lijke.overheden voorstaat. DE RAMP MET DE T. 1. Aneta meldt uit Soerabaja: Omtrent het vergaan van het vliegtuig T 1 wordt uit Banda Neira nog bet volgende ver- nomen: Door de geweldige kracht, waarmede het vliegtuig te pletter sloeg, sprongen de boorde- volle benzinetanks uit elkaar. Een inzittende van een ander T-vliegtuig sprong over boord om te tracbten zijn kame- raden te helpen. Hij trachtte zwemmende het wrak te bereiken, doch dreigde daarbij door benzinedampen het bewustzijn te verliezen, terwijl hij brandwonden opliep. Daar hij luid om hulp riep, bemerkte de bemanning van het T-vliegtuig het gevaar, waarin de redder ver- keerde, zoodat zeer snel de rubberboot, welke aan boord van elk vliegtuig aanwezig is, werd op^gepompt en te water gelaten. De redder werd bewusteloos opgehaald en naar een oor- logsbodeip ge transport eerd. Na eenige dagen was hij hersteld. De naam van den betrok- kene is niet gemeld. EEN GELUKKIGE GEMEENTE. De gemeenteraad van Voerendaal (L.) heeft het besluit kunnen nemen diverse belastingen te verlagen. De opcenten Personeele Belas ting werden van 170 op 120 gebracht, die van gemeentefonds-belasting van 60 op 50. De electrische tarieven werden van 25 op 23 en van 12 op 10 cent teruggebracht. De burge meester k'on tenslotte meedeelen, dat Voeren daal geen enkelen stempelaar meer heeft. HET VAREN VAN SCHIPPERS OP ZONDAG. Op vragen van den beer Kersten betref fende het uitsluiten van het varen van bieten van schippers, die gewetensbezwaren hebben tegen het varen op Zondag heeft de heer Van Buuren, Minister van Waterstaat, geantwoord De Minister van Economische Zaken heeft in September 1934 toegezegd, dat aan de bedoelde gewetensbezwaren zooveel mogelijk zou worden tegemoet gekomen. Het is den Minister, die sedert kort. de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de wet van 5 Mei 1933 bedraagt, gebleken, dat door de bevrachtingscommissie ernstig in die ricbting is gestreefd; door de deswege ge troffen regelingen is alleen niet tegemoet gekomen kunnen worden aan de gewetens bezwaren van ben, die ook voor gevallen van uiterste noodzaak, n.l. als bet continubedrijf der suikerfabrieken in bepaalde buitengewone omstandigheden zou worden verstoord, die bezwaren onverminderd handhaafden. De Minister is bereid de mogelijkheid van verdere tegemoetkomingen na te gaan, doch acht het uitgesloten, dat een eventueele wijzi- ging der getroffen regelingen nog in de hui- dige reeds vergevorderde oampagne van in vloed zou kunnen zijn. Aan het voorloopig verslag over bet wets- ontwerp wettelijke voorzieningen, naar aan- leiding van het Kon. besluit van 3 Juli 1937 tot instelling van een departement van alge- meen bestuur, dat den naam zal dragen van ministerie van algemeene zaken, is het vol gende ontleend: Vele leden beschouwden de instelling van dit nieuwe departement als een gelukkige oplos- sing van de vraag, op welke wijze de positie van den leider van het kabinet bet best kan worden geregeld. Naar men meende, zullen nu ook zekere bijzondere functies, welke tot dusver door den Minister van Binenlandsehe Zaken werden vervuld, door den voorzitter van den raad van ministers kunnen worden over- genomen. Met name dacht men in dit verband aan de sluiting van de zitting der Staten- Generaal. Ook zouden nu verschillende inter- departementale instituten, zooals b.v. de com- missie voor werkverruiming en bet werkfonds onder het departement van algemeene zaken kunnen komen te ressorteeren. Andere leden verklaarden tegen het instellen van een afzonderlijk, klein ministerie, beheerd door den voorzitter van den ministerraad, geen bezwaar te hebben. Zij zouden echter niet willen zien, dat hierdoor de functie van dien voorzitter zou worden tot een minister- presidentschap, waaraan min of meer ver- gaande bevoegdheden zouden zijn verbonden. Zulk een ambt toch zou zich in den buidigen partijenstaat kunnen ontwikkelen als een doel- treffend instrument tot overheerscbing door een bepaalde partij, en zoo tevens den scheids- muur nog hooger maken, dien de regenten tusschen Kroon en volk hebben opgebouwd. De tot dusver gevoerde beschouwingen geven verscheidene leden aanleiding, van de regeering een volledige uiteenzetting te ver- zoeken omtrent de overwegingen, welke bij de instelling van dit departement hebben ge- golden. Weer andere leden juichten de instelling van een nieuw departement niet toe. Naar bun meening verzet de nog steeds geldende eisch van groote soberheid in de staatshuishouding zich tegen een uitbreiding van den openbaren dienst in dezen vorm. Een aantal leden achtte de instelling van het hierbedoelde departement, als die inderdaad gelijk zij meenden zuiver op utiliteitsgron- den heeft plaats gehad,. eigenlijk overbodig. Naar hun oordeel toch is bet zeer wel mogelijk, dat het voorzitterscbap van den ministerraad met al zijn bemoeiingen wordt waargenomen door den Minister van Binnenlandsche Zaken. FRIDA KATZ TROUWT 10 NOVEMBER. Mej. Mr. C. Frida Katz zal 10 November a.s. in het huwelijk treden met den heer C. W. F. baron Mackay, burgemeester van Ermelo. De burgerlijke huwelijksvoltrekking zal ge- schieden des morgens om 11 uur in de Am- sterdamsehe raadszaal, door Dr. W. de Vlugt, burgemeester van Amsterdam. Daarna zal om 12 uur in de Willem de Zwij- gerkerk de kerkelijke huwelijksbevestiging plaats vinden door Prof. Dr. J. R. Slotemaker de Bruine. Mej. Katz is voornemens aanvankelijk haar lidmaatscbap van de Tweede Kamer te blijven vervullen. Haar lidmaatschap van den Am- sterdamschen gemeenteraad zal door haar huwelijk automatisch eindigen, daar zij zich meterwoon te Nuntspeet, de woonplaats van haar eebtgenoot gaat vestigen. DE WIJZIGING VAN DE TARIEF- MACHTIGIN GS WET. Bij het afdeelingsonderzoek van het wetsont- werp tot wijziging van de Tariefmachtigings- wet erkenden verscheidene leden de noodzake- lijkheid ook voor de Nederlandscbe regeering om te beschikken over wettelijke middelen ter verdediging van onze belangen ingeval deze door maatregelen van eenig ander land worden bedreigd of aangetast, doch zij meenden, dat met de Tariefmachtigingswet 1934, zooals deze thans luidt, kan worden volstaan. In elk geval ontkenden zij, dat biervoor een zoo ingrijpende wetswijziging als thans wordt voorgesteld, noodig zou zijn. Het inslaan van den weg, dien d« regeering thans voorstelt te gaan bewandelen, zou ons, naar zij vreesden, voeren tot de instelling van zg. vechttarieven, waarvan zij voor ons oeco nomisch leven geenerlei heil verwachtten. Het wetsontwerp kan leiden tot een gron- dige wijziging, een volkomen omzetttng van onze in wezen nog liberale handelspolitiek. Het geeft den Minister van Oeconomische Zaken immers volkomen vrijheid tot bet nemen van al die tariefmaatregelen, welke bij in het oeconomisch landsbelang" acht. Het oeconomisch landbelang nu, zooals de tbans aan het bewind zijnde Minister dit ziet, schrijft een protectionistische handelspolitiek voor. Daarover is echter de meerderheid van deze Kamer niet gewonnen. De Minister mag dan ook, aldus deze leden, van de Kamer niet ver- wachten, dat zij hem de bevoegdheid zal var- leenen de tariefwetgeving geheel naar zijn op- vattingen in te riohten. In verband hiermee hadden deze leden over- wegende bezwaren tegen toekenning van de tbans gevraagde practisch onbegrensde mach- tiging. Tegen dte verlenging van den termijn, waar- voor tariefmaatregelen bij Kon. besluit kun nen worden genomen, van een tot vijf jaar be- stond bij deze leden evenzeer bezwaar. Voorts vestigden deze leden er nog de aan dacbt op, dat de voorgestelde verruiming van de bevoegdheden der regeering niet alleen handelspolitieke gevolgen kan hebben, doch dat daaraan evenzeer ver gaande financieele consequenties verbonden kunnen zijn. Zij zagen ook hierin een beperking van de rechten'van de Staten-Generaal, welke zij bedenkelijk acbtten. Vele leden konden zich er mee vereenigen, indien de regeering van deze tariefmaatregelen gebruik wenscht te makbn om aan het Neder landscbe bedrijfsleven indien noodig trj- delijk steun te verleenen tegen buitenlandsche concurrentie. Zij acbtten zulk een gebruik van het tarief van invoerrechten inderdaad nood zakelijk. Ten slotte verklaarden enkele leden, dat zij zich met het wetsontwerp wel zouden kunnen vereenigen, indien Nederland een corporatieve fascistische staat ware. In dat geval zou de tariefmachtigingswet inderdaad het uitgangs- punt kunnen zijn voor een opbouwende orde ning. Zoolang de regeering echter steunt op de politieke partijen vreesden deze leden wille- keur bij de toepassing van een wet, die een zoo ver strekkende delegatie van bevoegd heden aan de regeering bevat. Zij zouden er daarom de voorkeur aan geven, dat een wets ontwerp werd ingediend, waarin, op grond van een weldoordachte ordening, het tariefs- systeem, waarop de regeering haar politiek wil grondvesten, werd neergelegd. DE REDACT IE VAN DE VESTIGINGSWET. Het vijfde lid van artikel 1 der Vestigings- wet Kleinbedrijf 1937, destijds bij amendement in die wet gebracht, houdt in, dat de met de uitvoering van de wet belaste Minister op voorstel van den Middenstandsraad kan be- palen, dat in een tak van detailhandel, am- bacbt of kleine nijverheid een inrichting, waarin deze tak al dan niet uitsluitend zal worden uitgeoefend, voor zoover die uitoefe- ning betreft, niet zal mogen worden gevestigd zonder zijn toestemming. Het woord „toestem- ming'" kent de wet elders niet en bepaaldelijk ook niet in de voorschriften van artikel 14, welke een sanctie op overtreding van de wet inhouden. Het gevolg hiervan is, dat waar- scbijnlijk overtreding van bet bepaalde in bet in den aanhef dezes genoemde lid als niet strafbaar zal moeten worden beschouwd, het geen uit den aard der zaak de werking van de desbetreffende regeling volkomen en teniet zou doen. Daarom is tbans een wetsontwerp tot wijzi ging van het woord toestemming in vergun- ning ipgediend. VAN ZEELAND AF. Zoo is dan schrijft de N. R. Crt. ge komen, wat men reeds eenige malen waar- scbijnlijk heeft geacht, van Zeeland, de Belgi- scbe miniser-president, beeft zijn ontslag aan den Koning aangeboden. Zijn ministers heb ben zich bij hem aangesloten en zoo staat Bel gie voor een regeeringscrisis op het moment, dat het zich opmaakte gast'vrijbeid te bieden aan de vertegenwoordigers van andere landen voor bun besprekingen over een crisis in een ander deel van de wereld. Ondank is 's werelds loon. En de heer van Zeeland heeft gelijik velen voor hem ondervon- den, dat .dit vooral opgaat ten opzichte van ben, die zich in bet publieke leven wagen. Van Zeeland heeft zijn land eerlijk en met groote toewijding gediend. Hij is de loods geweest, die het schip van staat door moeilijke jaren met succes heeft gestuurd. Men mag over de doel- treffendheid van een ehkelen maatregel eens van meening verschillen, men zal moeten ge- tuigen, dat Van Zeeland met groote onpartij- digheid zijn beleid heeft gevoerd. Hard heeft hij willen strijden voor het tot stand komen van een nationale eenheid, zoowel tusschen de politieke partijen als tusschen de Vlamingen en Walen. Dat hij in die moeilijke opgave niet is kunnen slagen, strekt niet hem tot scbande. Hij kan zich troosten met de gedachte, dat Belgie niet rijp was voor een man van zijn opvattingen, dat bet de grootheid van zijn politiek niet kon of niet wilde begrijpen. Velen waardeeren de dingen slechts, zoolang zij ze niet hebben of zijn kwijtgeraakt. Spoedig mis- scbien zullen zij en het zijn er velen die bij Van Zeeland's heengaan wijzen op alles wat hij niet volbrengen kon en die geen traan storten bij zijn politiek graf, tot het besef komen, wat zij in werkelijkheid hebben ver- loren. Van Zeeland beeft op economiscb gebied voor Belgie goed werk gedaan. Ook zijn bui- tenlandsch beleid, waarin bij kracbtig door den Koning werd ondersteund, verdient alle waar- deering. Maar op bet gebied van de binnen landsche politiek heeft hij gefaald, bij, heeft de bijna diametrale tegenstellingen niet kqtinen overbruggen. Maar die onmacht zouden wij niet op Van Zeeland's rekening willen schuiven. Het was in vele kwesties ook de onderbnge verdeeldheid van de partijen, waarop bij steun- de, die het door hem gewenscbte beleid onmo- gelijk hebben gemaakt. Onderlinge verdeeld heid niet alleen in dien zin, dat de partijen tegenover -elkaar stonden, maar meer nog bin nen de partijen zelf. Want wel heeft het kabinet eensgezind bij Van Zeeland op zijn aanblijven aangedrongen, maar het heeft tijdens zijn minister-presidentschap zeker niet alles verricbt wat mogelijk was om de oor- zaken, die tot dit aftreden hebben geleid, weg te nemen. Zeker, de heer Van Zeeland is niet altijd gelukkig geweest. Dat de Vlaamsche zaak niet tot een oplossing kwam, willen wij niet aan hem toeschrijven. Had bij zijn wil kunnen doorzetten, dan zou de oplossing wel bevredi- gender zijn geweest. Minder gelukkig was zijn hand, toen hij den liberalen partij-voorzitter de Lavelye in zijn kabinet op nam. Deze

Krantenbank Zeeland

Ter Neuzensche Courant. Algemeen Nieuws- en Advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen / Neuzensche Courant ... (idem) / (Algemeen) nieuws en advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen | 1937 | | pagina 1