ALGEMEEN NIEUWS- F.N ADVERTENTIEBLAD VOOR ZEEUWSCH-VLAANDEREN. Eerste Blad. Vampier-Vleugel HEEREN- BAAI F No. 8528. VRIJDAG 16 MEI 1930. 70e Jaargang 7EUILLET0N, BINNENLAND. BUITENLAND. QEMENQDE BERICHT EN," DE VOLKENBOND. door SAX ROHMER. 20-50a ptront TER NEUZEN, 16 MEI 1930. AUTO OVER DEN KOP GESLAGEN. K> TER NEUZENSCHE COURANT ABONNEMENTSPRMS: Binnen Ter Neuzen 1,40 per 3 maanden Buiten Ter Neuzen fr. per post /1,80 per 3 maanden Brj voor uitbetaling fr. per post /6,60 per jaar Voor Belgie en Amerika f 2,25, overige lan den f 2,60 per 3 maanden fr. per post Abonnementen voor het buitenland alleen btj vooruitbetaling. Ultgeefster: FInna P. J. VAN DE SANDE. GIRO 38150 TELEFOON No. 25. ADVERTENTIeN: Van 1 tot 4 regels 0,80 Voor elken regel meer /0,20. Grootere letters en cliches worden naar plaatsruimte berekend. Handelsadvertentien bij regelabonnement te gen verminderd tarief, hetwelk op aanvraag verkrijgbaar is. Inzending van advertentien liefst 66n dag voor de uitgave. DIT BLAD VERSCHIJNT IEDEREN MAA NDAG-, WOENSDAG- en VKIJDAGAVOND. Wanneer wij ons bijwijlen verdiepen in de geschiedenis der menschheid, dan is een der eerste dingen, die ons altijd weer treffen en die ieder zullen moeten treffen, wanneer wat dieper wordt gedolven dan in de gewone schoolliteratuur, dat de menschheid al de eeuwen door heeft verlangd naar vrede, naar den tijd, waarin het lam rustig zal neerliggen naast den leeuw. En toch, hoezeer in ieder individu dat verlangen leefde, toch werd dat ideaal nimmer bereikt en menigeen haalt bij het noemen zelfs alleen van het woord wereld- vrede, ongeloovig, cynisch zelfs, de schouders op, de een omdat hij niet kan gelooven in het goede van den mensch, de ander met verwij- zing naar den zondeval enz. Maar wie niet blind is voor den geweldigen vooruitgang op zoo velerlei geibied, wie niet met alle idealisme heeft afgedaan, die beseft ook het enorme verschil tusschen nu en vroeger, die ziet dat ook op het gebied van de vredesgedachte zich een evolutie voltrekt, die uiteindelijk moet voeren naar het zoo vurig begeerde ideaal. Ja, men verlangde de eeuwen door naar vrede. Maar wie er ook riepen, hetzij de eenvoudige man of vrouw uit het volk, hetzij dichters of diplomaten, vorsten zelfs of ge- leerden, hun woorden en pogingen bleven die van <yjfc:elingen en nimmer trof men een georganiseerde vredesbeweging aan, een be- weging waarvan kracht kon uitgaan. Tot- dat de eerste sporen daarvan merkbaar wer- den, een honderd jaren geleden in Amerika, vanwaar de beweging oversprong naar Enge- land en zoo naar het vaste land van Europa. Ben artikel als dit leent zich niet tot eene uiteenzetting van de verschillende pogingen van enkelingen en vereenigingen. Genoeg zij dat ze tenslotte hebben geleid naar de eerste Vredesconferentie op 18 Mei 1899 in het Huis ten Bosch te 's-Gravenhage, bijeengeroepen op initiatief van den czaar van Rusland. Het wil ons voorkomen, dat men vaak al te umalend over deze conferentie sprak en de groote verdiensten ervan dikwijls ten eenen- male miskent. Al zijn de directe resultaten inderdaad niet groot geweest, al werd ze ge- volgd door den Boerenoorlog, den Russisch- Japanschen oorlog enz. toch is sedert dien tijd de vredesgedachte niet alleen niet verdwenen, maar hebben de gebeurtenissen ertoe geleid, dat krachtiger, veel krachtiger werden: le de vredesbeweging, 2e het besef dat alleen door samenwerking iets kon worden bereikt, 3e het besef van de geweldige ingewikkeldheid der economische betrekkingen tusschen de staten en volken, 4e het besef dat elk gewelddadig verbreken en verstoren dier betrekkingen tot een ramp voor alien moet leiden. En men kreeg er daarnaast duidelijker dan ooit tevo- ren begrip van, dat er tusschen de volkeren evengoed als tusschen de individuen in den- zelfden staat recht moest kunnen worden ge- vonden en gesproken. Het zijn bovenal het groeiend internationalisme, het zich steeds meer ontwikkelende volkenrecht en daarmee en daardoor het groeiend pacifisme, welke na de eerste vredesconferentie van enorme be teekenis zjjn geworden. En toch, nietwaar, kwam de wereldoorlog met zijn onnoemenlijke rampen, misfere, mi nes, zijn millioenen dooden en verminkten, z'n ontzaglijke gevolgen tot in de uiterste hoeken der aarde. Voorzeker, de vredesbeweging en 5) (Vervolg.) sPaul Harley stond op en begon, onder ket verontruste toekijken van den Span- jaard, de kamer op en neer te loopen. Bij de deur naar de hal bleef hij staan en keerde zicjb qm. „Kolonel Menendez," zei hij. ,,Ik kan niet aannemen, dat u den tijd van iemand, die het elken dag druk heeft, moedwillig zou komen verspillen en daarom verzoek ik u dringend, om ons de zaak, waarvoor u hier bent, zoo beknopt mogelijk, maar loch met de details, die u belangrijk toe- lijken, voor te leggen. Als we alles ge- hoord hebben en het lijkt ons, dat we u kunnen helpen door naar Cray's Folly le komen, zullen wij beiden ik geloof wel, dat ik voor mijn vriend kan spre- ken met het meeste genoegen eenigen lijd uw gast zijn". ,,Als ik ook maar eenigszins van dienst kan zijn, kom ik met alle soorten van ge noegen", zei ik en meende elk woord van wat ik zei. Toen Harley me een week geleden ge- vraagd had om met hem mee te gaan, had ik gereedelijk toegestemd, ook al deelde ik zijn hartstocht voor de edele rischsport niet. Maar de mogelijkheid op nieuwe emoties en een onbekend soort avonturen, die Kolonel Menendez ons voorspiegelde. lokten me meer aan dan de luie. werklooze dagen op de Broads, waar Harley zulk een genoegen in schepte. haar aanhangers bleken nog veel te zwak, maar zagen ze na de gruwelijke les aan de menschheid hun pogingen niet bekroond door de oprichting van den Volkenbond Bekroond Ja, voorzeker, want het is onze innige over- tuiging, dat alleen via den Volkenbond de droom van den wereldvrede op den duur een realiteit kan worden. Nog is hij zwak, in vele gevallen machteloos, vaak meer een bond van regeeringen dan van volken. We zullen de laatste zijn om zijn fou- ten en zwakheden te ontkennen, maar dat hij een factor van geweldige beteekenis is voor heel de wereld, voor de gansche menschheid, dat staat vast. Geen superstaat, souvereini- teit uitoefenende over de individueele staten, maar toch met een zich steeds meer ontwik- kelenden invloed op die staten. Deze invloed nu moet sterker, bij voortduring sterker wor den en hij moet tenslotte voeren naar dat, wat de georganiseerde vredesbeweging uitein delijk beoogt: een toestand tusschen de staten onderling, zooals die ook bestaat tusschen de burgers van eenzelfde land, een toestand waarbij recht gaat boven macht. Zooals wij ons in den staat als burger hebben leeren voegen naar de wetten des lands, die ons orde en vrede waarborgen voor hem, die deze orde of dien vrede verbreekt, met straf bedreigen; zooals politie en rechtbank als organen van den staat iederen burger ten dienste staan, die zijn rechten of belangen bedreigt acht, waardoor ruw geweld wordt voorkomen, belet of gestraft, zoo zal ook eenmaal de intersta- telijke toestand zijn. De misdaad van een staat, ook van een sou- vereinen staat, moet als misdaad kunnen wor den gebrandmerkt en gestraft. En het moet uitgesloten zijn, dat geschillen tusschen twee of meer staten alleen maar zouden kunnen worden beslecht door ruw geweld, in den vorm van oorlog. M.a.w. de oorlog moet in de toe- komst uit het leven der staten en volken een- voudig worden verbannen. O.i. kan dit doel het eerst en het best worden bereikt via den Volkenbond, zij het een verbeterden en ver- stevigden Volkenbond, wien organen als het Hof van Arbitrage en het Permanent Hof van Internationale Justitie ten dienste staan en in de toekomst allicht en hopelijk een eigen politiemacht. De Volkenbond moet dus sterk worden ge- maakt, willen we het vredesideaal dienen. En hoe kan deze versterking het best worden ver- kregen? We kunnen niet aannemen, dat al leen diplomaten en hooggeplaatste officieren daarvoor in de eerste plaats in aanmerking komen, tenzij mogelijk.wanneer zij, met an- deren, den vast en luid uitgesproken wil der volken zelf achter zich weten te staan, tegen welken wil ze niet kunnen vermogen of durven in te gaan. Maar... die volkswil uit zich in vrijwel alle landen nog veel te zwak. Dus komen wij tot de conclusie, dat de volken voor den vrede moeten worden opgevoed, dus moet aan de volken klaar en eenvoudig wor den duidelijk gemaakt: le. wat moet worden bereikt, wat het doel is. 2e. hoe resultaat alleen mogelijk is door hun eendrachtigen wil. De Vereeniging voor Volkenbond en Vrede ziet in den datum 18 Mei telken jare een dag, om ook ons volk op ruime schaal het bestaan en de beteekenis van den Volkenbond in her- innering te brengen, een gelegenheid tevens voor het volk om in wijden kring van zijn wil tot den vrede te getuigen. Moge de Ver eeniging haar doel bereiken en opnieuw haar aanhangers met honderden, zoo mogelijk dui- zenden zien toenemen. „Heeren" de Kolonel maakte een diepe bulging ,,ik voel me hoogelijk vereerd en ik ben u ten zeerste dankbaar. Want ik weet wat u besluiten zult, als u mijn verhaal gehoord hebt." Hij ging zitten en begon, bijna automa- tisch, een nieuwe sigaret te rollen. ,,Ik ben een en al aandacht," zei Har ley bij die woorden dwaalde zijn blik, voor de zooveelste maal, naar het voor- werp op het vloeiboek. ,,Ik zal zoo beknopt mogelijk zijn", verklaarde onze bezoeker, ,,de details, die u belangrijk toelijken, kunnen we beter naderhand, als u mijn gasten bent, be- praten... U moet dan weten, dat mijn eerste kennismaking met de beteekenis, die de benaming vampier-vleugel heeft en met "het voorwerp zelf al van een twintig jaar geleden dateert." ,,Ooh kom!" viel Harley hem ongeloo vig in de rede, ,,u wilt toch niet zeggen, dat de bedreiging, waar u het zooeven over gehad heert, al twintig jaar oud is „Op uw eigen speciale verzoek, Mr. Harley", gaf de Kolonel iets kortaf ten antwoord, .begin ik met de mogelijkheden die mij ver gezocht toelijken, omdat, vol- gens u het ver gezochte dikwijls van groot belang blijkt te zijn... Ongeveer twintig jaar geleden dus West-Indie maakte toen op politick gebied een be- wogen tijd door moest ik, ter beharti- ging van mijn eigen belangen, die in het nauwste verband met ae suikercultuur stonden, een bezoek brengen aan een van de kleinere eilanden, die vroeger hoe zeg je dat? onder mijn beheer gestaan hadden. Ik had daar een bezitting... een huis en veel grond en juist daar had ik vroeger, met de inboorlingen, veel onaan- gename ondervindingen opgedaan. ,,Ik verheel u niet, dat ik zeer onpopu- EERSTE KAMER. Aan de orde is de Surinaamsche begrooting. De heer Fock (lib.) zegt, dat de beschik- baarstelling van gelden ten behoeve van Suri- name steeds moeilijker gaat. Spreker beveelt aan de stichting van een inkoopcentrale, be- vordering van de sinaasappel-cultuur en me- chaniseering van den landbouw. De heer De Jong (r.-k.) bepleit volkomen financieele gelijkstelling van het openbaar en het bijzonder onderwrjs in Suriname. Minister De Graaff erkent een reeks teleur- stellingen ten aanzien van Suriname. Aan goe- den wil heeft het de regeering echter niet out broken. De sinaasappel-cultuur heeft niet het ge- wenschte resultaat gehad, daar de afnemers niet steeds ontvingen wat zij bestelden.. De regeering zal doen wat mogelijk is om de economische verbetering te steunen. Spreker erkent het recht van principieele gelijkstelling van openbaar en bijizonder onderwrjs. De begrooting wordt aangenomen zonder hoofdelijke stemming. De Kamer gaat uiteen tot nadere bjjeen- roeping. TWEEDE KAMER. Vergadering van Woensdag. Voortgezet wordt de behandeling van de herziening der Gemeenteiwet. De heer Vliegen (s.-d.) wenscht een alge- meene regeling ten aanzien van de cumulatie der wethouders-pensioenen en andere in- komsten. De heer Wijnkoop (comm.) wijst op mis- bruikej^, die ten deze in de practijk voor komen. Minister Ruys de Beerenbrouek zegt, dat dit punt onder het oog moet worden gezien bij een algemeenere herziening van de Ge- meentewet. Mej. Westerman (lib.) verdedigt een amen- dement am vrouwen benoembaar te maken tot gemeentesecretaris.. De Minister oppert practische bezwaren en beveelt het amendement niet aan. De heer Heemskerk (a.-r.) bestrijdt de spel ling van de feministen, dat man en vrouw in rechten gelijk zouden zijn.. De heer Snoeck Henkemans (c.-h.) acht de vrouw geschikt voor het arnbt van secretaris. Het amendement wordt aangenomen met 51 tegen 29 stemmen. DE LEEUW VINDT NAVOLGERS. De correspondent der N. R. Crt. te Brussel meldt: Verscheidene Brusselsche Ochtendbladell publiceeren een uit Namen komend bericht, dat twee Vlaamsche soldaten aldaar het voor- beeld van den Antwerpschen milicien De Leeuw zouden hebben gevolgd en sedert Zon- dag weigeren aan in de Fransche taal ge- geven bevelen te gehoorzamen. Er zou een ondenzoek zijn geopend door den auditeur- militair, maar totdusver zouden beide weer- spannigen in vrijheid zijn gelaten. Aan het departement van landsverdediging alhier is daarvan echter niets bekend. DE ONTEVREDEN ARABIEREN IN PALESTINA. De Engelsche regeering heeft het den laat- sten trjd schrijft de N. R. Crt. druk met lair was en dat ik, toen ik daar kwam, met uitgesproken vijandigheid werd ontvan- gen... Onder mijn arbeiders heerschte op- standigheid, onwil om te werken. Dat was een van de redenen ik had een verslag van mijn opzichter ontvangen waarom ik besloten had, me persoonlijk van den toestand te komen overtuigen. Ik reisde het eiland af, want het leek me absoluut noodzakelijk om weer eens persoonlijk kennis te maken met de stemming onder de negers, daar ik sinds '98, toen ik na den opstand in Cuba was gaan wonen, alle contact verloren had... U kunt me volgen? Goed, dan ga ik voort. „De opzichter of eigenlijk de rentmees- ter van mijn bezittingen, een intelligente, handige man, was van de opinie, dat er onder de negers een soort van geheime organisatie bestond, die ten doel had... u volgt me? om mijn belangen tegen te werken. Hij staafde die opinie met zekere bewijzen. Volgens mij waren die niet overtuigend genoeg, maar eigen on- derzoekingen navraag doen en het on- dervragen van eenige bewoners lever- den geen betere resultaten op. Maar on- danks dat voelde ik met den dag sterker, dat de man gelijk had en dat ik door vijanden omgeven was." Hij brak zijn verhaal af om zijn derde cigaret op te steken en terwijl ik zijn vlugge bewegingen gadesloeg, riep ik in mijn gedachten een beeld op van zijn ondervragen van eenige bewoners". Ik herinnerde me vaag het een en ander over het Spaansche wanbeheer en de Spaan- sche wreedheden, die toentertijd de in- terventie van de Vereenigde Staten ten gevolgen gehad hadden. Maar al leek het me volkomen begrijpelijk dat het leven van dezen man, vroeger, in ,,de donkere dagen van West-Indie", daar niet veilig conferenties. Op de vlootconferentie volgde die met de Egyptische delegatie en daama heeft zij weer een afvaardiging van Palestijn- sche Arabieren te woord moeten staan, die met allerlei eischen aankwamen. Gisteren is een officieele mededeeling verschenen, waar- uit bljjikt, dat deze Arabieren de kous op den kop hebben gekregen, gelijk trouwens niet anders te venwachten was. Over de geschiedenis van deze Arabische delegatie hebben brieven uit Palestina ons op de hoogte gehouden. Zij is pas na een lang oponthoud kunnen vertrekken, omdat de Ara bieren niet scheutig bleken toen zij een fondsje voor haar reiskostefi bijeen moesten brengen. Maar ten slotte konden de heeren toch naar Londen gaan, om daar hun program voor te leggen. Over hetgeen zij daar geeischt heb ben, zijn nog geen brjzonderheden bekend, maar men wist, dat de Arabische leiders een volksvertegenwoordiging wenschten. Dit wil zegen, dat zij de macht wilden hebben om over de Joodsche minderheid te bazen en de leuze van Balfour dat Palestina tot een Jood sche nationale woonplaats gemaakt diende te worden, te niet te doen. Verder kwamen de Arabieren op voor beperkende bepalingen op den verkoop van land aan de Joden, die het kolonisatieiwerk zouden belemmeren. De Engelsche regeering heeft den Arabieren wijselijk geantwoord, dat hun eischen betref- fende ,,v6r strekkende constitutioneele wijzi- gingen" volkomen onaannemelijk waren, aan- gezien zij anders haar mandaat-verplichtingen niet kon vervullen. Het Engelsche bestuur is den Arabieren in Palestina in vele opzich- ten tegemoet gekomen, zelfs ten koste van dikiwijls van ergerlijke partijdigheid ten na- deele vein de Joden, omdat de Britsche poli- tiek de Mohammedanen in het rijk, vooral in verband met den toestand in Britsch-Indie, te vriend moet houden. Uit dezelfde overweging is zij ook zoo ver mogelijk gegaan in haar concessies aan Egypte. Maar in beide geval len was er een grens aan de toegeeflijkheid. Aan de Joodsche immigratie en kolonisatie in Palestina, die voor het land zulk een zegen is gebleken en den Arabieren zelven zooveel welvaart gebracht heeft, door Arabisch dri ven gesaboteerd werd, zou er een kreet van veroutwaardiging in de heele wereld opgaan en het Britsche prestige gefnuikt worden. De delegatie was uit elementen samenge- steld, die in Palestina geen goeden naam hebben. Tot haar behoorde o.a. de Arabische burgemeester van Jeruzalem, die er tegenover een Fransch correspondent voor uit is geko men, dat hfl verwacht had, dat bij de onlusten van Augustus 20,000 Joden vermoord zouden zijn, waarvan, zeide hij, „zeker politieke ver- anderingen het gevolg zouden geweest zijn". Onder de leiders die beperking van het ver- koopen van land aan de Joden eischen, zijn er velen die vroeger zelven groote uitgestrekt- heden van hun landbezit aan de Joden ver- kocht hebben, en ook dezen waren in de dele gatie vertegenwoordigd. De Arabische beweging in Palestina heeft voor het overige niet zooveel om het ljjf, als haar leiders het voorstellen. Het gros van de Arabieren is nog zeer onontwikkeld en het aantal analfabeten is legio onder hen. Het zou niet aangaan dezen licht door gerweten- looze leiders naar hun land te zetten grooten hoop over de zooveel ontwikkelder Joden te laten heerschen, die van Palestina met groote inspanning, kennis en oeconomisch inzicht een welvarend land beginnen te maken, dat reeds een geheel ander aanzien heeft gekregen dan in de tjjden van het Turksche wanbestuur. Als de Arabische delegatie zich nu beklaagt over de verwerping van haar ,,rechtvaardige eischen" door de Engelsche regeering, weet de beschaafde wereld wat zij van die eischen te denken heeft. geweest was, de gedachte, dat een corn- plot door zijn neger-arbeiders gesmeed, twintig jaar in voorbereiding gebleven kon zijn om ten slotte nu in Engeland tot een uitbarsting te komen, leek me, op zijn zachtst gesproken, nogal ver gezocht. Maar ik onthield me van een opinie-vor- men, daar ik begreep, dat er nog meer moest komen. En werkelijk, toen de Kolo nel zijn cigaret opgestoken had. ging hij voort: ,,In de onmiddellijke nabijheid van mijn Hacienda mijn woonhuis bevond zich een strook malaria-moerasgrond u begrijpt, wat' dat is? een waar broei- nest van allerlei kwaadaardige ziekten. Het lag op den eenen oever van een bijna stilstaand water vol bochten en kronkels. Zoo ver de herinnering reikte, hadden de bewoners van het eiland, blanken zoo- wel als inboorlingen, dit gedeelte, de Zwarte Strook, zooals het genoemd werd, altijd gemeden. Behalve de absolute zekerheid, dat men er malaria op zou doen, liep men groote kans gebeten te worden door de reptielen, waarvan het er wemelde, of een steek te krijgen van een exemplaar van de een of andere kwaad aardige insectsoort, die daar in groote- ren getale en in meer verscheidenheid voorkwamen, dus ergens anders ter wereld. ,,Nu moet ik u eerst zeggen, dat de theorie van mijn opzichter, volgens mij, op een punt zeer zwak stond, en wel op dit: hij was er absoluut van overtuigd, dat de negerarbeiders alle leden waren van een soort vereeniging met een presi dent of een voorganger of zoo iets derge- lijks aan het hoofd, maar het was hem nog nooit gelukt om ze te betrappen als ze vergaderden of een bespreking hid den. En dat terwijl hij vergaderen en ECHTE FRIESCHB (Ingez. Med.) PROV. STATEN. De opening der eerste gewone zitting der Prov. Staten is door Ged. Staten bepaald op Dinsdag 24 Juni, des avonds half acht. Het ligt in de bedoeling om de verslagen der af- deelingen betreffende de vooffetellen te behan- delen op Dinsdag 15 Juli, des morgans 10 uur. BESTRIJDING DER IEPENZIEKTE. Een waarschuwing. Men verzoekt ons van deskundige zijde be- langhebbenden attent te maken op het Kon. besluit van 17 April 1930, Stbl. no. 141, dat bepaalt, dat aan de eigenaren (gebruiksge- rechtigden) van iepenboomen door den minis ter van Binnenlandsche Zaken en Landbouw de verplichting kan worden opgelegd de door hem als stervende of als reeds gestorven aan- gewezen iepen te vellen en de schors on- schadelijk te maken. Deze maatregel is bedoeld ter bestriding van de iepenziekte, die, zooals met groote waarschijnlijkheid is gebleken, door den iepen- spintkever kan worden verspreid. Stervende of reeds gestorven iepeboomen zijn meestal door iepenspintkever aangetast, zoodat het, ter voorkoming van besmetting van gezonde iepen met de ziekte, noodig is, dat deze ke- vers worden vemietigd. Dit geschiedt door het vellen der doode en stervende boomen en door het b.v. door verbrandig onschade- lijk maken van de schors. Daar de spintkever thans spoedig uit de schors te voorschijn zullen komen, is van het grootste belang den hierbedoelden maatregel ten spoedigste uit te voeren. Den eigenaren wordt in hun eigen belang aangeraden niet te wachten, totdat veiling van hooger hand wordt gelast, daar men anders niet ontkomt aan de moeilijkheid, die eene opruiming op zeer korten termijn met zich brengt en die zoo noodig op kosten der overtreders kan worden uitgevoerd. Ten slotte worde in herinnering gebracht, dat gemeenten e. a. lichamen, die onder de Boschwet 1922 vallen, op grond van art. 7, 3e lid, aangifte van voorgenomen vellingen aan den Directeur van het Staatsboschbeheer te Utrecht behooren te doen. KOEWACHT. Dinsdag j.l. vierde het echtpaar P. Kegels- de Block, wonende op St. Andries alhier, hun gouden huwelijksfeest. De buurt had gezorgd dat deze dag niet ongemerkt voorbijging. Vele versieringen waren aangebracht en een prach- tige eereboog opgericht. 's Morgens kwamen de jubilarissen met familie in auto's naar de kerk, waar een H. Mis uit dankbaarheid werd opgedragen. Aan het veer WillemstadNumansdorp is de auto van den heer W. E. uit Klaanwaal vermoedelijk door te groote snelheid, in de bocht over den kop geslagen. Twee van de samenscholen verboden had. Ik wees hem op de zwakke plek in zijn redeneering en kreeg n merkwaardig antwoord. Hij be- weerde, dat de leden van die geheimzinni- ge vereeniging vergaderden en de noodige of onnoodige instructies kregen op een plek ergens in de strook moerasgrond, waar ze zich voor elken overval, van blanken o'f kleurlingen, veilig waanden. ..Weken lang bestreed ik de opinie van Valera de naam van mijn opzichter was Valera maar op een avond, toen ik van een inspectierit door de aanplan- tingen om het huis terugkwam en juist af wilde stijgen, werd er uit die moeras- strook, die op een punt tot betrekkelijk vlak bij het huis kwam, een schot gelost. ,,Dat schot was het werk van een goed schutter. Ik was met mijn linkerspoor in den stijgbeugel blijven haken en had me onverwacht voorovergebogen, anders was ik op dat oogenblik dood geweest. De kogel doorboorde den bol van mijn hoed, misschien een vingerdikte boven mijn hoofd. Nu wisten we zeker, dat er onraad was. We besloten op onderzoek uit te gaan, maar het lukte ons niet, om een voldoend aantal mannen te vinden, die genegen u noemt het toch genegen niet? die genegen waren om de ge- vaarlijke strook af te zoeken. Maar voor Valera was het het bewijs, dat hij met zijn zienswijze gelijk gehad had, dat er wer kelijk negers op het eiland waren die niet aarzelden op het eiland de Zwarte Strook in te gaan, de Zwarte Strook, die de repu- tatie genoot, dat zij 's avonds en 's nachts dampen uitwasemde, die voor de gezond- heid van een mensch fataal waren. (Wordt vervolgd.)

Krantenbank Zeeland

Ter Neuzensche Courant / Neuzensche Courant / (Algemeen) nieuws en advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen | 1930 | | pagina 1