ALGE1DIEEN N1EUW8- EN ADVERTENT1EBLAD VOOR ZEEUWSCH-VLAANPEREN. No. 8413 Vrijdag 18 Augustus 1929 69e Jaargang Eerste Blad. Mannelijk Christendom. oxx gesn, FEUILLETON, BINNENLAND. BUITXVLAVD. TER NEUZENSCHE COURANT it O -'I kl kl ru U TS D D II C< Binnen Ter Neuzen f 1,40 per 3 maanden Buiten Ter Neuzen fr. per post f 1,80 per 3 maanden Bij vooruitbetaling fr. per post 6,60 per jaar ADUNNtrntn I w in IJ O, Voor Belgie en Amerika f 2,25, overige landen f 2,60 per 3 maanden fr. per post A'bonnementen voor het buitenland alleen bij vooruitbetaling. Dit blad verschjjnt iederen Maandaa-, Woensdaq- en Vrijdagavond. II. Ik herhaal nop even die paar woord- jes, maarmee ik aan het slot van mijn vorig artikel den naaim ,,Vrouwelijk Christendom" trachtte te verdedigen. Prof. Van Rhijn zei, hoe gesteld werd „de vraag naar de verhoudinq van het vrouwelijke en het mannelijke in het Christendom". Dus het vrouwelijke is hier en heeft hier een plaats en 'n zeer machtige beteekenis. Het zal dus ook niet aangaan, niet noodig zijn, niet moqen zelfs om te trachten dit vrouwelijke weq te nemen, of... te bestrijden. En nu kan Lk mij verqissen, maar ik heb bij mijzelf qedacht: Zou het karak- teristiek-vrouwelijke in het Christendom niet zijn datqene, wat wij vanhuis uit (en dan mogelijk speciaal van onze moeder hebben meeqekreqen Daar zijn toch enkele specifiek Christelijke dinqen, die ik gerust zou durven plaatsen aan de vrou welijke zijde van het Christendom, Zooals er ook in den Heiland zelf onmiskenbaar vrouwelijke trekken zijn. Ik denk aan die dinqen, die Van Rhijn reeds noemde van Schapenhauer dat medelijden met de lijdenden, dat liever onrecht dragen dan wreken; ik zou ook haast wel durven zeg- gen alles wat samenhangt met de ver- zoening. En dit alles is "immers in ons Christendom onmisbaar. Wie dat er uit weq zou willen nemen, ontzielt het Chris tendom. Maq ik het wat paradonaal zeg- qen, dan zou ik het zoo kunnen uitdruk- ken Wie uit het Christendom deze meer vrouwelijke trekken zou willen wegsnij- den, ontmant het. Daarom zullen wij Kohlbrugge voor een deel gelijk moeten geven. Het vrouwelijke is in het Chris tendom van zeer diepe beteekenis. Het is onmisbaar, het heeft alles-beheerschenden zin. Onze moeder was voor velen onzer de eerste, ook door haar geloof. Ik denk, dat het bij velen onzer zoo zal zijn: onze moeder was voor ons de eerste, die ons bij het geloof en misschien wel tot het geloof en in het geloof bracht. Timotheiis had een vrome moeder en 'n vrome groot- moeder. En al deze lieden hebben het vrouwelijke in het Christendom aanvaard, ja: het vrouwelijke in en van het Chris tendom was juist het eerste wat hen boeide en trok. Maar het qevaar is hier: de eenzijdigheid. Laat ik het dus nog eens mogen zeggen: wij nemen van dit meer vrouwelijke in het Christendom geen afscheid, wij willen niet trachten er van af te komen, wij willen het ook niet zien of beschouwen als een soort door- gangsstadium. Neen, wij nemen deze din- gen, die wij reeds noemden, als kenmer ken, als onmisbare kenmerken. In vind een van de belangrijikste, maar teqelijk een van de moeilijkste vragen, die ons moeten bezighouden, de vraaq naar het wezen van het Christendom. Een 2030tal jaren qeleden stond deze vraag in het centrum van de belangstel- ling. We lazen toen allemaal het boekje van Prof. Harnack over ,,Wesen des Ghristentums" zijn uitqave is van 1902 en later kwamen de bestrijders los. Het merkwaardigste in Harnacks boek en beschouwingen vond ik haast wel dit en dat was teqelijk ook het zwakke punt, dat Jezus in het Christen dom, in zijn eigen Christendom, althans volgens Harnack dan, zoo qoed als qeen plaats had. Dit was natuuriijik verkeerd, en dat hebben velen ook wel inqezien. Daartegen qinq dan ook het sterkste ver- zet. Wanneer wij echter den Heiland een plaats geven in het hart van het Christen dom het is eiqenlijk dwaas, dat dit nog dient te worden qezeqd dan krijgt het vrouwelijke in het Christendom zijn voile pond. Die kanten, die ik reeds enkele ma- len noemde, komen dan zeker tot hun recht: medelijden, dulden, kortom: liefde. Dit is mijn qebod, dat gij elkander lief- hebt, sprak de Meester. En Hij sprakmeer dan dat, maar 't was alles wel haast vrou- welijk. Is er bij en naast dit alles nog wel plaats voor iets kenmerkend mannelijks? qen had. ik het er maar niet bij moeten laten, zoodat het meer dan voldoende was om u en mijzelf toe te roepen: Houdt u aan 's Meesters geboden, doet wat Hij zegt, leest dat en erkent dat als het ware, en zoo gij deze dingen weet zalig zijt gij, zoo gij dezelve doet! III. i Mannelijk. Ik kom dan nu tot mijn derde punt. We hebben het onzijdig Christendom qezien, 1 en we hebben gevoeld: dat was het niet. Wij hebben stilgestaan bij het vrouwelijk Christendom en erkend: zonder dat kan het niet. Maar is er nu ook nog manne- lijk Christendom? Laat ik beginnen met te zeggen, wat gij toch reeds wel wist: de uitdrukkig is niet van ons en wordt door mij niet aan de markt gebracht. Vooreerst wil ik u zeggen, dat er een tekst is, die het zegt. In i Cor. 16 13 lees ik: ,,Waakt, staat in het geloof, houdt u 1 mannelijk, zijt sterk". En mijn tweede bron is die rede, die ik al noemde, van Professor Van Rhijn. Daar lees ik bv. op i biz. 11 (de rede is in druk verschenen bij de Hollandia Drukkerij te Baarn in 1922 onder den titel „Hedendaagsche Ortho- doxie"): ,,dat de Christelijke kerk in den chaos van dezen tijd alleen dan teqen de vloedgolf der verwording zal zijn opge- wassen, wanneer zij met een heroiek en mannelijk Christendom voor den dag komt". Dr. Van Rhijn hield die rede voor predikanten, en dezen hebben toen vrij harde noten te kraken gekregen. Maar het mag wel evenzeer aan ieder, die dit leest, worden gevraagd: Trekken wij al genoeg aan en sfooten wij nog niet te veel af? Willen wij werkelijk mannelijk Chris tendom, dan zullen wij goed doen enkele dingen speciaal in acht te nemen en ik neem nu ongeveer dezelfde punten als Van Rhijn, al zeg ik het nu al weer 6 j jaar later, natuurlijk toch weer heel anders. Het eerste wat noodig is, is dit: dat wij moedig en welbewust ons oog op de toe komst richten. Ik wil u eerlijik erkennen, dat elke bakkerswagen, die mij in de stad mijner inwoning passeert met den naam ,,De Toekomst" er op, mij even pijn doet. Niet omdat die Codperatie samenhangt met een bepaalde partij. en ook niet om dat brood, want dat is heel goed, maar omdat deze menschen beslaq hebben qe- f Uit het Enqelsch door E. PHILLIPS OPPENHEIM. o 46) (Vervolq.) ,,Eerst naar Newmarket, mevrouw vroeq Bliss, terwijl hij de koppelinq liet inkomen. .Ja", antwoordde ze onqeduldig. ,t Was een uur na middernaoht, toen ze eindelijk Newmarket bereikten. Bliss loosde een zucht van verlichting. Hij had een langen dag achter den rug en de wa- gen lag niet gemakkelijk in de hand. Newmarket, mevrouw", zeide hij vol- daan. „We moeten nog verder, naar Swaff- ham", klonk het kortaf. 't Was een donkere, onstuimige nacht, de luchit was zwaar, loodqrijstelkens joeg een netwerk van nog lager hangende lets lichter getinte wolken over hun hoof- den heen. Gedurende de laatste twee uren had het met tusschenpoozen gere- gend, zoodat de weg hier en daar heel sterk zoog. Om Swaffham te bereiken, moesten ze nog vijf-en-dertig kilometer rijden en dat langs een weg, dien Bliss in 't geheel niet kende. Bliss booq zich iets meer over zijn stuur heen. ,,Naar Swaffham, mevrouw Heel goed." •Voor het eerst sinds ze Londen achter zich hadden liggen, keek de vrouw hem aan. ,,Denk je, dat je zoo lang wakker zult kunnen blijven?" Laten we hopen van wel," antwoord de Bliss. „Het zou er anders voor ons allebei raar uitzien." „Heb je voldoenden voorraad benzine en smeerolie ,,Ik geloof 't wel, maar 't zal erom hou- den". Gedurende de volgende drie of vier kilometer werd er geen woord gewisseld, maar toen keerde ze zich plotseling weer tot hem en vroeg ongeduldig ,,Kan je niet wat sneller rijden?" ,,Ja, dat zou ik wel kunnen doen," gaf j Bliss toe, ,,maar met 't oog op den weq is het beter van niet." ,,'t Komt er geen zier op aan of 't beter is of niet," antwoordde ze driftig. ,,Ik wil per se hebben dat je sneller rijdt." Bliss gaif geen antwoord. Ze waren nu de laatste huizen van Newmarket voor- bij en reden door een bijna volslagen duisternis. ,,Heb je niet gehoord, wat ik qezegd heb?" vroeg ze gebiedend. Hardneikkig hield Bliss zijn oogen op den weg voor hem uit gericht. Sneller rijden zou op dit soort wegen gevaarlijk zijn", antwoorde hij toen, ,,en u zoudt me een groot genoegen doen als u niet tegen me wilde spreken. In elk geval ben ik verantwoordelijk voor de auto en oppassen voor slippen is de bood- schap." i ,,Stop eens even," zeide ze bevelend. Zonder zich te haasten gehoorzaamde Bliss. Ze sloeg haar dichten autosluier terug, ging wat rechterop zitten en keek haar metgezel aan. Tot zijn groote ver- bazing keek Bliss in een qelaat, dat bui- tengewoon mooi was, ondanks den onte- vreden trek om den mond en de spook- achtig bleeke tint, welke door den weer- schijn van de sterike electrische lampen op den weg veroorzaakt werd. Gedurende legd op dat woord, op dien naam en nu den schijn wekken, alsoif zij een zeker I prerogatief hebben op de Toekomst. Hebben wij, Christenen, de toekomst niet al te veel en al te vaak uit het oog ver- loren? Gelooven wij het nog heusch, dat de toekomst aan ons is, of laat ik het bij- belscher zeggen: dat Zijns, dat is Godes, is het Koninkrijk? Een Christen, zei Van j Rhijn, staat niet met den rug naar de toe- komst gekeerd, maar met den rug naar het verieden. Wie de hand aan den ploeg slaat en omziet, is ongeschikt voor het Koninkrijk Gods, zei Jezus. En wie in het stadion loopt wij vertalen dan: loop- baan, maar er staat: stadion wie in het stadion loopt, strekt zich uit naar hetqeen S voor is, vergetend wat achter hem ligt. De Chineesche cultuur heeft al haar idea- len in het verieden. Er zijn onder ons heel wat Chineezen. Bij de Indische levensvisie voltrekt het leven zich in een kringloop en buiten het leven en buiten j de historie ligt daar de onbepaalde on- eindigheid, waar vrijheid heerscht en vrede. Jezus heeft ons geleerd het woordvoorwaarts. Mannelijk, waar Christendom is godsdienst van de toe komst. Wij willen vooruit. Een tweede kenmerk van mannelijk j Christendom is: luisteren naar wat God j bezig is te doen. Wij moeten letten op j Gods werken. Er staat in een van de Psalmen zoo mooi: 'k Zal aandachtig op Uw werken en derzelver uitkomst wer ken. En daarom: wij moeten onze oogen wij d open doen en onze ooren te luisteren leggen. Dan zullen wij hooren wat God gebiedt. Ook dat is mannen-werk. Ook dat hoort bij mannelijk Christendom! En dan en dat in de derde plaats, I en dan noem ik maar niets meer, want j dan hebben mijn lezers al meer dan ge noeg opgekregen: volgen, gehoorzaam volaen, precies doen wat de Heer zegt. Dit kunnen wij niet nauw genoeg nemen, wij kunnen hierbij niet precies genoeg zijn. Laat ik dit nog mogen zeggen: wij gaan zoo graag ons eigen weq. Wij heb ben altijd weer een amendementje. En dat zouden wij wel graag ook doen tegen- over God. Miaar dat mag niet. 't Komt hier aan op onvoorwaardelijke overgave en op een gehoorzaam volgen. Zoo maar zoo alleen komen wij boven de on- zijdigheid uit, worden wij gesteund en gesterkt door wat 't vrouwelijke in het Christendom ons gaf en geven blijft en worden wij mannen, echte mannen. Bismarck heeft eens gezegd: ,,Wie qe- looft, heeft alleen maar te luisteren of God voorbijgaat. Gaat Hij voorbij. dan moet men den uitersten zoom van Zijn kleed trachten te grijpen en zich laten meevoe- ren". Dat zijn echte kenmerken van man nelijk Christendom, en dat leidt tot de zege. ALASTRIM. De Gemeentelijke Geneeskundige Dienst te Rotterdam meldt: In de week van 6 tot en met 12 Augustus deden zich 24 nieuwe gevallen van alastrim voor in de stad. Hiervan waren er 14 in reeds te voren besmette gezinnen, terwijl in 8 tevoren niet besmette gezinnen 10 gevallen voorkwamen. Volgens mededeeling van den geneesheer- eenige minuten bleef ze Bliss strak aan- kijken. ,,Hoe lang is u chauffeur geweest?" vroeg ze toen. ,,In mijn tegenwoordige betrekking van het oogenblik af, dat u me de garage zaq binnenkomen," antwoordde Bliss. ,,Ze hebben u dus maar tijdelijk aange- nornen, omdat ze iemand voor mij noodig hadden." ,,Ja," stemde Bliss toe. ,,Maar ze ken- den me wel, want ik ben een tijdje qele den ook bij hen in betrekking geweest, ze hebben mij toen mijn ontslag gegeven." Ze begon te lachen. ,,Wat was de oorzaak Gebrek aan manieren ,,Neen, gebrek aan verstandiq oordeel." Ze knikte. ,,Dat geloof ik graag," antwoordde ze eenigszins uitdagend. ,,U heeft van beide niet te veel. U kunt nu wel weer door- rijden, ik wou u alleen maar eens goed zien. U bent namelijk de eerste man, die sinds een heel langen tijd zoo tegen mij heeft durven optreden. En als het u in- teresseert dan kan ik u nu wel vertellen, dat we niet eens naar Swaffham gaan. Het doel van onzen tocht is hier vlakbij." Zonder een woord te spreken volgde Bliss haar instructies op. Na een paar kilometer kwamen ze met een vrij sterke helling op een soort plateau, waarover de weg zich afteekende als een volkomen rechte, iets lichtende streep. Aan weerszijden van het plateau was het land vlak, voor het grootste gedeelte hei, behalve op een plek aan hun rech- terhand, waar een groote, zwarte vlek op de aanwezigheid van boomen wees. ..Kalm wat," beval ze. Bliss gehoorzaamde. „Stop nu." Op een paar meter afstand van de plaats, welke ze had aangewezen, hield de auto stil. De jonge vrouw stond op. directeur van het ziekenhuis aan den Cool- singel zijn er in deze periode 21 zusters, 1 dienstbode en 10 kinderen in genoemd zieken huis ziek geworden. In het hulpziekenhuis a. d. Hildegardisstraat bevinden zich thans 11 zieken. De ziekte breidt zich in de stad uit ook buiten Spangen, waar evenwel nog de meeste gevallen voorkomen. Men zij dus gewaarschuwd en late zich inenten of herinenten. Van andere zijde meldt men nog aan de N. R. Crt.: De tweede „uitbarsting" van alastrim sohijnt toch nog heviger aan te zijn gekomen dan men aanvankelijk had gehoopt en ook uit officdeuse mededeelingen vielop te maken, dat zij zou geschieden. Uit het communique van den gemeentelijken geneeskundigen dienst blijkt reeds, dat in de periode van nog geen week na het vorige communique meer nieuwe gevallen zijn voorgekomen dan in de geheele periode daarvoor. De ziekte beperkt zich niet meer tot een bepaald stadsgedeelte Spangen maar heeft zich ook in een ander stadsdeel het Noorden genesteld. Wij vememen, dat. alleen Dinsdag nog weer zeven nieuwe patienten, meest uit het Noordelijk stadsdeel, in het ziekenhuis aan den Cool- singel ter verpleging zijn opgenomen. De toestand wordt dan ook momenteel lang niet meer zoo onschuldig opgevat als aanvankelijk het geval was. De leiders van den genees kundigen dienst hebben in een zeer langdurige conferentie de vraag overwogen of aan de gemeentelijke autoriteiten niet het advies moest worden gegeven de scholen voorloopig gesloten te houden. Men is naar wij ver- nemen van dezen maatregel teruggekomen, op grond van het feit, dat de ziekte in Enge- land maanden achtereen stand heeft gehou- den en men toch moeilijk eventueel zoo lan gen tijd de scholen gesloten kon houden. In de komende dagen zal echter blijken, of men veiligheidshalve toch niet tot dien maatregel zal moeten overgaan, zij het dan dat deze meer voorloopig is. DIPLOMATIEKE ZAKEN. Jhr. Mr. E. F. M. J. Michiels van Verduij- nen, buitengewoon gezant en gevolmachtigd Minister, die in 1927 tijdelijk aan het depar- tement van buitenlandsche zaken verbonden werd en daar belast was met de leiding van de afdeeling diplomatieke zaken, is op zijn verzoek weer in disponibiliteit gesteld. Als zijn opvolger als chef der genoemde afdeeling is, onder benoeming tot administra- teur, aangewezen de referendaris Mr. E. N. van Kleffens, sous-chef der afdeeling. DE LUCHTDIENST NAAR INDIe. Op 12 September a.s. opent de Kon. Ned. Luchtvaatmaatschappij haar geregelden vlieg- dienst op Nederlandsch-Indie. Het is een veer- tiendaagsche dienst, alleen de beide eerste vliegtuigen vertrekken met 'n week tusschen- ruimte. DE BEVOLKING VAN BELGIe. De officieele statistiek der bevolking van het koninkrijk Belgie op 31 Dec. 1928 wijst op een aangroei, sedert het vorige jaar, met 63.481 zielen. Voor de provincie Antwerpen valt een toeneming met 20.648 inwoners waar te nemen; voor Brabant bedraagt de aangroei 18.656, voor Limburg 7404, voor West-Vlaan- deren 7831, voor Luik 3990, voor Oost-Vlaan- deren 5571. In de provincie Henegouwen ging de bevolking met 331 zielen achteruit, in Lu xemburg met 177 en in Namen met 80. ,,U moet hier op me wachten," zeide ze kortaf. Bliss keek haar met de grootste verba- zing aan. Aan de linkerzijde van den weg lag de mist als een ondoordringbare sluier over het land heen, aan de rechterzijde zag men niets dan de zwarte, ondoor dringbare schaduw van de eentonigdrui- pende boomen. Aan niets was te zien, dat er ergens een woning in de buurt was. Eerst kon hij ziju metgezellin nog volgen, toen ze dwars den weg overstak, daarna leek het wel, alsof de duisternis aan den rechterkant van den weg haar plotseling opgenomen had. Even daarna hoorde hij echter in de doodsche stilte om hem heen, het voorzichtig openen van een hek, ge- volgd door het bijna onhoorbaar terugval- len van de klink. Toen begreep hij, dat er achter deze bijna ondoordringbare haag van boomen ergens een huis moest liggen. Hij zette zijn ontsteking af en zette zich gemakkelijk in een hoekje van zijn zit- plaats. De lampen waren aan en hij be- vond zich aan den goeden kant van den weg. Toen hij vijf minuten zoo zat, voelde hij niet meer de minste nieuwsgierigheid, al leen een overweldigende behoefte om te slapen. HJij had een gevoel, alsof zijn oogen hem in 't hoofd brandden. Lanq- zamerhand kwam hij onder den invloed van de rustige omgeving en het eentonige qesuis van den wind door de takken, en net duurde niet lang of hij sliep. HOOFDSTUK XX. .Plotseling schrok hij wakker door het felle schijnsel van een electrische zaklan- taarn vlak in zijn oogen. Met een half onderdrukte verwensching ging hij recht- op zitten en trachtte, tegen het schelle licht in, den eigenaar van de zaklantaarn te onderscheiden. Naast de auto stond Geboren werden in 1928 145.953 kinderen, waaronder 74.530 jongens en 71.423 meisjes. Sterfgevallen waren er 102.270, waarvan 52.424 mannen en 49.846 vrouwen. De 5 grootste steden van het land zijn: Ant werpen 300.115 inwoners, Brussel 211.046, Luik 169.566, Gent 162.027 en Schaarbeek 115.839. Andere groote steden en gemeenten zijn nog: Elsene 87.101, St. Jans Molenbeek 67.319, An- derlecht 75.824, Etterbeek 43.891, St. Gillis 65.128, Vorst 37.639, St. Joost-ten-Oode 30.620, Ukkel 41.159, alle gemeenten die deel uitma- ken van de Brusselsche agglomeratie; Meche- len 60.440, Brugge 51.527, Oostende 44.241, Aalst 37.380, St. Nikolaas-Waas 37.329, Door- nik 35.972, Verviers 41.578, Kortrijk 38.433, Namen 30.570, enz. DRIJVENDE VLIEGVELDEN. Reuter meldt uit New York, dat de Ameri- kaansche regeering besloten heeft weldra te beginnen met de constructie en aanleg van een serie drijvende landingsterreinen voor vlieg tuigen tusschen de Amerikaansche kust en de Bermuda-eilanden en vervolgens tusschen die eilanden en de Europeesche kust. Men is reeds begonnen met de constructie van de enorme ankerkabels die de drijvende vliegvelden op den Oceaan zullen vasthouden. GEVECHT IN EEN GEMEENTERAAD. Een vinnige vechtpartij had Dinsdag in de zitting van den gemeenteraad te New-Orleans plaats naar aanleiding van de aanbieding door een arbeiderscommissie van een door duizend burgers geteekende petitie, verzoekende om een verordening, waarbij het gebruik van autobussen gedurende de tramstaking wordt verboden, in te trekken. Het gevecht ontstond over opmerkingen, gericht tot een politieagent, die een werkzaam aandeel nam bij het onder- drukken van de jongste ongeregeldheden, die het gevolg waren van de staking. De politie agent loste verscheidene schoten, toen de wan- orde op haar hoogtepunt was, waarbij een toeschouwer in den voet werd getroffen. Le- den van den raad werden in het handgemeen betrokken en verscheidene hunner werden door de arbeidersafgevaardigden tegen den grond geslagen. De politie, die werd gerekwi- reerd, herstelde de orde met behulp van traan- gasbommen. DE DRANKSMOKKELARIJ EN CANADA. Op de conferentie inzake het smokkelen van alcoholhoudende dranken van Canada naar de Vereen. Staten, heeft men er den nadruk opge- legd dat Canada geen groote sympathie heeft voor de smokkelaars, doch de Canadeesche re geering heeft er reeds eerder op gewezen dat een doeltreffende controle op de uitvoering van de drankverbodsbepalingen, van Canada een grootere uitgave zou vorderen, dan de Cana deesche regeering of het Canadeesche volk be- reid zijn te doen ten gerieve van hun rijken buurman, te minder daar Canada nog zware oorlogsschulden te betalen heeft. DE HAAGSCHE CONFERENTIE. Voor zoover uit de eerste berichten nopens de vergadering van de financieele commissie van Woensdag viel op te maken, bestaat er reden den toestand niet al te pessimistisch meer in te zien. Wel is er nog geen vergeHjk gevonden tusschen de Engelsche eischen en het standpunt van de meerderheid, doch men blijft in tegemoetkomenden geest naar een dusdanig vergelijk zoeken en zet intusschen het zakelijk deel der werkzaamheden, die met de invoering van het plan Young verbonden zijn, voort. Dat beteekent, dat men beiderzijds er op rekent, dat ten slotte het plan toch, zij het dan met misschien enkele zakelijke wijzigingen tot stand zal komen, dat men dus de kans op een goeden afloop grooter acht dan die op een mislukking. In afwachting dat er wat meer teekening in de financieele zijde van de zaak zal komen, markeeren de politieke onderhan- delaars den pas. een man, tegen wien hij, zelfs in de eerste half suffe oogenblikken na zijn plotseling ontwaken, een heviqe antipathie opvatte. Het was een korte, gedrongen man, met een rond, g-ladgeschoren gezicht en kleine, ongunstige oogen. Ondanks het late uur was hij nog in een vollediq rij-costuum gekleed. Zijn geheele voorkomen had trouwens iets, dat Bliss onmiddellijk aan paarden en wedrennen deed denken. In zijn eene hand had hij een groot glas, ge~ vuJd met whisky-soda. ,,He, word wakker jongmensch", zeide hij met een eenigszins schorre stem, ,,'t is om rheumatiek op den hals te halen, dat slapen buiten met dit vochtiqe weer." „Is dat voor mij vroeg Bliss, terwijl hij zijn hand naar het glas uitstak. ,,Ja, whisky-soda", antwoordde de man. ,,Aan je uiterlijk zou men zeggen, dat het je goed zou doen." Bliss dronk het glas voor meer dan de helft leeg en ging toen wat rechterop zitten. ,,En... de jonge dame, die ik hier naar toe heb gebracht?" „Die blijft vannacht hier," zeide de man. ,,Ik moet je dit geven," ging hij voort, terwijl hij een sovereign uit zijn zak haalde, ,,en ik moest je zegqen, dat je naar Crawley moest gaan dat is on geveer vijftien kilometer hiervandaan, dien kant op en dat je daar logies moest nemen in ,,the Bull's Head". ,,En verder?" „Morgenmiddag of liever vanmid- dag zal je haar dan wel zien verschij- nen. Haar broer zal haar hoogstwaar- schijnlijk wel brengen.' „Woont haar broer dan hier?" pro- beerde Bliss te weten te komen. „Ja," antwoordde de ander. Ofschoon ik niet vind, dat het jou iets aangaat." (Wordt vervolgd.)

Krantenbank Zeeland

Ter Neuzensche Courant. Algemeen Nieuws- en Advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen / Neuzensche Courant ... (idem) / (Algemeen) nieuws en advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen | 1929 | | pagina 1