it I 11 gy» Ml ALGEMEEN NIEUWS- EN ADVERTENTIEBLAD VOOR ZEEUWSCH-VLAANDEREN. NT o 7382 Maandag 27 November 1922. 70e Jaargang, Ill iwtf gup m 89 k m 0 tm Still v%il II IS feafer ,#*1 EST IQQBLQf TIE &S2SZM. i N NEW LAND. FETTILLETON. ■jmsmeaamii^ -«i^ht^«wHBrsKBuamaaaa!ia«: •.■.msmeseujmamxc. -am-an: ;.'y :,va. i-n'i1 ttmhit "-nr-inni Ti-mv- -rn-t n ~r iarr «irT-grrnr»?ii- rmMi-wmi mm i1 n n mm ir)miiii»iii»r^iiitT»Triiiir-rrTm--"-nni-fr*i--,-Tn— TWEEDE KAMER. Vergadtring van Vrijdag. De motie-Staalman inzake herzienhig van de Tabakswet wordt verworpen met 47 tegen 25 stemnien (rechts tegen links.) Voortgegaan wordt met de behandeiing van de begrooting van Justitie. De heer Dresselhuys (V. B.) dringt ajun op het spoedig in gebruik neinen van eeu opleidingsscliip voor rijksopvoedelingen. De heer Buiten (r#-k.) wenscht, dat be- doeld schip vooral een bpvoediitgssdiip zal zijn. De heer H.ugenholtz (s.-d.) meent, dat de minister te scherp bezuinigit op het rijkstucht- en opvoedingswezen, en vreest dat te veef aan het particulier: initiate!' zal worden overgelaten. De heer Schokking (c.-h.) betoogt het nut van samemverking tusschen rijk en parti culieren. E>e heer Rutgers ^a.-r.) wijst op dc beteekenis van het particulier initiiatief. Minister Heemskerk meent, dat het op- teidingsschip wel aan de verwachtingen zaf beantwoorden. De rijksopvoeding zal niet kunnen warden gemist, ook at is het particulier initiatief hoogst aanbeve- fenswaardig. AANBIED1NG VAN HET SCHILDER1J VAN HET MINISTERIE CORT VAN DER LINDEN AAN DE TWEEDE KAMER. Vrijdagmorgen had in de kunstzaal h'ley- kamp de aanbieding plaats van het schil derij F. van der Hem, voorstellend het Ministerie Cort van der Linden 191*9, in Minsterraad vereenigd: Zooals bekend is, heeft de heer Broese van Groenau, gedreven door zijn bewonde- ring, die hij koesterde voor het kabinet, dat in de moeilijkste oorlogsjaren aan het be- wind was, de leden, die hierin zitting na- men, laten vereeuwigen. De schilder, die deze opdracht op zich heeft genomen, stond ongetwijfeld voor een moeilijke taak. De tijden van de regen- tenstukken liggen ver achter ons en schil- derijen van dergelijke afmetingen komen niet meer voor. Wij kunnen echter niet anders dan onze bewondering uitspreken. over de wijze, waarop de heer Van der Hem zich van zijn taak heeft gekweten. Zoowel van compositie als van kleur, Iijkt het ons bijzonder geslaagd. Men had voor deze plechtige aanbieding talrijke invitaties ge- daan. Van het Ministerie-Cort van der Linden was de vroegere premier zelf met zijn familie aanwezig. Voorts de Ministers Lely, Rambonnet, en Ort met familie. Ver- der den president en de griffier der Tweede Kamer, een aantal van haar leden, de vice- president van den Raad van State en tal rijke leden van dit lichaam. Een dochter van den heer Broese van Groenau heette op helderen toon namens haar vader de aanwezigen welkom, hen dankend, dat zij aan de uitnoodiging ge- hoor gaven om tegenwoordig te zijn bij de aanbieding van het schilderij aan het Ne- derlandsche volk, hier vertegenwoordigd door den president en de leden van de Tweede Kamer, het lichaam, dat op de meest directe wijze door het volk wordt verkozen. Zij zeide verder, hoe het gevoel van dankbaarheid jegens de leidslieden die in een tijd van oplaaiende hartstochten de hoofden koel wist te houden, waardoor de weg en de middelen werden gevonden om Nederland buiten de oorlogsellende te hou den, hem genoopt had het initiatief te ne- men tot het huldigen van onze toenmalige Ministers. Hij vatte dit plan reeds op in 1915 er zocht verscheidene burgers aan, zich mc hem te vereenigen, doch ontving toen het 36) Laten we hem nagaan, zei de procureur met gedempte stem. Gevolgd door de beide andere heeren ging hij, achter Romain, de trap af. Wat dcnkt ge van hem, Bovey? vroeg een hunner. Ik denk dat als hij schul'digv is, hij eeu geniaaf komediant zou zijn, ant- woordde de procureur. En gij, Guinaud? wendde de rechter zich tot den geheimen politie-agent, die ook gevolgd was. Dat hij zoo stevig in zijn schoenen staat, mijnheer, dat hij nooit zaf beken- nen. Onbeschrijfelijk was de indr.uk, dien de verschijning in de doodenkamer op Ro main inaakte. Hij bleef echter niet bij de deur staan, ondtr den indruk van hevige ontzietting, zooals Lenore gedaan had, doch hij snelde op het bed toe, waarop het lijk van Narjac lag en voor de met bloed bevlekte legerstede neerknieiend, riep hij smartelijk uit: Alexandre, mijn vriend, mijn broe- der! Arm sfachtoffer, arme martelaar! Hij moet onschuldig z;ijn, zieiden de oogen van den procureur tot den rechter van instructie. Tenzij hij een volleerde acteur is, zooals gij zooeven verondcrsteldet, ant- woordden de oogen van den rechter. Guibaud, de geheime politie-agent, deed met zijn geironste wenkbrauwcn denken antwcord, dat het voorbarig was, otn reeds te juichen, waar het volstrekt niet zeker was, of wij toch niet in den oorlog betrok- ken zouden worden. De heer Broese had het plan reeds opgegeven, toen de liter Bakeis een jaar geleden zijn enthousiasme weer levendig wist te maken. Deze beluofde hem zijn steun, om het plan ten uitvoer te brengen. Spreekster rcleveerde hier, dat hulp en steun op prijs werden gesteld. ,,Te lang, aldus spreekster, „heeit men lielden gezien in hen die, voor wat hun het hoogste recht daciu, bereid waren tt sttr- ven. Het is verfe Attn mijn Vader, dien ster- vensmoed te onderscliatten, maar hooger stelt hij die helden, die ondanks verguizing, pro voce, tie en pressie, zich steliend op het standpunt des rechts, de richting wisten te j houden, die zij als de juiste zagen tot be- houd van den vrede". Vervolgens verzocht zij aan den voorzitter der Tweede Kamer dit geschenk aan 't Nederlandsche Volk te willen aanvaarden en er een plaats voor te willen aanwijzen, toegankelijk voor het ge- heele volk. Hierna zakte een gordijn en wij kregen het schlderij te zien. Vervolgens nam de president der Tweede Kamer, Mr. Koolen, het woord en sprak zijn voldoening uit, dat de nieuwe uitbreiding van het gebouw der Tweede Kamer nu in staat stelde, dit geschenk te kunnen aan vaarden. Hij ook voelde groote bewondering voor de mannen van het kabinet-Cort van der Linden en noemde het een bestiering Gods, dat zij in die moeilijke tijden aan de regee- ring waren geweest. Hij merkte nog op, dat het zeker een unicum was, dat de Tweede Kamer het conterfeitsel van een extra- parlementair kabinet in zijn gebouw plaats gaf. Hierna sprak Mr. Cort van der Linden zijn warmen dank uit aan den heer Broese van Groenau en aan alien, die aan de vol- brenging van dit nobele plan hadden mee- gewerkt. „Wij moeten dit schilderij", aldus spreker, als een symbool beschouwen. In de eerste plaats is het niet geheel het kabinet, dat in Augustus 1914 zich vereenigde. Ik denk hier aan de heeren Bertling en Van Gijn, die ons verlieten, aan mijn vriend Treub. die kwam, ging en weer terug kwam. Ook drukt het niet de moeite en de zorgen uit, die wij in de jaren ondervonden. Maar het is een mooie herinnering, die zal blijven voortbestaan ook als eens men niet meer de namen zal weten van hen, die op dit schil derij staan afgebeeld en wat van niet min der belang is, het is een kunststuk, dat ook eeuwig zijn waarde zal behouden". Hiermee was de plechtigheid afgeloopen en had men de gelegenheid het schilderij te bekijken. (H. Crr.). BEGROOTING VAN WATERSTAAT. Aan de memone van Antwoord op de Waterstaatsbegrooting is het voigende ont- leend: Algemeene beschouwingen. Naar aanlei- ding van de opmerking, dat in hoofdstuk IX der begrooting het rantsoeneeringssysteem bij de bezuiniging zeer onvoldoenae is toe- gepast, merkt de Minister op, dat, daarge- laten of de gegeven cijfers wel volkomen juist zijn, naar zijn meening hier wordt uit- gegaan van een onjuiste onderstelling. Voor zooveel de veriiespost op het staats- bedrijf van de posterijen, telegrafie en tele- fonie aangaat strekt het niet meer voor- komen van dezen post tot verlichting van hoofdstuk IX, buiten verband met de bezui niging, terwijl voor het overige ook de pos- ten betreffende de Rijkspostspaarbank bui ten verband met bezuiniging kunnen blijven. Dat voorts op de werken meer is oezui- nigd dan op het personeel is juist en ligt voor de hand. Bezuiniging op personeel is niet zoo eenvoudig en kan niet zoo snel tot stand komen als bezuiniging op de werken. aan een hyena, die zich dadelijk op haar prooi zal wcrpen. Hij staat wel stevig op zijn beenen, mompekle de man, maar ik hoop stertcer te zijn dan hij. Ik zal eens in zijn verfeden gaan snui'feleu, misschien vind ik er wel een zwarte vlek in, die mij den weg wijst. Tusschen ons beiden, mijnheer de kasteel- bewoner En het gelaat van Guibaud ver.rck tot een akeligen grijns. XL Een onschuldige. Das, (mijnheer De Censelles, ge wei- gert mij te zeggen, wat gij dezen inorger: te Parijs moest doen? Bij deze vraag van den rechter van in structie antwoordde Romain, zich fier op- richtend Is het soms een strafgeding, dat .te gen mij gevoerd wordt, mijnheer.^ Aan uw woorden zou ik het haast zeggenIk heb u ai uit mijzelf openhartig alles ver- teld, wat mij over mijn vriend bekend was, maar ik zie niet de noodzakelijkheid in u mijn particuhere aangelegenheden mede te deelen, om de eenvoudtge reden, dat zij niets met de zaak uitstaande hebben. Niets uitstaande? vroeg de rechter met een zonderiingen irek om den mond. De Cerisolles was opgesprongen, doods^ bleek. Wat wilt ge daarmee zeggen? riep hij uit. Ik sommeer u om dat te verklaren! Dit tooneei speelde zicii af in een der vertrekken gelijkvljoers van het kasjteel, tijdelij'k ingericht als kabinet van den reclt- ter vaii instructie, otn iiet voorfoopig on- derzoek te kunnen aanvangen in alien vorm. Nadat Romain de docxienkamer ver- Ten aarizien van bezuiniging op de wer ken, zou de Minister kunnen onderschfijven de gemaakte opmerking, dat een dergelijke bezuiniging het perspeetief niedebrengt van vermeerdering van uitgaven in de toekomst. Erger is het, dat bovendien acliterstand moest ontstaan in het werk, d. w. z„ dat zal blijken, dat, wanneer de malaise zich gelei- delijk za! gaan herstellen, men Zal zijn ten achter geraakt in de middelen, die tot dat herstei zouden kunnen hebben bijgedragen. De Minister meent, dat zooveel mogelijk moet worden gefracht, zulks te voorkomen. Voorts zal de Minister gaarne overwe- gen, of het loonend Is de uitgaven voor on- derhoud en die voor nieuwe werken meer stelselmatig of wellicht groepsgewijze te ordenen, Het is hem niet duidelijk hoe men de ver- betering van den Rotterdamschen Water- weg wel op de nieuwe siuis te IJmuiden niet voor uitstel vatbaar kan achten. De Minister acht beide werken van gelijk be lang voor de ontwikkeling van de handels- beweging van ons land. Ook de sluis te We- meidinge zal mede in het belang van de vaart op BelgiS binnen bekwameh tijd ge- reea moeten zijn, waarbij moet worden overwogen, dai in den huidigen stand van het werk uitstel over langen termijn onge- wenscht zou zijn. Dat tegen het geringe bedrag voor de verbetering van de wegen in Zeeland bezwaar zou worden gemaakt, had de Minister niet verwacht. Voorts inoet eenerzijds getiacht worden in uitvoering zijnde werken zoo goed moge lijk in gang te houden, terwijl anderzijds het mogelijk moet zijn somrnige nieuwe werken te beginnen. Een vaste gedragslijn schijnt hierin niet goed mogelijk. Men zal, voor zooveel de beschikbare werken zulks toelaten, het ecne moeten doen zonder het andere na te laten. Over urgentie in deze gevallen zal verschil van meening altijd wel mogelijk blijven. De werkzaamheden van de vluchthaven aan het Zijpe worden zoo krachtig, als met den financieelen toestand is overeen te brengen, voortgezet. Dat in afwachting van betere tijden voor- gegaan moet worden met de voorbereiding van plannen en maatregelen, die aan de uitvoering van productieve werken onver- mijdeliik moeten voorafgaan, beaamt de Minister geheel. Voor zoover van hem af- bangt, zai bij daarivj gaarne voortvarend- heid bevorderen. Men moet echter in het oog houden, dat die voorbereiding zich zal behooren te beperken tot die plannen, waar- van men redeliikerwijze mag verwachten, dat zij binnen niet te langen tijd in vervul- iing zullen komen. Intusschen moge hij waarschuwen voor het koesteren van te groote verwachtingen. Bij de deeling Waterstaat merkt de Minister op, dat tegenover de in 1914 voor den eigenlijke R-ijks Waterstaatsdienst 12.200.000 thans voor 1923 korr.t te staan f 23.000.000, zoodat d5 stijgirig dus niet ais abnormaal is te beschouwen. Naar beperking van de kosten van Riiks- vaartuigen wordt ernstig gestreefd. Een onderzoek wordt ingesteld omtrent de vraag, in hoever vermindering van het aantal rijksdienstvaartuigen mogelijk is. De instandhouding van ijsbrekers wordt voort geenszins door de Rijnvaartactie ge- vorderd. De Minister merkt verder op, dat vermin dering van het personeel bij het kanaal GentTer Neuzen niet mogetijk zal zijn. Ten aanzien van de sc'neepvaartbeweging op het kanaal kan worden opgemerkt, dat deze thans niet veel minder druk is dan vo6r den oorlog. Sedert 1921 is de zeevaart toegenomen van 2519 zeeschepen met een inhoud vdn 7576,442 M". tot 3051 schepen met een inhoud van 10.276,573 M'. over de eerste maanden van elk jaar. De "oinnenvaart vertoont een kleine ach- teruitgang. laten had, was hij in streng wrnoor geno men, in de verste verte niet verinoeaend, dat men Item van de gruwelijke misdaad verdacht. E.venwei de laatstb woordeti van den piagistraat hadden nem het vermoeden ge- openbaard en dus riep hij uit: Ik sommeer u om dat te ver klaren. Met uw verfof, mijnheer, laten wij de roilen niet verA'isselcn, merkte de rechter koel op. 't Is uw eer en niet de mijne, die in het spel is en gij: moet be- vvijzen, dat uw eer ongerept uitgaat. Mijn eer? Bewijzen? Het gelaat van Romain tverd vervvron- gen, hij wankelde/ Maar dadelijk daarop word hij vnurrood. Die foyale ziei, verdacht \an een af- scnuwelijke misdaad, was voor het oogen- blik zichzelf niet meester en op den rech ter aanvliegend gilde hij: Ellendeling. Ge wilt zeggen, dat.... Maar de procureur en de geheime poh- tieagent, die mede bij het verhoor tegen woordig waren,. hadden iets dergelijks voorzien en ze grepen Romain vast, terwijl de rechter Galemant, ondanks zijn om- vang, vlug achteruit sprong. Hij snelde onmiddellijk daacop naar een der .vensters en naar buiten wijzend,. zei hij tot Romain: De gendarmes zijn daar. Moet ik ze roepen? Niet noodig, zei de heer Bovey, wiens streng gelaat door een trek "van medelijden verzacht ward. De vreeseiijke tijding die de heer De Cerisolles verno- nien heeft, heeft hem een oogenbiik zijn tegenwoordigheid van geest doen verfic- zen. Hij zai echter wel begrijpen, dat het De Minister sluit zich verder aan bij die leden. we ike het gewenscht achtten, de vcr- betering van de haven te Vlissingen met minder kraeht voort te zetten. Het is gebleken, dat de verwachtingen, dat de Vlissingsche havens zich als aan- loophaven verder zou ontwikkelen, niet in vervulling zullen komen. Derhalve wordt de post verminderd met f 350.00G. De Minister sluit zich gaarne aan bij die leden, die het niet gewenscht achten, op het in de wet van 14 Juni 1918 neergelegde plan tot afsluiting en droogmaking van de Zuiderzee terug te komen. Aangezien de spoorwegmaatschappijen Mechelen-Ter Neuzen en Gent-Ter Neuzen in financieele moeilijkheden verkeeren en instandhouding gewenscht wordt geacht, is overwogen, om de ingevolge art. 28 der wet op de Inkomstenbelasting 1914 geheven be- lasting in den vorm van subsidie terug te geven, met welk denkbeeld de Minister van Financien zich heeft vereenigd. Tengevolge van de verschillen:'e aange- brachte wijzigingen is het eindcijfer der be grooting verminderd met 2.809.870. DE HUURPRIJS VAN NIEUW- GEBOUWDE WONINGEN. Naar de minister van Financien mede- deelt, zal bij den aanslag voor de pcrso- neefe belasting de huurwaarde van nieuw- gebouwde woningen niet worden gesteld op den huurprijs, doch op een bedrag vastgesteld door vergelijking met wonin gen, die onder de werking der Huurvvet- ten vallen. BETU1GING VAN DANKBAARHEID. In de Donderdag gehouden vergadering van den gemeenteraad van de Duitsche grensstad Bocholt heeft de burgemeester een rede gehouden om zijn, dank uit te spreken voor de groote opoffering, die zich de bevolking van Aalten getroosit om de noodlijdende armen in Bogholt te voorzien van levensmiddelenaardappe- fen, groenten, vet, meel, enz. en die door de Aaltensche landbouwers zelf naar Bo cholt worden gebracht. Reeds zijn veer- tien groote wagenvrach'ten naar Bocholt vervoerd. De burgemeester bracht hulde aan de gulheid van de Nederlandsche grens- bewoners. DE BENOEMING VAN Mr. ZIMMERMAN. Volgens de Neue Freie Presse is de me- dedeeling van de benoeming van mr. A. B Zimmerman tot algemeen commissaris van den Volkenbond voor Oostenrijk, reeds te Weenen ontvangen. Bij de onder- handeiingen, die sinds geruimen tijd wor den gevoerd, .is in de afgeloopen week volkornen overeenstemming btreikt. De gedelegeerden van den Volkenbond had den zich naar Rotterdam begeven, om mr. Zimmerman officieus de uitnoodiging tot het aanvaarden van dit ambt te overhan- digen. De algemeene commissaris zal de finan- deefe gedelegeerden van den Volkenbond wier taak met de aanneming der weder- opbouwwet door het parlement zal zijn geeindigd, moeten affossen. Men ver wacht hem Zaterdag te Weenen. De fi- nandeele gedelegeerden van den Volken bond zullen Weenen dejzer dagen ver- faten. Mr. Zimmerman zai zijn bureau in den ouden Hofburg hebben. DE CLASS1FICATIE DER GEMEENTEN. In zijn antwoord op de vragen van het Tweede Kamerlid Braat betreffende de voorgenomen nieuwe classificatie der gemeenten in verband met dd salarissen der rijksambtenaren en de samensteiling der classificatie-oommissie, verwijst de minister van Financien naar het medege- onze piicht is, naar den schuldige te zoe- ken, die zich uiteraard tracht te verber- gen. Wij moeten toch alle wegen nagaan, pie ons upen staan. Zich daarria tot Romain wendend, ver- volgde hij: Mijnheer De Ccrjsoiles, geioof mij, het is in het belang van de zaak als lecier vrijuit antwoordt op de vragen, die hem gesteld worden. En omdat uzelf zoo vurig er naar veriangt, dat de jusiitie dc hand op den moordenaar legt, verzoek ik u onze taak te veriichten instede van haar te bemoeilijken. Romain, die geheel ontdaa.i in de fau- teuil was gezonken, welke Guibaud hem had toegesciioven, hief het lnoofd op en zeide Ik moet verkeerd verstaan hebben, Het is .-.cli niet mogelfijk, dat men een se- oonde heeft kunnen veronderstellen, dat ik... 1 e moord op dien armen Narjac heeft mij krankzinnig gemaakt. Vraag nu maar heeren. Wat wenscht ge te weten? -a. Wat ige te Parijs hebt gedaan, ant- vvocrdde de reenter van instructie met een doordringenden blik op Romain. De toegesprokene aerzelde even en zeide toen: Enkefe schniden betaald. Met welk geld? Ge moet mij niet dergelijke vragen steHen, riep de scheiknndige opnieuw ge- agiteerd. L>e procureur boog zich tot Romain over en zeide: Mijnheer, tracht van mevrouw De Cerisolles nieuwe emoties af te houden. Ze lijdt toch al zoo ontzettend. Antwoord openhartig. Maar, ik foegrijp- u niet. Wat bedoelt dcelde bij de mondelinge beraadslagi igen in de Tweede Kamer van hoofdstuk I der Staats'bej.rooting voor 1923. Waar blijkens die mededeelingeu de commissie voor de cfassificatie nog geen advies heeft uitgebracht, is het niet moge lijk eenige berekening te maken als in vraag 2, of een meening te uiten als in vraag 3 bedoeld. Hoezeer de classificatieconnnissk naet op zijn voordracht is ingesteld en hij zich dus van oordeef omtrent Je geschiktheid der leden zou kunnen on thou den, wil de minister toch wel als zijn meening te ken- nen geven, dat hij op het punt, in vraag 4 bedoeld, gerust is, en dat hij niet kan inzien, dat, waar mede de vakbonden, die hun vertakkingen in alle deelen van het land hebben, in de commissie zijn verte genwoordigd, terwijl ook de andere leden met de toestanden in geheef het land op de hoogte zijn, nog toevoeging van leden zou dienen pfaats te vind en. DE TOESTAND. Meermafen hebben wij al herinnerd, schrijft de N. R. Crt. aan de historische lijnen, die in de polStjek van Engelamd en Rusland tegenover Turkije waarneem- baar zijn geweest. Stond Rusland vijan- dig tegenover Turkije, dan kreeg dit laat- ste ruggesteun van Engeiand. Was En- geland Turkije's tegenstander, dan stond Rusfand achter den Zieken Man aan den Bosporus. Zoo is hij de negentiende eeuw doorgesukkeld. Toen echter in 1914 En geiand en Rusland samen aan denzelfden kant en tegenover het Ottomaansche Rijk stonden, leek het met dit laatste in Euro- pa gedaan. Uit dien tijd dagteekent het geroep uit het geallieerde kamp,, waar- aan men, ook te Parijs, nu maar Fever niet herinnerd wordt,dat de Turk met pak en zak naar de overzijde van de Zeeengten geloosd moet worden. Na 1914 is het af weer gaan verkeeren en opnieuw ziet men Rusland, het nieuwe Sowjet- Rusfand, achter Turkije staan en veelal aan de draden trekken. Lbyd George vofgde misschien slechts het oude histo rische instinct toen hij, ondtr de feus van de bedreigde Christenheid^ het conflidt zich Iiet verscherpen en tegenover Tur kije ging staan. De regeering van Bonar Law wijst een nieuwen weg aan, dien men bewan- delen kan. Als er twee mededingers strij- den om de zief van Turkije en de een ge- niet een duidelijke voorkeur, dan kan de ander met hem gaan wedijveren in vroen- delijkheid jegens het voorwerp van nun begeerte. Hieruit begrijpt men, dat Turkije hetweik in 1914 op de nominatie stond om als hinderlijk Europeaan over de grens van ons werelddeel gezet te worden, te Lausanne thans in benijdenswaardige po- sitie van favoriet bij de groote geahiterde mogendheden verkeert. Lord Salisbury heeft Donderdag, bij de vriendelijkheden die Lord Curzon reeds tegen de Turken te Lausanne had gefanceerd, de verzeke- ring van de nieuwe regeering gevoegd, dat deze ,,niet den wensch koesterde, om je gens Turkije on vriend elijk te zijn.'' Hoe- vele weken scheiden or.s heelemaal van de dreigende uitlatingen van Lloyd George afs Britsch eerste-minister tegen den nieu wen Turkschen staat! Van den weeromstuit toonen de Turken zich nu zelven inschikkelijk,. zeggen de berichten uit Lausanne. Men is het in de commissie al aardig eens geworden over het demilitariseeren van een zone van 30 K.M. aan weerskanten van de Maritza, die in oostelijke richting langs de Turksch- Buiguiarsche grens zou voortgezet worden tot aan het strand van de zwarte Zee, Voorts stemt Turkije toe in de antmantje- ling van de forten van( Adrianojoel, mits ge met nieuwe emoties? Haar te doer, zien, da: ge ons volgt. meegaat. Zoudt ge mij willen aan houden riep Romain ontzei uit. Dus, omdat...... omdat Nariac onder mijn dak is vermoord, zoudt gezoudt ge denken, eia. ik een.,. Het vreeseiijke woord „moorden r kon de arme mail niet uiiorengen. Hij bracht de hand aan zijn keel, alsof mj zou st.kken. De proair-ur zeide op deelnemenden toon Wij zijn de uienaren van de wet, mijnheer. V^rgeet onze pensoo.ilijkiieid en antwoord alleen aan de wet. Zoudtge dan denken ctat ik een... moor..,, een.. moordenaar ben? stameide Romain met docdsbleek gelaat. O, afs inijn lieyc vrouw maar niet te we ten komt, dat men mij van zo^iets a.sctiu- wdijks verdenkt. Vraag heeren en on derzoek heel mijn vtr,eden en mijn heden. Vraag \rijuit. Een verdacnte, otscnoon o.i- schuidig, is niets meer dan een slaat. Bij dc iaatsu woorden had Romain zich opgericht, ter.viji zijn oogen koortsaclitig gloeiden. De rechter van instructie maakte onmid dellijk gebruik van "die volgzaamheid tn van dat oogenbiik af bleef geeii zijner vra gen dnbeantwoord. Langzamerhand, van vraag tot vraag. van antwoord tot antwoord, kwam er een trek van teikens gr eater voldoening op des reclit-rs gelaat en toen het verhoor afge loopen \vas, gloin Iiet welgedane gqzicht van den magistraat van louur triomf. Hij had den moordenaar van Alexandre Narjac in har.den. (Wordt vervoigd).

Krantenbank Zeeland

Ter Neuzensche Courant. Algemeen Nieuws- en Advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen / Neuzensche Courant ... (idem) / (Algemeen) nieuws en advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen | 1922 | | pagina 1