Ter Hsuzensche Courant Donderdag 4 Nov. 1909. No. 5374. TWBBDB BLAD. Gemeenteraad van Ter Neuzen. VAN Vergadering van Donderdag 28 October 1900. (V E R V 0 L G). Afd. 3. Art. 1. Aankoop van een terrain bij school A, enz. 1600. De Voorzitter betoogt dat deze post steeds op de be- grooting moet blijven tot de gerneente in de gelegenheid is dien grond van het Rijk aan te koopen wat "vroeger als zeer aanstaand in uitzicht werd gesteid. De heer Van de ReeDie post komt herhaaldelijk op de begrooting terug. llet is voor hem de vraag is het voor de gerneente wel noodig dat terrain te koopan, of, kunnen we dat op de tegenwoordige voorwaarden niet in erfpacht houden. De heer Wieland merkt op dat de gerneente, dat terrain aankoopende, wel een tijdelijk verlies leed, daar er J 1600 a 4 pCt. voor is geleend, wat eene jaarlijksche uitgaaf maakt van f 64. terwij) nu slechts f 50 wordt betaald voor erfpacht, maar dat de Raad, toen hem werd gepre- senteerd het terrain voor dat bedrag te koopen, er torn voor de toekomst voordee) in zag, daar men er dan geheel meester van werd, en de uitgaat in de toekomst ook geheel zou vervallen. De heer DrostZooiang het besluit tot het koopen van dat terrain niet is ingetrokken, moet de post op de begroo ting blijven, tenzij de zaak haar beslag krijgt. De Voorzitter zou dat besluit niet gaarne ingetrokken zien. De heer Wieland is ook liever vollen eigenaar van het terrain, want bij de voorwaarden van, oorlog is het alles hangen of branden. De heer Van de ReeHet blijkt dat er tweeerlei rede- neeringen op na worden gehouden, men heeft gezegd het is voordeeliger voor de gerneente als we het terrain koopen, maar nu betaalt men al jaren lang de rente van die J 1600 en ook nog eens de f 50 erfpachtsrecht. De Voorzitter: De Raad heeft daarvoor het geld geleend omdat hij meende dat de zaak spoedig haar beslag zou krijgen, maar het blijft nog steeds hangende. Er is echter niets dat belet om die 1600 af te lossen De heer Van de Ree: Juist, ik zou die 1600 willen atlossen De Voorzitter kan dat toch onder de huidige omstandig- heden ook niet aanraden. De heer Van de Ree meent dat of de kosten van bet riool op de begrooting, of die uitgaal voor aankoop van het terrain er af zouden moeten. Er wordt nu, zooals hij opmerkte, reeds jaren J 64 rente betaald voor een kapitaal waarvan het uitgeven nog in de lucht hangt, terwijl men nu zeker weet dat de kosten voor de water- leiding zuilen moeten worden gemaakt in het aanstaande jaar. De Voorzitter is het in principe hiermede wel eens, maar er zullen zich nu practische bezwaren voordoen. De heer Van de Ree doet het voorstel die f 1600terug te. betalen. De heer Wieland Waarvan moeten we die terugbetalen Als we er kasgeld voor moeten opnemen, betalen we nog meer aan rente. De Voorzitter merkt op dat dit ook al geen J 1600 meer is. Die som is tegelijk met andere bedragen geleend en daarop is inmiddels reeds afgelost. Bij het nazien blijkt dat op die J 1600 thans J 400 is afgelost, zoodat thans nog van J 1200 rente betaald wordt. De heeren Moes en Wieland zouden het nu zoo maar willen laten. De heer Lensen acht dat ook verstandiger, dan nu kas- keld te gaan leenen tegen 5 pCt. Wanneer besloten werd om die f 1600 terug te betalen, zou toch vooraf dienen te gaan eene intrekking aan het raadsbesluit tot aankoop van het bedoelde terrein. De VoorzitterDe vraag is ook, of de Raad, na de destijds gevoerde onderhandelingen, dat Raadsbesluit wel mag intrekken. Een andere oplossing is ook, dat men, thans het geld teruggevende, het later weer zou kunnen leenen als het noodig bleek. De heer MoggreJa, en dan misschien tegen eene hoogere rente dan nu. Het voorstel van den heer Van de Ree om den post voor aankoop van het terrein van school A van de begrooting af te voeren, wordt verworpen met 10 tegen 1 stem. oor stemt alleen de heer Van de Ree. De heer Drost: Thans zijn we genaderd tot het punt door de commissie aangeduid als aid. 3a. Onderwijzers- woning aan school C. Daarvoor meen ik dat toch in elk geval een post op de begrooting kan worden gebrachttot het werk is besloten en de raming daarvan is bekend. Waarom is door Rurg. en Weth. die post niet op de be grooting gezet? De VoorzitterHet is juist, dat die woning er zeker moet komen, maar die kan ook bij suppletoire begrooting gebracht worden op de begrooting voor 1909. De stukken zijn toevallig vandaag juist teruggekomen, zoodat Rurg. en Weth. nu met de uitvoering een aanvang kunnen maken het zou echter kunnen zijn dat de voorwaarden zoodanig worden opgemaakt, dat er dit jaar nog een deel aan den eventueelen aanneiner zal moeten worden betaald en dan moet het toch op de begrooting staan. De heer Drost meent dat, als het geval mocht voorkomen dat het noodig was dit jaar nog iets voor die woning te betalen, dat er dan toch wel zou kunnen gehandeld worden als met andere zaken, zooals indertijd de kosten van het lvoninklijk bezoek en de dit jaar uitgevoerde rioleerings- werken. Dat zou dan toch wel voorloopig betaald kunnen worden uit het kasgeld Spreker is er in elk geval tegen deze bekende uitgaaf, waarvan de kosten geraamd zijn op 5407, op de begrooting te zetten, en de som te vinden uit eene geldleening. De Voorzitter geeft in overweging om dan de post te ramen op f 5500. De heer Drost neemt daarmede genoegen. Dit voorstel wordt aangenomen met 9 tegen 2stemmen. Tegen stemmen de heeren Moes en De Jager. Afd. 3, art. 1. Jaarwedden der onderwijzers enz. De heer Van de Ree vindt op de begrooting, eene toe- lage van 150 aan den onderwijzer Van der Peijl, voor het toezicht op de parallelklassen. Hij meent dat echter het hoofd van school C op die klassen toezicht uitoefent. Krijgt deze daar ook wat voor, vraagt spreker, is dit niet het geval, dan lijkt het mij dat de belooning aan een verkeerd adres komt. t De Voorzitter deelt mede dat de heer Van der Peijlhet werkzaam hoofd der parallelklassen ishij is indertijd be last met het dagelijksch toezicht op die klassen. De heer Van de Ree dacht dat juist de heer De Groot het werkzaam hoofd der school was, daar hij meermalen heeft bemerkt dat deze naar de parallelklassen ging kijken. De Voorzitter acht het wel mogelijk dat de beer De Groot op de parallelklassen algemeen toezicht houdt. dat is zijn recht, maar dan doet hij op dat tijdstip geen dienst in school C, waar dan zijn werk door een ander wordt g lie heer Van de Ree lijkt het toch niet verantwoordelijk dat het hoofd door die parallelklassen meerdere werkzaamheden heeft en dat, als hij daarvoor geen vergoeding krijgt, er met 2 maten wordt gemeten. De Voorzitter: De heer Van der Peijl is, zooals ik zeide, belast met het dagelijksch toezicht, en zal vermoedelijk ook wel de presentielijsten enz. bijhouden. De heer Van de Ree denkt dat het hoofd die werkzaam heden wel niet door een ander zal laten vemchtcn. De heer MoesHet is eenmaal bepaald, zooals bet nu nog is geregeld ik moet anders ook toegeven, dat het nog al veel is. Ik zou er echter nu maar niets meer aan willen veranderen, want het loopt met de parallelklassen nu bijna op een eind. De heer Wieland is er ook niet voor om daarin nu yerandering te brengenals men in deze bezuiniging wenscht, moet men de aanleidende oorzaak tot deze uitgaaf wegnemen, maar het tijdstip dat de zandlooper hiervan zal alloopen is thans reeds in het verschiet waar te nemen. De heer Van de Ree blijft van meening dat de heer De Groot, als diens werkzaamheden door de parallelklassen zijn vermeerderd, daarvoor vergoeding bad behooren te krijgen, hij acht het althans onregelmatig dat een onder wijzer met hoofdakte, die aan die klassen zijn gewonen dienst doet, vergoeding krijgt en het Vioofd der school zelf, wiens verantwoordelijkheid is toegenomen, niets. De heer Drost gelooft dat wel geen der leden thans aan den heer Van der Peijl de vergoeding nog zal willen ont- nemen en eene vergoeding geven aan den heer De Groot is niet mogelijk zonder de begrooting te bezwaren, waar- voor ook wel niet veel genegenheid zal bestaan. Zooals reeds is -opgcmerkt zal het ook wel niet zoo lang meer duren. De heer Van de ReeJa, als het nu zeker is dat de nieuwe school er zal komen, zal ik maar verder zwijgen. Art. 7. Aanschalfen en onderhouden van schoolboeken, leermiddelen en sctioolbehoeften 1,783,46. De Commissie meent dat het bedrag der aanbesteding van boeken, leien en schriften enz. in 1909 bedroeg f 1294,49 de memorie van toelichting zegt, dat het bedrag van 1783,16 berekend is naar de aanbesteding in 1909 dit bedrag is echter geheel gelijk aan het in 1908 uitge- geveneeenige opheldering daarorntrent komt der Commissie gewenscht voor. De Voorzitter noemt de opmerking der Commissie juist: de uitgaven zijn berekend niet naar de aanbesteding in 1909, maar volgens de uitgaven in 1908. De heer Van de Ree Maar kan dan de uitgetrokken post niet verminderd worden Dit jaar was de inschrijvings- som toch veel lager dan de som die nu geraamd is. De Voorzitter: lk zal blij zijn als we met hetgeraamde bedrag toekomen, u moet niet uit het oog verliezen dat we er met de som der aanbesteding nog niet zijn. Het komt in den loop van het jaar allicht voor dat er nog wat noodig blijkt, waarop niet was gerekend, of dat men, in verbond met de toetreding van leerlingen, wat tekort komt. De heer De Jager: Is de inventarislijst, die verleden jaar is ingevoerd, bijgehouden De Voorzitter antwoordt toestemmend, die lijsten zijn nader nog niet gecontroleerd, maar dit zal toch kunnen geschieden. Hij deelt nog mede dat de kosten der leer middelen ongetwijfeld nog zullen stijgen, daar er maat- regelen worden ingevoerd, dat behoudens in de 3 laagste klassen der scholeil, de leien zullen worden afgeschaft en al het werk op 'tschrift zal gebeuren. Daaruit zal eene groote verhooging van het voor schriften noodige bedrag het gevolg zijn. De post wordt goedgekeurd, terwijl ook de verdere posten dezer afdeeling zonder discussie ol hoofdelijke stemming worden goedgekeurd. Afd. 4. Andere inrichtingen van onderwijs. De Voorzitter brengt thans in behandeling het reeds in de voormiddagzitting aangekondigde adres der Chr. Werkliedenvereeniging, onder de kenspreuk Rom. 131 te Ter Neuzen, welke daarin van wege de gerneente eene bijdrage verzoekt tot instandhouding van hare school. Daar hare uitgaven ieder jaar stijgen, wat uit de nevens ingezonden toelichting blijkt, ziet zij zich, hoewel ongaarne, genoopt dit verzoek te doen, waarop zij hoopt dat gunstig zal worden beschikt. Uit de toelichting blijkt dat vanwege de vereeniging wordt gegeven een cursus in hand- en rechtlijnig teekenen, en in rekenen en meetkunde dat de leerliugen dezer school bestaan uit leden, kinderen van leden begunstigers en particulieren dat het onderwijs wordt gegeven in 2 klassen, het bouw- kundig of vakteekenen en het meer uitgebreid handteeke- nen, en in meer uitgebreid rekenen en meetkunde dat tot hiertoe het onderwijs werd gegeven door 2 on derwijzers dat door de vordering der leerlingen in het teekenen en het groote aantal, de vereeniging verplicht was er een onderwijzer bij te benoemen voor vakteekenen dat deze school de eenige gelegenheid is in onze gerneente om grondig te leeren handteekenen dat de kosten aan dit onderwijs worden bestreden door contributien van leden, de gelden van donateurs, betalende leerlingen en bijdragen dat, zooals uit onderstaande lijst blijkt de uitgaven telken jare grooter worden en de vereeniging niet meer bij machte is de kosten te dekken dat volgens de begrooting 19091910 blijkt, dat de uit gaven dit jaar zeer veel stijgen, door het aanstellen van een derden onderwijzer, meerder lokaalhuur en aanschaffing van materieel dat er op de salarissen niet meer bezuinigd kan worden daar dit al is verminderd (tot 50 cent per uur) en toch nog f 8 per week bedraagt dat de vereeniging gaarne nog vroeger zou beginnen en later eindigen indien de kas het toeliet, waarom zij zich tot het ge meentebestuur wendt met verzoek om steun voor dit zoo nuttige werk. Uit het overzicht der inkomsten en uitgaven voor dit onderwijs blijkt dat de cursus 19041905 telde 16 leerlingen voor de teekenschool en 14 voor het rekenen, met 2 onderwijzers en de inkomsten bedroegen 156,55, de uitgaven J 155,55. In 1905i906 bedroeg het aantal leerlingen resp. 16 en 20, de inkomsten f 146 en de uitgaven f 158,44. In 19061907 waren er 18 en 21 leerlingen, de ont- vangsten /149,en de uitgaven f '159,10 j. In 19071908 19 en 26 leerlingen, de inkomsten 161 en de uitgaven f 173,54. In 19081909 22 en 28 leerlingen nog steeds met 2 onderwijzers. Toen werd ontvangen aan sehoolgeld f 15, contributien f 94 en donatien f 40, samcn f 149. Uit- gegeven werd nadeelig slot f 12,54, salaris f 112,60, schoolhuur 20, schoolbehoeften f 37,75, totaal f 182,89. De raming voor 19091910 bedraagt22 en 27 leer lingen met 3 onderwijzers, terwijl 1 lokaal meer gehuurd is. De inkomstensehoolgeld f 9, contributien f 92, donatien f 40, totaal /141. De uitgaven: nadeelig slot vorig jaar f 33,89, salaris f 160, lokaalhuur 35, school behoeften f 20, totaal /248,89. Nadeelig slot dus 109,89. Retalende leerlingen zijn zij die in geen verband staan met de vereeniging. Het sehoolgeld bedraagt 3 per cursus. Van de contributie der leden, zijnde /2,60 per jaar, wordt f 2 gestort in de kas der school en voorts al de donateursgelden. De uitgaven zijnsalarissen 50 cent per lesuur (vroeger 65 cent). Lokaalhuur, waarin begrepen is schoonhouden, verlichten en verwarmen van 1 of 2 lokalen der bijzondere school in de Jozinastraat. Onder meubilair en schoolbehoeften zijn begrepen drukwerken, plaatwerken, construction, leerboeken enz. Door Rurg. en Weth. wordt voorgesteld aan de vereeni ging f 25 subsidie te geven. De heer Moes Hoeveel leerlingen gaan er op de school De Voorzitter22 in de eene en 27 in de andere klasse, maar daaronder zijn er die het onderwijs zoowel van de rekenklasse als dat van de teekenklasse volgen. De heer Moes En hoeveel gaan er op de andere school, die van de »De Vereenigde Handwerkslieden" De Voorzitter antwoordt, nadat hij hieromtrent gegevens heeft geraadpleegd, 52. De heer MoesMaar daaronder zijn er dan ook zeker die meerdere klassen bezoeken. De VoorzitterNeen, dat is het aantal leerlingen van elk der klassen samengeteld. De heer VisserHet voorstel van het Dag. Best, tot het verleenen pener subsidie van f 25 houdt verband met het jaarlijks tekort waarvan in de toelichting blijkt. De Voorzitter: Voor den aangevangen cursus hebben ze een grooter tekort geraamd, maar nu is er ook een onderwijzer meer. De heer MoesHet komt mij voor dat deze zaak ook recht van bestaan heeft en ik zou er daarom voor zijn haar eene subsidie te verleenen, ze leggen het zuinig aan, dat blijkt wel uit het salaris voor de lessen, dat maar 50 cent per uur bedraagt, terwijl de anderen daarvoor naar ik meen f 1,betalen. De heer MoggreHet is toch eigenlijk jammer dat beide vereenigingen op dit gebied niet samen kunnen werken. De heer MoesDat is zeker jammer, doch ik zal daar van maar niet veel zeggen. De heer Van de Ree Ja, en ik kan met zekerheid zeggen dat de schuld van het ontbreken dier samenwerking niet berust bij de Chr. werkliedenvereeniging. De heer MoggreHet blijft jammer, want het is op deze wijze niet in het belang van beiden. Zou het niet op onzen weg kunnon liggen, te trachten daarin verande- ring te krijgen De heer Drost: We zouden voor de eene de subsidie kunnen bestendigen, en aan de andere vereeniging ver leenen, maar daarbij den wensch uitdrukken, dat we wenschen dat ze zich vereenigen. De heer Van de ReeHet spijt me dat de vereeniging subsidie heeft moeten vragen en het niet zonder deze is kunnen blijven doen, maar ik heb het nagegaan en - het is onmogehjk het zoo te houden. Het is jammer dat ik bij mijn onderzoek niet eens geinformeerd heb naar het bedrag waarmede ze tevreden zouden zijn. De heer De JagerMaar gesteid nu eens dat de beide vereenigingen samen deden, zou dat dan voordeeliger uitkomen i Dat geloof ik niet, want dan kregen ze meer leerlingen bijeen en daarvoor werden de uitgaven dan toch ook weer hooger. De heer Moggre gelooft dat er, als ze vereenigd waren, betcr gewerkt zou kunnen worden. Een lid maakt de opmerking dat er dan misschien wel eene inrichting uit kon voortkomen als te Hulst, terwijl een ander de vraag stelt of al die leerlingen niet beter in de Ambachtsschool te Hulst te recht zouden kunnen. De heer Van de Ree wijst er op, dat dit onmogelijk is, daar de leerlingen dier scholen aihier meest alien overdag werken, en alleen in de winteravonden van dit onderwijs proiiteeren. De heer De Jager merkt op dat de Handwerkslieden ook nog subsidie genieten van het Rijk en van de l'rovincie. De heer DrostIk stel voor aan de Chr. Werklieden vereeniging f 50 subsidie te geven en die van de andere vereeniging met f 25 te verminderen, dan wordt de be grooting niet hooger belast dan door het voorstel van Rurg. en Weth. om /25 subsidie te geven, en dan kan die vermindering ook dienen om kracht bij te zetten, aan onzen wensch tot samensmelting der 2 inrichtingen. De VoorzitterVerminderen van de subsidie der Ver eenigde Handwerkslieden is moeilijk uitvoerbaar, daar de rijks- en provinciate subsidie rekening houden met het bedrag door de gerneente toegekend. De heer Moes stemt daarmede in. De heer DrostJa, als dat practisch onuitvoerbaar is, wil ik mijn voorstel daartoe intrekken. De heer Moes meent ook dat het maar beter is daaraan niets te veranderen, want dan zou het misschien verkeerd uitkomen. De heer Wieland is het daarmede eens. De heer Drost wil dan zijn voorstel zoodanig wijzigen, dat aan de Chr. Werkliedenvereeniging f 50 subsidie wordt toegekend, maar zou toch den wensch van samensmelting der scholen aan de vereenigingen willen kenbaar maken. Z. h. s. wordt aldus besloten. De heer Lensen verlaat de vergadering. Afd. 4, art. 2. Subsidie aan de Ambachtsschool te Hulst. 50. De Voorzitter brengt ter tafel het vroeger medegedeelde verzoekschrift van de vereeniging de Ambachtsschool te Hulst, om eene subsidie te willen verleenen van f 150, of wel 25 voor 1 leerling, f 40 voor 2 leerlingen, en voor elken leerling meer f 10. De heer W ieland zou er maar eens f 50 willen bijdoen, dan wordt het 100. Hoeveel gaan er van hier De Voorzitter Veertien 1 De heer Wieland: Dat was dan ongeveer fl per leer ling, dat scheelt dan niet meer zooveel met hetgeen ze vragen 10 per leerling. De VoorzitterJ a wel, maar dan vragen ze f 40 voor de 2 eersten. Volgens hunne berekening zouden we dan thans f 140 moeten betalen. De heer Wieland wil met zijn voorstel tusschen de klippen doorzeilen en dan geven we zegt hij toch blijk van onze belangstelling. De heer Drost is het eens met het voorstel van den heer Wielahd. De Voorzitter betoogt dat het eene nuttige inrichting is, die wel steun verdient, en de schoolgelden, die zijn ook niet hoog. De heer MoesDie zijn laag. Z. h. s. wordt besloten de subsidie te bepalen op 100. Afd. 5. Art. 1. Toelage aan het muziekgezelschap »De Vereenigde Werklieden" 50. De heer Van de Ree verklaart zich tot zijn spijt genood- zaakt tegen dezen post te stemmen. Het spijt hem, dat deze vereeniging voortgaat des Zondags wandelend door de straat te spelen. Als protest daartegen stelt hij voor de bijdrage te schrappen. De heer VisserAl was dit het geval, dan zou het mij niet hinderen, maar ik geloof niet dat het dikwijls zal voorkomen dat het gebeurt, en dan toch na kerktijd. De heer De FeijterHet gebeurt eens een enkele maal, als in den tuin van den heer Joz. de Feijter concert gegeven wordt. De heer Van de ReeHet gebeurt, en daarom stel ik voor, als protest daartegen, de 50 te schrappen. Dit voorstel wordt verworpen met 7 tegen 3 stemmen. Voor stemmen de heeren De Jager, Van de Ree en De Brnijnetegen de heeren Wieland, Moggre, Scheele, Drost, De Feijter, Visser en Moes. Hoofdstuk VIII. Afd. 1, art. 3. Geneesmiddelen f 580. De commissie merkt hieromtrent op, dat de memorie van toelichting spreekt van een met de hier gevestigde apothekers gesloten overeenkomst. Naar aanleiding van het teleurstellend resultaat dezer overeenkomst over 1909 ware het misschien gewenscht een nader onderzoek in te stellen naar de oorzaak van dat teleurstellend resultaat alvorens die overeenkomst te bestendigen. De Voorzitter deelt mede dat het vorig jaar de levering der geneesmiddelen is aanbesteed, doch dat de uitslag der aanbesteding zoodanig was, dat men met het geraamde bedrag op verre na niet zou toekomen. Rurg. en Weth. hebben toen met de apothekers geconfereerd, en daarvan is het resultaat geweest dat men tot een voordeeliger over eenkomst is gekomen, en dat de levering der geneesmid delen aan elk der apothekers voor een half jaar is opge- dragen. Door de apothekers werd als reden hunner in- schrijving opgegeven, dat ze te weinig van deze levering op de hoogte waren. Nu hebben ze gelegenheid gehad de levering na te gaan en daarom zouden Rurg. en Weth. willen overgaan tot eene nieuwe besteding, in de hoop dat thans een beter resultaat zal worden verkregen. Als men nagaat dat onder de oude regeling in 1907 werd uitgegeven 41 en over het afgeloopen jaar 580, dan is het toch nog al een groot verschil. De heer Van de Ree meent dat het nuttig zou zijn, als Burg, en Weth. nog eens met de apothekers confereerden, dan konden ze misschien nog wel een en ander vernemen. dat van grooten invloed op de zaak kon zijn. Hij heeft een der apothekers hooren zeggen, dat de regeling nu beter is dan vroeger, en hij verklaarde zich ook bereid alle mogelijke inlichtingen te geven. De VoorzitterJa, Burg, -en Weth. hebben voor de aanbesteding ook te kennen gegeven dat ze aan de apothe kers alle inlichtingen over deze zaak wilden geven die van nut konden zijn, maar spreker gelooft niet dat er veel gebruik van gemaakt is. De heer Van de Ree bedoelt het zoo niet, maar wilde te kennen geven dat Burg, en Weth. bij zoo'n conferentie misschien een en ander konden vernemen dat hun aan leiding zou geven verandering te brengen in de tegen woordige regeling. Een enkel feit kan spreker wel noemcn, Het schijnt nl. dat er armen zijn die van de verstrekking dier geneesmiddelen genieten, ofschoon het geen armen zijn, behoorende tot het Burgerlijk Armbestuur, maar bij eene kerkelijke diaconiedie zouden van die geneesmid delen niet moeten krijgen, want daarvoor behoort hunne diaconie te zorgen. De heer Moes deelt mede dat die handeling volkomen juist is, althans dat dit geschiedt volgens een door den gemeenteraad genomen besluit. Vroeger werd daarvoor vanwege de armbesturen subsidie verleend, maar daar ze dit onder verklaring van onmacht, niet alien deden, is toen besloten om eenvoudig in het algemeen te zorgen voor de verstrekking van geneesmiddelen. De heer Van de ReeHet spijt me voor de diaconien, want die behooren er toch eigenlijk voor te zorgen. De VoorzitterAls de diaconien te kennen geven dat ze onmachtig zijn in den nood van een of ander persoon te voorzien. al behoort die eigenlijk bij hen thuis, dan doet het Burgerlijk Armbestuur het. Deze maatregel is noodig ter voorkoming van dubbele bedeeling, nl. van een of ander kerkelijk en van het Burgerlijk Armbestuur daarop wordt scherp gelet. De heer MoesJa, als zoo'n bericht inkomt, moeten wij wel helpen. Na nog enkele opmerkingen wordt besloten den post te behouden zooals die is voorgesteld terwijl Burg, en Weth. zullen overwegen hoe in deze het best tot een resultaat is te komen. De heer Van de Ree vraagt nog, of Burg, en Weth. geen mededeelingen kunnen doen, hoe het nu gaat met de verloskundige hulp te Sluiskil, sedert de nieuwe regeling van het vorig jaar, nu Sluiskil door een der verloskundigen van uit de kom bediend wordt. De VoorzitterEr zijn tot nu toe geen klachten inge- komen. De heer Moggre Ik kan wel zeggen, mijnheer de Voor zitter, dat het niet naar genoegen der Sluiskillenaars gaat. Ik heb onlangs iemand van Sluiskil gesproken en die zeide mij dat, naar hem bekend was, nog maar 2 gevallen door de verloskundige van hier waren behandeld. Ik heb er toen op gewezen dat het gewenscht was een request naar het gemeentebestuur te zenden, wanneer ze klachten hadden, die dan daarin konden worden omschreven. Mijn zegsman gaf te kennen dat op deze wijze het gemeente bestuur maar beter niets had kunnen doen, daar ze het te Sluiskil nog al erg vonden, dat de gerneente feitelijk aan de verloskundige 100 betaalt, voor 2 gevallen die ze daar heeft behandeld. De heer Van de Ree constateert, dat het te Sluiskil met goed gaat. Wat er hapert is niet gemakkelijk te zeggen, maar er is toch iets niet in orde. Of er eenvoudig wordt gewacht met om de juifrouw te gaan tot men niet meer wachten kan, en dan alles onder elkaar afhaspelt of wel dat de jull'rouw er niet spoedig genoeg kan zijn, hij weet het niet. Dat kan hij wel zeggen dat het niet aan de j ull'rouw ligt, want die doet genoeg haar best om er vlug te zijn en is gewillig genoeg. De heer Moggre deelt nog mede dat hem ook werd ge- zegd, dat in vele gevallen de dokter werd gehaald, omdat dit in de kosten zoo veel niet uitmaakt en dat men dan even goed naar Ter Neuzen om een dokter kan rijden dan om de juifrouw. De heer Van de ReeHet aantal gevallen dat door de geneesheeren wordt behandeld, zou ook nog wel tegen- vallen als men dat eens hoorde. Ik heb er maar eens op willen wijzen, want dit schijnt werkelijk niet gemak kelijk te regelen. Toen er vroeger eene jull'rouw woonde, ging het ook niet goed. De Voorzitter wijst er op, dat er eene juifrouw weo'nt met een Relgisch diploma, maar dat deze, ondanks alle daarvoor aangewende moeite geen toeste mining heeft kunnen krijgen om de practijk uit te oefenen. De heer Van de Ree: Er zal voorloopig niet veel anders aan te doen zijn dan de tegenwoordige toestand te besten digen en inmiddels uit te zien naar mogelijke verbetering in een of anderen zin. De heer De Jager gelooft dat het te ver verwijderd zijn der verloskundige, het grootste bezwaar is, daarover is ook al eens tegen hem geklaagd. Er werd hem op ge wezen dat de Sluiskillenaars toch ook belastingbetalende burgers zijn en dat de Raad had getoond niet vol- doende doordrongen te zijn van het daarbij betrokken belang, toen men besloot geen verloskundige op te roepen, maar Sluiskil van uit Ter Neuzen te laten bedienen. Men betoogde dat, als men voor 300 of f 400 niet had kunnen slagen om eene juifrouw te krijgen, dit dan misschien toch wel zou gegaan zijn voor f 500. Spreker stemt ook toe, dat het nog al erg is, dat men zoo ver van de noodige hulp verwijderd is. En voor eene vrouw in die omstandigheden kan al of niet spoedige hulp eene kwestie zijn van leven of dood. Spreker wil geen afkeurend oordeel uitspreken over het verleden jaar genomen besluit en ook niet over de be- dienende juifrouw, maar meent toch deze zaak eens ter overweging aan het Dag. Best, te moeten aanbevelen. De Voorzitter meent dat de heer De Jager zal moeten toegeven, dat Burg, en Weth. niet anders konden doen, daar ze hebben gehandeld, zooals de Raad hun had opge- dragen, en wat het verdere aangaat, de menschen hebben aan Burg, en Weth. nog niets te kennen gegeven, zoodat het college niet met klachten omtrent de regeling op de hoogte is. De heer Moggre: Och ja, hoe gaat dat,. met het inzenden van klachten De heer De JagerAls ze de discussie lezen, zullen ze misschien wel met een officieele klacht komen. Z. h. s. wordt besloten den tegenwoordigen toestand voor- alsnog te bestendigen. Wegens het gevordqrd uur wordt de vergadering door den Voorzitter verdaagd, tot Vrijdagvoormiddag, 10 uur. Voortgezette vergadering op Vrijdag 29 October 1909, des vbormiddags 10 uur. Voorzitter de heer J. A. P. Geill, burgemeester. Aanwezig de heeren Visser, Dees, Moes" Wieland j Moggre De Jager, Scheeje, Lensen, Drost, De Feijter, Van de Ree en De Brnijne. Afwezig de heer Kerkhoven. De Voorzitter heropent de vergadering, en stelt aan de orde de voortzetting van de behandeling der gemeente- begrooting voor 1910. Hoofdstuk VIII, afd. 1, art. 5. Subsidie aan de Ver eeniging tot Ziekenverzorging 400. In verband met dezen post doet de Voorzitter mededeeling van een adres van het bestuur der Vereemgin°- tot Ziekenverzorging aihier dat daarin te kennen geeft, dat der vereeniging voor het jaar 1909 door den Raad een subsidie werd verleend van f 400 dat het der vereeniging is mogen gelukken iedere week eenige specialisten in het ziekenhuis zitdag te doen houden waardoor de mgezetenen in de gelegenheid zijn zich in hunne woonplaats onder speciale behandeling te stellen dat. alhoewel het aantal patienten daardoor toeneemt', de inrichting, die voor die heeren steeds een tweetal kamers moet disponihel stellen, haar personeel zal moeten uit- breiden en wellicht ook niet lang meer zal kunnen wachten tot eenige vergrooting over te gaan; dat, naarmate meer mingegoeden de hulp van heeren specialiteiten inroepen en zich in het ziekenhuis hunner woonplaats willen laten behandelen, meer aandrang op

Krantenbank Zeeland

Ter Neuzensche Courant. Algemeen Nieuws- en Advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen / Neuzensche Courant ... (idem) / (Algemeen) nieuws en advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen | 1909 | | pagina 5