A igemeen Nieaws- en Advertentieblad Zeenwsch- Vlaanderes. voor No. 3619. Donderdag 2 Juni 1898. De oorlog tusschen AMERIKA en SPANJE. 38e Jaancang;. Binnenland. abonnemen t Inzending van advertentien voor 3 uren op den dag der uitgave. FJEUILLETON s) RANT Yoor Per drie maanden binnen Ter Neuzen 1,Franco per post Nederland 1,10. Yoor Belgie 1,40. Voor Amerika 1,32$. Men abonneert zicb bij alle Boekhandelaars, Postdirecteuren en Brieven- bushouders. ADVERTENTlEN: Van 1 tot 4 regels f 0,40. Voor elken regel meer /"0,10. Bij directe opgaaf van driemaal plaatsing derzelfde advertentie wordt de prijs slecbts tweemaal berekend. Grootere letters worden naar plaatsruimte berekend. nit lbittd versclii|nt ^iimii<litir-. en iTijau^von.l^Tgexoarterd op F^tdagen, bij den nilgever P. J. VAX BE IAMDE «e Ter V«. In den nacht van Zondag 29 op Maandag 30 Mei even na twaalf uur of eergistermorgen om half een (zoo heel precies komt 't er niet op aan heeft men te Washington aan het marine-departe- ment eindelijk zekerheid gekregen de vice-admiraal Schley, die met het reserve-eskader van Hampton- roads over Key-West en Cienfugos naar Santiago de Cuba is gestevend, berichtte officieel dat de Spaansche vloot heusch te Santiago is hij zou er zich persoonlijk van overtuigd hebben, doch over het hoe geeft zijn telegram geen ophel- dering. Nu heet 'tin een telegram uit Kingston op Jamaica, dat de Cubaansche insurgenten in de buurt van Santiago den bevelhebber van het Amerikaansche eskader geboodschapt hebben dat admiraal Cervera's scheepsmacht in de haven ligt in afwachting van het eskader van Cadix, dat volgens den een reeds eenige dagen op weg is, dat volgens den ander aan 't oefenen en manoeuvreeren is en volgens een derde heelemaal nog niet weg is geweestVerder zouden alle kabeltelegrammen onder censuur staan, mogen geen schepen de haven van Santiago verlaten en zijn de insurgenten bereid de stad aan te vallen van de landzijde, voor 't geval de Amerikanen Cervera kloppen. Het bericht moet te Washington in elk geval groote verlichting hebben verwekt in officieele kringen, doch nog is 't sommigen ongeloovigen niet zeker genoeg, nog lijkt 't hun niet boven alien twijfel verheven Zoo de Temps, die het bericht in dezen vorm geeft: //Het schijut dat de schout-bij-nacht Schley eindelijk de overtuiging zou hebben verkregen, dat Cervera nog in de haven van Santiago de Cuba is. Dit zou ten minste zijn af te leiden uit een telegram, dat het departement van marine in den afgeloopen nacht heeft ontvangen van den vlootvoogd, die van zijn kant het feit zou hebben vernomen van een Cubaansch opstandeling." Te Madrid is men ondertusschen nog immer de meening toegedaan, dat admiraal Cervera alien tijd had te Santiago nieuwen kolenvoorraad en ammunitie in te nemen en weer te vertrekken tevens, terwijl de schout-bij-nacht Schley te Cien fugos zijn kostbaren tijd zoek maakte. De commo dore bevond zich werkelijk Dinsdagavond 11. te Cienfugos, waar hij, door valsche berichten mis- leid, het Spaansche eskader hoopte te vinden. Door de opstandelingen onderricht, dat hij verkeerd Vrij bewerkt door A MO. Ik wilde niet terstond naar mijne woning te- rugkeeren, want ik huiverde bij de gedachte aan mijn eenzamen liaard, en aan de smart die mij daar telkens zou overstelpen. In den roes der vermaken zou ik mijn droevige herinneringen zoeken te ontvluchten. Ik kon voorloopig wel in de stad blijven mijne zaken drongen mij niet. Voort dus naar den kring der genoegens, en afleiding gezocht Afieiiing Dwaas die ik was Mijne pogingen waren vergeefsch. Velen hebben als ik zonder succes ditzelfde geprezen middel aangewend. Eenige dagen na mijn onderhoud met Anna wandelde ik in gezelschap van een vriend, die algemeen in de stad bekend was, door de straten. Nadat wij een paar straten waren doorgeloopen zag ik eensklaps op een stoep een man staan, dien ik dadelijk als Anna's echtgenoot herkende. Hij praatte met enkele andere heeren, die daar ook stonden. Wijl zijn gelaat eenigszins van ons was afgewend, was ik in staat de aandacht van mijn vriend op hem te vestigen, zonder dat hij het merkte. *Hoe heet die man vroeg ik. was ingelicht, heeft hij zich toen met den meesten spoed naar Santiago begeven hij moest een afstand van 129 mijlen afleggen de wind woei sterk van uit het Zuid-Oosten, zoodat hij niet voor Donderdag zich vodr de baai van Santiago heeft kunnen vertoonen. Uit alles wat bekend is gemaakt, mag men dus de gevolgtrekking maken, dat admiraal Cervera zich een week lang met de grootste vrijheid heeft kunnen bewegen, zooals het hem behaagde, en dat hem tot Woensdagavond gelegenheid is gelaten zee te kiezen, zonder een oogenblik veroutrust te worden Hij stond in telegrafische gemeenschap met Havana en aldus heeft hij op de kaart de bewegingen der beide Amerikaansche eskaders kunnen volgen. Hij heeft kunnen weten, dat de eskaders zich 19 Mei te Key West bevonden, dat commodore Schley dien dag zee heeft gekozen, dat admiraal Sampson den volgenden dag onder zeil is gegaan, dat deze hoofdofficier zich Maandag voor Havanna bevond, dat commodore Schley voor Cienfuegos kruiste eindelijk beide eskaders koers zetten naar het Oosten, het eene eskader kruiste ten Noorden, het tweede ten Zuiden van Cuba. Cervera's toeven te Santiago zal dus wel een gegronde reden hebben Een Nederlandsch vaartuig, de ^Prins Frederik Hendrik", dat Zondag te New-York is aangekomen uit Curasao, heeft den Amerikanen nieuws gebracht over den staat van Cervera's escader. De ,/Vizcaya", z/Maria Teresa", //Furor" en //Pluton" lagen langszij de //Prins Frederik Hendrik" en de kapitein van dit vaartuig rapporteert uit persoonlijke waar- nemingen, dat Spanje's eskader geen levensmiddelen meer had en dat de //Yizcaya" in geen tieu maanden in een droogdok was geweest, waardoor het aan- groeisel aan den bodem zes tot acht duim dik 't Leek wel of de schepen in een hevigen was. orkaan waren geweestde //Furor" was van een mast beroofd, de verf was op verschillende plaatsen zwaar beschadigd, terwijl zeeplanten en schelpdieren zich overal hadden vastgehecht. De kolen-voorraad was zeer gering, wat duidelijk bleek uit de ondiepe ligging. De bemanning scheen uitgeput. Spaan sche officieren kochten twintig ossen en al het gevogelte en al de eieren, die in voorraad waren, doch er was slechts 300 ton steenkolen van slechte hoedanigheid. Er is Zaterdagavond beweerd, dat het eskader van admiraal Sampson bij Santiago een nederlaag heeft geledendat de admiraal zelf werd gedood. Maar, werd aan het hierop betrekking hebbend ,/Theodoor Tellings," antwoordde mijn vriend. z/Wie en wat is hij Wat voor een man is het ffHij is een baron, niet zeer rijk. De mannen die ge daar ziet, zijn zoo wat alien van hetzelfde allooi. Men zegt, dat hij zeer //populair" is bij de dames." //Is hij gehuwd z/Ik weet het niet. Dat mag de Hemel weten ook Ik heb nooit gehoord van een mevrouw of juffrouw Tellings. Er moeten er echter ver- scheiden zijn, die zedelijk recht op dien titel hebben." Dit was dus Anna's echtgenoot. Ik knarsetandde van woede. Waarom had hij haar gehuwd onder een valschen naam en waarom hield hij zijn hu- welijk geheim Niet alleen baron Theodoor Tel lings, maar ook de edelste in het land kon trotsch zijn op het winuen van Anna's liefde. Hoe meer ik over de zaak nadacht, hoe ellen- diger ik mij gevoelde. De gedachte, dat de door mij beminde vrouw op de eene of andere lage wijze bedrogen was, maakte mij bijna krankzinnig. De wetenschap, dat de koningin mijner wenschen den eenen of anderen dag het bedrog ontdekken zou, was vreeselijk. Wat kon ik doen Ik wilde hier of daar een verklaring aan Theo door Tellings vragen. Recht of macht daartoe had ik echter niet. Ik was voor Anna niets anders dan een teleurgesteld minnaar. Ik gevoelde boveudien, dat ze mij haar geheim in vertrouwen had onthuld. Zeker zou ik haar diep leed doen, door dezen man te laten weten, dat ik met zijne positie in de maatschappij bekend was, wanneer hij goede redenen voor geheimhouding had. Hem bericht t.oegevoegd, dit gerucht is nog niet bevestigd. Tegelijkertijd kreeg de New-York Herald een telegram, waarin juist het tegenovergestelde werd bericht. Daarin werd beweerd, dat de Amerikaansche vloot de baai van Santiago was binnengedrongen, de stad had gebombardeerd en het Spaansche eskader had vernietigd. Maar, werd ook aan dit bericht toegevoegd, dit gerucht is nog niet beves- tigd. Vier en twintig uur lang hebben lichtgeloovige menschen, die wel van wat sensatie houden, kun nen gelooven, al naar hun persoonlijke sympathieen, aan de nederlaag van Sampson of aan de vernieti- ging van Cervera's eskader, doch toen was't, naar aanleiding van vele loocheningen en geen enkele bevestiging, alweer uit en het oude spelletje, de puzzie, ffwaar is de vloot", kon weer opgevat worden, dank zij ook der mededeeling uit Havanna van Zondagmorgen, dat de Amerikaansche schepen, die in 't gezicht van Santiago waren, Zaterdag waren verdwenen, zonder dat men wist waarheen Yolgens mededeeling van den inspecteur over het loodswezen in het 6e district, is in het Pas van Ter Neuzen, Schelde, 6e district, de be- tonning veranderd als volgt Yan de stompe ton n°. 7a is het topteeken afgenomen en deze ton verlegd, in 115 d.M. water, op ongeveer 51° 20' 57" NB. en 1° 1'43" WL. De stompe ton n°. 7 is voorzien van een af- geknotten kegel als topteeken en verlegd in 66 d. M. water, op ongeveer 51° 20' 59" NB. en 1° 4' 1" WL. De ligplaats van de stompe ton n°. 6a van genoemd vaarwater is op ongeveer 51° 21' 7" NB. en 1° 4' 50" WL. Tot dusver behoefden de verlofgangers der militie te land, die zich met verlof in het buiten- land ophielden, eene vergunning van den Minister van Oorlog om uitstel van deelneming aan het jaarlijksch onderzoek over de verlofgangers in de maand Juni. Thans zijn de Commissarissen der Koningin door den Minister gemachtigd, bij het verleenen van vergunningen tot verblijf in het buitenland, tevens uitstel van dat onderzoek te verleenen tot November of December, indien de betrokken verlof- ganger dat uitstel wenscht. Inzake de aanzienlijke verhooging van de aanslagen van den hoofdelijken omslag te 's Gra- kon ik niet tot verantwoording roepen, dat is waar maar ik moest toch iets doen, wilde ik later mijn hart niet door zelfverwijt voelen wegteren. Den volgenden dag schelde ik aan Anna's huis aan. Zij kon mij dan vertellen, of de naam waaronder de man haar huwde voor haar de ware of de valsche was. Ik hoorde, helaas, dat zij daags te voren haar huis had verlaten en niet weer zou terugkeeren. De hospita wist niet waarheen zij was vertrok- ken, alleen dat haar plan was, Nederland te verlaten. Ik sloeg nu alle voorzichtigheid in den wind en ging naar het adres van Theodoor Tellings zoeken. Na eenige moeite vond ik het. Den volgenden dag melde ik mij bij hem aan. Hij had pas Nederland verlaten, werd mij meegedeeld. Het doel zijner reis was onbekend. Treurig gestemd ging ik heen. Het huwelijk mocht wettig of voorgewend zijn, Anna was ver- trokken, vergezeld door een man, die om onbe- kende beweegredenen doorging voor Haakma, maar wiens werkelijke naam Theodoor Tellings was. Toen keerde ik naar huis terug en bad, bij de schipbreuk van mijn levensgeluk, dat eer en voorspoed het deel mochten zijn van de door mij nog altijd beminde Anna. Ik zwoer, dat ik met eigen hand wraak zou, nemen op den man door wien zij verongelijkt was. Voor mij zelf kon ik niet bidden. Ik beminde eene vrouw en had haar voor eeuwig verloren. In deze woorden ligt alles opgesloteu. venhage verneemt men, dat burg, en weth. voor een der eerstvolgende vergaderingen van den gemeenteraad voorstellen voorbereiden tot terug- gaaf of verrekening van het bedrag dat de aan- geslagenen door heffing van meer dan uoodig was te veel hebben betaald of zouden moeten betalen. De heeren A. J. Sanders te 's Gravenhage en J. I. Wuijckhuizen, te Rotterdam, hebben medegewerkt aan een prijsvraag voor een krank- zinnigengesticht voor 570 patienten teTriest. De ligging van dit gesticht op een zeer heuvelachtig terrein verzwaarde zeer de moeilijkheden van de oplossing. Het plan bestond uit ongeveer 27 gebouwen, en er deden zich dus groote moeilijk heden voor, eenheid te brengen in een zoo samen- gesteld plan. Dit blijkt trouwens uit het feit, dat, ondanks de betrekkelijk groote prijzen, er slechts 12 deel- nemers aan de prijsvraag waren. De prijzen zelven werden niet uitgereikt, maar met sommige inzenders werd onderhandeld. Daartoe behooren ook de heeren Sanders en Van Wuijck huizen, wier plan door het gemeentebestuur van Triest is aangekocht. TER NEUZEN, 1 Juni 1898. Naar aanleiding van het bezwaarschrift van drie kiezers, tegen het raadsbesluit tot toelating van den heer P. A. van de Velde als raadslid dezer gemeente, is door Gedeputeerde Staten van Zeeland aan het bestuur dezer gemeente mede- gedeeld, dat zij omtrent het raadsbesluit ambtshalve uitspraak zullen doen. Deze mededeeling is geschied op grond van art. 35 der gemeentewet, dat luidt z/Ged. Staten kunnen ook ambtshalve omtrent de beslissing van den raad uitspraak doen. Zij geven van hun voornemen hiertoe aan den Raad bericht binnen acht dagen nadat hun de beslissing is medegedeeld. Zij brengen binnen veertien dagen, na dat bericht, hunne uitspraak, met redenen omkleed, ter kennis van den Raad en van den niet toegelatene." In de alhier gehouden vergadering van de centrale anti-revolutionaire kiesvereeniging in Zeeuwsch-Ylaanderen Oostelijk deel werden voor de a. s. verkiezing voor de Provincial Staten in het district Hulst tot candidaat gekozen de heeren J. F. Heemskerk te Sas van Gent, P. van Hoeve te Axel, J. A. de Jonge en G. Wielaud te Ter Neuzen. II. Toen Anna mij haar trouwring toonde, onderging miju gansche bestaan een verandering. Van dat oogenblik af was ik een ander mensch alle geest- en levenskracht scheen uit mijn lichaam geweken te zijn. Werktuigelijk verrichtte ik maand na maand mijn arbeid. Verre van mij te verheugen over de uitbreiding mijner praktijk, deed het mij zelfs onaangenaam aan, dat het getal mijner patienten voortdurend toenam. Zoolang ik genoeg verdiende om in mijn dagelijksche be- hoeften te kunnen voorzien, was al het andere mij onverschillig. Rijkdom had voor mij geen waarde, wijl hij mij toch niet kon verschaffen, wat ik verlangde. Mijn toestand was zoo ellendig mogelijk. Ik gevoelde geen behoefte aan vrienden. Ik stond alleen in de wereld, alleen zou ik altijd zijn. Meer dan een jaar ging op die wijze voorbij. Mijne zwaarmoedigheid nam nog met den dag toe. Yan Anna ontving ik geen enkel bericht. Ik won ook geen inlichtingen omtrent haar in en deed geen enkelen stap om haar op te sporen. Toch vergat ik haar geen oogenbliksteeds trachtte ik aan haar te denken als gelukkig en benijd. En toch, ondanks mij zelf huiverde ik soms, als mijne verbeelding mij haar lot schilderde, zooals dat in werkelijkheid misschien zijn kon. Ik had het bewustzijn, dat eenmaal de dag zou komen, waarop ik vernam, dat ik voor het verhooren mijner bede dankbaar kon zijn, of dat ik mij gereed moest houden om mijne belofte te vervullen. (Wordt vervolgd.)

Krantenbank Zeeland

Ter Neuzensche Courant. Algemeen Nieuws- en Advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen / Neuzensche Courant ... (idem) / (Algemeen) nieuws en advertentieblad voor Zeeuwsch-Vlaanderen | 1898 | | pagina 1