Flessenpost uit duister Rusland Gespletenheid als motor voor poëzie Verzameld werk Daniil Charms Claus heeft wel een erg lange baard "DTP kunst x£j\j cultuur Huwelijk Halve eeuw verhalen 12 Voor het nu verschenen boek Ik zat op het dak is van die uitgave gebruik gemaakt. Nederlandse literatuurliefhebbers hebben al vanaf 1978 het werk van Charms kunnen ontdekken. Maar door de omvang, de brede opzet en de kwaliteit van de vertalingen is de nieuwe bundel een doorbraak. We danken een en ander aan de inspanningen van Margriet Berg, Yolanda Bloemen, Jan Paul Hinrichs en Marja Wiebes. Ze laten Charms in al zijn facetten zien. Hij blijft desondanks een ongrijpbare figuur. Meer iemand van sprankelende invallen dan van uitgewerkte literatuur, eerder een man vol verbijsterende ideeën dan een conventionele schrijver. Beknoptheid vond hij een deugd. „Een overvloed aan woorden is de moeder van talentloosheid!heeft hij eens opgemerkt. Hij laat zich ook nauwelijks rubriceren: je kunt in dit boek een absurdist, een dadaïst en nog veel meer tegenkomen. In elk geval is hier iemand aan het woord die geen andere maatstaf heeft dan zijn eigen ongebreidelde fantasie. Wat interesseerde hem? In een dagboekaantekening verklaarde hij onder meer: „Alles wat uit het gezichtspunt van de logica onzinnig en dwaas is." Dat leidde tot dwars, vaak heel gek werk waarin de grenzen tussen proza en poëzie, drama en komedie, literatuur voor volwassenen en literatuur voor kinderen, werkelijkheid en droom, hoog en laag volkomen vervagen. Indrukwekkende onderdelen van zijn oeuvre zijn de hartstochtelijke brieven aan de toneelspeelster Claudia Poegatsjova, de novelle 'De oude vrouw', de aantekeningen in 'Het blauwe schrift', vele schetsen voor verhalen en toneelstukken. Van bijna alles wat Charms schreef, gaat een beklemmend effect uit. Mensen worden om onbegrijpelijke redenen opgepakt. Autoriteiten gedragen zich geheel willekeurig. Zijn trieste levensverhaal is bijna een vervulling van zijn literatuur geworden. Er is een schrale troost: deze vrije schrijver blijft fascineren, terwijl van dat onvrije land niet veel meer rest dan een baiTe reputatie. Hans Warren Daniil Charms: Ik zat op het dak. Proza, toneel, gedichten, dagboek aantekeningen, brieven. Vertaald door Margriet Berg, Yolanda Bloe men, Jan Paul Hinrichs en Marja Wiebes. Gekozen door Yolanda Bloemen. Met een nawoord van Jan Paul Hinrichs - 576 pag .plus een ka tern met illustraties, gebonden, 69,90 - Uitgeverij Atlas, Amster dam-Antwerpen. e Russische schrij ver D aniil Charms hoort tot de M merkwaardigste persoonlijkheden van de moderne literatuur. Voor de omvangrijke bundel Ik zat op het dak werden verhalen, toneelteksten, gedichten, dagboekaantekeningen en brieven van hem vertaald. Jan Paul Hinrichs merkt in zijn nawoord op dat dit werk iets weg heeft van „flessenpost, ons toegeworpen vanuit de duisterste hoek van het twintigste-eeuwse totalitarisme." Miguel DeclerqWat C-hloë overkwam (De Arbeiderspers, 163 blz., 29,90). Ondanks haar dood beïnvloedt het meisje Ch- loë nog altijd de gevoelens en de gedachten van de mensen die haar kenden. Romandebuut. Miguel Declercq publiceerde op eenentwintigjarige leeftijd de dichtbundel Person@ges, die genomineerd werd voor de C.J. Buddingh'prijs en bekroond met de HC. Pemathprijs. Amazonië. Vrouwen op reis (Prometheus, 196 blz., 24,90). Reisverhalen van Nederlandse en buitenlandse schrijfsters, sa mengesteld en ingeleid door Anne Wessseling. Chantal van Dam: Familiebe richten (Nijgh Van Ditmar, 189 blz., ƒ34,90). Roman over de zoektocht naar een moeder, naar haar geschiedenis en de rol proza. die ze speelde in het leven van haar dochter en haar tweede man. Van Chantal van Dam ver scheen eerder de novelle Het Maggischip. Ward Ruyslink: Traumachia (Manteau, 224 blz., geb., Hoe het goede individu vermor zeld wordt in een wereld waar het eigenbelang de maat van al le dingen is. Nieuwe roman van Ward Ruyslink. Xandra Schutte: Maskerade (DeBezigeBij242 blz., 39,50). Essays van journaliste Xandra Schutte (1963). De meeste es says zijn de afgelopen zeven jaar gepubliceerd in De Groene Am sterdammer, De Gids en Lust Gratie, maar voor dit boek rigoureus bewerkt en herzien. Anne Vegter: Harries hoofdin gang (Querido, 64 blz., geb., 37,50). Na De dame en de j neushoorn en Verse bekken! een nieuwe bundel ultrakorte ver halen van Anne Vegter. Met te keningen van Geerten Ten Bosch. Mart Smeets: De kopgroep j (Veen, 191 blz., 19,90). Tweede roman van Mart Smeets over ze ven renners die elkaar zeven jaar nadat ze in een memorabele etappe de hele Tour de France op zijn kop hebben gezet, in Amsterdam treffen om daar een nachtelijke reünie vol drank, drugs en vrouwen mee te ma ken. werden onmogelijk. Tussen december 1931 en juni 1932 zaten hij en enkele medestanders in voor-arrest omdat ze betrokken zouden zijn bij een „anti-sovjetgroepering van literatoren." Een veroordeling tot drie jaar werkkamp volgde. Op voorspraak van zijn vader werd de straf omgezet in verbanning. Hij moest - voor betrekkelijk korte tijd - naar Koersk. „Een heel onaangename stad" vertelt hij in een brief. En hij voegt eraan toe: „Geef mij dan maar het Huis van bewaring." Enkele jaren later raakte hij nota bene door een kindergedicht in moeilijkheden. Het gaat om 'Een man verliet een keer zijn huis', een hoogtepunt in zijn- werk. De hoofdpersoon van het vers is op een ochtend een bos ingelopen, sindsdien heeft niemand hem meer gezien. Het gedicht eindigt: 'Maar als het ooit nog eens gebeurt/ Dat u die man ontmoet./ Vertel het ons, /Vertel het ons met spoed.' Het was 1937, de tijd van de stalinistische terreur toen vele, vele mensen verdwenen. Men veronderstelde dat Charms heimelijk naar deze gruwelijke maar onbespreekbare actualiteit had verwezen. Een jaar lang werd hij geboycot, waardoor hij grote financiële zorgen kreeg. „We hebben niets te eten. We hebben vreselijke honger", noteert hij op 1 juni 1937 in zijn dagboek. In 1941 werd hij door de politie uit z'n huis in Leningrad gehaald. Begin 1942 stierf hij in een gevangenishospitaal, waar is niet bekend en ook de omstandigheden zijn onduidelijk. Voor zijn belangrijkste bezit, zijn nooit in druk verschenen literatuur, had hij niet kunnen zorgen. Bovendien was kort na zijn arrestatie een Duitse bom op zijn woning gevallen. Het is eigenlijk een wonder dat we meer van hem kennen dan die twee gedichten en zijn werk voor kinderen. Natuurlijk zijn er diverse gevallen van manuscripten (Sade, Kafka, Mandelstam, Anne Frank) die door toeval aan huiszoekingen, vlammen en bommen zijn ontsnapt. Maar de zaak Charms is, ook door alle bijkomende omstandigheden, wel heel bizar. Een vriend redde veel papieren, maar wat kon hij ermee doen? Het zou jaren duren eer in de Sovjet-Unie openlijk aandacht aan dit zogenaamd aanstootgevende werk mocht worden besteed. Bovendien was de status van al die nagelaten teksten onduidelijk: wat kun je voltooid noemen en wat heeft de auteur niet afgemaakt? Toen in het Westen in kleine kring het werk van Charms een begrip geworden was, dook bovendien uit Venezuela de weduwe van de auteur op die alle rechten claimde. Maar in 1997 kon in Rusland eindelijk een degelijke editie van zijn verzameld werk van start gaan. Gedichten schrijven, dat is iets wat bij de meeste men sen vanzelf overgaat. Net als an dere dingen die met de jeugd verbonden zijn, bijvoorbeeld grootse idealen koesteren en wanhopig verliefd zijn. We wor den ouder en bedaag'der, vinden een baan en stichten een gezin, over alles dat ons vroeger zo be zig hield halen we de schouders op. Bij een enkeling wordt de onrust niet volledig bezworen, onder meer niet bij Anton Kor- teweg (geb. 1944). Hij beseft dat hij veel heeft ver loren door de ogenschijnlijke winst en schrijft daar bijzonde re poëzie over. 'Je huis is vol schatten en op stand./ Een ka mer voor jezelf. Rustige straat./ Een tuin. CD. PC. Twee lapjes katten./ Een mooie baan. Én- deren: goed verstand./ Aardige vrouw. Zo kun je nog wel door gaan./ Zelfs met je ouders heb je nog een band', zo telt hij zijn zegeningen in een gedicht. Des ondanks, vervolgt hij, 'kun je melden dat/ je comfortabel on gelukkig bent.' Comfortabel ongelukkig, zo heet ook de selectie uit vier tus sen 1982 en 1991 gepubliceerde bundels die nu is verschenen. Het boekje bevat allemaal ge dichten uit de tijd dat, zoals Korteweg het noemt, „ik als man de jongen die ik ben weet in te slikken." Hij schrijft ironisch hoe 'herrlich weit' hij het heeft gebracht, over zijn gezin en zijn carrière. Tevreden kan hij niet zijn, want anders dan bij ande ren is de j ongeman in hem met al diens verwachtingen en harts tochten niet tot zwijgen ge bracht. Hij houdt de volwasse ne, die juist door te slagen hem heeft verraden, nauwlettend in de gaten: 'Het wil mij maar aan niets ontbreken Wat deed ik allemaal verkeerd?' Korteweg bestaat uit twee per soonlijkheden. De ene persoon lij kheid is iemand die beleefde brieven schrijft en vergadert. De andere persoonlijkheid ziet het allemaal verbaasd aan en schrijft gedichten. Wanneer de dichter naar de ambtenaar kijkt, denkt hij 'hoe goed het is dat ik niet in mijn schoenen sta. Die wonderlijke gespletenheid is, de motor van deze poëzie, vandaar een wending als: 'Want dan schreef ik me niet meer. Deze keuze uit Kortewegs oeu vre telt drie afdelingen: ze gaan achtereenvolgens over het le ven, de liefde en de dood. De dichter kan zich er niet mee ver zoenen, maar hij berust wel in de natuurlijke gang van zaken. 'Het is heel erg maar ook weer niet zo erg', vat hij zijn visie sa men in het geestige 'Crematori um'. En hij troost zichzelf bij opkomend verdriet met het be sef dat anderen al dood en be graven zijn: 'Die hebben ze - mij hebben ze nog niet.' Wat zijn werk zo treffend maakt is de ge nuanceerdheid en de openhar tigheid. Hij durft ervoor uit te komen dat je houding tegenover je geliefde verandert. Hij zoekt de wang en niet meer de mond van zijn echtgenote. 'De span nende lianen, de /overrompe lende orchideeën van weleer' werden vervangen door be scheiden viooltjes en kalme sla. Maar voor erotische opwinding kwam een vanzelfsprekende ge negenheid in de plaats, zo laten 'Feest' en het hierbij afgedrukte 'Huwelijk' zien. Bijzondere poëzie, want tegenover honderd verzen over verliefdheid staat hooguit één vers over deze fase van de liefde. Gelukkig gaat het schrijven van gedichten niet bij iedereen vanzelf over. H.W. Anton Korteweg: Comfortabel on gelukkig - 72 pag./ f 19,90- Meulen- hoff, Amsterdam. Ik ben verbonden met een apparaat dat luistert noch antiooordt maar hoort wat ik zeg. Zo heb ik je het liefste. Anton Korteweg: „Hetwil mij maaraan niets ontbreken." foto CeesZorn Het was een fatale combinatie: zo'n vrije schrijver als Daniil Charms in zo'n onvrij land als de Sovjet- Unie. Hij werd geboren als Daniil Ivanovitsj Joevatsjov in 1905 te Sint-Petersburg. Samen met een aantal vrienden richtte hij de groep 'Oberioe' op die zich keerde tegen het sociaal- realisme, bekend door de schilderijen met griezelig gezonde arbeiders, vrolijk smokende fabrieken en natuurlijk veel rode vaandels. In een manifest uit 1928 presenteerden Charms en de zijnen zich „als een nieuwe afdeling van de linkse revolutionaire kunst." Ze begrepen niet waarom die „als hopeloos uitschot of, nog erger, als charlatanerie" werd beschouwd. Hun actie vond geen weerklank, integendeel. In de jaren daarvoor had Charms twee van zijn gedichten gepubliceerd weten te krijgen, en daarbij zou het wat zijn literaire werk voor volwassenen betreft blijven. Hij voorzag in zijn onderhoud met verzen en verhalen voor kinderen. Voortdurend dreigde gevaar voor een onaangepaste kunstenaar als Charms. De activiteiten van 'Oberioe' Ie tterkundige kroniek Daniil Charms, zelfportret 1930. boekenweekgeschenk De zioaardvis (1989). We volgen Claus gedurende 37 verhalen, ge schreven in een halve eeuw. De bundel be gint met jeugdwerk, bijvoorbeeld 'Suiker' - net als het gelijknamige toneelstuk geïnspi- reerd op de ervaringen van de schrijver in 1947 toen hij werkte in een Noord-Franse suikerfabriek. En het boek eindigt met be trekkelijk recent werk. Interessant wil dit proza eigenlijk maar niet worden. Het is al vaak opgemerkt: hij is een buitengewoon veelzijdig, maar ook tamelijk wisselvallig auteur. Zijn poëzie blijft ondanks of mis schien wel dankzij alle tegenstrijdigheden boeien. Als toneelschrijver is hij in de he dendaagse Nederlandse literatuur onover troffen. Maar deze verhalen? Ach. Er valt geen lijn in de bundel te ontdekken, geen sa menhang, geen kern, geen noodzaak. Som mige van deze verhalen lijken achteloos in elkaar gedraaid gelegenheidswerk. Als da tum wordt, in 'De mooiste kleren' 20 decem ber genoemd. Inmiddels geurt het gras alsof het zomer is en zingen de krekels in de tuin. Het is een verhaal over een leraar die wan neer er bezoek komt de huishoudster voor zijn echtgenote laat doorgaan. Zo hoopt hij de gast de pas af te snijden, want die komt hem herinneren aan een homoseksuele ver houding die zij ooit hebben gehad. In de verhalen van Claus wordt - anders dan in de gedichten - betrekkelijk zelden een ontspannen register bespeeld. Een aardige ironische ontboezeming is te vinden in 'Ludduvuddu'. Als jongen van dertien be sloot hij verliefd te worden op een verkoop ster: „Daar het mijn levensdoel was een dichter te worden, was het van kapitaal be lang dat ik vertrouwd geraakte met luddu vuddu." Net wanneer hij haar een sonnet voor wil leggen, krijgt hij te horen dat ze sinds een week is getrouwd. Doorgaans is de humor echter uiterst krampachtig. Kijk bij voorbeeld naar de overdreven wijze waarop in 'In de schaduw van de kapotte boten' het verwende zoontje Paul wordt getypeerd. Z'n ouders hebben hem veel te vroeg verteld „dat je Sautemes moet drinken bij ganzele- ver." In een restaurant weigert het jongetje parmantig de kievitseieren met hopscheü- ten: „Het is het seizoen niet meer." Ook lollig bedoeld is de scène in 'Chüteau Migraine' waarin een getergde Vlaamse! douanier een busje met Hollandse toeristen toespreekt: „Ge peinst dat ge met nen dwa zen Vlaming te maken hebt? Dat ge met nen dwazen Vlaming zijn kloten kunt ramme len, hé?" De Belgenmoppen van deze auteur hebben wel een erg lange baard. Dan zijn de ernstige verhalen, hoe flets dikwijls ook, toch te verkiezen. Met dit onderdeel van Claus' uitgebreide verjaardagsfeest zullen alleen de minst kritische fans gelukkig zijn, H.W. Hugo Claus: Verhalen- 552pag./gebonden/f 85,- - De Bezige Bij, Amsterdam. Ruim twee maanden zij n verstreken sinds de zeventigste verjaardag van Hugo Claus, maar voor uitgeverij De Bezige Bij is het feest rond de Vlaamse ster-auteur nog lang niet voorbij. Nu verscheen een vijfhon derdvijftig pagina's dikke bundel onder de simpele titel Verhalen. Die titel roept trouwens vragen op: bevat dit boek alle verhalen van Claus of gaat het om een keuze? Een verantwoording door de schrijver zelf geeft geen uitsluitsel. Hij laat alleen weten: „In een eerste versie versche nen deze verhalen o.a. in De Vlaamse Gids, Tijd en Mens, De Gids, Bijster, Panorama, Twen, Ruimte, Playboy, Meriaan, Nieuw Vlaams Tijdschrift, Nieuw Wereld Tijd schrift en Snoecks Almanak." Met die op somming van literaire en heel wat minder li teraire tijdschriften schieten we weinig op. De naslagwerken leren echter dat de verha len afkomstig zijn uit bundels als Natuurge trouw (1954), De zwarte keizer (1958), De mensen hiernaast (1985). Ook werden los verschenen novellen opgenomen waaron der het Vlaamse boekenweekgeschenk Cha teau Migraine (1987) en het Nederlandse Hugo Claus: verhalen voor de minst kritische fans. foto Maurice Nelwan vrijdag 11 juni 1999

Krantenbank Zeeland

Provinciale Zeeuwse Courant | 1999 | | pagina 12