teeds meer bijenvolken bestuivers in fruitteelt Aardrijkskunde en handel pittig en 'rare vraagjes' £XAMEN^[JJ 'IK WEET ELK STUKJE NOG' VERHEID BEVORDERT BESTUIVING DOOR INSECTEN NSDAG 10 MEI 1983 PZC/ provincie 15 selen Sorry hoor. maar dat vond ik een vreemde vraag.'' Ook met een vraag over de verspreiding van rook uit een schoorsteen hebben de VWO- ers 'een beetje gerommeld", vond Cra mers. Als geheel vond hij het examen 'goed te maken'. De leerlingen waren na afloop redelijk te spreken. De HAVO-ers hadden het moeilijker. Ze kregen meer 'kennisvragen' voor geschoteld over demografie (met veel moeilijk rekenwerki, diepgravende theorievragen over Italië, en nogal wat grafieken. Docent Ene Colsen van het Petrus Hondiuscollege in Terneu- zen ..dat is een tendens in de aard- rijkskunde-examens dat leerlingen steeds vaker met grafieken te maken krijgen Daar blijven de meesten nog moeilijkheden mee hebben" Daar naast werd er met moeilijke begrip pen gewerkt, zoals fysisch-geografisch en sociaal-geografisch. Bij aardrijkskunde kan het nog voor komen dat leerlingen worden gecon fronteerd met vragen over zaken die niet uitgebreid, en soms zelfs hele maal met in de les aan de orde zijn gesteld Dat heeft te maken met het feit dat aan het begin van het jaar de geexamineerde onderwerpen worden bekendgemaakt (zoals Italië, de Wad- ADVERTENTIE PINKSTERAANBIEDING Op alle blazers, im. Alcantara jasjes, rokken jumpers en pantalons 15 korting! 9 Goes, Lange Kerkstraat 46. Bakswedstrijden VEERE Op Hemelvaartsdag, don derdag 12 mei. begint bij het Scout centrum in Veere een drie dagen durende bakswedstrijd voor landelij ke scoutinggroepen. De organisatie van dit evenement is in handen van de landelijke commissie bakswed strijden in samenwerking met de admiraliteit Zeeuwse Stromen. Twintig bakken elk bestaand uit groepjes zeeverkenners van maxi maal zeven jongens of meisjes, nemen er aan deel. De wedstrijden beginnen donderdag om 13.00 uur en de prijsuitreiking staat voor zaterdagmiddag 16.00 uur op het programma In de tussentijd wordt gekampeerd op het Scoutcen trum waar drie projecten moeten wor den afgewerkt Een zeiltocht met nautische hinder nissen. een 'overlevings.'-ptoject en een bezoek aan Veere vormen onder meer de onderdelen. Ook moet per bak een warme maaltijd worden be reid op een houtvuQr De winnaar komtefifnet bezit van het Wlsselschild. dat vorig jaar werd ge wonnen door .de Scheldezwervers uit Vlissingen. maal gesproken maakt hij de wa gens uit zijn hoofd. Elk onderdeel van de zelfgemaakte karren is de monteerbaar. precies zoals het in werkelijkheid het geval was „Ik weet elk stukje nog", zegt De Brui ne met gepaste trots De paarden maakt de knutselende Zeeuw door gaans van plexiglas. De wagens zelf van verscheidene houtsoorten, zo als mahonie- en notenhout. De kar ren zijn qua vorm en kleur allemaal van Zeeuwse oorsprong. De Bruine vervaardigde ln de afgelopen zeven jaar zo'n elf exemplaren: boerenwa gens. een dnewielskar. een kruiwa gen. Daarnaast zette hij twee mo lens in elkaar. Een daarvan siert, ongeveer één meter hoog. de voor tuin, met vrolijk draaiende wieken. De zoons van De Bruine hebben de hobby van hun vader min of meer overgenomen. Ze zijn fervente mo delbouwers. De Rillander maakt evenwel onderscheidt. Wanneer je de onderdelen zelf vervaardigt, is het veel mooier, vindt hij. Voorlo pig blijft hij ook doorgaan met de wagens. Daarnaast is tuinieren een grote liefhebberij van de Reimers- waler. Vorig jaar leverde zijn tuin hem nog dertig kilo druiven en tien kilo bramen op. Naast de werk plaats. bouwde De Bruine zijn ei gen kas „Ach. ik vindt het alle maal even fijn", maakt hij duide lijk. „Al doe ik het wel rustigjes aan". Dan kijkt de Rillander op zijn horloge. De tijd dringt, verduide lijkt hij. Het groene laken wacht. Rene Groeneveld strijdingsmiddelen gaan gebruiken. Er wordt niet tijdens de bloei gespo ten We hebben ook vrijwel geen spuitschade meer de laatste jaren Het komt nog wel eens voor, maar dan meestal door bespoten slootkanten". De bijenvolken worden door de im kers zelf naar de boomgaarden ge bracht Bij voorkeur niet in de buurt van de vaste standplaats, maar ten minste vijf kilometer er vandaan, om dat anders de dieren terugkomen. Tijdens de bloeiperiode van de bomen blijven de dieren uitgeleend. Voor de vervoerskosten, plaatsing en controle krijgt de imker een vergoeding Door hei Landbouwschap is een bestui- vingsregeling opgesteld. Jansens vindt dat, „om moeilijkheden te voor komen", wel een goede zaak. „Als de imker zich niet aan de regels houdt, dan wordt hij geweigerd. De fruitte lers moeten ervan op aan kunnen dat ze volwaardige volken krijgen". De secretaris van de bijenhouders vereniging en ook de consulent voor de bijenteelt en bestuiving van cul tuurgewassen Pettinga. beklemtonen dat er in Zeeland geen problemen zijn vanwege specifieke bijenziektes (die elders in het land al tot vervoersver- boden leidden). Jansens onderstreept voorts dat bijen geen overbrengers zijn van bacterievuur „Dat is ook nooit aangetoond. Bovendien bloeit de meidoom pas na de peren. De bij is bloemvast: als hij op de peer vliegt, vliegt hij met op de meidoorn" Telling Consulent Pettinga laat weten dat er geen concrete getallen bekend zijn over de inzet van bijenvolken. „We kunnen dat moeilijk meten. Het is wel eens geprobeerd het met de jaar lijkse mei-telling mee te nemen, maar dat kwam niet voldoende uit de verf'. Hij is er wel van overtuigd dat de belangstelling van de zijde van de fruittelers toeneemt. De consulent heeft daar enkele verklaringen voor. „De fruittelers zijn overgeschakeld op een ander assortiment. Die andere rassen ste len hogere eisen aan de bestuiving En door de sanering lig gen de fruitbednjven niet allemaal meer by elkaar, waardoor de bijenvol ken met automatisch van de ene boomgaard naar de andere vliegen" Pettinga herinnert eraan dat in Zee land lang het verhaal is gegaan dat de wind het (bestuivingsiwerk wel deed. Ten onrechte, meent hij „Appels en peren zijn geen windbestuivers. Het zijn insectenbloemen en je hebt dus bijen nodig De wind is niet zonder meer van invloed, wel op het gedrag en de aanwezigheid van insecten" Consulent Pettinga brengt naar voren dat de noodzaak om over bijenvolken te kunnen beschikken, van jaar tot jaar wat kan verschillen. Vooral tij dens koude en natte voorjaren is de aanwezigheid van een volk zinvol, omdat dan de natuurlijke bestuiving door insecten m de knel komt. Door de kou en regen (zoals het voorjaar '83) vliegen de insecten minder vaak en minder ver. Pettinga betoogt dat de rijksoverheid de ontwikkelingen op het gebied van de bijenbestuiving toejuicht. ..Het is ook de eerste reden dat de overheid de bijenteelt steunt" Hij is ermee in zijn sas dat de aan dacht van imkers en telers niet tot het hardftnit beperkt blijft en zich mede richt op het zachtfruit (ook onder glas). De proefneming met zwarte bessen (in samenwerking met het proefstation voor de fruitteelt in Wil- helminadorp) heeft naar zijn mening het nut ervan aangetoond. den. etc.) De docenten moeten dan maar zien dat ze genoeg lesstof te pakken krijgen, met het risico dat in de examens nog veel verder wordt doorgevraagd dan was verwacht. „Het HAVO-examen was zonder meer moeilijk", constateerde Eric Colsen dan ook na afloop. MAVO Het MAVO-c-niveau (het gemakke lijkste) was volgens Colsen op het eerste gezicht niet erg moeilijk. „Veel directe lesstof, puur leerwerk', zei hij. „Minder begripsvragen dan bij HAVO. en dat hoort ook". In het vragenbiokje over demografie zalen enkele doordenkertjes, en een vraag over groeikernen en leeftijdopbouw is niet letterlijk in het studieboek terug te vinden. Over Italië werden een paar 'pietluttige' vraagjes ge steld. onder meer naar het financiële centrum van dat land. „Volgens mij is dat Genua", meende Colsen. maar na raadpleging van het antwoordvel bleek dat Bologna werd bedoeld. „Kijk, dat wist ik zelf niet eens precies. Dat bedoel ik nou: dergelijke vragen, daar hen ik helemaal niet weg van". Het MAVO-d-niveau was volgens Col sen nogal moeilijk. „Veel denkvragen en zeker geen gemakkelijke modellen, zoals die van het bevolkingsverloop. Dat kom je in vrijwel geen enkel boek tegen". Met het model moesten toe passingen worden verricht die vol gens Colsen 'ver buiten de gebruikelij ke leerstof liggen". ..Bepaald niet ge makkelijk". was zijn slotconclusie Handelswetenschappen 'oude stijl' voor de MAVO-leerlingen die het vo rig jaar zakten, was volgens een Ter- neuzense docent 'redelijk te doen', al werd heel wat parate kennis veronder steld en vonden de leerlingen het nogal pittig. Het examen-nieuwe-stijl bestond uit dertig meerkeuzevragen, die feitelijk meer dan 'economie' dan met handelskennis te maken hadden Er waren enkele rekenvragen. de bui tenlandse handel kwam aan de orde. de problematiek van een ontwikke lingsland werd met Indonesië als voorbeeld behandeld, en inkomenspo litiek in verband met belastingverla ging en groei van de werkgelegenheid hoorden tot de onderwerpen. Dat sloot volgens de docent redelijk goed aan by de lesstof: het ouderwetse boekhouden was nauwelijks nog ver tegenwoordigd. ..Handelswetenschappen voor de HAVO-ers was volgens de docent van het Zeldenrustcollege 'niet gemakke lijk Van de vier uitgewerkte vragen was de laatste verreweg het moeilijk ste. Dc laatste opgave behandelde financiële rekenkunde samengestel de intrest- en annuiteitenberekenin- gen. verwerkt in één model. „Daar zullen de leerlingen wel problemen mee gehad hebben", veronderstelde hy. Hij reed meer dan vijftien jaar op onvervalste Zeeuwse boerenkarren rond. Vanaf omstreeks 1930. Elk onderdeel van de met paarden bespannen wagens leerde L. de Bruine uit Rilland daardoor kennen. En hoewel hij daarna tientallen jaren tal van andere werkzaamheden verrichtte, kon hij de karren niet vergeten. Toen De Bruine op zijn vijfenzestigste van zijn welverdiende rust ging genieten, kwam het idee bij hem op de oude karren, compleet met paarden, in het klein na te gaan maken. Want stilzitten, dat lukte na vijfenzestig jaar werken niet meer. Zonder omhalen vertelt De Bruine neer ik eens een boodschap voor dat hij in zijn leven hard heeft gewerkt, 'eel ard' zelfs. Vader en moeder De Bruine namen hem op zijn negende levensjaar mee naar het land. In de omgeving van Kam perland hielp de jonge Zeeuw zijn ouders de eindjes aan elkaar te knopen ..We hadden het niet zo breed", zegt hij. Niet dat het erg vond. bekent De Bruine eerlijk heidshalve. Het naar school gaan beviel toch niet zo ..Maar je mist die schoolopleiding wel later". De Kamperlandse familie kreeg het korte tijd daarop zo moeilijk, dat er werk buiten Zeeland gezocht moest worden L de Bruine was vijftien, toen het gezin naar Rotterdam ver huisde Zelf kwam de Rillander te recht op een glasfabriek, waar hij wit glas sleep. Langer dan één jaar. hield de familie het niet uit in Rotterdam ..Mijn ouders konden niet wennen in de grote stad", her innert De Brume zich ..Alles was vreemd We hadden daarvoor zelfs nog nooit een trein gezien". Dus toog het gezin weer naar Zee land. Dit keer belandde de familie in Rilland. L. de Bruine had het nu meer naar zijn zin. In de polders rond Rilland, zoals de Bathpolder. maakte hij menige rit met de boe renkarren. Eerst als boerenknecht, later als los werkman mijn vrouw moet doen, laat ik alles gewoon liggen", vertelt hij. Boven dien gaat de karrenmaker regelma tig naar de bejaardensoos, om zijn vaardigheid op het groene biljartla ken wat bij te schaven Alleen als hij er écht zin in heeft, slijt hij zijn tijd wel eens 's avonds in de werkplaats. Momenteel richt De Bruine zijn aandacht op het vervaardigen van een zogenaamde kerkbrik ..Toen ik vroeger bij de boer werkte, hadden we op zondagen altijd thuiswach- ters". legt hij uit. „Eén van ons ging dan altijd met de boer en de zijn vrouw naar de kerk met zo'n Tij tuig. De ander moest op de beesten pas sen". De zwarte sierlijke kar is het eerste exemplaar dat de Rillan der van een tekening maakt. Nor- De Bruine trouwde in Rilland en werkte tot aan de watersnood ramp door op het land. De schade vergoeding. die hij en zijn gezin na de ramp ontvingen, stelde dc fami lie in staat een eigen huisje in Rilland te kopen. Daar wonen De Bruine en zijn vrouw nu nog. On danks het feit dat de Rillander de jaren tot zijn pensioen steeds in andere plaatsen zijn brood ver diende. Zoals met het spinnen van nylon in Breda en het helpen fabri ceren van kasten en keukens in een fabriek te Bergen op Zoom. De laatste vijf jaar van zijn loopbaan, werkte De Bruine bij een houthan del in Middelburg. Een verknelde nekspier veroorzaakte hem vlak voor zijn pensioengerechtigde leef tijd zoveel nekkrampen, dat hij de pijp aan Maarten moest geven. „Het doet nog wel veel zeer", zegt hij. „Maar de dokter beweert dat ik er wel negentig mee kan worden". De trots van de inmiddels tweeenze ventig jarige Rillander is zijn werk plaats. waar allerhande instrumen ten tot zijn beschikking staan De nonchalante manier, waarmee de verschillende materialen en gereed schappen in de zes bij vier metende schuur zijn neergezet, verraden een intensief gebruik. Toch is De Bruine geen neurotische knutselaar „Wan- IUDELANDE/HILVARENBEEK De inzet van bijenvolken voor de bestuiving van uitgewassen neemt na een dieptepunt in de jaren zestig steeds meer toe. De dieren ■ej orden vooral door de telers van appels en peren veel gevraagd. Door de vereniging tot evordering van de bijenteelt in Nederland, afdeling Bevelanden, werden vorig jaar zo'n jeehonderd volken uitgezet; voor dit jaar wordt het aantal geschat op 275 tot driehonderd, ok voor de bestuiving van kleinfruit (als bessen, aardbeien, frambozen) wordt de elangstelling voor de 'bijenmethode' weer groter. Volgens de consulent voor de bijenteelt te ilvarenbeek, J. J. Pettinga, heeft een proef met zwarte bessen bij Goes aangetoond dat de jbrengst zonder bijenbestuiving ongeveer dertig procent lager lag. cretaris J. P. Jansens van de Beve- tijd voor het houden van bijen", aldus bijenvolken te bestuiven. Voor adse bijenhoudersvereniging uit Jansens. Hij becijfert dat er voor de udelande. constateert dat er sprake dieren nog heel wat werk aan de winkel is. In Nederland is een opper vlakte van 27.000 hectare ingeplant C^Tlsis met hardfruit. Zo'n tien procent ei-van staat op Zuid-Beveland (1650 hectare appels, 1100 hectare peren, honderd hectare pruimen/kersen). Voor de be- stuiving van één hectare appels zijn er drie bijenvolken nodig, voor pruimen en kersen wel vijf volken per hectare. Het grootste aantal aanvragen van fruittelers komt voor appels; voor peren zijn de aanvragen in opmars Overigens zal het nooit nodig zijn de totale fruitopstand met behulp van stsivan een forse groei van het aantal edr dken dat aan de Zeeuwse fruittelers schikbaar wordt gesteld. Hij wijst dat niet alleen de fruittelers er at bij hebben, maar ook de amateu- iq, tnkers zelf. „De bloesem van de Sübomen is voor het bijenvolk best iangrijk Het is weliswaar geen odzaak om over die bloesem te nnen beschikken, maar het bete- ct vooral een versterking voor het jenvolk". Wanneer de vraag om bij volken blijft toenemen, dan kan de ivelandse afdeling daar niet meer n voldoen. Jansens zegt dat zono- 5 andere afdelingen (in Zeeland zijn vier) ingeschakeld worden, tt vliegen op de fruitbloesems is de bijen na de winterpauze (door bracht in bijenstallen, met als voe- Jing verdunde suiker) het eerste grote INI mei van een nieuw seizoen. Uit de isems halen de dieren voomame- stuifmeel en een beetje honing, stuifmeel wordt gebruikt (door de rkbijen om de jonge bijen mee te in Voor de fruittelers zorgen de iteiten van de insecten voor be- ïving. zodat er een goede vrucht- kan plaatsvinden. Secretaris rns vertelt dat er vroeger nogal itfrulttelers lid waren van de bijen- idersvereniging. later kwam daar in (na de oorlog telde de circa tweehonderd leden, tachtig). „Bijen houden is een werk. De fruittelers kregen tee percelen en daardoor minder aanzienlijk deel gebeurt dat op na tuurlijke wijze. Min of meer tegelijk met de eerste fruitteeltcrisis daalde ook de inzet van bijenvolken. Niet zozeer omdat het de telers slecht ging. verklaart Jansens. „De neergang werd destijds vooral veroorzaakt door de opkomst van chemische bestrijdingsmidde len. Men dacht de appels aan de bomen te spuiten. Dat is sterk veran derd. De fruittelers zijn veel bewuster be- 3 Mio-opnamen Vlwo-Diligence' jHdnkenszand en I Vlissingen 1NKENSZAND Vandaag. Idinsdag, maakt de Avro in 'De ISttnge' in Heinkenszand opna men voor het radioprogramma De A vr o-Diligence'. Dinsdag 21 juni wordt het pro gramma van 13.20 tot 13 57 uur na Hilversum 1 uitgezonden. De gasten, die medewerking verle nen aan het programma zijn: - Mieke Telkamp. Willy Caron. het Z Cocktail Trio en het Zeeuwse accordeonduo 'De Zusjes Wou- terse'. Het geheel wordt muzi kaal omlijst door het Diligence Orkest onder leiding van Pierre Biersma. Gastheer is Henk van den Berg en de produktie en regie zijn in handen van Reinout Weidema. De opnamen begin nen om 14.30 uur. Morgen, woensdag, gaat het team van 'De Avro Diligence' in Vlissingen aan boord van het ms Olau Britannia. Tussen 15.00 en 17.00 uur is er een muzikaal amusementsprogramma. dat dinsdag 17 mei van 13.20 tot 1357 uur via Hilversum 1 is te beluisteren. De bijen kruipen uit de kasten, net ontwaakt uit hun winterslaap In de bloeiende boomgaarden worden bijenvolken ondergebracht. In iedere kist woont een volk N'El'ZEN De meeste eindexa- andidalen zullen het maandag bepaald gemakkelijk hebben ge- voor zover zij tenminste geen 'rij' waren. Aardrijkskunde oor zowel de twee MAVO- vtaus als het HAVO geen gemakke- ke kluif. De VWO-ers hadden het in vak iets gemakkelijker, al kregen te maken met een paar 'rare' «gjes. dan was er 'Handelswetenschap- voor het lagere beroepsonder- MAVO en HAVO: vanouds geen air vak bij de leerlingen, die er m beslist wel moeite mee gehad hebben, temeer omdat de exa- tof dit jaar als 'redelijk pittig' hreven werd. aardrijkskunde kregen de VWO- vragen over demografie (redelijk akkelijk' volgens docent Fred ers van het Terneuzense Zelden- Uegei. geografie, de dlensten- r(allebei niet moeilijk), een kool- ngloop (niet gemakkelijk, maar n). en twee landen: Indonesië en t'SSR Indonesië was erg gemak- de USSR was evenmin moei- vond Cramers. De vragen over blok "milieu/milieubeheer' had- nogal wat problemen opgeleverd was een rare vraag bij over de iling door fosfaten. Dat gebeurt wasmiddelen. De tweede 'vervui- moesten de leerlingen omschrij- het ging om menselijke uitwerp-

Krantenbank Zeeland

Provinciale Zeeuwse Courant | 1983 | | pagina 23