In Bonn wordt getimmerd aan de toekomst van Duitsland Politiek geharrewar om de toekomstige hoofdstad DOKTERS-ASSISTENTE DE BOOMKWEKERIJ IN ZEELAND ZEEUWS OORLOGSMUSEUM IN MIDDELBURG'S VLEESHAL '4 PROVINCIALE ZEEUWSE COURANT VRIJDAG 15 JULI 1949 (Van onze speciale verslaggever) Hier in de oude universiteitsstad aan de Rijn wordt in letterlijke zin ge timmerd aan de opbouw van de Westduitse bondsrepubliek. Er worden mil- lioencnplannen gemaakt en uitgevoerd voor het onderbrengen van de bu reaux der centrale regering en van haar zesduizend ambtenaren. Toen Bonn door de parlementaire raad tot hoofdstad van de bond werd gekozen wist feitelijk nog niemand hoe het mogelijk zou zijn een regerings-apparaat met alles wat daarbij behoort onder te brengen in een kleine provinciestad. Po litieke en soms wat erg kleinzielige motieven hebben er de doorslag voor gegeven. In sommige kringen heerst een heilige angst voor Frankfurt, de tweede candidaat, dat als oude Duitse rijksstad van ouds hoofdstedelijke adspiratics heeft. De kleine meerderheid, die voor Bonn stemde, heeft als voornaamste motief gebruikt, dat het voorlopige karakter der nieuwe re gering met het oog op de al-Duitse sentimenten zeer sterk geaccentueerd zou worden. Daarom wilde men Frankfurt met zijn kapitale allures vermij den. in geen geval mocht de Duitsers in het verre afgesneden Berlijn de in druk gegeven worden, dat men het als hoofdstad van een herenigd Duits land had afgeschreven. mentaire raad is gedurende een half jaar zoveel aan politieke vuurvreterij gedaan, dat het achteraf niet overbo dig gebleken is de Duitse politici sa men te brengen in het paedagogische instituut der universiteit. Velen der genen. die nog altijd niet hebben af geleerd in zeer nationalistische ter men te denken, hebben in de laatste tijd aan de gezellige oevers van Va der Rijn getracht politieke debatteer- clubjes op te richten, teneinde elkaar eens te meer te overtuigen van de grootheid van het voormalige Duitse rijk. Men herinnert zich hoe de he ren Nadoinyc.s. enige tijd geleden in Het argument sneed naar twee zij den. Een tijdelijke regeringsappara- tuur kan men volgens de practici be ter vestigen in een stad, waar de ac commodatie reeds voorhandenis, dan in'n stadje, waar zij nog uit de grond moet worden gestampt. De bouw- koorts in Bonn geeft minstens een se- mi-permanent karakter aan de voor bereidingen. Werkelijke oorzaak voor de afkeer van Frankfurt moet dan ook veeleer gezocht worden in het feit, dat deze stad het centrum is van het zeer socialistische land Hessen. Het zijn in het bijzonder de christe lijke politici uit het Rijnland, die de keuze van Bonn hebben doorgezet Zij willen het zenuwknooppunt van het nieuwe Duitsland liever buiten de ro se atmosfeer van de oude koopmans stad houden en zij verwachten blijk baar van de ietwat romantische sfeer van de Lorelei een gezondere afstra ling op de komende Duitse politiek. Daar komt bij, dat Frankfurt als zetel van de economische controle der be zetting in een kwade reuk staat. Ove rigens is het wel duidelijk, dat de Duitsers beseffen dat zij deze controle toch niet ontlopen kunnen door enke le tientallen kilometers de Rijn af te zakken. De meest gangbare ..cartoon" in de Duitse bladen is namelijk wel die, welke de drie hoge commissaris sen afbeeldt met een verhuiswagen, rustig wachtend op het knooppunt van de wegen naar Bonn en Frankfurt. Met andere woorden: men maakt er zich geen illusies over, dat de com missarissen de Duitse regering op de voet zullen volgen, waarheen zij ook gaat. De Fransman Francois Poncet heeft zo juist al een kasteel laten vor deren, dat onder de rook van Bonn zou liggen, wanneer dit een fabrieks stad inplaats van een wetenschappe lijk centrum ware. De Brit Robertson heeft reeds zijn slot Rietgen, niet ver van de Drachenfels betrokken. Auto riteiten van een bezetting zijn nu een maal geen vliegen, die men gemakke lijk van zich afschudden kan. GEHARREWAR Hoewel men in vele Duitse kringen begint in te zien, dat al dit geharre war om een zo weinig principiële kwestie even overbodig als belachelijk is, is de strijd op het ogenblik weer zeer hevig opgelaaid. De voorstanders van Frankfurt, de scheidingslijn der meningen loopt dwars door verschil lende partijen heen. hebben hun ver lies niet kunnen verkroppen. Zij heb ben zich tot een nieuw offensief inge zet en laten zich daarbij niet weer houden door het feit, dat inmiddels reeds vele milliocnen in Bonn zijn ten koste gelegd. Wat tot nog toe be taald is voor promotie van het provin ciestadje is immers slechts een fractie van wat er nog te betalen zal vallen. De post en telefoon alleen zal 32 mil- lioen moeten neertellen om de nieu we hoofdstad binnen enkele jaren tot een kabelcentrum te maken. Binnen enkele jaren, voorlopig zullen de poli tici, journalisten en buitenlanders, die als vliegenzwermen naar de Rijn ko men. er zich blijkbaar mee moeten verenigen, dat zij dagenlang op een telefoonaansluiting zullen moeten wachten. Wanneer de laatste pogingen om de in raFkfurt bestaande accom modaties niet te betrekken zullen mis lukken, en dit is te verwachten, dan zal Bonn een zeer uitgestrekte hoofdstad worden. Het hoofdstedelijk gebied is geprojecteerd over een lengte van vijftig kilometer langs de Rijn en een breedte, die varieert tusen de twintig en de vijftig kilometer. Verkeerspro blemen zullen daarbij van doorslaan de aard worden. Ook in figuurlijke zin is in de laat ste tijd in Bonn en omgeving nogal wat getimmerd aan de Duitse toekomst en men kan niet zeggen, dat daarbij gebleken is. dat de nieuwe hoofdste delijke aera onder een voorspoedig politiek gesternte staat. In de parie deze streken keuvelden over de kan sen, die een verbroedering met de Russen, let wel alleen maar de Russen en niet de communisten! voor de groot-Duitse gedachten zou betekenen. DROMERIG CLUBJE Zojuist heeft in Godesberg weer eens een van die dromerige politieke clubjes de lof van „Het Rijk" gezon gen. Gelukkig deze keer een minder gevaarlijk en meer belachelijk groep je. dat in de internationale pers wel licht een ietsje meer belangstelling kreeg, dan het eigenlijk wel verdien de. Maar zelfs de generaals hadden de ze keer geen vertrouwen. De enige die kwam was de pur sang nazi-generaal Remer. die de wispelturige dans der denazificatie is ontsprongen, ofschoon hij rechtstreeks verantwoordelijk is voor de mislukking van de Stauffen- bergputsch in Berlijn op 20 Juli 1944. Deze Remer had de fijne smaak te komen zeggen, dat hij gekomen was om de hand der verzoening te reiken aan de verzetslieden. Schacht was ook uitgenodigd, doch hij schijnt te heb ben afgeleerd zich met politieke di lettanten in te laten. Ook de industri ëlen, die geld voor het nieuwe rechtse front zouden moeten leveren, waren niet komen opdagen. Evenmin de heer Goebel, de onbetwistbare dictator over het millioenenbeheer der vluchtelin gen, die zijn waardevolle politieke stem nog niet verkocht, heeft, ook al hebben alle partijen er om gesmeekt. Het hele feest is derhalve een fiasco geworden en van de toeleg om onaf hankelijke candidaten naar voren te brengen zal wel niet veel terecht ko men. Dollarkoning handelde in gestolen chèques. In Augustus 1948 zette een Ameri kaanse tourist in Amsterdam de bloe metjes buiten. Hij verkeerde daarbij in niet al te best gezelschap, name lijk enkele dames uit de Amsterdam se onderwereld, en het gevolgwas, dat de man volgende dag tot de on aangename ontdekking kwam. dat hij zijn travellerchèqucs kwijt was. Ge lukkig had hij de nummers genoteerd. Niet lang geleden werden de chèques in Amerika aangeboden door een piloot van de K.L.M. Deze had de chèques gekocht van ..Kees", de dollarkoning van het Rembrandtplein. en zijn vriend G. De piloot was niet op de hoogte van de herkomst der chèques. Hij had voor ongeveer 150 dollar gekocht en een prijs van 4.75 per dollar betaald. Kees en zijn vriend, die geen onbe kenden van de politie zijn. werden Ecarresteerd. Dit muisje kan voor en nog wel eens een staartje heb ben. De enige sluizen, die in de Rün zijn aangebracht, bevinden zich op Frans gebied bij Kembs, niet ver van Bazel. Doordat in de oorlog watermijncn uit vliegtuigen in de Rijn werden geworpen, liepen de sluizen grote beschadigingen op. Tengevolge hiervan zakte het waterniveau in Bazel zodanig, dat de scheepvaart op deze stad onmogelijk werd. Thans zijn deze sluizen weer geheel hersteld. Een kij kje op de enorme sluizen, waar dage. Hjks vele Nederlandse schepen schutten. FEUILLETON 51 Ook deze visite had de gewonde blijkbaar geen kwaad gedaan, want diezelfde avond na het eten, kondig de de zuster al weer bezoek aan. Janice meende wel te weten wie het was: iemand, die ze graag en toch ook weer liever niet, wilde zien. De adem stokte haar in de keel door vrees en verwachting beide. Ze vroeg de zuster het bezoek even te willen laten wachten en zei haar. graag het nieuwe bedjasje te willen aantrek ken. En ook wilde ze haar spiegel en de lippenstift hebben „Goed zo!" riep de zuster uit. „We worden beter, willen ons graag eeo beetje opdoffen! Dat is altijd een goed teken". Het jasje was zo mogelijk nog beeldiger nu ze het aan had dan op de hand: vooral die blauwe strik was heel flatteus. Janice zag bleek, maar met een tere, zacht-roze tint en haar haar, achter het hoofd samengebon den als bij een schoolmeisje, vormde een zachte, donkere plek op het kus sen. Ze geloofde, dat ze er zelfs voor deze bezoeker aardig genoeg uitzag. En de bezoeker bleek daar ook zo over te denken. Hij bleef vlak bij haar staan en stond haar aan te sta ren zonder iets te zeggen. „Zou je me niet eens begroeten?" vroeg Janice. Haar hart bonsde zo onder haar bedjasje, dat het geluid wel in de kamer moest weerklinken. ,.D-dag", zei Ben. Zijn stem klonk vreemd als kostte het hem moeite enig geluid te voorschijn brengen. „Ook goeiendag", zei Janice. „Je je bent beeldig", zei hij en staarde haar nog steeds aan. „Dank je wel", Janice lachte hem toe „Wil je niet gaan zitten?" Hij ge droeg zich alsof hij bang voor haar was. Misschien was hij dat ook weL Zelf had ze zich eerst ook wat ang stig gevoeld. Nu Ben echter goed en wel binnen was, kreeg ze hetzelfde gevoel dat ze altijd had wanneer ze bij hem was een gevoel van veiligheid en behage lijkheid. Haar hart klopte niet meer zo luid. Ze voelde zich haast krachtig genoeg om op te staan. Hij kwam verder te kamer in en ging, nogal stijfjes, op een stoel zitten. door ADELAIDE HUMPHRIES Ze had Ben nog nooit zo als met stomheid geslagen gezien. Het kwam waarschijnlijk doordat de meeste mannen zich in een ziekenkamer slecht op hun gemak voelen. „Zijn mijn bloemen niet mooi?" Janice probeerde hem op zijn gemak te zetten. „Dank je hartelijk voor de jouwe, Ben". Ze wist niet welke hij had ge zonden, maar ze wist wel dat er van hem bij waren. Hij scheen naar de grootste bouquet te kijken, een wit te vaas gevuld met donkerrode ro zen. die stelen van haast een meter lengte hadden. Maar die had Ben niet gezonden. Die waren onder het eten gekomen, tussen het middag- en het avondbezoek in. Er had een kaartje aangehangen, waarop was geschreven: Het spijt me dat je me niet wilt ontvangen, maar ik ben er niet boos om, lieveling. Ik zal altijd de gevoelens voor je blijven koesteren, waarvan de ze rozen het symbool zijn. Wees gelukkig, Janice. Je Eric. De rozen zouden verwelken en ster ven en Eric zou vergeten, dat hij haar had liefgehad, dat wist Janice. Maar zolang ze duurden waren ze prachtig. Zo moest ze het beschouwen: zolang hun liefde had geduurd, was 't heerlijk geweest die liefde die voor zo korte tijd aan Eric en haar was ge schonken. En ze moest gelukkig zijn en niet verdrietig, zoals hij had ge schreven. „Ben je werkelijk weer beter?" vroeg Ben, nog steeds met dichtgesnoerde keel. „Ik ben best", zei Janice, „werkelijk uitstekend". En terwijl ze het zei merkte ze, dat het waar was. Ze was werkelijk gelukkig en niet verdrietig. „Als dat niet het geval was", zei Ben, „zou ik het mezelf nooit hebben vergeven. Ik heb het Je wel gezegd die dag. dat je met me mee wilde, om Edna Mae op te sporen. Ik was bang dat die Mc Rae herrie zou maken, hoewel ik niet snap waarom hij spe ciaal jou tot zijn slachtoffer koos". „Ik geloof", zei Janice, „dat het steeds erger met hem werd toen hij over de dingen begon na te denken. Ik denk dat hij het mU kwalijk nam, dat Eileen hem had verlaten en hij er maar niet achter kon komen waar- Nooit en te nimmer. De ..slaotkoppe". de inwoners van het stedeke Huissen vlak bij Arnhem, hebben een oude vete opgehaald. In 1502 dreigde Hertog Karei van Gelre Huissen. dat de zijde van de Hertog van Kleef koos, door uithongering tot capitu latie te zullen dwingen. Huissen herdacht Dinsdag de dag. waarop Hertog Karei gedwongen werd de aftocht te blazen, omdat de Huis- senaren over voldoende leeftocht beschikten. Ten bewijze daarvan werden aan Hertog Karei twee vissen cn een mand groente aan geboden. Nu Huissen zich weer bedreigd voelt. nl. door Arnhem in verband met de uitbreidings plannen in Zuid. hebben zij een kostelijke grap uitgehaald, die ook in Arnhem met waardering is ont vangen. Maandagmorgen zagen de Arn hemmers dat bij het voetstuk van het in April geplaatste standbeeld van Hertog Karei een plak kaas was aangebracht met een krop sla, twee haringen en twee lege flessen van een bekend merk oude jenever, In de plak kaas werd nogmaals kond gedaan, dat de Huissenaren „Nooyt ende te nimmer onse lieve stadt sullen overgeven. Liever starven wij dan dat wij de poirten voor u eedle souden oopenen" Olmen voor de dijkbeplanting Houtwormen-plaag moet bestreden worden. De Plantenziektenkundige dienst schrijft: Uit een groot aantal inzendingen van particulieren blijkt, dat in ons land een ernstige plaag heerst van zgn. houtworm. Zoals bekend mag worden geacht, hebben meubelen en doorgaans ook ongeverfd vast hout werk in huizen en boerderijen ernstig van deze aantasting te lijden. De ke vertjes zetten in deze periode eieren af in spleten van onbeschermd hout. De larven van deze kevertjes dringen in het hout naar binnen en knagen hierin hun gangen. De aangetaste, plaatsen zijn herkenbaar aan de en- W'J» yoorts vrij veel iepen en canada kele millimeterswijde gaatjes, waar- populieren alsmede sierbomen en uit de jonge kevers te voorschijn zijn heesters werden gekweekt. De Zeeuw- gekomen. j se bomen en heesters ontwikkelden De bestrijding van deze plaag moet zich op de Zeeuwse grond krachtig Moerbeibomenkweek op Tholen. De Zeeuwse fruitteelt mag zich, ook bij de leek, in een grote be kendheid verheugen, doch over een teelt welke zeer nauw hiermee ver bonden is, namelijk die van vrucht en andere bomen, is over het alge meen weinig bekend. En toch is deze van groot belang en zij dateert ook niet van vandaag of gisteren. Reeds in 1806 was er op het eiland Ter Goes een boomkweker, Lodewijk Tak, waarvan werd gesproken als van „een zeer eerlijk en kundig man, bij wien alleen te bekomen waren zeer regt groeiende Zeeuwse olmen". De teelt van Zeeuwse olmen voor dijkbeplanting was vanouds belang rijk. Rond 1830 waren er in Zeeland plm. 50 h.a. kleine boomkwekerijen. Na 1870 breidde de boomkwekerij in Nederland zich aanzienlijk uit en ook Zeeland was dit het geval. Zo startte de Zeeuwse vruchtboomcul tuur en in 1904 telde deze provincie 76.27 h.a. (4 Ned. boomteelt) in cul tuur bij 30 boomkwekerijen, voorna melijk gecentraliseerd in de oude fruitteelcentra Kapelle. Goes, Kloe- tinge, verder in Wemeldinge, Middel burg, Hulst, Tholen en Kruiningen. De boomteelt ontwikkelde zich dus plaatsen waar op uitgebreide schaal de fruitteelt bedreven werd, teneinde op deze wijze zo dicht mo gelijk bij het afzetgebied te zijn. De Zeeuwse boomkwekerijen voorzagen uitsluitend in de behoefte van de naaste omgeving, enkele hadden ech ter hun afzetgebied tot buiten de pro vincie uitgebreid. Hoofdartikelen wa ren vruchtbomen, zowel kroonbomen als struikvormen en pyramiden, ter- in de thans volgende periode ter hand worden genomen. Men kan dit doen door in elk gaatje met behulp van een oliespuitje enige druppels petroleum of terpentijn te brengen. Vervolgens dient het hout grondig met boenwas te worden gewreven, welke behandeling in vele gevallen herhaald zal moeten worden. Ernstig aangetast vast houtwerk moet zonodig vervangen worden. Het nieuwe hout behoort te worden ge vernist of geverfd. en zijn daardoor ook buiten de pro vincie zeer gewild. ENKELE PIONIERS. De oudste thans nog bestaande boomkwekersfamilie in Zeeland is de fam. van de Berge, die in 1849 een boomkwekerij op Tholen vestigde. V. d. Berge legde zich speciaal toe op de aankweek van moerbeibomen, welke op speciale grond beschut gelegen binnen de muren in de kom van het stadje Tholen werden geteelt. Per Twee jaar geleden werd het mu seum betrekkelijk primitief onder gebracht in de onteigende garage met aanbouw achter net Stadhuis. Dank zij de medewerking van het gemeentebestuur kon de vereniging „Zeeuws Oorlogsmuseum" de Vlees hal, die geheel gerestaureerd werd, huren en door medewerking van ar chitecten, aannemer en opzichters kwam per 1 Juli het voorste gedeel te hiervan vrijwel gereed, ook al zit ten er momenteel nog noodramen en een voorlopige vloer in. Het bestuur van de vereniging begreep, dat, wil de men de vreemdelingen èn de Zeeuwen in die mate aantrekken als men het zich voorstelde, in het mu seum iets zou moeten worden geëx poseerd, dat speciaal belangstelling zou wekken. Men dacht voor een dergelijke trekpleister aan een pa- norama, doch net was te voorzien, dat dit te duur zou komen. MAQUETTE VAN WALCHEREN. De keuze viel toen op een grote maquette van Walcheren en de Raad ging er mede accoord, dat de ge meente aan de vereniging eeh rente loze lening van. 10.000 Attractieve expositie in stijlvolle omgeving, Grote maquette zal eind 1949 gereed komen. Middelburg kan de vreemdelingen deze zomer weer een bijzondere at tractie aanbieden: het Zeeuws Oor. logsmuseum, dat enige tijd geleden ■■gesloten werd, omdat het gebouw tje, waarin het tijdelijk was onder, gebracht, afgebroken moest worden, is thans gehuisvest in de Vleeshal van het Stadhuis op de Markt en is Donderdag voor het publiek open. gesteld. Hoewel de expositie nog maar een voorlopig karakter draagt, is de indeling zo aantrekkelijk en 't tentoongestelde zo Interessant, dat het museum ongetwijfeld druk be- zocht zal worden. Temeer, daar het op zichzelf reeds een genoegen is de fraai gerestaureerde Vleeshal te bezichtigen. 0 zou ver strekken voor dit doel. De studio Van Hoorn te Eindhoven aanvaard de enthousiast de opdracht om een maquette te maken, waarnaar men van heinde en ver zou komen kijken. Wij hebben het plan hiervoor reeds uitvoerig beschreven; slechts zij er nog eens aan herinnerd, dat een na bootsing van Walcheren zal drijven in een ronde bak met water met 'n middellijn van 6 m. en dat de ma quette de toestand van het eiland gedurende de oorlog zal weergeven. Het publiek zal, door ';t omdraaien van schakelaars, Walcheren achter eenvolgens kunnen inunderen en weer droogpompen waarna een spe ciale verlichting net drooggelopen eiland het trieste aanzien van 1945 zal geven. De grote bak zal ver vaardigd worden door leerlingen van de Ambachtsschool. Verwacht wordt, dat deze byzon- dere maquette eind 1949 of Januari 1950 gereed zal zjjn. Zij zal geplaatst worden In het achterste gedeelte van de Vleeshal, dat thans nog voor het publiek is afgesloten, omdat de restauratiewerkzaamheden daar nog niet voltooid zyn. SPECLALE TAFELS. Het museum bevat een schat van documentatiemateriaal alsmede gro ter en kleiner oorlogstuig en andere herinneringen aan de afgelopen ja ren. Nieuwe aanwinsten zijn o.m. een grote éénmanstorpedo, die men in Bergen op Zoom „op de kop heeft getikt en een fraaie serie R.A.F. luchtfoto's van Walcheren. Het be stuur doet een beroep op alle Zeeu wen om documentatiemateriaal, dat zij wellicht nog ergens bewaren, aan het Museum te scnenken, omdat de collectie nog altijd voor uitbreiding vatbaar is. De tafels met voorwerpen die zovele herinneringen aan vijf duiste re jaren wakker roepen, zyn zeer eenvoudig gemaakt, maar zullen vervangen worden door 17, door de architect M. J. J. v. Beveren ont worpen eikenhouten tafels, die in dit milieu passen. Voorts ligt het in de bedoeling in een aantal nissen kleinere dio rama's te plaatsen. jaar werden meermalen 3 tot 4000 moerbeziën afgeleverd, die voor een groot deel naar Frankrijk werden geëxporteerd. In een latere periode werden op grote schaal zaailing-ap pelonderstammen geteeld voor export naar Amerika. Omstreeks 1910 wer den verschillende fruitaanplantingen op het eiland Tholen en in N. W. Bra bant aangelegd. Als een van de pioniers die de op bloei van de Zeeuwse fruitteelt sterk gestimuleerd heeft, moet ook worden genoemd de heer D. J. v. d. Have, die in 1879 zijn kwekerij „Eureka" te Kapelle-Biezelinge begon. Hy stelde zich op het standpunt dat de fruit teelt zich in Zeeland tot afzonderlijk bedrijf moest gaan ontwikkelen, wil de zijn vruchtboomkwekerij tot bloei komen en dat eerste was alleen mo gelijk als het aantal vruchtbomen en variëteiten werd uitgebreid, waardoor het fruitteeltbedrijf vlugger en regel matiger rendabel werd gemaakt. De heer v. d. Have en zijn medestanders hebben hiermee succes gehad. Verder zij nog genoemd de N.V. Zaadhandel heen ze was gegaan. En hij vond na tuurlijk ook, dat ik eigenlijk zijn dochtertje had gekidnapped. Maar maak je zelf geen verwijten, Ben, ik voel me weer best." „Hij had je kunnen doden!" gromde Ben. „Geloof maar, dat het nooit zou zijn gebeurd als ik in de buurt was geweest. Ik zou die kerel tegen de grond hebben geslagen." Ja, Janice geloofde, dat Ben dat zou hebben gedaan. Ben zou nooit op de achtergrond zyn blijven staan en die vent op haar hebben laten schieten. Haar hart zwol van trots. „Je vader heeft me verteld, dat je Mc Rae niet wilt laten vervolgen", zei Ben. „Waarom zou ik? De ai-me man Is ziek; hij heeft medische behandeling nodig, geen straf, en ik ga ervoor zor gen, dat iemand hem helpt". Ben mompelde wat. Maar toch straal den zijn ogen alsof hij trots was op Janice. „Ik denk. dat Je dokter dat wel voor je zal doen", zei hij. „Bedoel je dokter Richards?" vroeg Janice. Haar ogen glinsterden ondeu gend. „Je weet best, wie ik bedoel". Ben keek somber. Toen voegde hij er met inspanning aan toe: „Maar ik moet toegeven, dat ik het mis had, toen ik zei, dat hij een vent van niets was". Waarom had Holbrook die kogel niet verwijderd? Ben vond hem nog steeds niet veel waard, maar dat kon hij Janice niet vertellen. „Hij komt hier zeker iede re dag", voegde hij er nog somberder aan toe. „Dokter Richards?" „Neen, dokter Holbrook". „Ik heb dokter Holbrook nog niet gezien", zei Janice, „maar mevrouw Holbrook is er geweest". „Mevrouw Holbrook? Wat moest die bij jou?" „Ze wilde me haar man afstaan". „Afstaan dan is dus alles voor elkaar?" Bens uiterlijk was even som ber als zijn stem. (Wordt vervolgd) Tydens het kortgeleden te Goes gehouden Boomkwekers- congres hield de Rijkstuin- bouwconsulent voor Zeeland, ir. W. van Soest, een inleiding over de boomkwekerij in Zee land. In nevenstaand artikel ontlenen wij hieraan tal van interessante gegevens over de geschiedenis, de omvang en be tekenis van deze cultuur. en Boomkwekerijen Wed. P. de Jongh uit Goes, die verschillende nieuwe rassen in de handel heeft gebracht en in het verleden het cordonsysteem sterk heeft gepropageerd. DE HUIDIGE TOESTAND. In 1948 telde Zeeland 134 h.a. boom teelt. In ongeveer 50 jaar is de op pervlakte dus verdubbeld en bedraagt ook nu nog slechts 4 van de totale oppervlakte in Nederland. Zeventig procent hiervan wordt momenteel in beslag genomen door vruchtbomen vruchtboomonderstammen; 20 wordt benut voor laan- en parkbo men, populieren, essen en iepen. Sierconiferen, rozen, rhodo's, aza lea's, vaste planten, heesters zoekt men heden ten dage tevergeefs, daal de Zeeuwse boomkwekers zich in de loop der jaren vrijwel alle hebben gespecialiseerd in enkele cultures, een verschijnsel dat steeds valt waar te nemen als een bepaalde tak van tuin bouw zich ontwikkelt. De toename van het areaal kan niet bepaald groot genoemd worden ook in de laatste 10 jaren heeft de boomteelt zich in verhouding tot andere provincies niet stormachtig uitgebreid. De Zeeuwse boomkwekers voelen er blijkbaar weinig voor om boven hun macht te telen. Ook speelt het tekort aan voor de boorpteelt ge schikte grond hierbij ongetwijfeld een Óp de Zeeuwse zeeklei kunnen goe de bomen gekweekt worden. De goede grond is echter zeer schaars, terwijl teeltwisseling gewenst is, zodat er weinig armslag is. Het zeeklimaat is hier meer geschikt voor de cultuur van lage vormen en bessen dan voor hogere boomvormen. De strenge winters zijn hier echter minder streng, hetgeen weer een voordeel kan betekenen t.o.v, gebie den met meer landklimaat. DE AFZET Was men vroeger in Zeeland aange- zen op import uit Holland en België, thans kan men zichzelf bedruipen en zelfs afzetgebied zoeken buiten de pro vincie. In het binnenland hebben de Zeeuwse boomkwekerij ook een naam verworven, daar men vanouds de ervaring opdeed, dat men bij de Zeeuwse boomkweker vertrouwd kan kopen. Het was vanouds een goede gewoonte om naast de vruchtboom- kwekerij ook een boomgaard te ex ploiteren, waardoor een zeer nauw contact met de fruitteelt kwam. Daal de fruitteelt in Zeeland vroeger met kop en schouders boven de andere fruitcentra uitstak, hebben de Zeeuwse boomkwekers in hoge mate van deze volgens de modernste inzichten gedre ven fruitteelt geprofiteerd. Hun vruchtbomensortiment was daardoor „up to date". In deze heeft de Zeeuw se fruitteelt dus bevruchtend gewerkt op de ontwikkeling van de Zeeuwse vruchtboomcultuur, terwijl anderzijds de boomteelt stimulerend en bevruch tend gewerkt heeft op de fruitteelt. Vanouds heeft er ook een vrij in tensief contact bestaan tussen enkele vooraanstaande vruchtboomkwekers en Engeland. RASSEN.ONDERZOEK Ontegenzeggelijk hebben de Zeeuw se boomkwekers ook in ruime mate kunnen profiteren van het onderzoek t.a.v. rassen en onderstammen, zoals dit sinds 1902 in Zeelands Proeftuin geschiedde. Op het gebied van onder stammen hebben de Zeeuwse boom kwekers jaren een voorsprong gehad op hun collega's in andere gebieden. Samenvattend kan worden gezegd dat de Zeeuwse boomkwekerijen op hun beurt de uitbreiding van de fruit teelt niet alleen in Zeeland, maar ook daarbuiten hebben gestimuleerd; door invoer van nieuwe rassen en onder stammen de fruitteelt in nieuwere ba nen hebben geleid; nieuwe plantsy- stemen als cordonsysteem, spilsysteem hebben ingevoerd; als doorgangshuis hebben gefungeerd voor vele a.s. fruit- en boomtelers en het gehele jaar door arbeidsgelegenheid geboden hebben. Zo ontwikkelde zich in Zeeland de boomkwekerij, zoals wij deze in haar huidige vorm kennen, t.w. een ge- cialiseerde cultuur van vruchtbomen en laadbomen, die in 't gehele land 'n goede reputatie geniet. Vele factoren hebben hiertoe mede gewerkt, maar zeker niet in het minst het feit, dat de Zeeuwse boomkwekers een vooruitstrevende gezindheid toon den en met hun tijd mee wisten tc gaan. Gezond handelsinzicht en goede kweekkunst hebben hen gesierd!

Krantenbank Zeeland

Provinciale Zeeuwse Courant | 1949 | | pagina 4