ff ff jjHiddellturg op Biertlrzee ea Berg-em op SKoosïi (Vhole-n)-. Uren van vertrek in Mei. Van Middelburg. Vrijdag 11,'smorg. 6,30 Van Tholen. Zaturdag 12's morg. 6 ure. Dingsdag 15, a 8.30 Zatmdag 19, 11,30 Dingsdag 22, naraidd. 1,30 Maandag 11, 9 ure. Vrijdag 18-, 's rnidd. 12 Maandag 21, namidd. 2 Van MicMeBUsaarg op Asitwerpea. Uren van vertrek in Mei. Van Middelburg. 1 Van Antwerpen. Woensdag 16. 's inorg.10 ure. Donderd. 17, 'smorg.10 ure. Woensdag 23, 3,30 Donderd. 24, o 3,30 E92S <scaas<M®8<: vare ^rIïssaïageflï op Biresiiems 9 ^>reaazem em iSoefiieïceHasSserBie. Dagelijkselie dienst, uitgenomen des Zondags, Gedurende de maanden Mei, Juni), Julij, Augustus. September en October', Van Vlissingen naar Bresk ens 's morg. 71's nam. 4 ure. Van Vlissingen naar Neuzen 's morgens ten 9 ure. V. Neuzen n. Hoedekenskerke 5s morgens ten 11 ure. Van Breskens naar Vlissingen 's morg. 8's nam, 41 ure. Van Neuzen naar Vlissingen 's namiddags 1 ure. V. Hoedekenskerke n. Neuzen 3s middags 12 ure. touting wast ©imparts D.e Coupons der Certificaten 6 pet. llusland, Administratie VAN VLOTEN DE GIJZELAAR, verschenen i Januarij 1S55, worden betaald: die der Certificaten 6 pet. in Assignatiem met f 15,28. hu u 6 pet. in Zilver n - 26,74. ^itrtïrrlsbrrigtot. Slolprijzen der Effecten Ier Beurze van Amsterdam 2 Mei 1855. (Per telegraaf.) Nederland. Werkelijke schuld 24 pet. 62A dito dito 3 n 74! dito dito 4 91! Handel Maatschappij 44 127 Rusland. Oblig. bij Hope Co 5 102£ dito dito 1828/1829. 5 lOlïj Certifie. dito 1840 4 764 dito bij Stieglitz 4 o" O-, o~ CO 5 81-4 Certifie. vau Inschrijving 6 j, 59! Spanje. Oblig. Nieuwe Stukken 1 18A Binnenlandseh 3 31-TV 5 60 dito 24 rt 81fV dito nieuwe betaalbaar Amst. 5 u 72-H Belgie. Certifie. bij Rotschild 24 /f 50A Portugal. Obligatien 3 n 38 82 Venezuela. Oblig. 6 pet. thaus 4 pet 27! N. Amerika. Amerikaausche Bank-actieu 2-& Beurs van Londen9 mei ten 1 ure. Consols 88! Mexico 20$-; Holland 4 pet. 92. Venezuela 27. Beurs van Weenen, 8 mei. (Slotprijzen.) Metalliek 5 pet.. 80. Beurs van Parijs, 7 mei. (Slotprijzen.)4!pet.compt. 93,50 3 pel. 68,30. mpottöm Ötuhhm. HDesïig-e opnaBea'Bó.5Dag'ena oveir de Kaug-eflseSae SSaaa-Hnae naar aanleiding van dat gedeelte van ENGELANDS STAATSINSTELLINGEN door h- 3. b. (Vervolg en slot.) Hefc aantal adelborsten op een schip is geheel onbepaald de S. stelt liet op 12 voor een schip van den eersten rang, doch daar men in Engeland geen maritime school heeft, maar alle adelborsten aan boord worden gevormd bedraagt het getal van de verschillende klassen op linieschepen niet zelden 40 en op fregatten 20. Tot hunne onderwijzing heeft men op alle schepen waar een genoegzaam aantal adelbor sten aan boord is, meestal tot op die van 26 en 20 stukken, een zoogenoemden naval instructor', welke dan ook onder de warrant officers wordt gerekend hoewel tegenwoordig het grootste gedeelte der kapellaans voor die betrekking zQn geëxamineerd en die vervullen waarvoor zij eene vermeer dering van traktement genieten. Zeker bestaan er voorbeelden van admiraals, welke van matroos tot dien ï-ang zijn opgeklommen en door de wijze van aanstelling tot adelborst, zoude men ook nog tegenwoordig een jong matroos die hiertoe aanleg toonde dit kunnen maken en alzoo den weg tot verdere bevordering open stellen doch die voorbeelden zijn zoo zeldzaam, dat ik niet geloof dat men dit als een spoorslag mag aanmerken van den naijver die men in de ekwipagien der engelsche oorlogsche pen moet bewonderen; deze is geloof ik, veeleer te zoeken in de eer die de erigelscLie zeelieden er in stellen in de ma rine te dienen, waarop zij later, wanneer zelfs bijzondere redenen hen bij de koopvaardij hebben doen overgaanzich nog verhoovaartUgen iets wat men helaas! maar al te weinig bij de natiën van het vaste land opmerkt. Wat de S. omtrent Nelson zegt, is niet volkomen juist, volgens zijn levensbeschrijver, Robert Sou they Esq.kwam hij op zijn 12de jaar bij zijn oom van moeders zijde, kapi tein Suck ing, aan boord van de. Raisonnable; in welken rang zegt Southey niet, waarschijnlijk als volunteer, wat men niet door vrijwillig matroos kan vertalen, maar veeleer zoo als ik boven aanmerktedoor adelborst 3de klasse doch daar dit schip niet naar zee ging maar werd opgelegd, deed hij intusschen e.enc reis naar de West-Indien meteen koopvaardijschip en ging daarna niet zijn oom op het wacht schip Triumph overwaar hij liet bevel over twee sloepen erlangde. Daarna dreef zijne eerzucht hem om de Noord pool expeditie onder kapitein Phippsmede te maken welke hij, daar er uit hoofde der vele moeijelijkheden aan dezen togt verbonden geene jongens maar alleen volslagen matro zen werden geplaatst.als kwartiermeester bijwoonde. Later wordt weder melding van hem gemaakt als op eene vaste wacht en in de voormars geplaatst (dus weder de dienst van apprentice vervullende) waarna hij dan ook spoedig tot adelborst 1ste klasse en reeds op zijn 19de jaar tot luitenant werd bevorderd. Uit dit alles blijkt genoegzaam dat hij wel degelijk aan boord kwam om tot officier te worden opgeleid en geenszins als eenvoudig matroos, die alleen uit hoofde zijner in het oog vallende bekwaamheden daartoe werd bevorderd. Behalve de door S. opgenoemde officieren heeft men niet alleen op de schepen van den 1 sten rang, maar op alle linie schepen en groote fregatten nog een commander als eerste officier en hoewel het getal luitenants, wat S. van 4 tot 8 steltniet op allen het zelfde is en ik het bepaalde getal niet met juistheid kan opgeven, bedraagt dit in den regel op de fregatten van 50 stukken niet minder dan vijf, doch slechts een master en 2de master (1). Bij het zeggen dat fregatten, korvetten en brikken door een officier van den graad van kommandant worden gevoerd heeft S. klaarblij kelijk den door hem niet opgegeven rang van commander op het oog, wat letterlijk vertaald wel kommandant is, maar dit stelt geen rang daar, zijnde ieder die bevel over een schip voert kommandant, al ware hij ook adelborst. In den regel worden de fregatten door kapiteins gekommandeerd zelfs die van 20 eü 18 stukken (2) ook deze hebben meestal een kapellaan, zoo dat men niet kan zeggen dat deze zich alleen op de groote schepen bevinden. Dat de engagementen der matrozen voor een bepaald schip, zoo lang dit in dienst is verbindend zijn, en ook de officieren, in den regel, opdat zelfde schip blijven, is een maatregel, die bij het'veelal bestaande gebrek aan zeevolk in andere landen niet kan worden toegepast, waar men dut tot veelvuldige overplaatsingen zijne toevlugt moet nemen maar die veel goeds heeft eu bij de engelsche marine er zeker veel toe bijdraagt dat allen zich als het ware met hun schip vereenzelvigen en hierin een krachtige spoorslag vinden 'om dat schip in alles te doen uitmunten. De royal marines vormen een corps dat geheel met dat onzer mariniers overeenkomt, en in Engeland in hooge achting staat. De plaats welke de schrijver hun in een zeegevecht aanwijst in den mast en op andere plaatsen waar zij den vijand afbreuk kunnen doen" geeft het denkbeeld alsof ze alom als tirailleurs zouden verspreid zijn; wat zoo niet is, bij alarmwanneer het schip tot ge vecht gereed wordt gemaakt, zijn op de engelsche, zoo wel als op alle oorlogschepen welke mariniers hebben (de Fran- sclien niet; de zoogenaamde infanterie der marine is voorde dienst in de koloniën) zijn cenige hunner in de marsen geplaatst maar het meerendeel met de matrozen aan de stukken in de batterijen ingedeeld van waar ze op bepaalde seine op het dek kannen verzameld worden tot het maken van geweervuur of tot het vormen der enterdivisie in vereeniging met de daartoe behoorende matrozen, hetzij om eene entc- riug te bewerkstelligen of die af te weren. De vooronderstelling dat de gewezen bevelhebber der Oostzeevloot sir Charles Napier veel zoude hebben toege- bragt om verbeteringen in de constructie aan te brengen on nog voor te bereiden kunnen wij insgelijks niet toegeven. Zeker heeft hij vroeger getoond een man van uitgebreide bekwaamheden te zijn die in de dagbladen, vooral in The times, eene hevige oppositie voerde tegen verschillende, zijns inziens, in de onderscheidene takken van dienst en bestuur der marine bestaande gebreken, waarvan wij ons niet ver meten de gegrondheid te beslissen. Toen nu eenigc jaren geleden de surveyor of the Navy (opperhoofd van den aan bouw der oorlogschepen) Symouds, een nieuw systema van bouw invoerde, naar hem Symonds constructie genoemd (3) volgens hetwelk, een aantal schepen werden aangebouwd ontstonden er in de engelsche marine voor- en tegenstanders hiervan, onder welke laatste sir Charles behoorde, die dan ook niet naliet het heftig te bestrijden. Ten gevolge der genomene proeven is men geheel van dit stolsel teruggeko men om tot liet oude weder te lceeren, waartoe dus ook zeker die admiraal heeft mede gewerkt, wat men echter nog niet noemen kan dat hij verbeteringen heeft ingevoerd want toen bij zijne hevige bestrijding van dat stelsel de ad miraliteit hem verlof gaf, een schiD geheel volgens zijne plannen te doen bouwen, gaf dit het aanzijn aan de Sidon, rader-stoomfregat van 22 stukken en 560 paardenkracht welke echter een uiterst moeijelijk zeeschip bleek te zijn, en in het groote bezwaar wat men de Symonds schepen ten laste legde, van zeer zwaar te werken en te slingereu, deze nog overtrof (4). De S. noemt vijf maritime etablissementen waar eep hoofd officier beyel voert en daaronder Plymouth en Deyonport als twee afzonderlijke plaatsen, wat waarschijnlijk eene ver gissing is, daar deze beide met Stonchouse, gezamenlijk de aan Plijmouth-Sound liggende stad vormen, en Deyonport dat gedeelte is hetwelk de werf bevat. Er zijn in Engeland zeven groote maritime werven: Doptford, Woolwich, Chat ham, Sheerness, Portsmouth, Devonport en Pembroke; en victualij-werven, onder opzigtvan een afzonderlijk hoofd-of- ficier te Deplford, Plij mouth en Portsmouth, terwijl zich alom in de buiteulandsch'e bezittingen etablissementen bevin den van mem-deren of minderen omvang om Ilr. Ms. sche pen van behoeften te voorzien of reparatien te bewerkstel ligen terwijl er zelfs eenige linieschepen in Bengalen gebouwd zijn. De grootste etablissementen noemt S. Portsmouth en Woolwich; hiertoe mag oolc gerustelijk Devonport gebragt worden, vooral nu zich daarbij sedert 1S51 eene geheel nieuwe stoomwerf bevindt, met niet minder dan vijf drooge dokken voor dergelijke schepen.- Onder de grootste con structie-werven noemt hij ook Sheerness, waar gedurende mijn verblijf in Engeland in 1851 slechts één schroeffregat van 30 stukken in aanbouw was (of die werf sedert is uit gebreid, is mij onbekend). De onderstaande opgave dei- schepen welke zich toen op dc onderscheidene werven op stapel bevonden, zal eenigzins over hare betrekkelijke grootte kunnen doen oordeelen: te Woolwich 1 schip van 120,1 van 90 en 1 van 50 stukken, Chatham 5 80, 1 50 2 12 Portsmouth 3 120,1 116 1 90 Devonport 1 101,2 90 2 50 Pembroke 1 120, 1 116, 2 90, 1 van 80,2 van 60, 1 50,2 16 1 12 tcMoulmain in Britsch Indie, zoo mede op eene partikuliere werf te Blackwall, was toen eene schroef korvet in aanbouw. Hulde doende aan de overige juiste denkbeelden, ook in dit gedeelte der brochure van H. J. B., deel ik, hoewel laat, deze mijne opmerkingen mede ter aanvulling daarvan en geenszins uit vitzucht, in de hoop dat ze, voor wie zich de moeite wil getroosten beide stukken te vergelijken, een bruik baar geheel zullen vormen. C. J. DAMME. (1) Op sommige zal men in de Navy-lisfc wel meerdere masters en in het algemeen een zeer groot état-major vindendoch dit is bij uitzondering wanneer die als wachtschepen of tot opnemingen bestemd surveying vesselshulpvaartnigen(tenders) bij zich hebben, in welker dienst door de officieren en manschappen uit hunne rol moet worden voorzien. (3) Bit zijn eigenlijk slechts kleine kuilkorvctten de naam korvet is echter hij de engelsche marine weinig in gebruiken hun sloop kan men niet onbepaald daardoor vertalen; dit toch zijn uitsluitend gladdeks-vaartuigen met driemasttuigmeestal kleiner dan onze glad- deks-korvetten terwijl men ook de brikken tot deze klasse brengt wanneer zij door een commander gevoerd worden. Brikken en schoo ners, (aan welke laatste de engelsche zeemagt echter armer is dunde onze) worden door luitenants gekommandeerd. Er bestaan bij de engelsche marine ook schepen welkehoewel niet meer stekken voe rende dan de sloops, (18 eu 20) van een bovendek zijn voorzien en dus kuilkorvctten zijn, maar in de wandeling insgelijks fregatten wor den geuoemddoor een kapitein gekommandeerd en tot de rated ships behooren, waarvan men zelden opnoemt of zij schip of fregat zijn, wat het aantal stukken genoegzaam doet zien, maar onderden algemeenen naam van II. M. schip worden begrepen. Ook in de officiële Navy-list Jiebben alleen de sloops, brikken en kleinere vaar tuigen den naam hunner soort achter zich. Volgens deze is de clas sificatie der engelsche schepen aldus 1. Rated ships, zijnde schepen welke onder een der zes volgende rangen kuuneu gebragt worden lstc rang, alle schepen van 110 stukken en daarboven en wier ekwipage uit 950 man of meer bestaat. 2de rang, bevattende een van 11. M. yachten en alle schepen van 80 tot 110 stukken en 750tot 950 man; 3de rangII. M. overige yachtenalle schepen welke de vlag of staudaard vau een admiraal of kapitein-kommandant ecnerwerf voeren en die van 70 tot 80 stukken ch 620 tot 750 man 4de vangdie van 50 tot 70 stukken met 450 tot 620 man 5de rang, die van 30 tot 50 stukken met 300 tot 450 man 6de rangalle andere schepen welke door een kapitein gekomman deerd worden. 2. Sloopshierin zijn ook de bombardeer-sehepen begrepen en alle die door een commander worden gevoerd, hier even als bij den Oden rang bepaalt dus de rang. van den kommandant dien van het schip. 3. Alle overige schepen door luitenants gekommandeerd en niet minder dan 60 man ekwipage hebbende. Van kleinere, niet tot een dezer klassen behoorende vaartuigenwordt de bemanning door de admiraliteit naar omstandigheden bepaald. (3) Be voornaamste kenmerkende eigeusehappen dezer schepen waren, meerdere scherpte van het grootspant en aanmerkelijk meerdere breedte op de waterlijn en in het bovenschip, hetwelk meerdere ruimte in de batterijen gevende een groot voordeel als oorlogschip opleverde. Aan liet verlies van ruimte tot berging van victualie en water dooi den scherpen vorm der ruimenmeende de Surveyor eenigzins te gemoet te komen door het niet behoeven van ballastwat hij in zijne schepen vooronderstelde. Er werden proeven in het groot ge nomen, door deze soort met linieschepen van andere bouworde te vcreenigen(de experimental squadrons) waarbij deze schepen veelal goede zeilers bleken te zijn, doch wegens hun hevig slingeren cn werken, mocijelijke zeeschepen, waarop zijne stelling omtrent den ballast niet door ging. Ook zeilden sommige der andere schepen vooral die naar liet oude fransclie stelsel van Sanéniet minder goed, zoo dat menoordeeloiule dat de. bezwaren de voordeeleu over troffen, geheel van dit stelsel is afgegaan en de nog op stapel staande schepen uit een genomen of den verderen bouw voorloopig heeft gestaakt, welk voorbeeld men ook in andere landen heeft gevolgd, waar men uit hoofde van de voordeden welke deze schepen oogen- schijnlijk schenen opteleveren, ze liad nagevolgd. Het denkbeeld wat hierdoor wel eens bij niet deskundigen ontstaau isals of de rege- riug onberaden geheel onbruikbare schepen had doen aanbouwen, is ecliter niet juist, hoewel zij gebleken zijn niet do meest doelmatige soort van oorlogschepen te zijn, hadden zij toch ontegenzeggelijk ook goede hoedanigheden en waren althans zeer bruikbaar, zoo als er zich dan ook nog bij de Oost- en Zwartezee vloten bevinden. Be tegenwoordig in Engeland, en ook bij ons, meest gevolgde wijze van vormis die van bovengemelden franscheu ingenieurmet eenige wijzigingen, vooral door het minder intrekken van liet boven schip en ook de meer en meer algemeen wordende schroefschepen a wijken, uitgezonderd hunne aanmerkelijk grootere lengte, niet be langrijk daarvan af. (4) Bit deed een lid van een der huizende met de parlementaire waardigheid welligt weinig strookendeaardigheid zeggen datwan neer ooit de prins van Joiuville mogt willen beproeven eene landing

Krantenbank Zeeland

Middelburgsche Courant | 1855 | | pagina 3