Uitsluitend soliede kwaliteit. Alle maten voorradig. No. 51 Woensdag 30 September 1903. Zevende Jaargang. INDISCHE PENKRASSEN. NIEUWSTIJDINGEN; I 313, GRAVENSTRAAT I 313. Bnrgel^ke Stand ran Middelburg. IIEUWS' 1IDDELSDR6SCH ADVERTENTIEBLAD DE FAAM MET W 0. N I I 5 S I D 8. Verschijnt eiken Woensdagavond, wordt door de geheele stad gratis verspreide UITOKVEH A 0. UTTOOIJ Az, Span j aar dstraat. Brij# der Advertenttón wan 1—3 rtgoli 15 Osnt, iedere regel meer 5 Otnt. 8 maal plaatsing wordt slechts 2 maal berekend. Groote letters naar plaatsruimte. Bfl abonnement van 1000 of 500 regels voordeelige voorwaarden. SrDotste publiciteit hier Ier stede! 3400 ex. worden wekelijks met verspreid. Grootste Fubllelt«lt. XXIX. Wat in 't vat is, verzuurt niet en de trouwe lezers mijner Penkrassen hebben daarom altijd nog hun rytoertje te goed. 't Is van morgen juist heerlijk frisch en lekker weer na 'n nacht ■van regen We zullen dus maar eens 'n „wagen" met twee paarden laten voorkomen en van 6 uur's mor gens tot 12 uur 's middags gaan genieten van alles, wat er alzoo op Insulinde's hoofdplaats te zien valt. Het ryden is hier betrekkelijk goedkoop. Voor zes gulden plus twee kwartjes fooi zijn we 't heertje We zullen nu maar eerst „naar beneden" naar de oude stad gaan. 'tls daar thans nog uit te houden. Over een paar uur echter, zou ons genot vry twijfelachtig zyn. Zoo rijden we dan weer langs ons Molen vliet, dat zyn naam aan het in 1648 gegraven kanaal ontleend. We weten reeds, dat ook hier de stoomtram langs loopt. Voor den nieuweling moet het zeker al een zeer vreemd gezicht wezen, om maar open en bloot Chineezen en Inlanders, mannen, vrouwen en kinderen sans gêne hun bad te zien nemen. Het kanaalwater is alles behalve frisch en riekt ook minder aangenaam, doch daar schijnen de luitjes zich maar weinig aan te storen, want zelfs mond en tanden worden met 't bruingele vocht „gereinigd" Van bacteriën en bacillen hebben ze dan ook natuurlijk nog nooit ge hoord. Niemand sterft er vóór zyn tijd, zoo wordt wijsgierig geredeneerd, dus waartoe zich in acht te nemen? En als dan over eenige maanden weer eens cholera of 'n andere venij nige ziekte uitbreekt, och dan sterven ze tevre den en gelaten, omdat hun tyd dan blijkbaar daar is Het Hotel Molenvliet ligt vry wel op de grens van 't Europeesche gedeelte dezer wyk en we passeeren nu een aaneengesloten rij van kleine winkelhuisjes en werkplaatsen, be woond door Inlanders en Chineezen. Hier en daar wordt die ry onderbroken door een steeg of „gang," zooals ze hier zeggen, en daar Batavia by Molenvliet op zyn smalst is, loopen die steegjes, ook aan de overzij van 't kanaal, binnen weinige minuten door een kampong op een saw ah of rijstveld uit. Al spoedig komen we aan de „oude stad" en wel op het bekende en beruchte Plein Glodok, vlak tegenover het Stands verband, de gevangenis en het z. g. Kettingkwartier, de verblijfplaats der rantéis, kettingjongens of dwangarbeiders, waarvan daar juist een troepje onder geleide van een mandoer, zich naar hun „werk" begeeft. Het is een merkwaardig ge zicht al die Inlanders en Chineezen, in hun bruin boevenpak, heel kalm zich te zien leiden door een der hunnen, dus ook een gestrafte, die tot mandoer of opzichter over hen werd aangesteld. Er loopen gevaarlijke roovers, ja begenadigde moordenaars onder en toch eten die lui schijn baar uit de hand en blijven ze binnen de grenzen van het touwtje, dat 't clubje by el kaar moet houden. Eigenaardig volkje toch die dwangarbeiders, lui die later ook wel een Penkras waard zyn, want in Holland kan men zich nu eenmaal geen voorstelling maken van de mogelijkheid om zware misdadigers dagelijks betrekkelijk vrij, buiten de poorten van den kerker te laten rondtippelen, bewaakt, niet door marechaus sees met scherp geladen karabijn, doch door een der hunnen, met een stokje gewapend, die zich weet te doen gehoorzamen en hen met militaire stiptheid op 't vastgestelde uur weer thuis brengt Enfin, later hierover meer, 't onderwerp is belangwekkend genoeg, doch wy hebben nu geen tyd, we moeten verder. We slaan dan bij Glodok links af en komen nu plotseling midden in de Chineesehe Kamp. Bepaald typisch, dat doolhof van grachten en straten en steegjes, die echt Chineesehe huizen van telkens afwisselenden stijl, die gevels met helle kleuren beschilderd en beplakt met roode langwerpige papierstrooken, waarop groote zwarte Chineesehe letters misschien wel naam en kwaliteit van de bewoners vermelden. Men kan zich hier best voorstellen in een der volkswijken van Peking te zyn, want het Chi neesehe element is hier verreweg overheer- schend en de drukdoende staartmenschen, van wie velen nog niet zoo heel lang hun Hemel- sche Rijk verlieten, maken een leven als een oordeel. De meeste huizen zijn l^pneden tot toko's (winkels) ingericht, toko's waar men van alles en nog wat krijgen kan en ook daar binnen wordt het oog aangenaam geboeid door kleuren en verguldsel, rood en zwart lakwerk en niet te vergeten het eigenaardig huisaltaartje met zijn offerstokjes, roode kaar sen en grillige Tao Pekong, eene voorstelling uit de Chineesehe godenwereld, 't Is nog vroeg in den morgen en de meeste langstaarten loopen daarom met naakt bovenlijf van de ochtendkoelte te genieten, hun beenen bedekt door de wijde Chineesehe pantalon. Ook de „dames" dragen broeken. Ze zyn in 't zwart gekleed en hebben haar kleine (misvormde voetjes gestoken in de bekende muilen met dikke zolen. Ze zien er grappig uitIk spreek hier natuurlijk van de onvervalscht echte Chineesehe vrouwen, want menig Mongool kiest zich eene dochter van het land hier tot levensgezellin en wordt dan de stamvader van eene generatie baba's en nonna's, die feitelijk geen Chineezen meer zijn, gaarne de Wester- sche gewoonten overnemen, zich meer Euro- peesch kleeden, hun kinderen behoorlijk naar school zenden, ja zelfs Hollandsch en Engelsch doen leeren en werkelijk heel wat aangenamer indruk maken dan de schreeuwerige domme, onbeschofte, botgrinnekende „sin-kheh's" of geimporteerde „staarten" van den overwal. Zoo'n Chineesehe wijk doet in vele opzichten denken aan de bekende z. g. Jodenbuurten van Amsterdam en 's-Gravenhage, doch 't is hier nog wel zoo druk, wat niet te verwonde ren valt als men weet, dat de Chineesehe handwerkslieden hun vak meestal in 't publiek beoefenen. Overal ziet men ze bezig, de nijvere meubelmakers, smeden, rijtuigherstellers, tim merlui, schoenmakers, blik- en koperslagers, kleermakers enz. terwijl we daar juist een barbier passeeren, die druk aan den arbeid is, op den openbaren weg, met een zyner patiën ten. Niet alleen, dat hy vlug en handig scheert, maar met allerlei tangetjes, mesjes en sponsjes bewerkt hy de ooren, oogleden en neusgaten van zyn cliënt. Hier weêr wordt gebakken en gekookt, want men eet en drinkt nu eenmaal ook op straat en wil tegelijk wel eens zien hoe en wat er wordt klaargemaakt. 't Is wel jammer, dat in deze buurt wat verdacht riekt, want werkelijk de verschillende straattooneeltjes in de Chineesehe Kamp "te aanschouwen, zouden een langer vertoeven niet onaardig maken. Over een oud-Hollandsche ophaalbrug komen we plotseling wêer in het Europeesche ge deelte der stad en wel aan een breede gracht met hooge ouderwetsche huizen, 't Is de z. g. Kali besar (groote rivier), de heeren van den handel te Amsterdam en Rotterdam zeker wel by name bekend. Aan die Kali basar toch vind men de voor naamste handelskantoren en pakhuizen van Batavia. Nu 't is er nog betrekkelyk stil, doch straks tegen 8 uur, komen ze hier per tram, dos a dos of fiets, de ijverige dienaren van Mercurius, den god van den handel, terwijl hun chefs in „eigen wagen" met twee Australiërs bespannen, zich als echte pacha's naar deze hartader van den importhandel voor West-Java laten ver voeren. De groote Australische paarden zijn hier bij de rijken zeer gewild. We zeiden vroeger reeds, dat de oude stad met haar voor Indië zoo onpractische Euro peesche bouworde van vlak aan elkaar slui tende huizen, zonder tuinen of erven, thans als woonplaats door de Europeanen is verlaten en de vroegere woningen der Compagniesdie naren zijn nu de handelskantoren, waar de kooplieden overdag hun zaken doen, om zich na afloop daarvan weder naar hunne in de nieuwe wijken gelegen villa's te begeven. Nadat we de Kali besar, zoowel westelijk als oostelijk zyn langs gereden, komen we vanzelf op 't U reeds bekende Stadhuisplein, de plaats, waar we reeds getuige waren van het sombere schouwspel eener ter dood bren ging van twee medemenschen. Het Stadhuis, vroeger de zetel van het Col lege van Schepenen der stad Batavia en Omme landen, bevat thans de bureaux van den Resident. Dit gebouw door de Inlanders „roemah biijara" of „spreekhuis" genoemd, werd in 1710 voltooid. Sedert 1870 is aan de oostzijde van het Stadhuisplein een ruim nieuwerwetsch gebouw verrezen voor den Raad van Justitie. Hier stappen we even uit, de paarden moeten op adem komen en we wandelen naar het Kasteelplein, waar eenmaal de oude veste Batavia stond, door Maarschalk Daendels ge slecht en waarvan alleen nog een vrij typische poort, de z. g. Amsterdamsche, in wezen is. Op dat plein nu vinden we het bekende heilige kanon, dat vooral belangstelling, ja vereering geniet van vrouwen, die zich gaarne de moederweelde zagen toegedacht. Het volks geloof zegt toch, dat de doenteren Eva's slechts aan dit kanon hebben te offeren en 't 'n oogenblik als zetel moeten gebruiken, om weldra in de blijde verwachting te komen Er zijn zelfs, zooals beweerd wordt, Euro peesche dames, die 's avonds laat als 't hier stil is, 't gaan probeeren. Nu baat 't niet, schade doet het evenmin en Indië is nu eenmaal het land van de stille krachtEr gebreuren, vooral in de binnen landen, zoovele occulte dingen, waarbij het nuchter Westersch verstand stil staat, dat men volstrekt maar niet dadelijk om zulke „sprook jes" lachen moet. Ook zegt men, dat wanneer dit kanon met een dergelijk, dat in Bantam (Westelyk Java) ligt, samenkomt, dat het dan met de opper heerschappij der Nederlanders gedaan zal we zen Nu, daar kan 't Gouvernement wel voor waken. De kanonnen zyn ontzettend zwaar en niet maar zoo eventjes te verplaatsen. Na in een Chineesch koffiehuis een glas ajer Blanda (mineraal water) met ys te hebben gedronken, zoeken we ons rijtuig, hier in Indië „wagen" genoemd, wêer op en gaan we onzen toer hervatten. De heer A. S. J. Dekker, leverancier van Orgels, te Goes, heeft in Zeeland alszoodanig een goeden naam, zoowel voor zijn huis- als kerkorgels. Reeds tal van Orgels voor huis gezin en kerkgebouw werden door hem, tot volle tevredenheid der koopers, geleverd. Zondag 1.1. werd in de Ned* Herv. Kerk te Colynsplaat het orgel, aangekocht uit de ma gazijnen van den heer Dekker, in gebruik ge nomen. De verwachtingen van het instrument werden niet beschaamd, aangezien het uitne mend voldeed. Aanbeveling verdient het,_ alvorens een orgel elders te koopen, de rjjke verscheiden heid bij genoemden heer Dekker te gaan be zichtigen. Demisaisons, Heeren "Winterjassen, Jongens Winterjassen, Kinder Winterjassen. 0.p„ S.J.FONTEIJN Heeren Pantalons, Kinderbroekjes in Cheviot, zwart en bruin Manchester, Mans- en Jon gens Werkbroeken in bruin en gestreept Engelsch Leer. Aan de fabriek „De Schelde" te Vlissin- gen zijn weder 20 scheepsbeschieters bedankt, zoodat nu in het geheel ruim 200 man zyn ontslagen. Een 8-jarig kindje te Gouda werd Vrijdag avond plotseling gemist. Eensklaps zag de moeder haar lieveling drijvende op het water achter de woning. Ijlings werd het kind op het droge gebracht, doch het bleek reeds over- ledem Een veehouder te Franeker bezig een wagen met hooi te laden, viel, doordat het paard onverwacht een stap vooruit deed, er af en bezeerde zich zoo erg dat hy den anderen dag overleed. Hij laat een weduwe met 8 kinde ren achter. Een der laatste oud-stryders van '30, een 93-jarige man te Raalte wilde het vuur aanmaken. Zijn kleeren vatten vlam, en hij vluchtte naar buiten schoon zyn zoon dadelyk toeschoot met een emmer water en de vlammen bluschte, was 't te laat; de man bezweek aan de bekomen brandwonden. Vrijdagnacht is een Scheveningsche bom door een Vlaardinger logger aangevaren en gezonkenzes der op varenden werden gered, doch de overige vier jongelingen van 17 tot 20 jaar verdron ken. Het volgende droevig doch aangrijpende feit had hierbjj nog plaats. Zoodra de aanvaring gebeurde, sprongen zes opvarenden van de bom op den logger over, zoodat drie personen op de zinkende bom achterbleven. De 20-jarige Spaans, getroffen door het hulpgeschrei van zyn achtergebleven 15-jarigen broeder bedacht zich geen oogenblik. Hij sprong van den vei- ligen logger op de zinkende bom terug en wilde, staande op den kop van het zwaard van de bom, zyn broeder op den logger werpen, toen dit vaartuig juist dat aanrakingspunt was voorbijgegaan. Het nachtelijk duister en de snelheid waarmede de bom in de diepte weg zonk maakten verdere redding onmogelijk, zoo dat deze Spaans zyne broederliefde met den dood moest bekoopen. Tot de omgekomenen behooren een eenige zoon die ook Spaans heet en de 17-jarige Pronk. Een aardig kunstwerkje, 't welk de be wondering wekt van hen, die 't nimmer hebben gezien is net volgende: Men legt een haan of eene hen op zijde op den vloer en wel zoo, dat ook de zijde van den kop den grond aan raakt Trekt men nu, te beginnen by den snavel, eene dikke krytstreep van eenige dM. lengte dan kan men het beest gerust loslaten. Het blijft onbewegelijk liggen, alsof het dood was, en staat niet op, vóór men het even heeft aange raakt. Zelfs met den kwaadsten haan is-de proef gemakkelijk te nemen, zonder dat men zyne pooten behoeft te binden. Men treft by meer dieren de vrees voor het overschrijden van een krijtcirkel aan. De schorpioen, die veel voorkomt in onze Oost Indische bezittingen, heeft zulk een vrees voor een rondom hem getrokken krijtcirkel, dat hy, na vruchtelooze pogingen om te ontkomen, in zyn angst zich- zelven doodsteekt. Van 2228 Sept. ONDERTROUWD: W. F. A. Hagethorn jm. 24- j. met P. Govaert jd. 23 j., J. A. de Pree jm. 22 j. met C. Cornelisse jd. 25 j., A. van Offenbeek jm. 26 j. met J. E. Dhont jd. 24 j., H. Elzakkersjm. 26 j. metN. Muits. 31 j. GETROUWD: A. Compeer wedr. 41 j.met F. J. de Wagter jd. 4g j., C. Baas jm. 26 j. met L. Danielse jd. 24 j., C. E. de Haas jm. 24 j. met A. M. van Aartsen jd. 24 j. BEVALLENJ. de Graaf geb. Sanderse d.j P. E. Koreman geb. Wolf d., M. Corbyn geb. Jongepier z., C. D. van der Kamp geb. Buteux d., P. J. van Iren geb. De Munck z., A. Koole geb. Den Hollander z., A. W. Floresse geb. De Lange z., C. Petiet geb. Grootjans z., S. P. de Hamer geb. De Klerk z., S. J. Verhage geb. Baljeu d., R. Snoek geb. Meijer d; GEBORENEen onechter zoon, moeder 23 j. OVERLEDENA. Goedbloed d. 2 m., J. Bimmel wed. van J. J. Jacobse 65 j., G. Malgo 11 maanden d.

Krantenbank Zeeland

de Faam en de Faam/de Vlissinger | 1903 | | pagina 1