A, LITTOOIJ Az. Grootste publiciteit lüer ter sted el 3400 ex. werden wekelijks met zorg verspreid. Greeted Publiciteit. Gravenstraat I 313, Gravenstraat 1313. S. J. FONTEIJN. No. 42 Woensdag 29 Juli 1903. Zevende Jaargang. Verschijnt eiken Woensdagavond, wordt domde géheele stad gratis verspreide Spanjaard straat. Prijs der AdvertentUn: van 1-3 regels 15 Cent, iedere regel meer 5 Cent 8 maal plaatsing wordt slecht» 2 maal berekend. INDISCHE PENKRASSEN. NIEUWSTIJDINGEN; wy ontvingen, met het verzoek hierop de aandacht te vestigen, eene brochure betreffende inlichtingen aangaande het Instructie Bataljon te Kampen. Steeds voorradigeeren-, Jougeheeren en Kindercostu ums, Pantalons enz. in alle grootten en een prachtige sorteering Stoffen voor Kleeding naar maat. Scherp concurreerende pry zen. GOED PASSENDE NIEUWSTE MODELLEN. Bnrgelijke Stand van Middelburg. mm IIIIIIIBIIICI AimTiiTimtD DE FAAM UIT TOEITHIDS. UITGEVER Groote letter» naar plaatsruimte. By abonnement van 1000 of 500 regel» voordeelice voorwaard an. XX. Dezer dagen kreeg ik bezoek van een zeer merkwaardig man, van Sech Said bin Abdul lah Baadillah, den luitenant der Arabieren op het eiland Banda. Zooals vele lezers wel reeds zullen weten, geeft het Gouvernement aan invloedrijke Chi- neezen, Arabieren, Klingaleezen en andere „vreemde Oosterlingen" den eeretitel van lui tenant, kapitein, of majoor. Salaris ontvangen zij niet, wel een kleine vergoeding voor bureau kosten en ze staan onze Nederlandsche ambte naren daarvoor bij in het bestuur over hunne rasgenooten, die in bepaalde wijken, de zoo genaamde „kampen" moeten wonen. Aangezien Sech Said bin Abdallah Baadillah thans met verlof naar Holland komt, acht ik mij verplicht hem even aan de Nederlanders voor te stellen. Ik heb zóóveel goeds van dien Arabier gehoord, dat hij 't wel verdient om in patria veler vriendschap te genieten. Wie toch in den grooten Molukschen Archipel kent hem niet, den ontwikkelden, verdienstelijken, hulp vaardigen, zoo sympathieken en door rijk en arm, door Christen, Mohammedaan en Heiden zoo hoog vereerden man Zijn belangeloos werken, waar het de In dische gemeenschap geldt en zijn trouw aan ons Gouvernement gaven de Hooge Regeering aanleiding om hem in December 1901 de zil veren Ster van Trouw en Verdienste toe te kennen. Zoo ooit dan prijkt deze Ster "thans op een waardige borst! Doch laat ik u enkele bijzonderheden uit 's mans leven meedeelen Sech Said bin Abdullah Baadillah dan werd 22 Juli 1859 te Banda Neira geboren. Zijn va der en grootvader waren ook reeds met het bestuur over hunne rasgenoten belast en de betrekking zal dus zoo langzamerhand wel erfeiyk in de familie worden. Hij bezocht de Hollansche lagere school en werd daardoor onze taal voldoende machtig om zich door veel lezen meer algemeen te ontwikkelen. In 1889 werd hij tot zijn tegenwoordigen rang be noemd. De „luitenant' is zeer rijk en doet veel goed. Zoo bouwde hij in 1891 een groote mooie missigit (bedehuis) in Kampoeng Baroe, een buurt van Banda Neira en later nog twee kleinere in andere wijken der stad. Hierdoor ontstond nu onder de Mahomedanen twist en tweedracht, de bewoners van Kampoeng Baroe werden als de bevoorrechten beschouwd. Ba& dillah maakte er spoedig een einde aan, door alle priesters bij zich te ontbieden en hun mede te deelen, dat bedoelde groote missigit niet voor Kampoeng Baroe doch van hem was en dat het dus ieder Mohammedaan vrij stond, daar godsdienstoefening te houden. De dankbare priesters benoemden hem toen tot Voorzitter van hunnen raad. Niettegenstaande of liever juist omdat Baadillah een overtuigd volgeling van Mohammed is, door de kennis van de Arabische taal volkomen begrijpt, wat zijn godsdienst voorschrijft, is onze Arabische „luitenant" zeer verdraagzaam jegens anders denkenden. Door zijne uitgebreide handelsbe trekkingen op de kusten van Zuid- en West- Guinea heeft natuurlijk zeer veel invloed op de Heidensche bevolking aldaar en die invloed heeft hij o a, gebruikt om den pastoor Le Cocq d Armandviïle te steunen bij het kerste nen der Papoea'sHij wist velen over te halen hunne kinderen door dien geestelijke te doen doopen en voorzag de missies gratis van le vensmiddelen. Baadillach,- die sedert 1894 op groote schaal aan parelvisscherij doet en aan vankelijk uitsluitend duikers van Nanilla in dienst had, heeft ook welvaart gebracht bij verscheidene Inlandsche Christenfamilie s door Christenjongens voor duiker te doen opleiden. Dit, wat zijn godsdienstige gevoelens betreft. Ook de wetenschap werd door hem naar ver mogen gesteund. Professor Max Weber, de man der Diepzee- onderzoekingen, ontving door Baadillah's hulp een groot aantal belangrijke voorwerpen voor de verzameling van de bekende Sibogaexpeditie en Professor van Hasselt kreeg een schoone collectie wapens, huisraad, werktuigen enz. afkomstig van Nieuw-Guinea, die deze geleerde noodig had bij zijn onderwijs aan de toekom stige ambtenaren van het Binnenlandsch Be stuur. Baadillach gaf als voorstander der Westersche beschaving zijn kinderen een Euro- peesche opvoeding. Er wordt bij hem thuis nooit anders dan Hollandsch gesproken, hoe wel natuurlijk ook de studie der Arabische en Maleische taal niet wordt verwaarloosd. Thans gaat hij met zijn jongsten zoon op reis naar Holland en wel over China, Siberië, Rusland en Duitschland en hij zal den zestienjarigen knaap bij een hem bekende Indische familie te Amsterdam in den kost doen om hem, na het noodige voorbereidende onderricht, den cursus aan de Handelsschool aldaar te doen volgen. Ook koestert onze brave landsdienaar nog een vurigen wensch en wel om toegelaten te worden tot zijne vereerde Souvereine, Koningin Wilhelmina. Hij zou Hare Majesteit zoo gaarne de liefde en trouw vertolken, die Hare onder danen hier in „Nederland8ch uiterste Oosten" be zielt. Als deze Penkras door u gelezen wordt, is Sech Said bin Abdullah Baadillah waarschijn lijk reeds in uw midden. Hq zal als vreemde ling veel steun en voorlichting behoeven en we vertrouwen, dat hij die overal in ons dier baar Vaderland vinden zal. Als hij dan na zes maanden weer naar hier terug keert, naar het eiland Banda, dan zal hij zeker niet na laten om aan ieder den lof te verkondigen van het broedervolk, wonende in het verre Wes ten over de zee. Heb ik in mijn vorige Penkras helaasveel kwaad moeten vertellen, thans kan ik u ge lukkig ook wat goeds meedeelen. Eenige dagen_ geleden liet een onvoorzichtig heer, ook in Hotel Molenvliet gelogeerd, zyn portefeuille met bankpapier liggen in een dos a dos! Hij bemerkte zijn verlies eerst, toen hp een half uur thuis was en de arme man wanhoopte reeds ooit zijn bijeengegaard kapi taaltje weer terug te zullen zien, toen daar plotseling een karretje het erf opreed en de koetsier Ali van Kampoeng Menteng triomfan telijk de portefeuille in de lucht zwaaide. Men las op 's mans gezicht duideiyk de woorden „dat had je van zoo'n smerigen inlander niet gedacht, wel De eerlijke kerel kreeg hon derd pop belooning en was de koning te rijk. Persoonlijk nam ik nog den volgenden proef. Cp Pasar Senen, een drukbezochte Chineesche marktbuurt, liep ik 's avonds met een land genoot te wandelen. We hadden, t juist over den slechten aard van 't volkje hier op Bata via. Bij een der kraampjes stond een armoedig gekleede Inlandsche jongen. Met begeerige oogen keek hij naar de uitgestalde lekkernijen, 't Was een Bataviaan, dat konden we aan zijn kleeren zien, doch hij had een opensym pathiek gezicht en een paar oprechte donkere kekers. Ik stootte mijn vriend aan en vroeg hem of hij nu dacht, dat een jongen, met zoo'n eerlijk en gunstig voorkomen, een dief zou kunnen zijn. On verbetelij ke optimist", lachte de ander, „probeer 't maar eensNu ik waagde er een gulden aan, riep den knaap en verzocht hem 't even ergens te gaan wis selen, daar ik klein geld noodig had. Na tien minuten kwam hij terug en er mankeerde geen duit. Tot belooning lieten we Doellah, zoo heette 't eerlijke „Baviaantje", eens lekker smullen. Er zijn hier dus ook nog wel goede exem plaren te vinden! Ik ben blij, dat ik dit schrij ven mag. Deze instelling, die reeds langer dan eene halve eeuw bestaat, en waarby sedert de op richting byna 18009 jongelingen hunne intrede in de militaire wereld hebben gedaan, is waar lijk voor ons allen geen onbekende. Door woord en beeld (iqooie fotografiën ver sieren het boekje) wordt aan die instelling nog m8er bekendheid gegeven De weg wordt ge wezen, hoo men bij dat korps in dienst kan treden. De opleiding is kosteloosde jongelieden worden eenvoudig n aar degeiyk gevoed gekleed en gehuisvest, en ontvangen bovendien nog zakgeld. Een jongen die wil kan er den grond slag leggen voor een eervol militair of burger bestaan. Genoeg. Wij raden ieder, die iets Daders om trent deze instelling wenscht te weten, aan dit boekje, dat franco en kosteloos wordt toege zonden, aan te vragen aan den commandant van het Instiuctie-Bataljon. Vooral voor hen, dio met hun jongen van 15 a 19 jaar geen weg weten, is het zeer lezenswaard De vorige week kwam te Zwijndrecht op de Belgische grens een man in een afgelegen herberg, van v. Bogaert, en bestelde een glas bier. De vrouw was alleen thuis met haar zuigeling van twee maanden. Terwijl zij in den kelder ging om het glas bier te krijgen, bracht de vreemdeling haar een doodelijken slag toe op 't hoofd met een hamer dien hy daar vond liggen en maakte haar daarna met messteken af, waarop hij zich met medene ming van eenig geld verwijderde. Op aanwij- ziging van menschen die in 't veld werkten, werd hij nog dienzelfden dag nagereisd. Te Calloo, waar hij het middagmaal had gebruikt, was men zijn spoor bijster geraakt, maar hij was daar herkend, zoodat men zijn naam wist. Onmiddellijk werd naar alle gendarme ries van Vlaanderen getelegrafeerd en overal aan de bevolking aanhouding van den ver dachte verzocht. Om 8 uur s avonds, toen de tram in het dorp Nieukerke stopte, ont moette de conducteur den verdachte, dien hij kende. Alsof hij van niets wist bood hij hem een potteke bier aan, hetgeen de verdachte, vermoeid van een geheelen dag loopens, niet afsloeg. Terwijl zij in een herberg zaten, vond de conducteur gelegenheid om een boodschap naar de gendarmes te zenden, die den man arresteerden. Hij ontkende alles en volhardde daarbij totdat men hem in het huis bracht waar 's morgens te voren de misdaad was gepleegd en waar de leden van het parket van Termonde reeds aanwezig waren. Ook tegenover hen ontkende de gevangene alle schuld, maar toen men hem met het lijk van het slachtoffer wilde con fronteeren, werd hij angstig en legde een volledige bekentenis af. De moordenaar heet Frans Cappaerts, 80 jaar oud, gehuwd en vader van 8 kinderen, fiy woont te Kieldrecht, op het Hollandsche grondgebied dier gemeente en oefent zooge naamd het beroep van grondwerker uit, maar in werkeiykheid leeft hij hoofdzakelijk van smokkelen en stroopen. Reeds eenige dagen te voren was Cappaert in de herberg van Van Bogaert geweest maar toen waren er bezoe kers en ging hij spoedig weer heen. Hij heeft zyn misdaad dus met voorbedachten rade ge pleegd. Terwijl de justitie den moordenaar in de herberg ondervroeg, liepen de bewoners van Zwyndrecht voor huis te hoop en hun hou ding was zoo dreigend, dat de burgemeester naar Beveren moest telegrafeeren om bereden gendarmes. Dezen escorteerden den wagen waarop de gevangene naar Beveren werd ver voerd en van daar verder per spoor naar Termonde. De moordenaar moet zyn slachtoffer met dolle woede hebben aangevallen. Behalve talryke wonden, met hamerslagen, toegebracht, constateerden de geneeskundigen bij lijkschou wing tien messteken, terwyi tevens eenige vingers waren afgesneden. Een onaangenaam oogenblikje had Za terdagmiddag aan 't strand te Scheveningen een dame tengevolge eener vergissing van een winkeljuffrouw. Een magazyn-houder van een der Kurhauswinkels had aan het post huis kennis gegeven, dat een gouden broche van f 40 uit zyn winkel werd vermist, en daarvan weid verdacht een dame die kort daarvoor een pakje watten had gekocht Afgaande op het kleedingsignalement gingen politie en recherche op zoek. De brigadier had weldra de dame en ondervroeg haar. Het bleek nu, dat zij het pakje watten niet eens had ge opend en zoo had ontvangen van de winkel juffrouw, die haar by vergissing de gouden broche had gegeven, welke in een doosje zat met een dot watten omwoeld, zoodat hiervan ontvreemding geen sprake was. De magazyn- houder maakte de dame zijn excuses, terwijl de winkeljuffrouw een reprimande kreeg. Te Oud-Beierland was eergisteren een vreemd persoon, van wien men zeide, dat hy - in navolging zeker van Rotterdam - ver giftigde boontjes uitdeelde. Natuurlijk was het maar een praatje, wat niet belette'dat hy on der bescherming van de politie naar zijn lo gement werd gebracht, even later kon de persoon zich weer op straat vertoonen zonder verder lastig te worden gevallen. Ter bevordering van de Zondagsrust heeft de commandant van het 8e reg. inf. bepaald, dat de manschappen van zijn regiment eens per maand op Zondag permissie kunnen krij gen en des Zaterdags kunnen vertrekken en des Maandagsmorgens per eerste gelegenheid mogen terugkeeren. Een driejarig dochtertje van een arbei der te "Winschoten is gestikt in een stukje wortel (pee) In een drukkery te Assen was een 17 jarige jongeling bezig met het drukken van briefhoofden Toen hij in plaats met de rechterarm met de linkerarm de vellen uit de pers wilde nemen raakte die hand tusschen de machine beklemd met het gevolg dat de linkerarm verbrijzeld werd. Nieuwe naaimachine. Zekere Charles Filer, een 20-jarig jongman, die voor inbraak gezeten heeft, doch ontslagen is en nil in New- Jersey leeft, heeft de Engelsche rechten op zijn uitvinding van een nieuw soort naaima chine voor ruim 150.000 gulden verkocht. Filer beroemt er zich op, dat hij bij zijn werk in de gevangenis kleermakerij op het denk beeld van zijn uitvinding is gekomen. Zijn machine zal in 34 landen gebreteerd worden. Van 21—27 Juni. ONDERTROUWDJ. Dykgraaf, jm. 21 j met P. Geljon jd- 17 j A. Dingemause, jm. 30 j. met C. Jongepier, jd 23 j. J. Vermeulen, jm. 26 j. met P. Jongepier, jd. 20j.J F. van Deinse, jm. 25 j met S. W. Brouerius van Nidek, jd. 21 j. J A. van Nielen, jm. 23 j. met J. C. de Pree, jd. 19 j. GETROUWDH. J. G. Hartman, wedr. 42 j. met M J. W. Wisse, jd 25 j. F. E. Hamer linck, jm 20 j met M. F. Lente, jd. 25 j. BEVALLENL. J. van Eenennaam, geb. Van Riel, d. J. C. Matthysse, geb. Godeschalk, z. P. H. Priester, geb. Marcusse, z. P. Rjjkse, geb. De Pree, d. OVERLEDENH. J. Nieuwenhuijs, man van J. M. Kraat, 41 j. A. M. den Boer, vrouw van D. Nederhand, 63 j.

Krantenbank Zeeland

de Faam en de Faam/de Vlissinger | 1903 | | pagina 1