Help, onze polders verzuipen... Nederlanders zien Beatrix Een adjunct-directeur/ groepsleerl(racht Evert Kuijt in De Open Deur M. Verolme schaakkampioen van „De Zwarte Pion" Zij die geluk brengt: VRIJDAG 28 APRIL 1989 ,EILANDEN NIEUWS" Blz. 3 Tot ieders stomme verbazing half december een telefoontje van een verheugde burgemeester: „De Koningin komt!" Op 19 december reeds een vergadering op het Gemeente huis met B W Gemeentesecretaris de drie Oranjebe- sturen. Of men de nodige aktiviteiten in beraad wilde nemen. Wel graag concrete plannen. Ter beoordeling naar het kabinet van H.M. vóór 15 januari 1989. Wel.... op 28 december kwamen de drie O.V.'s weer bij eikaar onder voorzitterschap van Goedereede: Wout Groe nendijk, Stellendam: mevrouw Stuyt, Ouddorp: mevrouw Hameeteman. Dat was „brain-stormen"! Op 5 januari was 't plan rond en werd ingediend. De wens van H.M. was: een Aubade en kinderspelen. Er waren ruim 1400 kinderen. Hoe verdeel je dat? Spelen: Groep 4, 5, 6. Kinderen van 7-10 jaar (500 kinde ren). Aubade: alle kinderen. Groepen spelen niet groter dan 15 één begeleider. Deel die 500 kinderen door 15 en je hebt 34 spelletjes. Nu nog allemaal verschillend. Alle drie de O.V.'s kwamen met de meest uiteenlopende spelletjes, heel origineel. Dezelfde werden weggestreept. Ik ben direct helemaal verrukt van zoiets als „spijkerpoe- pen" en Chinees eten. Hoe doe je dat? Wout doet 't vóór, schitterend. Maar ik verklap nu nog niets, u mag 't eerst zelf zien! De kinderspelen beginnen meteen na 't Wilhelmus en als de Koningin langs de Haven wandelt, ook de Haven- aktiviteiten. De kinderspelen duren tot 11 uur, de Havenspelen plus de muziek op de tent (Apollo) tot 12 uur. De tijd voor de Aubade was beperkt. De Koningin kan niet een kwartier lang stil gaan staan luisteren. Wat nu? Wout Groenendijk is de wandeling zelf gaan maken, koninklijk voortschrijdend met 't horloge in de hand. Hij rekende uit, dat, als je bij de Spiegel begint met't eerste lied, ben je bij 't derde lied (Koninginnedag) op de brug. AJs H.M. zich daar nu maar precies aan houdt: elke stap is een maat muziek! „Dacht niemand, datje een beetje vreemd aan 't doen was op die morgen?" vragen zijn vrouw en ik. „Jae, da dienk 'k wel", zegt Wout, „maer wat most ik aars?" 't Gaat zelfs nog verder. Er komt een podium vóór de muziektent en de bur gemeester hoopt, dat na 't derde lied het hele Koninklijk gezelschap al voortschrijdend, daar dan aangeland is en hij met zijn toespraak kan beginnen. Oei, wat een strakke regie! Nu, vol verwachting klopt ons hart. Het moet voor de burgemeester wel een heel bijzondere ervaring zijn nu de eigen Vorstin toe te mogen spreken. En voor ons allen iets, dat je maar één keer in je leven mee zult maken: de hele Koninklijke familie midden op de Markt in ons kleine Goeree! - Ruiten en gevels worden schoon gepoetst. Het klinkt ons als muziek in de oren, nietwaar? Welke muziek zullen wij overigens nog verder horen? - Het carillon op de Toren: de beiaardier hoornblazer Jaco Groenendijk. - Op de muziektent op de Markt: Kon. Fanfare Apollo. - Kinderdijk-Catharinastraat: Brassband Concordia, Ouddorp. - Groenmarkt: Muziekver. de Hoop, Stellendam. - Tramlijnweg voor 't Raadhuis: Drumband Avec Esprit, Ouddorp met majorettenpeleton Jong Leven, Stellen dam. Bij de Lampionoptocht gaat het Majorettenkorps van Nieuwenhoorn voorop, gevolgd door Drumband Nieu wenhoorn en Apollo. De verlichtingen versieringen blijven 14 dagen hangen en op 5 mei is er een mars van dezelfde drumband Apollo door de overgebleven straatjes. Tot slot: om 20.50 uur sluiting door de voorzitter van de Oranjevereniging vóór de Lampionoptocht. De geluidsin stallatie is er dan nog, later niet meer. Wij komen met alle grote mensen en kleine kinderen dan nog éénmaal terug op de markt om samen het Wilhelmus te zingen. De muziek speelt dan bij het licht van de fakkels. Een indrukwekkend slot van een historische dag! Dieke Schippers-Vaarzon Morel Laten wij op 30 April toch allen ook even aan onze oude Koningin Juliana denken, die dan haar 80e ver jaardag viert. Onze gelukwensen gaan hierbij. Van harte, lieve Prinses! Vorig jaar organiseerde de NCRV een wedstrijd voor foto- en film-amateurs. De in te zenden film en foto's moesten betrekking hebben op het onder werp 'prinses/koningin Beatrix'. Ze hebben het geweten, daar in Hilversum.... Behalve de ruim tweehonderd films en video's werden er bij de NCRV tussen de 4500 en 5000 foto's binnenge bracht. Soms keurig verpakt tussen kartonnetjes en aangetekend verstuurd, soms ingelijst met glas en al, dan weer hele foto-albums of foto's kompleet met de negatieven. Uit dat alles werden zowel een televisieprogramma als een fototentoonstelling samengesteld. Al gauw groeide de overtuiging dat het jammer zou zijn om niets meer te doen met al die mooie, vreemde, unieke en altijd met liefde gemaakte foto's, die vaak vergezeld gingen van hartverwarmende, geestige en boeiende verhalen. Vandaar dat een boek werd samengesteld dat een beeld geeft van de ingezonden foto's. Het zijn ze weliswaar niet allemaal, maar toch wel zoveel dat het een boeiend, kleurig en representatief geheel is geworden. De winnende foto's zijn in groot for maat afgedrukt. Een boek dat zichzelf schrijft. De onderschriften bij de opgenomen foto's zijn namelijk ontleend aan de bijbehorende brieven. Uitgeverij Kok te Kampen 127 pag. Gebonden. Prijs 27,50. Wie zaterdagavond wat bij wil komen van de drukte rondom het „Koninginnedag-gebeuren" in Goede reede kan in „De Open Deur" een rustpunt vinden. De schrijver Evert Kuijt is uitgenodigd om iets te komen vertellen over de moderne literatuur en alle andere lektuur die over de jongeren wordt uitgestort. Onder het thema „Wat lees je eigenlijk" zal hij diverse zaken naar voren brengen die te maken hebben met het leesgedrag van de jongeren. Het is goed om eens na te denken over wat men leest. Alle jongeren van 16 jaar en ouder zijn welkom in „De Ark" te Goedereede. De zaal is 19.30 uur open en het programma begint ca. 20.00 uur. Dubbeltallen Geref. Kerk Den Bommel In de Geref Kerk zijn de volgende dubbeltallen gesteld: Voor ouderling (vac. C. Floorijp) D. Posthu mus en T. Veenstra; voor diaken (vac. M. W. Okker) C. Bakelaar en H. de Jong. "''-*. o Chr. School voor Basisonderwijs Deltastraat 13 3249 AC Herkingen Telefoon 01876-292 Het Bestuur van de Vereniging voor Christelijk Schoolonderwijs op Gereformeerde Grond slag vraagt met ingang van het nieuwe cursusjaar Het laatstgenoemde voor de combinatiegroep 4,5 i.v.m. benoeming elders. Bij voorkeur Ned. Herv. op Oer. Gr. of Ger. Gem. Voor inlichtingen: N. D. Human (dir.), tel. school; 01876-292, privé: 01879-1235; J. J. Melissant (wnd. adj. dir.), tel. 01876-728. Sollicitaties voorzien van inlichtingen en referenties binnen 10 dagen aan boven genoemd bestuur, p/a Deltastraat 13, 3249 AC Herkingen. (ingezonden) Blijkens de uitgebreide memorie van toelichting op het ontwerp Water schapswet (Tweede Kamer, vergaderjaar 1986-1987, no. 19995) welk ont werp op 11 juni 1987 aan de regering is voorgelegd, zullen de kosten voor de zorg van waterkering en waterhuishouding gedragen moeten worden door de belanghebbenden die in de wet worden aangewezen. De waterschapstaak heeft thans een wijdere dimensie verkregen en er is een regionale en natio nale betekenis naar voren gekomen, zeker naar mate er door reorganisatie grotere waterschappen zijn ontstaan. In een regeringsnota betreffende het waterschapsbestel, die in 1977 is uitge bracht ten behoeve van de gedachten- wisseling met de Tweede Kamer, is overwogen de zorg voor de waterkering en waterhuishouding aan de water schappen op te dragen. Daarbij is overwogen, dat bij die be standdelen van de waterstaatszorg be paalde groepen in bijzondere mate zijn betrokken. Geconcludeerd is dat onder die omstan digheden de waterschapsvorm het beste biedt, zowel uit een oogpunt van afstem ming van taken op het object als uit een oogpunt van deelneming aan het be stuur van de meest betrokkenen, die zelf de financiële lasten dragen. Zo zullen er, zoals in genoemde rege ringsnota ook uitdrukkelijk is gesteld, waarborgen moeten zijn zowel op het vlak van de totstandkoming (instelling) van die lichamen zelf als voor een onderlinge afstemming van funktioneel bestuur met het algemeen bestuur. De waterstaatszorg zal wat de hoofdlijnen ervan betreft moeten zijn ingebed in het algemeen bestuur. Dat behoort tot de taak van het provinciaal gezag, en wel door de uitoefening van het klassieke toezicht, verder onderbouwd door nieu we administratief-rechtelijke beïnvloe- dingsmogelijkheden, vaststelling van de plannen in complementair overleg met het waterschap, en het geven van aan wijzingen. Ook de nieuwe en ontworpen mede-bewindswetgeving gaat daarvan uit. Verder zullen ook wat de structuur van het waterschap zelf betreft de verdere voorwaarden voor het kunnen funktio- neren in evenbedoelde zin aanwezig moeten zijn, door verbreding van de bestuurssamenstelling, aanpassing van de regeling van het aktief en passief kies recht, besluitvorming door het alge meen bestuur, enz. Provinciale besturen en niet de wetgever worden in de wet geroepen om vorm en inhoud te geven aan het regiem en het kader waarbinnen waterschappen hun taak hebben uit te oefenen. Dienover eenkomstig hebben Provinciale Staten, zowel voor het eigen gebied als - waar nodig - interprovinciaal aangevat. Tot dit laatste bestaat ook alle reden. Pro vinciale staten immers kunnen, waar het gaat om gedecentraliseerd bestuur, het beste afmeten hoe de waterstaatszorg binnen hun gebied het meest doeltref fend is georganiseerd en hoe daarbij kan worden bewerkstelligd dat de water- schapsaktiviteiten tevens zijn afgestemd op de behartiging van belangen die tot de taak behoort van de provincie zelf of van de gemeenten. Voorts ook welke waterschapstaken een zodanige draag wijdte bezitten dat de desbetreffende waterschappelijke besluiten aan vooraf gaande toezicht moeten zijn onderwor pen, en verder wat de onderlinge zwaar te is van de categorieën-belangen en belanghebbenden en hoe - in verband daarmee - zeggenschap en financiële toerekening het beste kunnen worden geregeld. Afgezien nog van het feit dat die compe tentie behoort aan provinciale staten, biedt het feit dat dit soort onderwerpen wordt geregeld door wijziging of aan passing van algemene of bijzondere reglementen voor de waterschappen, het grote voordeel van soepelheid en snel heid van totstandkoming. De rol van de centrale overheid komt tot uitdrukking bij de uitoefening, van het toezicht op de provincie. Ingevolge de Provinciewet zijn de betreffende provin ciale besluiten onderworpen aan de goedkeuring van de Kroon. De „algemene waterschapswet" biedt immers de gelegenheikd om alle voor de waterschappen wettelijk te regelen on derwerpen te rangschikken zoveel moge lijk overeenkomsfig de opzet van het ontwerp voor een nieuwe Gemeentewet (Organen, verordenende en andere be voegdheden, financiën en toezicht). Het voordeel hiervan is dat daarmede de toe gankelijkheid van de nu over wetten en reglementen verspreid geregelde onder werpen wordt vergroot en tevens de plaats van het waterschap herkenbaar naar voren komt. Aldus beschouwd zal de waterschaps wet plaats moeten bieden aan zowel de herziening van bestaande wettelijke regels als aan de vaststelling van regels die de grondslagen betreffen van de waterschapsstructuur. De eerdergenoemde regeringsnota be treffende het waterschapsbestel beveelt aan om de norm te hanteren datbeheers- eenheden moeten worden verkregen die beschikken over de nodige besmurs- kracht en een goed uitgerust apparaat en die uit een oogpunt van de waterstaat kundige verzorging van de streek en de betrokkenheid van de belanghebben den daarbij als een samenhangend geheel kunnen worden beschouwd. Voor het overige zal de schaal waarop de aldus primair decentraal uitgeoefende overheidstaak wordt uitgeoefend wor den bepaald door overwegingen van efficient gebruik van de middelen. In bedoelde regeringsnota is evenwel beklemtoond dat dit algemene uitgangs punt er niet toe kan leiden dat door de waterschappen een éénvormig model kan worden ontworpen, noch wat hun formaat, noch wat hun taak aangaat, doch dat er sprake zal blijven van diffe rentiatie op grond van zowel waterstaat kundige als bestuurlijke motieven. Voorts is er daarbij op gewezen dat de bepaling van de toekomstige organisatie van de waterstaatszorg moet worden gezien als een proces dat zich geleidelijk vanuit de bestaande situatie zal moeten ontwikkelen, met inbegrip ook voor de historisch gegroeide verhoudingen. Op grond van die overweging is toen ook geconcludeerd dat het op de weg van de provincie zal liggen om basisschetsen tot stand te brengen voor de water schapsindeling. Deze zouden dan te vens in het kader van het oppertoezicht een aanknopingspunt kunnen bieden voor de centrale overheid om hun inzichten daaromtrent kenbaar te ma ken aan het provinciaal gezag. Tot zover een greep uit de memorie van toelichting (113 blz.) Vervolgens enkele artikelen uit de tekst van het ontwerp-wet, welke van belang zijn voor de vertegenwoordigers van de categoriën van belanghebbenden (voor heen Ingelanden) bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Art. 2.1. Het bestuur van een water schap beslaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een voorzitter, onverminderd hetgeen het reglement bepaalt over de benaming van die onderscheidene bestuursorganen. Art. 2.2.1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën VAN BELANGHEB BENDEN bij de uitoefening van de taken van het waterschap. 2. Als categorieën van belanghebben den komen voor vertegenwoordiging in het algemeen bestuur alleen in aan merking: a. de zakelijk gerechtigden tot onge bouwde goederen; b. degenen die krachtens een door de grondkamer goedgekeurde pacht overeenkomst het gebruik hebben van ongebouwde onroerende goe deren; c. de zakelijk gerechtigden tot gebouw de onroerende goederen; d. de ingezetenen, onder wie worden verstaan degenen die hun werkelijke woonplaats hebben in het gebied van het waterschap; e. degenen die op grond van een zake lijk of persoonlijk recht gebouwde onroerende goederen in gebruik heb ben als bedrijfsruimte. Art. 2.4.1. De leden van het algemeen bestuur worden gekozen voor vier jaren. 2. Zij treden tegelijk af De aftredenen zijn dadelijk herkiesbaar. 3. Degene die lid is geworden ter vervul ling vaneen buiten de gewone termijn van aftreding opengevallen plaats treedt af op het tijdstip waarop degenen in wiens plaats deze is getreden, had moe ten aftreden. Art. 2.20.1. Voor het lidmaatschap van het algemeen bestuur is alleen vereist dat men de leeftijd van ACHTTIEN jaren heeft bereikt en niet krachtens artikel B3 van de Kieswet van het kies recht is uitgesloten. 2. Een lid van het algemeen bestuur mag enkel niet bekleden de betrekking van ambtenaar door of vanwege het waterschapsbestuur aangesteld of daar aan ondergeschikt. 3. Zodra een lid van het algemeen bestuur blijkt niet te voldoen aan een der in het eerste lid bedoelde vereisten of blijkt een in het tweede lid bedoelde betrekking te vervullen, houdt deze op lid te zijn. In dat geval is artikel W6 van de Kieswet van overeenkomstige toe passing. Art. 2.29.1. De leden van het dagelijks bestuur, met uitzondering van de voor zitter, worden door het algemeen be stuur benoemd. 2. De benoeming vindt plaats uit de leden van het algemeen bestuur. 3. Gedeputeerde staten kunnen onthef fing verlenen van het bepaalde in het tweede lid. 4. De zittingsduur, indien het regle ment dat bepaalt, van het dagelijks bestuur is vier jaar. De leden van het dagelijks bestuur, met uitzondering van de voorzitter, treden af tegelijk met het optreden van de leden van het nieuwe algemeen bestuur. 5. Niettemin kan het algemeen bestuur een of meer leden van het dagelijks bestuur, met uitzondering van de voor zitter, ontslag verlenen, indien deze het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezitten. Art. 2.38.1. Bij of krachtens het regle ment kunnen, ter behartiging van taken die het waterschap zijn opgedragen, binnen het gebied van het waterschap afdelingen worden ingesteld. 2. De taken van die afdelingen en de samenstelling en inrichting van haar besmren worden geregeld bij of krach tens het reglement. 3. De artikelen 2.20 tot en met 2.27 zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de leden van het afdelings bestuur en zijn vergaderingen. Par. 4. BESTUURSDWANG. Nader uit gewerkt in de art. 3.6 t/m 3.16. In deze reeks art. komt het woord 22 maal voor. „Bestuursdwang" komt in de Neder landse taal en literatuur niet voor. In het bestaande waterschapsrecht is alleen bekend het „dwingend" recht, maar als in een nieuwe wet het woord dwang zo dikwijls wordt herhaald, betekent dit in de praktijk een „wur gend" recht, het woord dwang is ver want aan het duitse „zwang-gerechtig- keit" (d.i. recht om heerediensten te eischen bij wet). Art. 3.16a. Dit art. heeft speciale aan dacht, het woord „dwangsom" komt 8 keer terug. 1. Het orgaan dat een dwangsom heeft opgelegd kan op verzoek van de overtre der de dwangsom opheffen, de looptijd ervan opschorten gedurende een door het orgaan te bepalen, termijn of de dwangsom verminderen ingeval van blij vende of tijdelijke gehele of gedeeltelijke onmogelijkheid voor de overtreder om aan zijn verplichtingen te voldoen. 2. Het orgaan dat de dwangsom heeft opgelegd kan op verzoek van de overtre der de dwangsom voorts opheffen wan neer sedert het tijdstip van de oplegging tenminste een jaar is verlopen zonder dat de dwangsom is verbeurd. 3. Een dwangsom verjaart door verloop van zes maanden na de dag waarop zij is verbeurd. 4. De verjaring wordt opgeschorst door faillissement en ieder ander wettelijk beletsel voor invordering van de dwangsom. Tot besluit nog één bijzonder artikel en wel art. 2.14.1, luidende als volgt: Een stemgerechtigde bezit één stem Dus afstand van het bij de Polders geregelde meervoudig stemrecht, want, aldus de memorie van toelich ting: het democratisch gehalte van het waterschap wordt al op allerlei wijzen verzekerd en versterkt o.a. door het vooropstellen van direct kiesrecht, de open kandidaatstelling en verbreding van de voor vertegenwoordiging in aanmerking komende categorieën en door afschaffing van het meervoudig kiesrecht. Het woord „Polder" komt in de wet, noch in de memorie van toelichting voor, maar genoemd worden wel een inliggend en een overliggend water schap en dan nog wel met boven- waterschappelijke belangen??, waar van het opschrift boven dit résumé: HELP, ONZE POLDERS VERZUIPEN. D. R. Huish. uitslagen laatste ronde: Groep I de Jager - de GlopperV2 - Vi du Pree - Ad Visser1 - O de Bruin - PeemanV2 - Vi Verolme - v. d. Waal1 - O Mourik - BoeterV2 - Vi Groep II van Doom - KruikO - 1 van Bracht - AlbrechtsO - 1 Lesuis - Dane1 - O Verbeek - Groenendijk1 - O Wolters - van SchaardeburghVi - Vi Commentaar: Snelle overwinning van Verbeek. Boeiend was de Jager - De Glopper. Met schijnoffer nam de Glopper de kwaliteit en offerde diezelfde kwaliteit later terug. Kon echter door gewoonte-tijdnood niet winnen. Du Pree won in opening pion, spoedig erna een stuk. Mourik bracht mis plaatst stukoffer. Verolme won stuk tegen 2 pion in opening. Alles bijeen is Verolme kampioen op haar na gevolgd door Du Pree. Proficiat! Derde werd G. de Jager. In groep II werd Verbeek kampioen gevolgd door R. Wolters en nr. 3 is C. Poortvliet. Mooie prestatie van onze aloude Poortvliet. Nr. 1 en 2 promoveren in elk geval naar I. In I zullen zeker nr. 14 en 15 resp. Ad Visser en Avtm Visser degraderen naar groep II. Ach Vissertjes achter het net jullie zijn ondanks dat fijne schaakvrienden gebleven. Kop op er komt weer een nieuwe ronde. Jaap Hollander O

Krantenbank Zeeland

Eilanden-nieuws. Christelijk streekblad op gereformeerde grondslag | 1989 | | pagina 15