LEVENSMIDDELEN VI FFS vérsvaQs 10,00 GROENTE FRUIT II V 38 Varkenskoten 0,80 reuzel 0,75 Varkens schenkel 1,75 konijnen Erwtensoep complet 2,98 3 flessenuitgerekend 37 glazen, voor U 5 kikkers en rniizen 0,49 1,90 0,59 0,59 035 0,89 3,68 if 0,69 3,58 1,09 0,98 2,08 1,68 0,19 0,52 1,08 - 0,49 0,79 - 0,58 0,54 1,48 9,25 s 0,89 5 GRAPE FRUIT 1 kilo SPRUITJES 0,79 0,69 0,59 0,98 0,29 KLOK STR A Af 15 tel. 5756 banket WORTELEN Zoete Armgurd Rookworst Black and White HOOFDSCHOTEL VLEES UP DRANK 2 fles Fricandeau van de schouder, 500 gram Magere braadlappe" 500 gram KARBONAD 500 gram VERSE WORST 500 gram Hausmacher 100 gram Hongaarse mix HAM HAMWORST 5 repen chocolade voor 89 cent haché vlees UIEN TARTAAR Goudrenetten GEHAKT 500 gram RODE KOOL gesneden,, 500 gram Doperwten - ,2,88 4Mandarijnen 0,69, Week-end reklame BESCHUIT St Nicolais papier 1 pracht POP middel .4,25 .7,55 Gocdreinetten St Njcotaasschnim It II MW, 1 £3 Donderdag 14 november IMS Donderdag 14 november 1988 r 1968 „DE BEVELANDER” o groot I KILO 5 7 KILO 800 gram z 3 3 I It 1 grote tamme en wilde ft »n en peterselie, W kg geschrapt 1 kilo- Maandag met 500 gram ZUURKOOL (uit het vat), samen 3 rol Moor de boterham 1OO gram 100 gram 100 gram - Bij f 10,boodschappen (met kruiden), 300 gram (gesneden), 500 gham 2 stuks 2 kilo Dinsdag 500 gram 2 blik, fijn, halve liter GESMOLTEN KILO 10 moois - VLEESKALENDER MAGERE 1 j Bin»MnniwnnnmiwnnwnMmwwwwB»i««o^^^^ FBUUXWTON 1 literblik, friüt-ooektail van 2*58. nu voor 2 rol- 1 rol \hAI*l*V"M<>d* Dry F,no”» een Mchte speelse sherry JlIVl I J per fles 3,95 Als erkend POULIER hebben wQ ook nn weer steeds voorradig hazen^f azanteq enz. Alles aan dbgprtyzen- 1 1 kilo, 1s soort .1 grote zak M HI o O-A s ee e'e e oo e o o e e-m, - 1 X ’a .1 t 15 „O fl VanSabben KEURSUPER r Westfrlpeo romen door Meertje Zoktenrljk Ifw ■w 3* Donderdaa Woensdag ..Bert. omdat we beiden witten." dat enee eerste ont- 1—, was. Jouw oudere en de mijne willes, dat wij een paar worden. Zever ia het natuurlijk nu beter en aae mee, dat wel, maar het U de. ft U evenwel Beet, waar ik een vorechrik- a. „Ik wort het STn borreltjes, ml je aan moeten wennen." die kant gaan we niet uit Wantdaaaêg ik naë en blijft hot mol Ik hog er m- turttjk nota sp hgm, da* ep aenrtte - T i’ jNb varkenslappen 3 de omweg Tijden» de warme maaltijd vertelde Len» langs haar neus weg: „Bert Pereboom komt vanmiddag. Hij wil on» bedrijf zien. Ik heb hem uitgenodigd. Ook veer brood- eten. Dat ie tech goed, niet .Griet fleurde ineens op. „Welja kind, waarom/niet? Bart heeft een heel goeie Indruk es oog gemaakt niet Willem? Willam datet na. „Bart? Welke Bart?" „Doe niet ga suf. snibde zijn vrouw. „Bie jongen ven Boort Pereboom natuurlijk. „U hebt gelijk, moeder," voegde Lena er droog turnen. „Je •t: Ml heeft «W.***? ta elk^getnl «as omniakenbaro tadrtik ik niet, dat ze toehapt" mepeels op zijn wang. „Lena -op haar moeder lijken." „wot aai ik nei dan goed hebben met 'twee verstandige vrouwen, ..schamperde ttkaar goed begrijpen Bert. Van dit het met jou te. weet 7k ~aï' zo'n'beetje ft mag je wel Ik mag je soils graag. Je best een jongen, waarmee ft voor de dag kan komen. Tot een zeker moment o*t lz: ala je de «maak te pakken krijg. B> dat moet afgelopen zijn. Daarin ben Vader drinkt ook g*s borrtttje op tijd. Maar met im*e Twee st drie sn g* avond en dan vindt hti het genoeg. AU *k ?*C«n moeder zeg Ik mort Bert nM, ma keek ze door het raam, toen de wagon het erf afreed. „Zou het wat worden tuisen die twoa. Willam’" „Hoe weet ik dat nou?’ vroeg hjj ge ërgerd. „AU Lena door heeft, dat jij hier do hand is bobt gehad, stuurt ze hem zo naar huis." Ze lachte Qjntjee. „Jij kent je dochter niet Willem. Wedden, dat ze allee el door bod ep je vsrjaardag’ Mlaschica nog wordt een verstandige vrouw, Willem. Ze gaat etende meer op haar moeder lijken.” „Wat aal ik hot dan goed hebben mot htj. „O. wat heb je het slechts. Geef me maar eens een dikke zoen, zeun. Ik ben de laatste tijd spaarzaam bedeeld. Of moet je me niet meer? Htj trek haar in zijn magere .sterke ar men. „Griet lekker erijf van me je moest eens vreten, hoe gek Ik nog op je ben Ba Griet JCeesom liet de stroom van Hef- ■meiapsa ever dek boen gaan. Wat houd en ik niet meer aan." Bart was helemaal niet verlegen, toen hij prompt vier uur de grote keuken be trad. „Goejemlddag saam. Allee goed hier?" „Zo, Bart* verwelkomde Griet es haar gezicht glom van genoegen, „daar doe je goed aan jongen. Ja kwam het hier eens bekijken?’* U*. Ik kan er misschien wat van lores, nietwaar?" JUlocht Thee, Bart?" „Vooruit Daar kas je beter van Lena proestte het uit „Nou, de w.e. ie ginds, dan weet je het alvast.” Willem Keeom waa nog bulten en toen. Griet even naar de kamer ging, zei Bart verlegen: „Stom, hè? Is je moeder nou nijdig?' t Lena schudde haar hoofd, vol napret. „Ik vond het leuk. En bij moeder kun jij geen kwaad doen, meneer. Ze heeft je toch uitgezócht niet V Om half zeven red» ze weg .in Bart* Ford. Afwassen hoefde Lena ditmaal niet. „Dat doe ik voor een keer wél met Han- nie. Die gaat dit weekeind toch niet naar huta, .vorklarda Griet Bomen mot haar „O, die jongen? O ja nette knul. Dot was Evert in zijn dagen ook." Nu werd het Lena te gortig. „Praat geen leugens, vader. Evert Pereboom was vroe ger een vechtor8^aas en u °°^- AU ze Bart's vader indertijd niet tegen geohu- den hadden, zoud*n u en ik hier vandaag niet zitten. Hij wilde u immers aan het mes rijgen?" Griet keek verschrikt naar haar dochter. „Hoe weet jij dat?" Het meisje haalde minachtend baar schou der» op. „Dat weet toch Iedereen." WlBsra lachte scbaapechtig. .Kind' dat a si lang geleden. Daar denken Kvert tijden een biertje drinkt Veer mijn part jenever Maar met mate. Gisteravond heb Ik het niet willen zeggen, maar je had teveel op, vriend." „Hoe kom je erbij? protesteerde hij. Uk heb Je toch heelheids thuisgebracht?” „Je levert zelf bet bewijs. „Ik heb mezelf naar huU gebracht Ik heb vanuit Hoorn - gereden, niet jij. Maar dat schijn je aiet eens te weten.” „O ja dat U waar ook. Maar ft kan goed rijden.’ „Dat weet ik. En goed drinken. Laten we elkaar goed begrijpen. Bert. Van dit ogenblik af. Ik zie wel wat in je. Hoe hot met jou ia. weet ik al zo'n beetje, ft mag je wet Ik mag je solf» graag. Je bont een jongen, waarmee ik voor de dag »*n komen. Tot een zeker moment i zijn.' Doarin tam dank tu niet, dat «to^s. w^ ’st' h*«ft ook een hekel aan drankaeiebraBt. Vader drinkt ook z*n borreltje ep töd. avond en dan vindt" hti hrt~JrSoêg. a£ zeg: IR moet Bert idot, J »rvol^) Ik nog van hem. docht ze. na al die jaren Ik had met 'niemand anders gelukkiger unnen zijn, aetfs niet met Evert. HOOFDSTUK 12 Binnen veertien dagen wist Lens Keesom: Bert is een rustige jongen. Je kunt hem zelfs traag noemen. En hij is netjes, al smeult er ooms vuur in zijn ogen. Mear hij drinkt on dat zei Ik hem mesten st ieren. Ze zei bet op een zondagmiddag, toon ae samen achter door het land liepen, het is voor ons nogal gethakkelijk. moetlng een doorgestoken kaart paar worden. Zover U het natuurlijk niet, doch we kunnen tr over praten. Je vsJ 1» waar. Ik mag daarom Mg geen één ding, Bert, t kelijke hehal aam heb.* Hij knikte. hè? Tja. i 7.t schudde boelirt haar hoofd. „Nee, Bert, ik nee on blijft hot sn. Ik heg er

Krantenbank Zeeland

Bevelander | 1968 | | pagina 9