Nieuws- en Advertentieblad voor Zeeuwseh- Vlaanderen. No. 87. DINSDAG 9 FEBRUARI 1932 47e Jaarg. J. C. VINK - Axel. Raadsverslag. FEUILLETON. Een moeilijke taak. Dit blad verschijnt eiken Dinsdag- en Vrijdagavond. ABONNEMENTSPRIJS: Per 3 maanden 75 Centfranco per post 1 Gulden. Afzonderlijke Nos. 5 Cent. DRUKKER-U1TGEVER Bureau Markt C 4. Telef. 56. - Postrek. 60263. ADVERTENTIËN van 1 tot 5 regels 60 Centvoor eiken regel meer 12 Cent. Greote letters werden naar plaatsruimte berekend. Advertentiën worden franco ingewacht, uiterlijk tet Dinsdag- en Vrijdagvoormiddag 11 ure. Zitting van 2 Febr. 1932. Voorzitter de heer F. Blok, bur gemeester. Aanwezig zijn de heeren J. M. Oggel wethouder en de heeren A. Th. 't Gilde, A. Hamelink, P. L. Ortelee, I. de Feijter, P. van Ben- degem, B. Seghers, C. Hamelink, A. P de Ruijter, F. Dieleman en J. de Feijter, benevens de secretaris, de heer J. L. J. Maris. II. 8. Benoemen lid comm. van toezicht op het L 0. Deze benoeming heeft plaats wegens afireding en vertrek van den heer A. Coumou. Reglemen tair wordt als tweetal aanbevolen de heeren J. J. de Ridder, hoofd der Chr. school, Nieuwstraat en J. R. de Jonge, le onderwijzer aan die school. Gekozen wordt dhr. de Ridder met 7 st. Dhr. A. Hamelink had 2 st. en 1 was van onwaarde. 4. Benoemen lid coram tot wering van schoolverznim. Weer worden dezelfde heeren aanbevolen en dhr. de Ridder ge kozen met 7 st. Dhr. A. Hame link had 3 en dhr. J. R. de Jonge 1 stem. 5. Aanvragen om bonwterrein. a. Door M. van Alten, metse laar alhier, wordt gevraagd de twee laatste perceelen te koopen van het Westelijk gedeelte van de Ds. Jan Scharpstraat. Het betreft de perc. 126 en 127 met een oppervlakte van 205 c.A. voor f 2.75 per M2. b. Alsvoren A. de Zeeuw na mens Mejuffr. E. J. de Zeeuw te Middelburg en J. van Doorn te Axel, aan de Zuidzijde van de Prins Mauritsstraat, met een op pervlakte van 204 M3., voor f 2 50 per M3. c. Alsvoren door C. van de Velde alhier perceel 79 in het verlengde van de Wilhelmina- straat, groot 102 M3., voor f 3. d. Alsvoren door de Prov. Z. Electr. Mij. om aankoop van 2 perceelen grond aan f3 per M3. Dat mag ook wel, antwoordde ze bitter, maar met toch een andere ui'- drukking op haar gelaatals het tenminste waar is wat u vertelt. Dat mag u zeker wel zeggen, zeide haar kamervrouw. Wat een drukte over niets. U noemt u zelf een edelman en u bent gekleed als. Zwijg Franehette. zeide jonkvrouw de la Vire kortaf. Een oogenblik bleef zij staan zonder iets te zeggen, terwijl ze mij strak aanstaarde. Haar lippen trilden van opwinding en op haar wangen brand den twee roode vlekken. Het was duidelijk dat zij inwendig strijd voerde en wetend hoe een jong meisje op haar vrijheid is gesteld, hoopte ik dat ze per slot van rekening toch wel mee zou gaan. Zij begon echter weer: U weet er u wel aardig uit te draaien meneer, met haar vingers op de tafel tromme lend en nog steeds strak naar mij kijkend. Maar kunt u me ook uit leggen, waarom mijn vrienden van een dergelijk iemand gebruik hebben gemaakt om mij te bevrijden. Ja, antwoordde ik vermetel, omdat hij niet zoo spoedig achterdocht zal wekken, u bij uw vlucht geholpen te hebben. O riep zij minachtend uit, dus dan moet er rondverteld worden, dat tnejonkvrouw de la Vire met mijnheer de Marsac van Chizé ge- yiiicht is, Dat zou wat moois zijn 1 Besloten wordt de gevraagde perceelen aan belanghebbenden tegen den vastgestelden prijs en onder de vastgestelde voorwaar den te verkoopen. Er zijn verschillende perceelen tuingrond in het verlengde van de Prins Hendrikstraat die vorig jaar voor een jaar zijn verhuurd met het voornemen dien grond thans voor den tijd van 5 jaar te verhuren als tuingrond. B. en W. vragen voor deze verpachting machtiging om dit op de gebruikelijke wijze bij op bod te verpachten, waartoe wordt besloten. 6. Adres voor een ministerie van Landbouw. Door het gemeentebestuur van Wehl wordt in een schrijven ge vraagd om adhaesiebetuiging aan een door hen aan de Kroon ge richt verzoek om een afzonderlijk Ministerie van Landbouw. Hierbij is de volgende toelich ting gevoegd De Raad der gemeente Wehl Gehoord het voorstel van den wethouder R. van Haaren over de noodzakelijkheid dat een geheel zelfstandig Ministerie van Land bouw werd opgericht; overwegende, dat reeds van oudsher de belangen van de land bouwende bevolking en van het platteland in tal van regelingen en wetten voor een belangrijk deel zijn ondergeschikt gemaakt aan die van de groote gemeenten en andere bevolkingsgroepen dat keer op keer, vooral in de latere jaren, wettelijke maatrege len zijn genomen die al mogen zij weer elders een billijke toe passing vinden voor het platte land ernstige bezwaren en moei lijkheden medebrengen, waarbij in het bijzonder gedacht wordt aan de kostenverdeeling voor de verkeersverbeteringen, de school wetten e. d. en waarbij blijkt dat bij gemis van een zelfstandig Ministerie van Landbouw weinig of geen aandacht wordt geschon ken aan de bijzondere wenschen der landbouwers dat meer in het bijzonder in Geholpen door mijnheer de Mar sac, verbeterde ik haar op koelen toon. Het is echter aan u, freule, om deze minder aangename dingen zwaarder te laten wegen tegenover de goede kanten van een vlucht. Alleen zou ik u willen aanraden een besluit te nemen, want de tijd drirg', ik heb hier al te veel tijd verpraat. Ik had die woorden nauwelijks uit gesproken of ze werden bevestigd door een zeer onwelkom geluid: het driftig sluiten van een deur. Dit leven werd gevolgd door geroep van verwarde stemmen en haastige stappen op den steenen vloer. Jonkvrouw de la Vire keek me ontzet aan en ik keek naar de kamervrouw. De deur, mompelde ik, is die afgesloten Ja, en gegrendeld, was het ant woord van Franche'.te. Er staat een groote kast voor. Laat ze er maar op rameien. U hebt dus nog den tijd, freule, fluisterde ik, een stap voorwaarts doend en mijn hand leggend op het gordijn. Ik deed me kalmer voor, dan ik in wendig was. Het is nog niet te laat. Als u wilt blijven, goed, maar dan is het mijn schuld niet. Indien u er echter in toestemt u aan mij toe te veitrou- wen, dan zweer ik dit vertrouwen waard te zijn en tot het laatst te die nen. Meer kan ik niet zeggen. Ze beefde en keek naar de deur, waarop juist iemand klopte. Dit scheen haar een besluit te doen nemen. Met trillende lippen en wilde oogen wend de ze zich haastig tot Franehette: Laten we maar gaan, zeide deze, die haar blik begreep. Hij ral allicht niet slechter zijn dan degenen die wij dezen tijd het noodig is dat de onderscheiden wettelijke maat regelen ook beoordeeld worden naar de wenschen en belangen der landbouwende bevolking; dat de buitengewone maatrege len welke thans te nemén zijn om de landbouwers van den onder gang te behoeden slechts tijdig en doeltreffend kunnen genomen worden onder leiding van een Minister alleen voor landbouw- aangelegenheden dat de kosten aan bedoelde instelling verbonden, meervoudig worden teruggevonden in dan juister en minder kostbaar te nemen weitelijke maatregelen draagt aan Burgemeester en Wethouders op 1. zich te wenden tot de Kroon met het "erzoek om op boven genoemde gronden tot instelling van een Ministerie van Landbouw over te gaan. II aan de onderscheiden ge meenteraden te verzoeken daaraan adhaesie te willen betuigen. B. en W. stellen voor om aan dit verzoek te voldoen. Dhr. 't GILDE kan zich moei lijk vereenigen met het voorstel om in een tijd, dat overal om bezuiniging wordt geroepen we gens heerschende crisis, een nieuw departement te vormen, waarbij weer een secretaris-gene raal en wie weet welke generaals nog, moeten worden toegevoegd, maar waarmede toch weer dui zenden guldens aan salarissen en andere kosten gepaard gaan. Spr. heeft wel eens hooren klagen en redenen tot ontevredenheid gehoord over de miskenning van landbouwbelangen, maar daarom is er nog geen nieuw departe ment noodig om betere toestanden te krijgen. De VOORZ. zegt, dat B. enW. het verzoek van Wehl steunen, niet omdat zij ontevreden zouden zij over den gang van zaken, maar omdat zij er prijs op stellen, dat er een afzonderlijk departe ment van Landbouw is, temeer daar onze streek meer speciaal een landbouwstreek is. Als er te bezuinigen is, zegt de Voorz. kennen, want nu wij eenmaal begon nen zijn, wie weet hoe duur we dat zullen moeten bekoopen. Het meisje gaf geen antwoord, maar het was genoeg. Het lawaai aan de deur werd ieder oogenblik erger. E- werd geroepen dat Franehette open moest doen en wat haar te wachten zou staan indien zij weigerde. ik maakte er een eind aan dooreen van de zadels, die op tafel lag op te nemen en het gordijn te openen. Op hetzelfde oogenblik blies de vrouw het licht uit en ik stapte op het bal kon, terwijl de anderen mij volgden. De maan stond reeds hoog en scheen zoo helder op de plek, waar ik me bevond, dat ik de geheeie lad der kon zien. Tot mijn veria<sing stond Fresnoy niet meer bij deiadder, maar aan het geraas, dat ik aan den anderen kant van het kasteel hoorde begreep ik dat de onrust zich niet alleen tot binnenshuis beperkt had. Fresnoy was klaarblijkelijk weggeloo- pen om de anderen af te wachten. Ik daalde dus zoo snel mogelijk de lad der af en was half beneden, terwijl de freule nog op de bovenste sport stond, toen ik voetstappen beneden hoorde en Fresnoy aan zag komen met het zwaard in zijn hand. Gauw Fresnoy 1 riep ik, maak de paarden los. viUg. Ik gleed naar beneden, denkende dat hij zou doen wat ik gezegd had, maar mijn voeten waren nauwelijks op den grond of een verschrikkelijken slag op mijn schouder deed me een paar stap» pen achteruit gaan. De aanval was zoo onverwacht dat, als ik niet de wilde poging van Fresnoy had gezien om zijn zwaard te bevrijden dat in het zadel op mijn schouder was blijs tot dhr. 't Gilde, dan sta ik aan uw zijde, maar men moet be denken, dat ais er een Ministerie van Landbouw wordt ingesteld, dan wordt er ook weer bezuinigd op de andere departementen. Dhr. C. HAMELINK zegt het met B. en W. eens te zijn in dezen. Men hoort maar steeds klachten over maatregelen, die wenschelijk zijn en die niet ge nomen worden. Spr. gelooft ook, dat die kosten niet zoo hoog zullen loopen en z.i. is de land bouw een tak van industrie, die reeds jaren een apart ministerie eischt. Dat moest er al lang zijn. Volgens spr. wordt wel eens ge zegd, dat de s.d.a p. de behoeften van den landbouw verwaarloost en die partij de landbouwbelan gen niet behartigt, maar spr. ver klaart, dat ook de landbouwers er steeds op kunnen rekenen, dat voor hun belang wordt ge streden en daarom is spr. ervoor, dat er een ministerie is, dat uit sluitend de landbouwzaken be handelt. Spr. wijst er cok cp, dat inzake het pachtstelsel de s.d.a.p. steeds heeft gezegd, dat dat niet goed geregeld is en die partij jaren op een betere rege ling heeft aangestuurd. Dhr. SEGHERS zegt, dat hij geheel aan de zijde vanB.en W. staat, omdat in landbouwkringen reeds jaren om zoo'n ministerie is gevraagd. Dhr. VAN BENDEGEM zegt dat hjj er ook wel iets voor voelt, maar heeft onlangs gelezen, dat het Tweede Kamerlid van den Heuvel, die ook landbouwer is, er maar matig voor is. Het blijkt dus dat ze het er niet allen over eens zijn. De VOORZ.Als dat niet het geval was, was het ministerie er al lang. Met 9 tegen 2 stemmen wordt het voorstel van B. en W. voor adhaesiebetuiging aangenomen. Tegen stemmen de h.h. 't Gilde en Ortelee. 7. Uitbreiding steun voor vlascultuur. Het gemeentebestuur van Graauw en Langendam vraagt ven steken, ik nooit zou geweten hebben wie het gedaan had. Gelukkig kon ik hem zoo'n slag ge ven, dat hij op den grond viel. Het was nog niet gedaan, toen de vrouwen reeds van de ladder waren afgekomen en naast mij stonden. Vlüg, riep ik, of ze zullen ons inhalen. Terwijl ik de hand van jonkvrouw de la Vire greep, kwamen er ongeveer zes mannen om den hoek aanrennenik sleepte haar mede en haar tot den grootsten spoed aanzet tend, bereikten we de boomen. Een maal in de schaduw daarvan, waren onze bewegingen verborgen voor het oog. Ik had nu den tijd om de paar den los te maken en de beide vrouwen op te doen stijgen, DaRk zij de be wonderenswaardige koelbloedigheid en tegenwoordigheid van geest van het meisje en het bezwaarlijke voor onze vervolgers om dadelijk het kasteel te verlaten, konden wij nog bijtijds weg komen. Ik sprong op de Cid en na het paard van Fresnoy ook een tik met de zweep te hebben gegeven, bereikte ik den weg, dien ik dien middag was afgekomen.. Ik wist dat het pad onder de boomen goed was en ik vond het beter om onze vervolgers in den waan te laten dat we den weg naar het noorden genomen hadden in plaats van de richting naar het dorp. HOOFDSTUK V. We bereikten den hoofdweg zonder verdere moeite en reden in het maan* licht naar het dorp. We draafden naar de herberg, v/aar wij de vier mannen naast hun paarden klaar von den staan. IK verzocht hen zoo spoe dig mogelijk op te stijgen. Tot mijn Vfeugde deden ze dit seer gewillig. adhaesiebetuiging voor hun adres aan den Min. van Binnenl. Zaken en Landbouw, om de in uitzicht gestelde finantieele steunregeling voor vlascultuur en vlasindustrie voor 1932 ook te willen toepas sen voor de voorraden van den oogst 1931. B. en W. stellen voor om aan het verzoek te voldoen. De VOORZ. zegt iets meer te weten aangaande den steun voor de vlasbeweging, en gelooft, dat dit verzoek op groote moeilijk heden zal stuiten. De beloofde steun van de Regeering geldt den oogst 1932 en niet den oogst 1931. Maar als kan aangetoond worden, dat de werkloozen er mee gebaat zijn, dan zal men er wel voor zijn. Dhr. DE RUIJTER zegt, dat de Minister steun heeft toegezegd, als er 6000 Hectaren vlas ge zaaid worden, maar dat zal op geen stukken na uitkomen. Er zal veel minder vlas zijn en in plaats van veel werk, zal er geen werk zijn, omdat de steun, die wordt beloofd te gering is tegen over het risico dat de vlassers loopen. Nu denkt men, dat het geld, dat op den steun voor 1932 over zal zijn, kan gebruikt wor den voor den oogst 1931, maar spr. heeft gehoord, dat als den Minister zal blijken, dat niet vol doende vlas wordt uitgezaaid, Z.Exc. een andere richting aal uitgaan. Dhr. C. HAMELINK vraagt, of men reeds bezig is met te wer ken aan het vlas, waarvoor steun wordt verleend Spr. meende, dat de Min. reeds steun had ge geven voor den oogst 1931. die men nu aan het verwerken is hij kan het niet goed uit elkaar houden. De VOORZ. licht toe, dat de nieuwe regeling, waarover het voorstel loopt, geldt voor den oogst 1932. Maar men acht die steun te laag om loonend vlas te kunnen verwerken en daarom is het z.i. goed mogelijk, dat ook voor de bewerking van het oude vlas van 1931 nog steun wordt verleend. Er zijn hier 2040 ge- Een oogenblik later reden we met laid paardengetrappel door het dorp en gingen den weg naar Melle op, waarvan Poitiers ongeveer dertien mijl verwijderd ligt. Ik keek om en meende bij het kasteel licht te zien bewegen. De morgenstond was nog een paar uur verwijderd en het schijnsel van de maan deed me twijfelen of het wel werkelijk menschen waren dieiets zoch ten. Het kon ook mijn eigen opgewon den verbeelding zijn, want ik voelde mij verre van rustig. Ik kon niet ai ders dan aan die drie lange dagen, die voor ons lagen, denken en die veel gevaren voor ons zouden kunnen brer- gen. Hoe meer ik over onzen toestand nadacht, hoe grooter de moeilijkheden mij toeleken. Het veilies van Fresnoy, dat me gedeeltelijk mei een gevoel van verlichting vervulde, had me aan den anderen kant een geoefend zwaard ontnomen. Het landschap dat we door moesten was de grensstreek tusschen onze partij en de Ligue en herhaaldelijk verwoest door gespuis van allerlei soort. De boeren waren naar de steden gevlucht. Hun hoeven waren ingenomen door avonturiers en laRdloopers, die de streek onveilig maakten, Wat de gevaren nog grooter maakte was dat de hertog van Nevers met zijn troepen naar het zuiden trok in een richting niet ver van onzen weg, terwijl de Hugenoten noordwaarts gingen. Had ik vier vertrouwde en dappere kameraden bij me gehad, dan zou ik me minder bezwaard over een en ander gevoeld hebben. Het besef dat de vier Heden, waar ik mee uitge trokken was, eik oogenblik er van door zouden kunnen gaan of mij misschien konden verrader, vervulde me met een hevige orrust. (Wordt vervolgd') AXELSCHEiffl COURANT. 10)

Krantenbank Zeeland

Axelsche Courant | 1932 | | pagina 1