U LI IIIJ Jaarlijksche Veemarkt No. 56. Zaterdag 20 October 1900. f 6e Jaarg. JNieuws- en Advertentieblad voor Zeeuwse h - Vlaanderen F. DIELEMAfl, AXEL. MAANDAG De Koningin verloofd. FEUILLETON. WIK RKGKKRT KR? COURANT. Dit Blad verschijnt eiken Dinsdag- en Vrijdagavond. ABONNEMENTSPRIJS: per 3 Maanden 50 centfranco per post 60 cent voor Beloië 80 cent. Afzonderl. numm. 5 ct. DRUKKER - UITGEVER Advertentie n van 1 tot 4 regels 25 oent voor eiken regel meer 5 cent. Groote letters wordei naar olaatsruimte berekend. Plaatsing 3/2 maal Advertentiën worden franco ingewacht, uiterljjk tot Dinsdag- en Vrijdagnamiddag TWEE uren. Burgemeester en Wethouders van AXEL, maken bij dezen bekend, dat de in deze gemeente dit jaar zal gehouden worden op den 29 October aanstaande. Burgemeester en Wethouders voornoemd D. J. OGGEL, Burgemeester. J. A. VAN VESSEM, Secretaris. Hare Majesteit Koningin Wilhelmina heeft Dinsdagavond uitgevaardigd de PROCLAMATIE. Aan mijn Volk Het is mij eene behoefte, aan het Nederlandsche volk, van welks levendige belangstelling in het geluk van mij en mijn huis ik zoo diep ben overtuigd, per soonlijk mededeeling te doen van mijne .verloving met Zijne Hoogheid. Hertog Hendrik van Mecklenburg-Schwerin. Moge deze gebeurtenis, onder Gods zegen, be vorderlijk zijn aan het welzijn van ons land en zijne bezittingen en koloniën in Oost en West. Lasten en bevelen, dat deze proclamatie in de „Staatscourant" en het „Staatsblad" opgenomen en ter plaatse, waar zulks gebruikelijk is, aan geplakt zal worden. DE BOEKHOUDER. »Ik ben verloren Nikolaas 1" zeide de beer Larmes, toen hij van het bureau der administratie te Parijs, waar bij boekhou der was, op het gowoDe uur te huis kwam, eu zich ontmoedigd en somber in een leuningstoel wierp »ik ben verloren, wij zullen moeten scheiden ik kan niet langer voor u zorgen, Nicolaas. Het spijt mij, mijne belofte, aan uwe moeder gegeven, niet te kunnen nakomen, om levenslang de plaats van vader bij u te bekleeden." Nikolaas Rosier, die zijn heei nooit zoo gezien had, stond bij deze woorden alsof bij door den bliksem getroffen. Ook was hij zonder den heer Larmes, die hem sedert anderhalf jaar had aangenomen, de meest verlaten mensch van de wereld Want in het stadje, waar hij bij zijne moeder, eene naaister, was opgevoed, had bij niets geleerd dan schoon schrijven, en met het loon, dat hij als afschrijver won, kon hij nauwelijks zijne huishoudelijke onkosten bestrijden. De heer Larmes, een vriend zijner moeder nog uit de dagen hunner kindschheid, was zoo goed geweest, den jongen mensch tot zich nemen. Hij behandelde hem als zijn eigen zood, en ge bruikte hem als afschrijver, dewijl hij zeer Gedaan op het Loo, heden den 16en- October 1900. WILHELMINA. De minister van Buitenlandsche Zaken, W. H. DE BEAUFORT, De minister van Justitie, CORT VAN DER LINDEN. De minister van Binnenlandsche zaken, H. GOEMAN BORGESIUS. De minister van Marine, ROELL. De minister van Financiën, PIERSON. De minister vau oorlog ELAND. De minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid. C. LELY. De minister van Koloniën, CREMER. Hertog Heinrich, Wladimir, Albert, Ernst van Mecklenburg-Schwerin werd 19 April 1876 te Schwerin geboren. Hij is luitenant la suite van het Pruisische garde-jagerbataljon, a la suite van het regiment fuseliers van Mecklenburg no 90. Hij is de zoon van Hertog Frederik Frans II en de Groothertogin douairière Marie, geboren Prinses van Schwarzburg. De oom van den tegenwoordigen Groot hertog van Mecklenburg-Schwerin, hertog Johann Albert, is gehuwd met prinses Elisabeth van Saksen-Weimar, dochter van Prinses Sophie der Nederlanden, de vorstin, die den grooothertog van Saksen jaarlijks op zijn reis naar Scheveningen fraai kon schrijven. Nikolaas was een goed mensch, daarom had de heer Larmes hem lief, die, dewijl hij zelf zestig jaren oud en ongetrouwd was, hem tot erfgenaam van zijn gering vermogen had benoemd. »Zijt gij v.eiloren zeide Nikolaas, »wat hebt gij dan gedaan, mijDheer?" »Ach, ik heb niets gedaan, maar ik moet iets doen 1" hernam de boekhouder, en wierp zijne brieventasch voor zich op de tafel neder, wij zullen later hier wel over spreken. Ik zal u al het geld. dat ik bezit, als een gedachtenis geven. Indien gij mij morgen niet ziet, of indien ik ge vangen word genomen, zoo verwijder u, zoek eene dienst waar gij kunt, en houd mij voor een eerlijk man, wat men ook van my moge zeggen." Nikolaas was zich zeiven geen meester van schrik en medelijden. Hij smeekte zyn pleegvader hem mede te deelen, wat er geschied was. Hij zwoer, liever te willen sterven dan hem te verlaten. De oude zweeg langen tijd. Eindelijk zeide hij >Nikolaas, u, maar ook u alleen mag ik het zeggen. Wee u, wanneer gy er over spreekthet kan voor altijd uwo vrijheid, misschien uw leven kosten, zoo wel als mij. Maar misschieo is het goed, dat ik het u toevertrouw, opdat gij ten minste aan mijne onschuld geloof slaat, al doet dit anders ook niemand Maar wees stom als het graf. En wilt gij spreken, om u zeiven in hot verderf te storten, spreek dan eerst, wanneer ik verloren ben. vergezelt. De aanstaande Prins-Gemaal is de halve broer van dezen hertog Johann Albert. Om dit te verklaren, dient men te weten, dat de Prins Gemaal een kind is uit het derde huwelijk van den groot vader van den regeerenden groothertog. De aanstaande Prins-Gemaal is Dinsdag op het lustslot »Het Loo" aangekomen. De voorzitter van den Ministerraad, minister Pierson, was Maandag tegen de aankomst van H. M, de Koningin naar het Loo ontboden en ontving aldaar mededeeling van het voornemen van Hr. Ms verloving, met opdracht, door middel van de Staatscourant den volke mededee ling te doen van eene Koninklijke pro clamatie zoodra daartoe het oogenblik ge komen zou zijn. De minister-premier stelde Dinsdag zijne ambtgenooten in eene buitengewone ver gadering van den ministerraad, gehouden voor den aanvang der Kamerzitting, met het gewichtige nieuws in kennis. Aan de buitenlandschen Vorstenhuize is van de gebeurtenis Kennis gegeven door tusschenkomst van onzen minister van Buitenlandsche zaken. Men seint uit Den Haag van Dinsdag avond, dat de minister van Oorlog gelast heeft, dat Dinsdag in alle garnizoens plaatsennaar aanleiding van de verloving van H. M. de Koningin, groote parade zal moeten worden gehouden. De proclamatie, het heuglijke feit meldende, was Woens dagavond reeds aangeplakt aan de voor pui van het raadhuis. In de Woensdag gehouden zitting van de Tweede Kamer deed de griffier voor lezing van de Koninklijke boodschap, in houdende mededeeling van de verloving Nikolaas beloofde alles wat zijn pleeg vader verlangde. Hierop zeide de heer Larmes»in de kas der marine is een deficit van meer dan een half millioen. De zaak wordt ruchtbaar, zij is niet langer geheim te houden. Mijn chef, de heer Gatry, heeft zich door groote verlering te gronde gericht. Om zich te redden, wilde hij nu een ander, in plaats van den schul dige, opofferen. God weet het, wat iE misdreven heb, dat de heer Gatry juist mij daartoe moest kiezen. Hü bood mij veertig zelfs zestig duizend gulden, wanneer ik mij in een eigenhandig geschreven brief, aan hem gericht, schuldig wilde verklaren. Hij lag voor mij op zijne knieën en meende dat ik, omdat ik geene vrouw en kinderen had, mijn eigen meester was, en er dus niets bij waagde, maar alles bij kon winnen terwijl hij stand, waardig heden, de eer zijner aanzienlijke bloedver wanten, vrouw en kinderen te verliezen hadbij meende, dat het voor my eene lichte zaak was, hem dat offer te brengen, en een brief te schrijven, waarvan hij eiken regel met duizenden guldens wilde betalen, en alsdan dit rijk te ontvluchten. Hij sprong als een woedende op, toen ik arme, eerlijke man het waagde, eenige bescheidene tegenwerpingen te maken. Daarna zeide hij echter zeer koelbloedig tegen mij »hier is geene terugtrekking mogelijk. Ik vorder van u de kasboeken en de kontrolen Ik heb die reeds naar mijn genoegen veranderd, en wilt gij mij van H. M. de Koningin met Hendrik, Hertog van Mecklenburg. De voorzitter zeide dat door de Kamer inderdaad met de grootste belangstelling wordt kennis genomen van deze Koninklijke boodschap en stelt voor hem te machtigen, de Ko ningin geluk te wenschen enden eerbie digen dank der Kamer over te brengen voor de mededeeling van Hoogstderzelver verloving, een gebeurtenis voor het Vor stenhuis en het vaderland van zoo uit nemend gewicht en zoo groote beteekenis. Aldus wordt besloten. Uit Den Haag wordt geschreven Van de openbare gebouwen in de Re* sidentie, de woningen van de gezanten der vreemde mogendheden en uit vele particuliere woningen was Woensdag ochtend de vaderlandsche driekleur ont plooid in verband met de heugelijke pro clamatie Dinsdagavond door onze Koningin tot Haar volk gericht. Reeds Dinsdagavond, korten tftd na het bekend worden van de verloving van H,M. beijverden verschillende ingezetenen zich om de vlag uit te steken. Het was Dinsdag buitengewoon druk aan het Rijkstelegraafkantoor met het aanbieden van officieele telegrammen voor binnen- en buitenland. Verschillende gezanten van vreemde staten bij ons Hof verzonden telegram men aan hunne regeeringen. Woensdagmiddag tegen half vier ver rasten de jeugdige verloofden het dorp Apeldoorn zelf met een bezoek, in een rijtuig met de vier, door den hertog zelf gereden. Het was prettig te zien wat aangenamen indruk Koningin Wilhel- mina's toekomstige echtgenoot op het in het ongeluk storten - bij den hemel, gij zult den hals vóói mij breken. Kies 1 thans spelen wy leven om leven." »Zoo sprak hij, en ik was zoo verschrikt, dat ik met wist, wat mij te doen stond. Het angstzweet brak mij uit. Hij was in zijne wanhoop op bet punt mjj te ver moorden. Hij had daarna kunnen zeggen, dat ik mij aan hem schuldig had verklaard van de kas te hebban bestolen, dat ik om zijne genade gesmeekt had, doch die niet kunnende verkrijgen, mij zeiven had ver moord. Ach, NikolaaR, waartoe zijn zulke beeren niet in staat 1" »De duivel in eigen persoon is die man 1', riep Nikolaas uit»ik ga naar den minister naar den kardinaal Bernis, naar den koning en smeek om bijstand." »Wilt gij een kind des doods zijn zeide de heer Larmes, »gij hebt mij uwe stilzwijgendheid beloofd. Waag geene schrede, spreek geen woord Komt tijd, komt raad. Ik wil niet, dat gij u te gelijkertijd met mij in het verderf stort. Ik heb tijd ter overweging gevraagd hij stond mij vier en twintig uren toe. Mor gen vroeg om tien ure moet ih. hem mijn besluit gaan zeggen het briefje, dat hij mjj ter overschrijving gaf, hem brengen, en met extra-post vluchten, of ik ben om elf ure gevangen. Ik mag tot dien tijd toe het huis niet verlaten, ook gij Diet. Hij laat ons bespieden. Het gaat om ons leven. De wanhopende man waagt alles." >En wat zijl gij voornemenstö doen

Krantenbank Zeeland

Axelsche Courant | 1900 | | pagina 1