i\o. 10. Woensdag 9 Mei 1900. !6e Jaarif. Nieuws- en Advertentieblad voor Zeeuwsch -Vlaanderen F. DIELEMAi\, AXEL. Buitenland. FEUILLETON. Knjjrsayontnren yan een yredslieyenil man. AXELSCHE COIRANT. Dit Blad verschijnt eiken Dinsdag- en Vrijdagavond. ABONNEMENTSPRIJS: per 3 Maanden 50 cent; franco per post 60 cent voor Bbibiè 80 cent. Afzonderl. numm. 5 ct. DRUKKER - UITGEVER Advertentiën van 1 tot 4 regels 25 oent voor eiken regel meer 5 cent. Groote letters wordei naar olaatsruimte berekend. Plaatsing 3/2 maal Advertentiën worden franco ingewacht, uiterlijk tot Dinsdag- en Vrijdagnamiddag TWEE aren. Het laatste nieuws van het oorlogs terrein is, dat Brandfort door de Engel- schen bezet is Dit ie de plaats waar, noordelijk van Bloemfontein aan den spoorweg naar Johannesburg, de Boeren hun hoofdkamp heetten te hebben en vanwaar in den laatsten tijd de Boeren- berichten over den oorlog werden afge zonden. Hoe die bezetting in het werk is ge gaan, of er hevig is gevochten, dan wel of de Boeren vrijwillig zijn teruggetrok ken of de vijand door een omtrekkende beweging is verrastof er ernstige ver liezen zijn geleden, - over dit alles melden de telegrammen niets. Niet van belang ontbloot is het feit, dat de bezetting op 1 Mei plaats had en dat er den 4en Mei eerst melding van werd gemaakt. In het telegram waarin Roberts melding maakt van het bezetten van Brandfort lezen we, dat de plaats genomen is zonder noemenswaardigen tegenstand en hij hoopt, dat de verliezen gering mogen "Zijn. Nu komt bij ons de vraag op hoe is zonder noemenswaardi gen tegenstand ernstig verlies mogelijk. Zou Roberts' hoop op gering verlies niet een aanduiding zijn, dat er werkelijk zwaar verlies is geleden. Dit is intusschen zeker, dat de Engel- schen nu weer een aantal mijlen meer naar het noorden zijn voortgerukt langs de spoorlijn, die tot Brandfort hersteld is. De opmarsch van Bloemfontein naar Pretoria heeft dus een aanvang genomen. Bij telegram van gisteren seint Roberts, dat de bereden infanterie reeds te Vet- Van onze gevangenen vernamen wij, hetgeen ik trouwens reeds op bet kerkhof vernomen had, dat eene compagnie Fran- scben, lichte infanteristen, in dit dorp zou den ingekwartierd worder, dat zij echter dadelijk teruggetrokken waren, toen zij ontdekten, dat ei Pruisen wareD, en wel zooals zij dachten, eene gioote menigte, wegens de uitgestelde posten, het roffelen der trommen en het schetteren der trom petten. De zeven gevangenen hadden zich te ver gewaagd. Ik liet uit bljjdscbap mijne gevangenen zoo goed mogelijk onthalen. Het waren de eerste menschen, welke ik in myn leven gevangen had genomen de eerste krijgshelden »an Napoleon, die ik te zien kreeg. De kerels verheugden zich in mijne bescherming, en het was mij, alsof ik liever de hunne moest trachten te verwerven. Want toen ik vroeg, of er vele Franschen in den omtrek waien, vernam ik met ont zetting, dat een geheel leger onder maar schalk Davonst, van Saksen in aantocht was naar Berlijn. Deze tijding bracht ik aan mijnen gei e- raal over. Karei de Groote, verheugd over deze eerste zegepraal, wreef vergenoegd zijn han den, en zeide»dus val ik dan wezen rivier is aangekomen. Generaal Hunter Seint, dat hij zonder tegenstand te ont moeten de Vaal bij Windsorton is over getrokken Het schijnt dus wel bijna zeker, dat de verbonden republikeinen hun voorste posities hebben opgegeven en hooger aan de Vaal en bij Kroonstad aan den spoor weg hun tegenstand concenteeren. In het Oosten van den Vrijstaat is boven dien het land nog lang niet zuiver. Bij Thabanchu zitten nog heel wat com mando's en zelfs komt het bijna onge- loofelijke bericht dat een sterke Boeren- afdeeling weer naar het Zuiden is afgerukt en opnieuw op Wepener aanrukt. Met dergelijke herhalingen kan de oorlog wel eeuwig blijven duren. Zonder zieken of gewonden te rekenen is het totaal der Engelsche verliezen tot op Zaterdag 16 073 man. De ziekten, die tengevolge van de ontberingen, gedurende de belegering doorstaan, uitbraken, blijven vreeselijke verwoestingen aanrichten te Ladysmith in de gelederen van het oude garnizoen en zelfs in die van Buffers leger. Bij dozijnen bezwijken eiken dag de solda ten aan typhus en ingewandkoortsen. Een groote verzwakking van Buffer's troepenis hiervan 'tgevolg zoodat het te verklaren is, dat deze in Natal geheel verlamd is Men vraagt zich af hoe hij zal kunnen medewerken aan het voort rukken naar de Transvaal. De mismoedigheid over den taaien tegenstand, waarmee iedere duim gronds wordt betwist, de spijt, dat hethijschen van de Britsche vlag op het regeerings- gebouw te Pretoria in plaats van een ljjk den vijand in den rug aan."Chaumi- grim werd echter doodsbleek, zijne oogen stonden dof en koud, even als oogen van gla«. TWEEDE GEVECHT MET ZIJNE GEVOLGEN. Hetgeen mij bij dat dappere feit het meeste genoegen deed, was de overtuiging dat geen mijner medemenschen er het leven bij ingeschoten had, ja zelfs geen droppel bloed verloren was gegaan. Even wel was dit niet door mijne bekwaamheid doch de bekwaamheid van eenen veldheer op bot slagveld zoo wel als in kleine ge vechten, schijnt m|j toe vatbaar te zijn voor twee uitleggingen. Gering schonende, onvoorziene gebeurtenissen, een gelukkig denkbeeld van een korporaal, het bon mot van een' trommelslager, de stemming van den soldaat werkt dikwijls meer uit, dan het verstand van den bevelhebber. Daarenboven zijn de regimenten, batall- lons en compagniën op het slagveld op verre na zulke doode werktuigen niet, als men gewoonlijk gelieft te gelooven. Ik zou de slagvelden van Marathon. Pharsalia, Marengo en Jeua gaarne willen lezen, beschreven door een' al wetenden psycholoog. Toen de dag aanbrak stonden wij reeds marschvaardig. Het was zeer koud, doch onze bevelhebber meende, dat wij een' zeer warmen dag zouden hebben. De boe ren vertelden dat de omstreken van sol daten wemelden. Men besloot in den krijgs- kwestie van weken een zaak wordt in een nevelig verschiet, al die tegenspoed en teleurstelling schijnt men te willen koelen op de bevolking van Bloemfontein en van de omliggende hoeven. De politiek van zachtheid, zoo meldt men aan een Engelsch blad, maakt nu eens eindelijk plaats voor krasse maatregelen. De Vrij- staatsche Boeren die in schijn rustig blijven op hun hoeven, smeden in werke lijkheid saam tegen de Engelschen, helpen den vijand vechten zelfs met hem mee en keeren bij de komst van de Britsche troepenmacht, ongemerkt naar huis terug. Generaal Pole Carew heeft nu een aantal hoeven in het distrikt Leeuwkop bezocht en daar een massa moderne geweren verstopt gevonden alleen oude, waarde- looze geweren waren ingeleverd. Als straf heeft hij alles meegenomen. Duizende stuks vee, schapen en paarden, heeft hij bemachtigd en de hoeven zelf be nevens de voorraden, die niet konden worden meegenomen heeft hij laten ver branden En bij het vermelden van deze schan dalen volgt de koele mededeeling dat het in beslag nemen der hoeven gebrek bij de bevolking heeft teweeg gebracht Men hoopt door deze doortastende maatregelen heilzamen schrik te hebben gebracht. De ministeriëele crisis in België is voor dit oogenblik nog bezworen De uitersten der rechterzijde verklaarden bij monde van Woeste, dat zij voor den val der regeering zoo vlak voor de verkiezingen niet de verantwoordelijkheid op zich wilden nemen en daarom alleen tegen de motie van Lorand en Colfs zouden stemmen. Minister Smet de Nayer vroeg splitsing raad door boschachtige streken te defiele- ren en aan wegwijzers ontbrak het ons niet. Nauwelijks hadden wij het dorp verla ten, of wij zagen in de vlakte voor ons van verschillende zijden Fransche troepen regelrecht op ons aanrukken. Zelfs kwa men er uit het boscb om onze sterkte op te nemen. De luitenaDt-generaal liet zich hierdoor niet uit het V6ld slaan. Met eene stoïn- cijnsche kalmte schaarde hij zijn leger in slagorde de linkervleugel was gedekt door eene bron, de rechter door eenen ouden notenboom. «Kameraden 1" zeide hij, «vergeet heden niet, dat gij Pruisen zjjt. Wij hebben geen vaandel, doch ziet slechts naar mijn wit ten vederbos overal zal hy u den weg des roems wjjzen. Deze woorden deden mjj aan Henri IV denken, die eenmaal onder minder ongun stige omstandigheden, iets dergelijks zeide. «Kunnen wtf tegenover zulk eene over macht Diet zegepralen, zoo kunnen wij, Pruisen, toch ook niet overwonnen wor- deD alzoo ging hij voort: «bet eigste dat ons kan overkomen, is, dat wij heden avondmaal houden met Zietben, Schwerin Winterfeld en Frederik den Groote in plaats van in een ellendig boerendorp." Krachtiger had LeoDidas niet tot zijne aan den dood gewijde SpartaneD, bij de Thermopylae, gesproken, dan hier Katel de Groote, welke den lacedemoniscben ko en verdaging der voorstellen Lorand-Colfs, Dit verzoek werd ingewilligd. Vrijdag is door de Kamer het totaal der oorlogsbegrooting aangenomen met 71 tegen 45 stemmen en 5 onthoudingen. Na deze stemming werd het debat voortgezet over de arbeiders-pensionee ring. Wat te voorzien was, is gebeurd de stemming over hei wetsontwerp is gunstig voor de regeering uitgevallen. De vertegenwoordigers der Belgische ar beiderspartij verklaarden bij monde van den heer Van der Velde, dat zij aanvan kelijk lust gevoelden om tegen de prul- wet te stemmen, toch wilden zij eenige tienduizenden oude lieden de paar francs, die het regeerings-ontwerp hun wil geven, niet weigeren. - Het is nu bijna vast en zeker, dat de Duitsche Rijksregeering haar vloot zal krijgen. Het verbond met het Cen trum is gesloten. Er wordt toch gemeld, dat het staatsministerie in zijn laatste voltallige bijeenkomst zich bij de geringe vermindering door de begrootings com missie in het oorspronkelijk aantal dei- aangevraagde schepen aangebracht, heeft In het Pruisische Huis van Afgevaar- den hebben twee leden, een voorstel ingediend, dat bij de regeering aandringt om nog in deze zitting een wetsontwerp in te dienen, tegen contractbreuk van landarbeiders en aansporing daartoe. Dit voorstel heeft zijn ontstaan te danken aan de omstandigheid, dat de boerenjongens, vaak in het drukke seizoen naar de steden trekken waar boogere loonen uitbetaald worden dan op het platteland. ning, misschien zonder het te weten, schert sende navolgde. De soldaten schenen echter bescheidelijk aan spek, pap en knollen de voorkeui te geven boven de gastmalen uit de elysesche velden. Ach, een stuk brood uit de hand van. Frederika zou mij meer welkom ge weest zijn, dan ambrozijn in gezelschap van alle helden van vroegere t|iden. Hei was een vreeselijk gezicht, Je Fran sche kolonnen langzaam tb zien naderen. Van tijd tot tijd hoorde men in de verte de trompetten steken. Ik zat, met mij zeiven verlegen op mijn paard, niet verie van den notenboom aan de rechtervleugel van het leger. Ik beefde van koude. De goede Chaumigrim, die aan de rechtervleugel geposteerd was bij eene bron of vijver, waar zijne vier trompetters een duivelsch leven maakten, zal ook wel niet veel warmer geweest zijn. Voor de laatste maal voordat het bloed bad een aanvang nam, kwam Karei de Groote Daar m|j toe rijden. «Generaal-ad- judant, heden is de dag gekomen, dat gij door uw genie zult uitblinken 1" zeide hij, «vier uwen oDstuimigen moed niet al te zeer den teugel. Behoud uwe bedaaidbeid. Sneuvel ik in het gevecht, zoo Deemt gjj het bevel over. De vijand is te sterk. Worden wij teruggeslagen, zoo trekken wij naar het dorp terug, en verdedigen ons tot den laatsten man toe." Met deze woorden ijlde by weg, en liet mij aan mynen onstuimigen moed ovüj

Krantenbank Zeeland

Axelsche Courant | 1900 | | pagina 1