<^uóty Ondergang van Faustus: „een grove schuld" Het verhoor van de getuigen Statenlaan 81 Den Haag College gemachtigd uitgaven te doen wegens de ramp Tivee republieken TE DOEN IS IN: Den Haag Utrecht NIEUWE ROTTERDAMSE COURANT VRIJDAG 6 FEBRUARI 1953 Raad voor de Scheepvaart Maar morgen kan dezelfde gezagvoerder terug komen Van onze correspondent. AMSTERDAM, 8 Febr. Gelijk wij reeds in een gedeelte van onze vorige oplaag hebben gemeld, heeft de Raad voor de Scheepvaart gisteren een onderzoek ingesteld naar de oorzaken van de stranding van de Faustus, welk onder Panamese vlag varend schip in de nacht van 5 op 6 November bij Hoek van Holland is gestrand, daarna door het Noorderhoofd is gebroken en tenslotte in de mond van de Rotterdamse Waterweg is gezonken. De inspecteur-generaal.voor de Scheepvaart achtte grove schuld van de gezag voerder, een Griekse kapitein, aanwezig. Hij betreurde het, dat dergelijke mannen met het bevel over een zeeschip kunnen worden belast en dat hoe de uitspraak van de Raad voor de Scheepvaart ook zal luiden deze zelfde kapitein morgen de dag weer zonder loods de Waterweg kan proberen binnen te komen. Bij de aanvang van de zitting heeft de president, prof. mr. J. Offerhaus, gewag gemaakt van de diepe indruk, welke de nationale ramp ook op de Raad voor de Scheepvaart heeft gemaakt. Hij heeft zijn diepe deernis uit gesproken jegens de slachtoffers en hun nabestaanden. Voor het onderzoek naar de ramp van de Faustus hoorde men vier getuigen. Zowel uit de verklaringen van de zee- loods stuurman A. C. Bos van de Pro- cyon als die van de zeeloods-stuurman van de Rigel, die beiden in de storm nacht van 5 op 6 November van 12 tot vier uur de hondenwacht hadden aan boord van hun loodsschepen, kwam naar voren dat zij van een schip, dat vermoedelijk de Faustus was, geen sei nen hadden gekregen om een loods. De Procyon had te ongeveer half vier wegens de storm de loodsdienst ge staakt en daarvan mededeling gedaan aan de grotere Rigel, op welke loods boot men van kwart over drie tot vier uur tevergeefs had gepoogd een sleep met lichter te beloodsen. Toen dat we gens de ruwe zee onmogelijk bleek koos dit onbeloodste schip, evenals andere schepen weer zee. De zeeloods-stuur man van de Rigel meende echter met zekehheid te kunnen zeggen dat men, ongeacht de ingespannen arbeid om op de sleepboot met lichter een loods over te brengen, toch altijd nog wel licht seinen van de Panamees zou moeten hebben opgemerkt, indien die inderdaad zouden zijn gegeven. Deze twee loods boten waren intussen ook vanwege het ruwe weer tamelijk ver uit de kust, on geveer 4 a 5 mijl en deze getuigen, die dus niet wisten of een schip, dat zij hadden gezien, de Faustus was. waren om vier uur. toen zij waren afgelost en nadat beide schepen de loodsdienst hadden gestaakt te kooi gegaan. Van hetgeen zich verder voltrok hadden zij dus niets gezien. De lichtwachter van Hoek van Hol land gaf in dit opzicht meer uitsluitsel. Hij had het schip, dat eerst langs de Procyon ging welke loodsboot toen de dienst reeds had gestaakt en ver volgens Oostelijk van de Waterweg kwam in de richting van de Rigel, die. een half uur later, toen ook de loods dienst stil zette, steeds nauwkeurig ge volgd en het was ditzelfde schip dat kort daarna strandde en de Faustus bleek te zijn. De manoeuvre van het schip was voor deze lichtwachter, de heer H. Ackerman, van dien aard, dat hij zelfs een waarschuwing gaf aan de reddingboot Jan Leis dat men reke ning zou moeten gaan houden met een stranding. Deze waarschuwing leidde er toe dat de Jan Leis reeds een half uur na de stranding by de Faustus was. De vierde getuige was de zeeloods eerste klasse C Smit. die op de ochtend van de 6e November te ongeveer kwart over negen met de Jan Leis bij de ge strande Faustus kwam en aan boord mocht komen, nadat een daartoe gedaan verzoek eerst kort door de kapitein van de Faustus in beraad was genomen Het viel deze getuige op dat de ruimen ge opend waren. Hij achtte de situatie van de Faustus toen reeds hopeloos, maar de kapitein deelde dit inzicht niet. Niet temin ging de kapitein accoord met 's loodsen voorstel om een deel van de be manning aan boord van de Jan Leis mee naar Hoek van Holland te nemen, maar toen de loods aan dek was ge gaan om de reddingboot te waarschu wen voor het overnemen van opvaren den. bleek die instemming van de ka pitein weer te worden herroepen. De Jan Leis keerde terug. In de middag ging men wederom naar het gestrande schip en toen gingen kapitein en be manning van boord, nadat intussen de stuurman in Rotterdam met de scheeps agenten had overlegd. Deze stuurman was naar de mening van deze loods- ge-'.uige overigens meer een matroos maar het bleek degeen te zijn aan boord, die nog het best Engels kende. Het requisitoir De inspecteur-generaal voor de Scheepvaart, de heer C. Moolen- burgh achtte zijn taak om zijn me ning te geven extra onaangenaam om dat hij grove schuld aanwezig achtte bij een man, die zich hier niet kon i dedigen. Maar hem bleef weinig anders over. Het is opvallend, aldus de inspec teur-generaal, dat de verklaringen, welke kapitein en schepelingen van de Faustus later aan de wal hebben afgelegd, o.a. bij notaris en rechter commissaris, anders zijn gaan luiden naarmate zij op een latere datum werden gegeven. Aanvankelijk heeft de kapitein ver teld dat hij zonder loods de Waterweg wilde binnengaan, later voegde hij daaraan toe, wel om een loods te heb ben gevraagd, die hij evenwel niet kon krijgen omdat de loodsdienst toen juist werd gestaakt. Hij voert dan aan, dat hij wel besluiten moest zonder loods binnen te gaan. omdat hij nog maar voor een etmaal brandstof aan boord had. Er was wel meer, maar een gro te voorraad olie heette door het zee water bedorven te zijn. Wanneer de Faustus lichtseinen had gegeven om een loods met een goed gerichte lamp, zou men dat toch in elk geval hebben ge zien op de loodsboten. Wat het tekort aan olie betrof, men had aan boord van de Faustus het water toch uit de olie tanks kunnen aftappen. Alleen in de oorlog, zo zei de inspecteur-generaal, werden inderhaast wel olietanks inge bouwd zonder aftapkranen. De Faustus was in 1943 op een Schotse werf ge bouwd en ik heb dus geïnformeerd hoe men daar de tanks toen heeft gemaakt. Gebleken is dat de Faustus voor kolen- bunkering was gebouwd en dat men eerst in 1951 de oliestookinstallatie heeft aangebracht In dat jaar zijn ongetwij feld ook aftapkranen aangebracht. Geen werf maakte toen meer tanks zonder. Er was dus voor de kapitein wat zijn stookvoorraad betreft werkelijk geen enkele aanleiding in het holst van de nacht en bij hevige vloed te trachten overhaast de Waterweg binnen te lopen. Maar, zo schilderde de inspecteur- generaal het verder, deze kapitein had haast. Het was nog wel fraai weer toen hij in de lei van de Engelse kust voer en toen reeds de luiken liet openen om te Rotterdam tijd te winnen ook al omdat de bemanning van 25 koppen voor dit schip bepaald klein was! maar hij wist dat zowel de weerberich ten uit Engeland als Nederland veran dering voorspelden. De marconist van de Faustus heeft deze berichten, naar eigen verklaring, ontvangen en de ka pitein voorgelegd. Onidanks latere weer berichten. waarin zelfs voor storm werd gewaarschuwd, liet de kapitein de lui ken niet sluiten en eerst tegen midder nacht porde hij de bemanning om zulks op een veel te laat tijdstip, te doen. Toen ging dat niet meer in afdoende mate en kwam er natuurlijk veel wa ter in het schip. Welke kapitein gooit op zee zijn lui ken open om zodoende zijn schip on zeewaardig te maken? Wie zoiets doet draagt grove schuld voor de moeilijk heden, die het gevolg zijn geweest van de fouten, die reeds voor de En gelse kust werden gemaakt. Wanneer men dan weer een verklaring leest van een gediplomeerd Duits stoker dat er géén water in de olie was ge- HET BOEK L, vandaas ONDER He die ons bevond zich, Edition ma naar een studie ov rikaanse prozaliterati ■ste Amerikaanse boeken, de bevrijding bereikten. i een bekorte Overssat daar keken we toen niet de moderne Ame- de band Postwissels voor Rampenfonds naar Voordracht Fie Carelsen Twee raadgevingen uit haar toneel loopbaan hebben Fie Carelsen tot het ontwerpen van haar schetsen voor solo toneel „Een vrouw telefoneert" geïnspi reerd. Het ene advies ontving zij bij het begin van haar toneelcarrière van de regisseur en luidde: Maak je ondeug den tot deugden. Deze ondeugden ver nam zij by haar veertig-jarig jubileum uit de mond van Cor van der Lugt Melsert: Je bent een lieve vrouw, maar je huilt te gauw en je telefoneert te lang. Uit de combinatie van deze twee goedbedoelde adviezen ontstonden de te lefonades van de Haagse actrice, welke zij Donderdagavond voor leden van de Rotterdamse Volksuniversiteit ten ge hore heeft gebracht. Het telefoneren gaat Fie Carelsen in derdaad gemakkelijk af. zo gemakkelijk dat men by tijd en wijle vergeet dat zij het gesprokene slechts speelt en dat er niet werkelijk aan de andere kant van de lijn iemand meepraat De ge sprekken na de pauze verloren iets aan natuurlijkheid, doordat deze aan een bepaalde pointe gebonden zijn. Ondanks de vele stoplappen van „schat" en „lieve kind" kreeg het viervoudige getelefo neer van de doktersvrouw, steeds in dezelfde situatie maar onder andere om standigheden, op den duur iets gefor ceerds. Maar ondanks dit bezwaar wist Fie Carelsen ook hier. evenals voor de pauze, te bewijzen dat toneelspelen en telefoneren heel wel samen gaan. Henryk Szeryng Een violist van zeer grote technische vermogens heeft zich op een zwak be zocht concert van de Rotterdamse Kunst stichting in de N. Zuiderkerk kunnen voorstellen. Henryk Szeryng, uit Polen afkomstig en leerling van Flesch, is in derdaad een van die figuren voor wie het vioolspel in het geheel geen gehei men meer heeft en voor wie geen moei lijkheid meer bestaat. Van een virtuoos stuk als de Tzigane van Ravel, waarin de moeilijkheden van intonatie in hoog ste posities, van applicatuur en van lin kerhandpizzicato's eenvoudig opgestapeld zijn, kan hij dan ook een weergave ge ven. die bijna onvergelijkelijk is. Maar zulke naturen, die kunnen spelen met de materie, hebben vrijwel altijd ook haar beperkingen. Men krijgt bij Sze ryng de indruk, dat alles groot en for midabel moet zijn en dat dit grote en formidabele dan toch nog niet reikt tot waarlijke dramatiek zoals de sonate in d-klein van Brahms verlangt. Een par tita van Bach, de derde in E majeur, verliest haar barok-structuur en wordt tot een geste, waarbij men niet meer aan Bach moet denken, maar aan die inderdaad geweldige violist: Hen. rijk Szeryng. Een jongen in de A hoy'hal met zijn poeshel enige, wat hij uit de catastro phe heeft kunnen redden. Theatre Héhertot Gemeenteraad van Rotterdam Men heeft in de courant van gisteren nog kunnen lezen, hoe burgemeester Van Walsum op sobere en waardige wijze de slacht offers van de nationale ramp heeft herdacht. Met meer belangstelling nog dan het overige deel van zijn rede, hebben we aangehoord zijn mededeling, dat het College aandacht zal wijden aan de verhouding van het gemeentebestuur tot de waterschappen, die binnen het gebied van de gemeente werkzaam zijn. Het is een veel gehoorde mening na de rampzalige gebeurtenissen der laatste dagen, dat de regeling van het onderhoud van de dijken, dat aan polders en andere waterschappen is toevertrouwd, niet meer van deze tijd is, en dat noodzakelijk met krachtige hand zal moeten worden ingegrepen, opdat calamiteiten, zoals nu zijn voorgekomen en die aan herstel veel meer geld zullen vorderen dan goede preventieve maatregelen zouden hebben gekost, zich niet meer zullen herhalen. Aan dit vraagstuk zal heel wat ge dokterd moeten worden, de waterschappen zijn sedert vele eeuwen zo met onze Nederlandse samenleving verweven, dat het heel wat moeite en pijn zal kosten om tot een andere verhouding tussen waterschap en gemeente te geraken. Advertentie komen, van een andere stoker, die zegt dat bij afvaart uit Amerika er al iets was met de olie, waardoor ze niet zo goed brandde als mis schien wel kon, wie er op let dat deze kapitein bij stormweer, toen bij niet geloodst kon worden, niet zee heeft gekozen, zoals iedere kapitein doet en ook andere schepen die nacht hebben gedaan maar zonder loods probeert binnen te lopen, wie er dan nog op let dat de kapitein, toen zijn schip aan de grond kwam en hevig stootte, verzuimde de gehe le lege dnbbele bodem van zijn schip vol te laten lopen en dan nog ten overvloede overweegt, dat de kapi tein. toen hij met de bemanning de Faustus verliet zelfs niet de scheeps journalen of scheepspapieren meenam en er niemand is geweest onder de bemanning, die hem op deze eerste plicht heeft gewezen, die kan slechts tot de overtuiging komen dat deze kapitein, die zegt al zestig keer zon der loods de Waterweg te zijn bin nengelopen, grove schuld heeft aan de ramp. Het is tragisch, dat zulke personen worden belast met het be vel over een schip. En zou deze ka pitein van de Faustus intussen niet door zijn rederij zijn ontslagen dan is het ook tragisch te bedenken dat zulk een kapitein, hoe de uitspraak van de Nederlandse Raad voor de Scheep vaart ook zal luiden, weer gelegen heid kan krijgen voor de 61e keer op eigen gelegenheid de Waterweg bin nen te lopen. Nadat de inspecteur-generaal aldus duidelijk zijn mening had geformuleerd werd de behandeling van deze zaak ge sloten. De Raad zal later uitspraak doen. Van een correspondent Z"1 ABRIEL MARCEL beperkt zich tot het doorgronden van opgeworpen problemen, tot een tasten en zoeken in verschillende richtingen. Ook in zijn jongste drama „Rome n'est plus dans Rome" kan men deze elementen aan wijzen. Het Théatre Hébertot heeft er onder zeer grote belangstelling in de Doelenizaal te Amsterdam een voorstel ling van gegeven. Het drama behandelt in veelal be schouwende toon de strijd van een Frans man, die. idealist zonder werkelijke ba sis, slachtoffer wordt van de angst, dat zijn land eenmaal door een Russisch leger zal worden bezet. Hij vertrekt mei. zijn gezin naar Brazilië, gebukt gaande onder het schuldgevoel zijn land ontrouw te zijn geworden. Aan het slot belijdt hij zijn „mea culpa" en sterft. Om deze hoofdfiguur heen tekent de schrijver een aantal bijfiguren, van wie sommigen in andere relatie staan tot het geboorteland dan de hoofdper soon: de jonge neef, volkomen opge nomen in de sfeer van het nieuwe land. een plant met zeer breekbare wortels: de communist, de universeel denkende. De belangrijkste vrouwenfiguur sym boliseert de angst en de nederlaag, door de man geleden. De hier getekende psy chologische problemen doen spanningen ontstaan, welke zich in heftige woor denwisselingen kristalliseren. De tekst is veelal bijtend en brengt meermalen spanning te weegdoch de lange dia logen verslappen de aandacht. Het publiek heeft ondanks bezwaren hartelijk gereageerd en de aanwezige schrijver gehuldigd. Na afloop heeft de ze enige hem over zijn stuk gestelde vragen beantwoord. De directeur van het gezelschap, Jacques Hébertot, heeft bij de aanvang van de pauze enige woorden gewijd aan de ramp. welke ons land heeft getrof fen. Hij wekte de aanwezigen op met gulle hand de collecte te steunen, wel ke ten bate van het Nationale Rampen fonds daarna werd gehouden. Op initiatief van de Stichting Prot. Chr. Cultuurwerk geeft drs. Joh. Luij- kenaar Francken in de Tidemanstraat- kerk een improvisatie-concert in ver schillende stijlen op het prachtige or gel (met qchowerk). Ook samenzang. Aegir. Alle feestelijkheden van de Groninger studenten-roeivereniging Aegir ter gelegenheid van het 75-jarige bestaan van de vereniging zijn afgelast. Advertentie B s HET FIJNE SAKSISCHE LEVERWORSTJE "test. Tfigesfófc VLEESWARENFABRIEK J. MEESIER N.V. - WIJHE Voor de geëvacueerden heeft Rotter dam zijn plicht gedaan, aldus mag men de woorden van de burgemeester inter preteren, de collecte bracht ongehoord veel geld op, en er was nog een aardig merkwaardig potje, dat in de loop van 37 jaar, rente op rente, ongeveer ver driedubbeld is, dat geen betere bestem ming kan vinden dan storting in het Nationale Rampenfonds. Ten slotte regelt vroegen B. en W. een tot op zekere hoogte vrije hand om uitgaven te doen, die nodig zijn. Een machtiging, die na een volkomen instemmend woord na mens de overgrote meerderheid van de raad van de heer Dutilh (v. en d.) werd verleend. Geen ogenblik zijn de ramp en haar gevolgen uit onze ge dachten, zo zeide de nestor van de raad, wij leven mee in de verliezen aan men senlevens en met de mensen, die met gevaar voor het leven de vaste wal hebben bereikt. Onze stad, het land en vele landen om ons heen, doen wat ze kunnen om de nood te lenigen. Het was goed te horen, dat de gemeente met het particuliere initiatief in het eerste gelid staat. Rotterdam is er genadig afgekomen; gesterkt door ons saam horigheidsgevoel en gedreven door het verlangen naar samenwerking, sluiten we ons aan bij de wensen, die de bur gemeester heeft uitgesproken. Vanzelf sprekend staat de raad achter het voor stel van B. en W. Moge het strekken tol heil van allen, aan wie deze dagen zoveel leed hebben gebracht. De communistische fractie was het niet geheel er mee eens, dat B. en W. een machtiging zonder meer zouden krijgen. De heer Goudkuil (c.p.N.) wilde weten of het de bedoeling was, de gevraagde gelden te besteden aan het herstel of om aan de burgerbevol king schadevergoedingen toe te kennen. Voor het overige kon hij de woorden van de heer Dutilh wel onderschrijven, waar deze van deernis sprak en van steun, maar hij bleef er bij, dat het ge durende de raadszitting van gisteren wel de juiste tijd was om over oorzaken van de ramp te discussiëren en om de vraag te poneren, of men niet reeds Zondag had moeten bijeen komen om een gedragslijn vast te stellen. Zelfs over de inzet van de militairen had hij, als we hem wel begrepen hebben, wil len delibereren. Z.h.st. werd het college gemachtigd om alle uitgaven te doen, die wegens de noodtoestand gedaan moeten worden en waarvan mag wor den aangenomen, dat zij door andere instanties zullen worden vergoed. Ten tweede werd aan het college opgedra gen te zijner tijd een voorstel tot for mele regeling van het crediet op de begroting bij de raad in te dienen. Aan het einde van de zitting speelde het communistische denkbeeld nog eens, toen een interpellatie-aanvraag van de zelfde zijde in behandeling kwam. De voorzitter stelde voor deze interpellatie niet toe te staan. De interpellatie werd niet toegestaan met aantekening, dat de communisten daar tegen waren. De raad heeft met gesloten deuren enige tijd gepraat over een voorstel om aan een onderwijzer bij het g.l.o. om slag te verlenen- Blijkbaar dacht men niet gelijk in, de verschillende fracties over de noodzakelijkheid van deze straf voor de zonden van genoemde ambte naar. Althans In de heropende verga dering werden tegen het voorstel nog vijf stemmen uitgebracht. Er voor wa ren er 31, zodat het met grote meerder heid was aangenomen. De heer Wilschut (a.r.) herhaalde wat een van zijn fractiegenoten ook al gezegd had bü de begrotingsbehan deling, n.l. dat de bedragen, waarop de uitkeringen voor de post leermiddelen van het bijzonder g.l.o„ het v.g.l.o. en het b.l.o. gebaseerd zijn, niet voldoende zijn om de kosten te dekken, vooral van die bijzondere scholen, die in ge meentegebouwen zijn gehuisvest. Naar men weet, gelden de uitgaven van het openbare onderwijs als de normen voor het bijzondere. Genoemde categorie scholen kon vroeger wel uitkomen, toen als vergoeding een globale som voor het gebouw zelf en enkele andere pos ten werd uitgekeerd, waarbij dan het tekort aan de ene kant kon worden verrekend met een klein overschot aan de andere kant. Met enkele voorbeel den lichtte spr. zijn betoog toe. Hoe men dit bij het openbare onderwijs regelt weet spr. niet, maar de feiten liggen zo. dat de uitgaven per leerling voor de post leerlingen bij het bijzon dere onderwijs belangrijk uitgaan bo ven de uitgekeerde bedragen. Wethou der Van der Vlerk (arb.) herhaal de, dat hij de gemaakte opmerkingen aan het bekijken is en dat hier slechts wordt voorgesteld tot een formele af rekening te komen Het voorstel werd daarop aangenomen. De ambtswoning voor de burgemeester Het voorstel van B. en W. om het pand Hoflaan 38 te kopen van de eige naar en het te bestemmen tot ambtswo ning van de burgemeester, ontlokte de heer Beerman (c.h.) de verzuchting, dat het zo jammer is, dat niet het oog is gevallen op een huis aan de rivier. Hij had in Hamburg bij de burgemeester gezien, hoe diens ambtswoning op de Elbe uitzag en dat was een onvergete lijk gezicht. Er zijn toch al zo weinig officiële gebouwen aan het Maasfront, vroeger waren er nog enige aan de Boompjes, doch sedert 1940 zün die er ook met meer. Was dit voorstel een voorstel ad hoe dan zou spr. er zich makkelüker bij neerleggen dan nu. De thans gekozen woning mag dai een karakteristieke wijk liggen, ze ligt niet in een representatieve Deze opmerking riep de heer L o e f f (k.v.pin het geweer, die het voor Kralingen opnam. De ambtsvoorganger van de burgemeester heeft er ook ge woond en Kralingen zal het zeer op prijs stellen als deze burgemeester er ook komt wonen. De heer Van Halm (C.P.N.) beweer de. dat zyn fractie tegen ambtswoningen is. Hij vertelde er niet bij, tot hoe lang! Het zou beter geweest zijn. als er met het aankopen van zulk een woning war gewacht tot de ontwikkeling van Rot terdam wat verder was voortgeschreden en men dan een woning had neergezet op een juister gekozen punt. Wethouder Meertens (arb.) had het niet moeilijk met het verdedigen van net voorstel. Hij achtte met de heer Beerman het denkbeeld van een ambts woning aan de rivier aantrekkelijk. Maar er is een beslissing noodzakelijk. De bur gemeester woont nog altijd in Delft. Bouwen aan de rivier zou te lang duren. Met de stemmen der communisten te gen ging het voorstel er door. Na een toelichting van wethouder Van Tilburg (arb.) toonde de heer Van der Linden (v. en d.) zich be vredigd inzake de nieuwe regeling, die B. en W. hebben gemaakt voor diensten in de Maastunnel aan automobilisten be wezen. De gemeente maakt kosten voor deze takelwagenservice tot een bedrag van 25.000. Continu moet er personeel zijn voor deze wagens en de wagens zelf vragen 2500 aan rente en afschrijving. De mogelijkheid van enige differentiatie in de vergoeding voor het wegslepen van in het ongerede geraakte auto's is er. Voorstellen tot het aangaan van onder handse geldleningen tot een bedrag van 3% millioen, tot verlaging van het maximum bedrag van kasgelden en tot aankoop van het z.g. Kaasgat en tot ver huring van terrein aan de Vondelingen- weg aan Pakhuismeesteren waren on der de hamer doorgegaan. Alfred Kazin, On Native Grounds getiteld, en wie haar kocht, zal er geen spijt van hchhen gehad, want zy wa treffelijk, zowel wat het overzicht van de algemene stromingen, als de beschouwi van de afzonderlijke auteurs betrof. V dezelfde auteur is nu hij Victor Gollancz Ltd, te Londen, opnieuw een uitermate lezenswaardig boek, A Walker in the City verschenen, dat zijn jeugd in Brownsville, een Joodse wijk in Oost Brooklyn beschrijft. „Poëtisch realisme", zou men de stijl kunnen noemen, waarvan Kazin zich bediend heeft om de sfeer van de wijk en haar bewoners bijna tastbaar voor ons op te roepen. Op een merkwaar dige wijze laat hij ons zijn jeugd tegelij kertijd als liet ware meebeleven, en van een afstand beschouwen, zodat we de ge beurtenissen die we actief mee herbeleven, terzelfdertyd door een voile van de jaren, welke tussen toen en thans liggen, zien, wal een vreemde, dubbele betrokkenheid op deze toch geheel voorbije, en nergens aan ons leven rakende periode in ons wakker roept: Door de magie van Kazii kunst ontrolt de tyd zich niet meer o herroepelijk in uren. dagen, maanden en jaren, doch stappen we uit de onwezen lijkheid van een Hollandse middag anno 1953 over in de werkelijkheid van Browns ville tydens de jaren na '20 en vinden in deze tunnel door de tijd tevens de weg v*n mens naar mens voert. De geschiedenis van een Australische hond NAAR HET ENGELS VAN FRANK OAlBY OAVISON 52. Het schaap was al een poosje dood voor Dusty opstond om het te onderzoeken. Hij rook er aan en kwispelstaartte. Hij had het niet gedood om het zo maar te zien liggen. Hij had de gevolgen van zijn daad niet voorzien. Deze daad was een handeling op zichzelf geweest; het instinctieve toe geven aan wat hij nodig had. Nadat hij het schaap beroken had ging hij er een eindje vandaan liggen. Hij voelde zich nu heel vredig. Een hele poos wist hij alleen maar dat hij nu bereikt had wat hij verlangd had en dat hij niets, meer te wensen over had. Toen merkte hij dat Xt\ het schaap kon ruiken waar het. lag, zijn wol, zijn lichaam en de geur van zijn bloed op de aarde. Hij stond op en ging er naar toe. Weer rook hii er aan, deze keer hield hij echter zijn staart stil. Hij zat naast het lichaam neer en steunde op zijn voorpoten. Hij hief zijn neus in de lucht, legde zijn oren vlak tegen zijn nek, zijn zijden hieven zich en de kreet van de wilde hond kwam uit zijn keel en wond zich ver over de halfdonkere graslanden. Daarna zat hij te hijgen en hij voelde zich op eens hongerig. Hij besnuffelde het schaap op nieuw en rook steeds weer aan de plek waar de huid gescheurd was en hij zijn eigen kaken kon ruiken. Het was lekker vlees naar zijn eigen neus te oordelen. Hij proefde nog eens met tand en tong en keek daarbij van de ene zijde naar de andere. Spoedig was hij geheel en al verdiept in het genot van het nuttigen van vlees dat hij zelf had gedood. Toen hij genoeg had gegeten trok hij zich wat terug en likte hij zijn kaken. Een poosje zat hij te genieten van het gevoel dat zijn gevulde maag hem verschafte daarna ging hij naast het schaap liggen, zijn honger was nu gestild, hij had de er varing genoten van iets te bezitten en kort daar na rolde hij zich op en viel in slaap. Het was on geveer twee uur voor de dageraad. Toen de Oostelijke sterren vervaagden werd hij wakker; hij trok zich op zijn voorpoten overeind en hij zat over de kooien naar de hofstede te turen. Hij stond een keer of wat op en liep om het cadaver van het schaap heen voor hij weer ging zitten, verder maakte hij geen bewe ging terwijl de sterren lichter werden en de graslanden en de nabijzijnde heuvels uit het don ker te voorschijn kwamen. Met gespitste oren zag hij een paar schapen in de nabijheid opstaan en beginnen te grazen. Dat waren schapen, geen slachtoffers. Hij bewoog zijn voorpoten maar bleef verder stil liggen. Eerst hoorde hij in de verte het geluid van een kookaburra, dit werd over genomen door anderen die nabij hem waren en het klonk nu luider Aan de Oostelijke hemel werd het nu goudkleurig en een paar wolken gloeiden vuurrood. Daarna gingen de lage, kale heuvels in het Oosten verloren in een grootse belichting. Splinters vuur leken uit hun hart te komen en kort daarna moest hij zijn ogen afkeren van de opgaande zon. De schaduwen van de bomen wa ren als donkere vingers over het gras te voor schijn gekropen en het steelachtige gras zelf wierp zijn schaduw op de kale grond tussen de begroeide delen in. Dusty stond op en schudde zich. Hij was niet van plan naar huis te gaan. Hij rook nog eens om het lichaam van het schaap heen, keerde zich toen om en liep weg. Op een kleine afstand was er een bosje dwerg-gombomen nabij een lager gelegen deel grond. Daar liep hij heen en in de schaduw van het hoge gras rolde hij zich op om zijn verbroken slaap weer voort te zetten. Het was even na het middagmaal op de boeren hofstede en Tom zat op de treden voor zijn kamer rustig te roken. Hij zat erg stil na te denken, als iemand die bezig is met onaangename en tegelijk onontkoombare gedachten. Toen hij die ochtend was wakker geworden waren zijn ogen direct naar de open deur van zijn kamer gegaan. Hij was opgestaan en had buiten de deur gekeken voor hij zich begon aan te kle den. Hij stond daar een hele poos voor hij zijn kamer weer inging en naar zijn kleren greep Onder het aankleden was zijn gezicht uitdruk kingsloos. Hij had zeker verwacht dat Dusty op zijn ergst met de dageraad thuis zou zyn. maar nu nog niet. Hij was blij toen de maaltijd voorbij was en hij ging naar buiten om zijn pijp aan te steken. Harry vertrok en hij zou de hele dag op weg zijn op een inspectie-tocht in de kooien. Tom had een paar werkjes in de buurt van de boerderij op te knappen, de wie len van het wagentje moesten gesmeerd worden en hij had een mengsel met arsenicum te bereiden voor het looien van de huiden; verder waren er wat huiden die hij in balen ter verzending wilde verpakken en een hek dat hij moest repareren aan de kooi waar de schapen gewassen wer den. Hij bleef uit de buurt tot hij wist dat Harry een heel eind van de boerderij vandaan was. Onder het ontbijt was hij bang dat mevrouw Morrison na haar opmerking van de vorige avond naar Dusty zou vragen. Hij zou later bereid zijn toe te geven wat er met zijn hond was gebeurd; De hele morgen weefden zich zijn gedachten om de afwezigheid van zijn hond heen en alles wat dit voor hem zou betekenen. Nooit was dit hem nog met een hond gebeurd Hij vroeg zich af of Dusty reeds begonnen was schapen te doden of dat hij nog maar aan het jagen was; niet dat het veel verschil maakte, want jagen zou ten slotte toch tot doden leiden. En een schapendo- der moest zelf gedood worden. Dat was een wet waaraan niet viel te ontkomen in de wereld waar toe Tom behoorde. Hij nam dit aan. Het was een deel van een hele hoeveelheid voorschriften die hij zijn leven lang geaccepteerd had. Je werkte heel laat wanneer er lammeren geboren werden of de schapen geschoren werden. Je doodde de lammeren wanneer er een lange periode van droog te kwam om de verhongerende ooien te redden. Je schoot kraaien neer om dat zij de ogen van zwaarbeproefde schapen uitpikten. En wanneer de schapen gedreven werden, vocht je voor gras en water en was hetgeen je kudde nodig had belang rijker dan al het andere op de wereld. Je zat dan kletsnat, slapeloos en zonder klachten ineen in nachten wanneer het regende omdat je wist dat de regen voedsel voor de kudde onderweg zou doen groeien. Je was goed voor brave honden en schoot de slechte neer omdat je nu eenmaal schaapherder was en je wist dat in laatste instantie de kudde schapen bewoog in de richting die de poten van je hond aanduiden. Je was slechts een onbetekenende figuur in die wereld zijn huurling. Je gehoorzaamde aan hetgeen die wereld van je vroeg, niet om hetgeen je er voor kreeg, maar omdat zij je uitdaagde. Je had in voorbije jaren reeds honden gedood twee zelfs omdat zij niet voldeden aan de wensen van je wereld. En je had het zelf gedaan, met je eigen handen. Tot op zekere hoogte was dat een daad van barmhartigheid, een morele verantwoordelijk heid die je aanvaardde uit angst dat iemand an ders ze minder humaan zou hebben gedood. Maar die honden hadden je niet erg lang toebehoord. Zij waren geen deel van je leven geworden. Je fijnere gevoelens kwamen hierbij in het spel maar niet de liefde van je hart. Dat was het verschil tussen toen en nu. (Wordt vervolgd) Ter herdenking van de driehonderdja rige verlening van stadsrechten aan het voormalige Nieuw Amsterdam heeft de New York Historical Society in haar museum aan het Central Park te New York op 3 Februari een bijeenkomst gehouden, waar prof. dr B. Hunningher de Nederlandse hoogleraar aan de Columbia-universiteit aldaar een re de heeft uitgesproken. Na in het kort de betekenis van het herdachte feit in het licht te hebben gesteld ging spr. over tot een uitvoe riger uiteenzetting van de relaties in de 18e eeuw tussen de Nederlandse en de Amerikaanse republieken. Hij schetste de interne verhoudingen in de Zeven Provinciën gedurende de Ame rikaanse vrijheidsoorlog, en de reac ties. die deze revolutie er bij de ver schillende bevolkingsgroepen teweeg bracht. Er waren velerlei redenen dia de officiële toenadering der beide re publieken vertraagden. De Nederland se handelsman liet zich daar echter weinig aan gelegen liggen: door een uit gebreide wapensmokkel via het eiland St. Eustatius werden in feite de voort gang en het succes van de Amerikaanse opstand mogelijk gemaakt. Voor Neder land zou dit echter een van de omstan digheden zijn, die leidden tot de 4e En gelse oorlog. Van de grootste betekenis voor de handhaving van het centrale gezag in de Verenigde Staten is het geweest, dat de nieuwe staat leningen van Nederland heeft kunnen verkrijgen ondanks de chaotische toestand van zijn financiën zowel als van zijn gezagsverhoudingen. Zonder deze geldelijke bijstand ten dele uit zuiver ideële overwegingen ge geven zou de Unie der Verenigde Staten bezweken zijn onder de vele middelpuntvliedende krachten, die juist in de jaren na de verkrijging der onaf hankelijkheid de jonge statenbond dode lijk bedreigden. De Nederlandse handel heeft echter van deze transacties weinig voordeel gehad. Toch is ook later Ame rika een geliefd beleggingsterrein voor Nederland gebleven. Arrestaties in Albanië. Het Albanese nieuwsbureau heeft verklaard, dat de laatste dagen „Vijf Britse agenten, af komstig van Maltha, omsingeld en on schadelijk zijn gemaakt". Het hoofd van de groep werd gedood en een lid ernstig gewond by het gevecht, dat bij de actie ontstond. (A.F.P.) V ergunningskivestie Te Hoek van Holland is voor het Ja gershuis een vergunning voor het schen ken van sterke drank gevraagd. Verle den jaar is het maximum aantal ver gunningen voor dit deel van de stad, dat voor de Drankwet een landelijke ge meente is, bepaald op zeven. Dit maxi mum geldt voor vijf jaar. Een aanvraag om een vergunning voor een inrichting voor maatschappelyk verkeer ingediend door de verzoeker op grond van art. 29 lid 2 van de Drankwet heeft geen suc ces gehad. Adressant wendt nu pogingen aan om een vergunning te verkrijgen voor een inrichting van buitenge woon maatschappelijk verkeer. Art. 8 eerste lid der Drankwet opent daartoe de mogelijkheid. Maar de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid is buitengewoon zuinig met deze soort ver gunningen. B. en W~, die over deze kwes tie praeadvies hebben uitgebracht zijn van oordeel, dat ook zulk een verzoek geen succes zal hebben. Rotterdam kent in zijn historie slechts één geval van zulk een buitengewone vergunning en dat is geweest ter gelegenheid van de Havententoonstelling m de Ahoy'-haL De heer Van der Linden (V.V.D.) en Platenburg K.V.P.) drongen er op aan, dat nog eens zal worden ge tracht aan het verzoek te. voldoen. Eerst genoemde vestigde er dè aandacht op, dat Koek van Holland buitenlanders moet trekken. Het wordt te dwaas als de vreemdeling voor zijn maaltijd geen borrel kan krijgen. Laatstgenoemde vroeg op welke gronden de aanvraag om een vergunning voor maatschappe lijk verkeer is afgewezen. De voorzitter betoogde, dat de hoofdinspecteur van de Drankwet wel willend tegenover de aanvraag stond, maar inwilliging van het verzoek op formele gronden niet mogelijk achtte. Het college zal de ontwikkeling op dit terrein in het oog houden. Doelde de voorzitter hier op de mo gelijke verlenging van zulk een vergun ning voor buitengewoon maatschappelijk verkeer in een naburige gemeente? Zou er overigens met enige plooibaarheid van andere zijde niet een van de zeven vergunningen te Hoek van Holland naar het Jagershuis zijn over te brengen? Hoek van Holland is volgens de Samen- voegingswet van 1913 nog een afzonder lijke gemeente; eenheid met Rotterdam in dit opzicht zou ook weer moeilijk heden scheppen, omdat te Koek van Holland de vergunning in de practijk alleen in het seizoen wordt geëxploi teerd. Uitkijk: The galloping major, al.; Sein post en West-End; Zy was 17 jaar. 18 j. Vrijdag 6 Februari. Schouwburg 8 uur Concert Rott. Philh. Orkest o.l.v. Ed. Flipse, solist Shura Cherkassky, piano. De Lantaren 8 Théatre Hebertot: Rome n'est plus dans Rome. Zaterdag 7 Februari: Schouwburg 8: Rotterd Toneel: Het hemelbed; Aula Zuid 8.15: Rotterdamse Comedie: Moord by open doek. Bioscopen t.m. 12 Februari Arena: Het uur voor middernacht, 18 j; Capitol: Het zwarte kasteel, 18 j; Ci neac en Victoria. De verboden vrucht. 18 j; Colosseum. De arend van Madagascar, 14 j; Harmonie: Mandy, 14 j; Lutusca: De tante van Charlie, a.l.; Luxor: Operatie Cicero. 14 j; Prinses: De ellendigen, 14 j; Rex: Vuurgevecht in het rotsgebergte, 14 j; 't Venster: Het wonder van Milaan, a.l. Schiedam Passage: Storm over Malakka. 14 J. Dordrecht Astoria: t.m. Maandag: Perrucha, 18 j; Luxor: t.m. Maandag: Alaska, a.l. Vrijdag 6 Febr. Kon. Schouwburg, 8 u., Haagse Comedie. Ondine. IÓ. Comedie, 8 uur, Comedia Toevallige ontmoeting en Als een Phoenix. Diligentia. 8 u, Spaanse avond met Jaap Spigt, H. Doorenbos en Dik Visser. Zaterdag 7 Februari. Kon Schouwburg 8: Haagse Comedie: Ondine; KI. Come die 8: Comedia: Toevallige ontmoeting en Als een phoenix; Diligentia 8.15: Theo Bruins, piano; K. en W. 8: Concertge bouw orkest: abon. concert. Bioscopen t/m 12 Februari Apollo en Rex: De terugkeer van Bulldog Drummond, 14 j.; Asta: Zo zyn we niet getrouwd, 18 j.; Capitol: De bekentenis van Annesa, 18 j.; Centrum: Gefolterde mensen, 18 j.; City en Odeon: Ivanhoe, 14 j.; Corso: De rode Pimper nel. 14 j.; Hollywood: Met geheime in structies. 14 j.; Kriterion: Dè dood van een handelsreiziger. 18 j.; Metropole Tuschinski en Passage: Sterren stralen overal, a.l.; Musica: Operatie Cicero. 14 j.: Olympia: De hertogin van Idaho, a.l.; Rembrandt: Affair in Trinidad. 18 j.; Roxy en Studio: De zoon van dr. Jekyll, 18 Thalia: Met de blanke sabel, 14 j.; Vrijdag 6 Februari. Stadsschouwburg 8: Hoofdstadoperette: G'schichten aus dem Wienerwald: Centraal Theater 8: Ned. Comedie: Via Lissabon: Carré 8: Circus Strassburger; Leidsepleintheater 8: ABC-Cabaret Bibelonië; De la Mar Theater 8: Cabaret Wim Sonneveld: Het meisje met de grote voeten; Kleine Ko medie 8: Gez. Kaart: Potasch en Perle- moer; De Suite 8: Debora en Boukje Land, piano. Zaterdag 7 Februari. Stadsschouwburg 8: Amst. Toneel:: Gijsbrecht van Aem- stel; Cerotr. Theater 8: Ned. Comediie: Via Lissabon. KI. Comedie 8: Gez. Kaart: Potasch en Perlemoer. Leidseplein Thea ter 8: ABC Cabaret: Bibelonië. Theater de la Mar 8: Cabaret van Wim Sonne veld: Het meisje met de grote voeten. Carre 8: Circus Strassburger. Concert gebouw 8: gr. zaal: Liedertafel Amstels werkman. Bioscopen tot 12 Februari Alhambra: Portrait of Jennie, 14 j; Ca pitol: De madonna der zeven manen 18 j; Cineac-Damrak: She's working her way through college, 18 j; City: Wanda de zondares. 18 j; Corso: Operatie Cicero. 14 j; Cultura: Als je pas getrouwd bent| a.l.: Kriterion: Le plaisir 18 j; Nöggera/t: Getuige vermoord, 18 j; Passage: Hyena's van het rotsgebergte. 14 j; Plaza: Bureau Zedenpolitie. 18 j; Rialto en Rex: Als de avondklokken luiden. 14 j; Roxy: De laatste grens. 14 j; Royal: Verboden jungle, 18 j; Tuschinski: Sterren stralen overal, a.l.; Uitkijk: The galloping ma jor a.l. Vrijdag 6 Februari: Tivoli 8: Liefda digheidsconcert ten bate van de slacht offers van de nationale ramp m.m.v. U.S. O. o.Lv. Paul Hupperts en Utrechtse Ope ra o.l.v. Chris Burgers, Zaterdag 7 Februari: Stadsschouwburg 8: Vrije Toneel: Daar moet je een vrouw voor zijn. Bioscopen t.m. 12 Februari Camera: Le plaisir. 18 j; City: A mo dern marriage. 18 j; Olympia: t m. Zond. Het legioen der dapperen, 14 j. Van Maand, af: De strijd om het recht, 14 y Palace: Gift im Zoo, 14 j; Rembrandt: The greatest show on earth, a.l.; Scala: Bells on their toes, a.l.; Vreeburg; Een koninkrijk voor een huis, aJ.

Krantenbank Zeeland

Watersnood documentatie 1953 - kranten | 1953 | | pagina 3