WIND EN WATER in een wreed samenspe A He De cameraman van het Fototechnisch en Car tografisch bedrijf van de K.L.M. heeft in een driétal vluchten boven de noodgebieden Zee land, West-Brabant en Zuid-Holland foto's ge maakt, waaruit wij een keuze hebben gedaan, welke bovendien nog is aangevuld met opna men van andere fotografen, die tezamen een beeld geven van de grote ramp, die het Neder landse volk heeft getroffen niet alleen, doch ook van de hulpvaardigheid en offervaardigheid van velen onzer. Dat hierbij de Koninklijke Familie een belangrijke plaats heeft ingenomen stemt iedere Nederlander tot dankbaarheid zeegaten en rivieren een uitweg zoekt. Een stormvloed. Deze stormvloed ging samen met de springvloed. Extra veel water dus. En dit water, opgezwalpt en opgezwiept, heeft een uitweg gezocht en gevonden. Die weg heeft dit water geforceerd door onze dijken. Talloze gaten en bressen werden er in geslagen. Na het ene gat volgde het andere; de dijken werden onderspoeld, overspoeld. De kracht van het water is enorm. Zij sleurt huizen mee, slingert de schepen op het strand, schuurt de gaten groter en breekt weer andere dijken. Het water, dat een maal een nieuwe bedding heeft gevonden, is ontembaar. Het raast door de polders. Het vermeit alles op zijn weg. In deze strijd met het water heeft dit keer het Neder landse volk het onderspit gedolven. Jarenlang heeft het, beetje bij beetje, stukje voor stukje, grond ontworsteld aan de zee en aan de stromen, Het was een zware arbeid, doch een lonende arbeid. Nieuw land! Land dat in cultuur gebracht, de akker werd voor het goud gele graan, het geurende koolzaad, de blommige aard appel, de sappige suikerbiet, het malse gras en het bollige vlas. Nieuw vaarlijk hoog water? Daar let de land, ten zegen van een vlijtig volk. dijkwacht op. Waar het nodig was In één nacht voltrok zich het feit. erden vloedplanken geplaatst. Men Wind en water in een wreed samen-. 'eilig achter de zee- sPe' voltooiden de aanval op onze ierdijken, bin- Inge landen, in die nacht begonnen, Wel „had ik glieern willen keeren" „van U dit zwaer tempeest" „maer de Heer van hierboven" „die alle dinck regeert" „die men aliijt moet loven" „En heeft et niet begheert". LET begon zo: Op Zaterdag 31 Januari maakte het K.N.M.I. in zijn weerbericht melding waande zich van een diepe depressie. Deze, die dijken, achter de zich bij Schotland ontwikkeld had, nendijken en de slaperdijk* veroorzaakte stormen op de Oceaan, had men wel eens stormvloeden mee- op de Noordzee en boven Engeland, gemaakt, een vloed, die over deze Een en ander was aanleiding om voor dijken kwam was er nog nooit ge- de Zondag sneeuw en hagelbuien te weest. voorspellen en een krachtige wind Maar zij kwam, die vloed! Met een uit het Westen en Noord-Westen, ontzettende kracht beukte zij op de Grote windsnelheden werden ver- dijkën, zij sloeg bressen in onze zee- wacht en gevaarlijk hoog water. De weringen op de plaatsen, waar wij verwachtingen zijn uitgekomen. De dachten, dat zij onverwoestbaar wind had in de nacht van Zaterdag waren; zij vrat aan dc duinen en y op Zondag een snelheid van 120scheurde cr stukken af; zij spoelde 125 km per uur. De loodsdienslen in over de dijken en kalfde deze in. tot een rampspoed voor ons volk.. Vlissingen en Hoek van Holland Het was een verraderlijke aanval Bij Willemstad bijv. steeg het water werden gestaakt. Intussen kwamen or in dc rug, waartegen geen strijder tot 4,35 meter, inplaats van het ver- reeds meldingen binnen van sehe- bestand is. wachte tij van 1.20 meter, bij Brui pen, die in nood verkeerden. Het Waar vandaan kwam al dat water? nisse was dit 4.50 m. en 1.45 meter, spookte danig op zee. En menigeZon en maan met haar aantrekkings- Bij Moerdijk braken de dijken, bij zeeman en vsiser zou er wat voor ge- krachten beïnvloeden het verschijnsel Willemstad, bij Fijnaart, de dijken geven hebben als hij die nacht in vei- van eb en vloed. Het sterkste als van het Dordtse Eiland begaven het, lige haven was geweest, de zon en maan samenwerken, het de polders werden overstroomd. De Veilige haven. Was dat Rotterdam, minst als zij elkaar tegenwerken, verkeersweg van het Noorden naar Vlissingen, IJmuiden of Schevenin- Enkele dagen na volle maan en het Zuiden kwam onder water te gen? Was dat voor de binnenschip- nieuwe maan is deze samenwerking staan. Ook de spoorbaan verdween, pers Middelharnis, Stellendam, Bron- het grootst. Eb en vloed samen Het stationsemplacement werd over- wershaven, Zierikzee, Hansweert, noemt men een tij. Samenwerking spoeld. De spoorverbinding met Wemeldinge, Hellevoetsluis, Putters- van zon en maan levert een spring- België en Frankrijk verbroken. De hoek, 's-Gravendeel of Dordrecht? tij op, tegenwerking een doodtij, waterwolf richtte zich op Papen- Veilige haven. Het Nederlandse volk Op 31 Januari was er een springtij, drecht en 's-Gravendeel, de Alblas- begaf zich ter ruste. Het liet de wind dus een extra hoge vloed. Een serwaard werd geïnundeerd en de gieren en loeien. Morgen zou het krachtige Noordwester storm ver- Hoekse Waard ten dele. De dijken weer anders zijn. In de polders ach- oorzaakl voor onze kust steeds een bij Strijen, Numansdorp, Klaaswaal, ter de dijken ging men te bed. Ge- opeenhoping van water, dat in dc Zuid-Beyerland konden het niet houden; de polders liepen vol. Op Putten werd een heroïsche strijd ge streden, om de dijken van het Voornse Kanaal te behouden. Putten verdween onder de vloedgolf, doch Voorne moest behouden worden. „Tiengemeten", dat kleine eilandje tegenover Zuid-Bcycrland, was wel dra onder water verdwenen. In Rot terdam, dat ten dele werd geïnun deerd, deed men van alles om de dijken tc behouden. Men hielp met man en macht om de Schielandse Hoge Zeedijk tc behoeden voor door braak. Men slaagde er in de zo diep liggende Alexanderpolder en alle poldercomplexen daarachter voor de watersnood te besparen. Honderd duizenden inwoners hebben aan deze gewonnen strijd alles te danken. In de Krimpencrwaard slaagde men er in, nadat de polder was onder gelopen, de gaten te dichten. Goeroe en Overflakkee werden zwaar geteisterd. De ene dijk na de andere begaf het. Het zoute water drong dc polders binnen. Ontstellend waren de verwoestingen. Stellendam, Stad aan 't Haringvliet, Middelhar nis, Den Bommel, Ooltgensplaat, Oude en Nieuwe Tonge, geen plaatsje bleef door het water onbe roerd. Schouwen en Duiveland was er niet beter aan toe. Negen tiende van het eiland ging onder de vloed golf door. Brouwershaven, Bruinisse, Noordwellc, Nieuwerkerk, Seroos- kerke, Zierikzee. Het Werden alle plaatsen van rampspoed en ellende. Op Noord-Beveland deed het water een aanval. Kortgene, Colijnsplaat werden geteisterd. Tholen verdween in de vloedgolf, met het stadje Tholen, Nieuw Vossemeet, Stave- nisse. St. Philipsland kwam onder water te staan. En ook het Westen van Noord-Brabant. De zee beukte op Walcheren, waar ook weer een dijkdoorbraak bij Rammekens voor kwam. Noord-Beveland had het vooral bij Kruiningèh en Rilland Bath zwaar te verduren. De sluizen bij Hansweert werden onderspoeld en onklaar. In Zeeuws-VIaanderen, tussen Terneuzen en Braakman, be haalde het ziedende water winst. De Seheveningse Boulevard werd ernstig beschadigd. Ook op de Noordhollandse eilanden teisterden storm en water gehele gebieden. Polders liepen vol, wegen verdwe nen, duinen sloegen af. De Afsluitdijk van de Zuiderzee kon het geweld van het water weerstaan. Even zo de afsluiting van de Brielse Maas. Wel werd er schade aangericht, doch deze zinkt in het niet bij die over het gehele Zuid- Westen des lands, welke voorshands op 1 milliard gulden wordt geraamd. Heel het Nederlandse volk zou wel te hulp hebben willen snellen naar de geteisterde gebieden. Men greep spa en schop om te gaan helpen. Van alle kanten kwamen er schepen en scheepjes om de vluchtelingen te helpen. Het Nederlandse volk werd weer eensgezind. Het offerde kle ding, levensmiddelen, materieel, geld en nam de vluchtelingen op. Mil- lioenen werden bijeengebracht. Mil- lioenen, doch niet genoeg om al het leed te verzachten. Het Natio naal Rampenfonds, giro 9575, coör dineerde de inzameling. Het buiten land werd diep bewogen. Het zond militaire hulp, vliegtuigen, helicop ters, die zo'n belangrijke rol speelden in het redden van hen, die op de daken en de zolders een heenkomen hadden gezocht, dat nog niet veilig bleek te zijn. In alle landen werden inzamelingen gehouden. Men was diep getroffen met het lot van hen, die de strijd tegen het water hadden verloren. Verloren? Neen! Want men was evenzeer getroffen door de moed van hen, die verklaarden geen stukje grond prijs te willen geven. De genomen grond weer te herove ren op de aartsvijand: de zee. Vooraan in deze strijd staat onze Koninklijke Familie. Per helicopter, per vliegtuig, per boot bezocht Koningin Juliana de noodgebieden. Prins Bernhard, schielijk terugge keerd uit New-York, hielp daadwer kelijk aan het reddingswerk mee. Prinses Wilhelmina, op haar hoge leeftijd, bezocht de gebieden, waar over zij 50 jaren Koningin is geweest, eveneens en zelfs de Prinsesjes deden alles wat in haar kleine ver mogen was. Zo zijn wij weer één geworden in de strijd, die gesymboliseerd wordt in dc wapenspreuk van Zeeland: LUCTOR ET EMERGO STORMVLOEDRAMP 195$ r Dreischor, een kerk op een pleintje, waaromheen zich de dorps woningen groeperen, het middelpunt van het plaatselijk gebeuren. De stormvloed dreef de bewoners naar de daken en op de vlucht, het water overspoelde het ganse dorp. Zo ligt het daar nu verlaten in een onafzienbare watervlakte. Wanneer zullen de bewonersal zijn zij gering in aantal, kunnen tèrugkeren? Deed-s 1395 personen kwamen om het leven, phn. 50.000 stuks vee; 65798 personen moesten hun dorpen verlaten en werden naar andere plaatsen geëvacueerd; 251.223 H.A. grond liep onder water, waarvan 206.407 H.A. cultuurgrond. De schade beloopt pltn. 1 milliard gulden. Er is een ramp over Nederland gekomen, een natuurramp van ongekende omvang en hevigheid, een samenspel van elemen ten, van water en wind, dat vooral Zeeland, Zuid-Holland en het Westen van Noord-Brabant trof, doch ook elders langs de kust en op de Noordhollandse eilanden grote schade aanrichtte en zeer veel ellende teweegbracht. Een overstroming, van een omvang, sinds 3 eeuwen niet geregistreerd, teisterde deze ge bieden, vernietigde en vernielde. Ontelbaar waren de dijkdoor braken, De waterstanden, welke werden genoteerd had men niet kunnen voorzien, omdat men die hoogte nog nooit had meegemaakt. De alarmklok welke in de nacht van 31 Januari op 1 Februari 1953 luidde werd voor tallozen de doodsklok. Zij werden door het losgebroken, ongebreidelde water verrast. Wel was men gewaarschuwd voor gevaarlijk hoog water, voor harde wind, doch wie had kunnen bevroeden, dat dit alles zou ge beuren! De dijken waren toch veilig. Dat dacht men niet alleen, maar dat wist men. Toen men ervoer, dat het anders was, kon men alleen het vege lijf nog redden, niet het huis, niet de hof, niet- het vee, niet zijn bezittingen. Doch talrijk waren zij die ook dit broze leven moesten geven.

Krantenbank Zeeland

Watersnood documentatie 1953 - kranten | 1953 | | pagina 2